Deradoorian – It Was Me

Angel Deradoorian is ex lid van The Dirty Projectors. Maar dat is niet te horen. Onder eigen naam maakt Deradoorian duistere, hypnotische muziek. Dat doet ze met minimale middelen.

In het intrigerende It Was Me hoor je niet veel meer dan een bas, drums, gitaar en stem. Onderkoeld en met mate. Een groot deel van het nummer bestaat uit ook het herhalen van de titel. Op papier klink dat wellicht wat saai, maar de praktijk pakt bijzonder boeiend uit. Spanning, maar dan zonder sensatie. It Was Me komt van album twee van de multi-instrumentaliste, Find The Sun.

Angel is van Armeense afkomst. Beide ouders zijn kunstenaar. Het is dus niet vreemd dat dochterlief ook een artistiek pad heeft gekozen. Tot 2012 was ze bassiste/zangeres van The Dirty Projectors. De goede periode dus. Daarna is ze voor zichzelf begonnen. In 2015 maakte Angel haar eerste solo-album met hulp van leden van Vampire Weekend en Ra Ra Riot. Find The Sun nam ze op met haar vriend, percussionist en ‘soundhealer’ Samer Ghadry.

Miss Deradoorian maakt geen muziek voor de hitparade en rijk zal ze er ook niet van worden, maar ze verdient het alleszins om te worden gehoord. Bij deze dus.

FEWS – Heaven

Scandi Kraut punkrockers worden ze genoemd. Dat is veel info in één zin. Dat Scandi slaat op de regio van herkomst, Scandinavië dus. Kraut komt van Krautrock, een Duitse prog-rock stroming uit de jaren zeventig, blijkbaar een bron van inspiratie van FEWS. En punk verwijst waarschijnlijk naar de attitude van de band. Maar klopt het ook?

Drie van de vier bandleden komt inderdaad uit Scandinavië, uit Zweden om precies te zijn, maar ze wonen in Londen en hun zanger is een Amerikaan. Op ouder werk zullen ze vast invloeden vertonen van bands als Can en NEU!, maar Heaven doet vooral aan de oude new wave denken, aan bands als U2, The Sound en Gang Of Four. Meer post-punk dan hard core punk dus.

Waar het echter allemaal op neer komt is de vraag, is het goed? Jazeker! Heaven is een gitaar overgoten rocksong, lekker nasaal gezongen door die Amerikaan en fanatiek voortgestuwd door de Zweedse ritme boys.

FEWS brengt sinds 2015 muziek uit, singles, EP’s en twee albums. Heaven komt van een nieuwe EP, DOGS geheten die voor begin juli op de releaselijst staat.

Car Seat Headrest – Martin

De fans zijn verdeeld over het nieuwe album van Car Seat Headrest. De overstap van gitaren naar synthesizers is voor sommigen net een brug te ver.

Over één song is met het wel eens. Martin valt bij iedereen in goede aarde. Het is dan ook geen toeval dat van alle nieuwe nummers Martin het best aansluit bij eerder behaalde successen als Drunk Drivers, Bodies en Fill In The Blank. Toch gebeuren er ook in Martin nieuwe dingen. Je hoort synthetisch bewerkte drums, gefilterde zang en zelfs een trompetsolo. Maar Martin’s karakter is analoog.

Car Seat baas Will Toledo had zelf ook zijn twijfels over de nieuwe stijl. Aanvankelijk had hij de songs voor het Making A Door Less Open album allemaal met synths opgenomen. En daarna het hele album nog een keer op de oude manier. De versie die uiteindelijk het daglicht zag, bestaat uit songs van beide sessies. Car Seat Headrest blijft dus een band in beweging. Dat dat de juiste instelling is, daar zijn de fans het wel over eens.

KennyHoopla – Plastic Door

Terwijl zijn oud IJsbreker How Can I Rest In Peace etc. nog steeds gaat als de welbekende speer, heeft KennyHoopla alweer een nieuwe single uit. Een hele EP zelfs, genoemd naar zijn doorbraakhit.

 Plastic Door heeft nog wel de geur van bands als The Cure en Bloc Party, die zo duidelijk de inspiratie vormden voor How Can I Rest In Peace etc, maar meer niet zo open en bloot. Kenny klinkt nu vooral als Kenny; donker getinte sprokkelpop met uiteenlopende invloeden als dubstep, new wave en P-funk.

Het is nu wel duidelijk dat we te maken hebben met een groot en uniek talent. Wie daar nog aan twijfelt moet Kenny’s EP maar eens aanklikken. Je zult niet alleen verbaasd zijn over de diversiteit van de zes songs, maar ook over de autoriteit die de nummers uitstralen. En dat terwijl hij eigenlijk nog maar net komt kijken. Zijn totale output bestaat uit nog maar negen nummers!

Zo’n talent als Kenneth La’Ron blijft natuurlijk niet lang onopgemerkt. Hij heeft sinds kort een deal met een mega-label. Hopelijk laten zijn platenbazen hem lekker zijn gang gaan, maar waarschijnlijk zullen ze hem gaan koppelen aan rijke rappers, wereldberoemde dj’s en befaamde producers. Zo gaan die dingen. Maar mocht KennyHoopla worden opgezogen in de wereld van het grote geld hebben we altijd zijn debuut EP nog.

Matthew Berninger – Serpentine Prison

Als je de eerste solosingle hoort van Matthew Berninger, een mooie introspectieve ballad vraag je je af waarom hij Serpentine Prison niet gewoon met The National heeft opgenomen. De begeleiding is misschien wat soberder, maar verder is er niks aan het nummer dat essentieel anders is dan wat hij met de band uitspookt.

Misschien waren de boys verhinderd. Of had Matt even geen zin in inspraak of commentaar. Of is er ruzie. Zou zomaar kunnen. Zeker met broers in de band en The National heeft twee keer twee broers. Maar waarschijnlijk hoeven we niet zo diep te graven naar motieven voor Matt’s solo-uitstapje. Als je weet dat Serpentine Prison is geproduceerd door Booker T Jones weet je dat dat reden genoeg kan zijn om de band even de band te laten en met die levende legende in zee te gaan.

Maar misschien ken je de goede man helemaal niet en denk je Booker wie?

Booker T is de naamgever van Booker T & The MG’s, hit makers onder eigen naam, maar ook de band die te horen is op alle hits die in de jaren zestig uit de Stax studio’s in Memphis kwamen. Van Otis Redding dus en Albert King en Sam & Dave. Maar Booker T heeft nog veel meer strepen verdiend. Hij produceerde een van de succesvolste albums van Willie Nelson en klassieke hits van Bill Withers, waaronder Ain’t No Sunshine. Als je met zo’n man kunt samenwerken dan laat je alles vallen en doe je dat. Op 2 oktober volgt het album.

The Hunna – Dark Times

The Hunna is een stel herrieschoppers -dat als ze de boel niet ergens op tournee onveilig maken- zich doorgaans ophoudt in Londen. De band had vorig week onze hoofdstad moeten aantikken, maar dat ging om de welbekende reden dus niet door. Hoe jammer dat is, blijkt wel uit de nieuwe single die The Hunna ondanks de Cornonacrisis gewoon volgens plan heeft laten verschijnen.

Dark Times is single elf van de band. Het bijbehorende derde album laat nog wel even op zich wachten. Dat verschijnt pas na de zomer, zo’n vier jaar na hun platendebuut. De titel van de single DarkTimes doet de actualiteit vermoeden, maar het nummer wacht al sinds december vorig jaar op release. De donkere tijden van The Hunna slaan waarschijnlijk op het dispuut dat de band had met hun vorige platenmaatschappij. Mocht de breuk gevolgen hebben gehad zijn die van positieve aard. Dark Times is een van de betere songs van de band. The star of the show is zanger Ryan Potter, maar de rest komt goed mee in dit zwaar beukende, licht metalen werkstuk.

Thomas Azier – Hold On Tight

Thomas Azier had nog wel even door kunnen gaan met zijn winnende formule van luxueuze op elektronica geschoeide kamerpop. Niemand die hem dat had kwalijk genomen. We kennen de Fries echter als iemand die niet voor de makkelijkste weg kiest. Desondanks komt komt Hold On Tight toch als een verrassing.

Op de nieuwe single van Nederland’s meest cosmopolitische artiest zijn namelijk vrijwel alleen maar stekkerloze instrumenten te horen; koperblazers & strijkinstrumenten met een krachtig klassiek signatuur. Philip Glass meets Ennio Morricone, iets in die richting. 

Tegen dit onverwachte decor geeft Thomas een vocale performance ten beste die niks minder is dan indrukwekkend. Technisch maar vooral ook emotioneel. Over twee weken al verschijnt het nieuwe album van Thomas Azier, Love Disordely, zijn vierde alweer. Er is geen betere manier denkbaar om interesse te wekken voor deze release dan met het imposante Hold On Tight.

Lewis Del Mar – The Ceiling

Danny Miller en Max Harwood gaan sinds 2015 samen door het leven als Lewis Del Mar. Het New Yorkse duo debuteerde vier jaar geleden met een album dat het, dankzij singles als Loud(y), Waves en Painting (Masterpiece) bijzonder goed deed. Zo goed dat de mannen ruim de tijd hebben genomen om aan een opvolger te werken. Die is inmiddels zo goed als gereed en zal in augustus verschijnen onder de titel….. ‘August’!

De eerste voortekenen van het traditioneel moeilijke tweede album zijn gunstig. De b-kant, Border (CH III) van de nieuwe single is een stemmige, meerstemmige ballad. Uitermate geschikt voor consumptie in de late uurtjes. Het liefst met een glas in de hand en in de buurt van een haardvuur.

De A-kant heeft pit. The Ceiling is een gretig gespeeld en gedetailleerd  geproduceerd nummer met sterk gitaarwerk en gedreven zang. The Ceiling past in het indie-rockbeeld dat het duo schiep met album 1, maar is meer dan een herhaling van zetten. De kernwoorden zijn schwung en zelfvertrouwen.

Over vertrouwen gesproken. Ga er maar van uit dat Lewis Del Mar het moeilijke tweede album syndroom heeft bedwongen. Met gemak.

Lazy Day – All The Time

Lazy Day begon ooit als slaapkamerproject van Tilly Scantlebury, maar is inmiddels uitgegroeid tot een goed rockende band. Als Tilly All The Time thuis had opgenomen had ze vast bonje gekregen met de buren.

De nieuwe single is namelijk een stevig werkje geworden met in de verte echo’s van Lou Reed’s Velvet Underground. Ondanks dat Amerikaanse klankkleurtje komt Lazy Day uit het land Marmite. De band is onderdeel van de muzikale tak van de Londense LBTGQ scene. Net als Porridge Radio en Liz Lawrence.

De tekst van All The Time schreef Tilly in een donkere periode van haar leven. Toen ze ten onder dreigde te gaan aan sombere gedachten en negatieve gevoelens. Het schrijven van het nummer had een therapeutische uitwerking en het zingen volgens haar nog meer. Hopelijk heeft All The Time een zelfde effect op luisteraars die af en toe in de put staren.

Liam Kazar – Shoes Too Tight

Na een decennium lang zijn talent in dienst te hebben gesteld van acts als Wilco’s Jeff Tweedy, Chance The Rapper en Daniel Johnson heeft Liam Kazar eindelijk de stoute schoenen aangetrokken en is hij voor zichzelf begonnen. Kazar‘s studio-ervaring verklaart het hoge instapniveau van debuutsingle Shoes Too Tight.

Dit is duidelijk niet het werk van een nieuwkomer, maar van een multi-instrumentalist die kilometers heeft gemaakt. Kazar‘s makkelijk in het gehoor liggende lied over te strakke schoenen is een elegante stijlmix met een bitterzoete afdronk. Beetje country, beetje soul, lekker indie.

De onderscheidende kenmerken van Shoes Too Tight zijn naast de sterke leadzang, een mooi vervormde gitaar en een dameskoortje dat zo’n sterk stempel drukt op het nummer dat je beter van voorgrond dan van achtergrondzangeressen kunt spreken. Of en wat er na dit goede begin gaat komen is nog niks bekend.