Luka – Same Song

Haar naam is Luka, maar niet echt. Luka is de artiestennaam van Lisa Lukaszczyk uit Rotterdam. In 2018 bracht Luka haar eerste (mini)album uit. Hoewel een echte doorbraak uitbleef leverde Welcome, Generation Everything haar wel opvallend veel optredens op. In binnen en buitenland. Doel bereikt dus.

Een betere opleiding dan veel reizen, spelen en meemaken is er niet voor een muzikant. Die opgedane ervaring hoor je terug in de nieuwe singles van Luka, het eerder dit jaar verschenen Lost Today/Found Tomorrow en het gloednieuwe Same Song.

Luka beoefend een stijl die je elektrofolk zou kunnen noemen. Op de achtergrond zoemen de synthesizers. De aandacht wordt echter getrokken door haar zachte, maar nadrukkelijke stem. Denk de elektronica weg en er blijft een song over die de kampvuurtest makkelijk kan doorstaan.

De nieuwe nummers zijn voorlopers van een tweede album waaraan -as we speak- de laatste hand wordt gelegd. Team Luka bestaat uit producer Wannes Salomé (Klangstof) en opnametechnicus Sam Jones (Luwten/Kim Jansen). Het nog titelloze album wordt begin september verwacht.

Sands – Baby Mona Lisa

Da Vinci’s Mona Lisa is beroemd vanwege haar ondoorgrondelijke glimlach. Maar als er achter die mysterieuze glimlach nou helemaal niks zit? Als schijn bedriegt? Daar heeft Sands een liedje overgeschreven. Over een relatie met een iemand die nep blijkt te zijn. Als ware het een Baby Mona Lisa.

Sands is de artiestennaam van Dylan Spitler, een muzikant uit L.A., maker van één mini-album en een handvol losse tracks. Sand‘s songs klinken alsof hij ze in zijn eentje opneemt op een oude bandrecorder, een beetje krakkemikkig dus. Ondanks de primitieve productie is goed te horen dat Sands zeer muzikaal is aan gelegd en breed van smaak.

Baby Mona Lisa heeft een Joy Division intro, Cure gitaren en een elektronische grondtoon. Nogal 80’s dus. De duistere new wave sfeer contrasteert met het vrolijke whoo whoo refrein, dat lijkt op dat van Sympathy For The Devil van de Stones. Het klinkt wat ruw allemaal en een hit gaat Baby Mona Lisa waarschijnlijk niet worden, maar als introductie tot een potentieel interessant artiest is Baby Mona prima geschikt.

 

Spare Parts For Broken Hearts – Cold Wave

Spare Parts For Broken Hearts is een alternatief rocktrio uit L.A. Baas van de band is Sarah Green. Zij schrijft en zingt de songs. Haar secondanten zijn Jessica Langford op drums en Johnny Cifuentes die de bas hanteert.  Spare Parts For Broken Hearts presenteert gruizige grunge in een poppy jasje. Dat klinkt misschien wat vaag, maar luister naar Cold Heart en je begrijpt wat we bedoelen.

Cold Wave is een smeulende rocktrack met dikke lagen gitaar. Boven de donkere snaren uit torent de stem van Jessica Langford, die echt geweldig kan uithalen. Het zou niet verbazen als ze  genoeg adem heeft om het kanaal over te zwemmen. Onder water.

Spare Parts For Broken Hearts stamt uit de LGBTQIA scene van L.A. maar crosste vanwege de hoge kwaliteit van songs en shows al snel over naar de rockscene aldaar. Net als Nirvana ooit spontaan de oversteek maakte van de undergroundscene van Seattle naar een mondiaal podium. Nu willen we niet beweren dat Spare Parts For Broken Hearts een legende in spe is, maar wel dat de band potentieel een groot bereik heeft.

De dames en heer zijn nu zo’n zes jaar actief. Van het maken van een album was het nog niet gekomen. Maar wat niet is komt er aan. Cold Wave is de opmaat voor het langverwachte debuutalbum van Spare Parts For Broken Hearts.

Sorry – As The Sun Sets

Sorry is een nachtmerrie voor hokjesgeesten. Het duo uit Noord Londen schakelt zonder waarschuwing van grunge naar jazz naar trip hop en weer terug. En dat dus binnen één nummer.

Op papier klinkt het chaotisch. Op plaat heeft Sorry zijn zaakjes uitstekend voor elkaar. Aan niets is te horen dat het onlangs verschenen 925 album hun debuut is. Het komt maar zelden voor dat een band zo afgewogen een zelfverzekerd klinkt op een eerste album. Het feit dat Asha Lorentz als Louis O’Bryan elkaar al wat langer dan vandaag kenen zal daar zeker een rol in spelen. Samen muziek doen ze sinds de middelbare school. Wat op zich niet zo heel erg lang is. Ze zijn namelijk pas 22.

De eerste band waarin Asha en Louis speelde was een Jimi Hendrix coverband. Uit die tijd is alleen de gitaar overgebleven en misschien een vleugje psychedelica. In geest is Sorry meer verwant aan homo eclecticus, David Bowie. Maar Sorry is dus vooral zichzelf. 

Voor ons is As The Sun Sets de opvolger van Rock & Roll Star, dat we eind vorig jaar oppikten. De nieuwe single is een gelaagde track met een slepend tempo dat gaandeweg wint aan tempo en volume. De subtiele details ontdek je pas na een paar draaibeurten. Een groeidiamantje dus. En ere wie ere toekomt het debuut van Sorry had nooit zo sterk en uitgekristalliseerd geklonken zonder de goede smaak en technische expertise van producer James Dring (Gorrilaz/Miles Kane/KennyHoopla). 

Born Ruffians – I Fall In Love Every Night 

Na vijftien jaar net niet had niemand vreemd opgekeken als Born Ruffians de gitaren aan de wilgen had gehangen en ieder zijns weg was gegaan. Maar zo zit de band uit Canada dus niet in elkaar. Vorige week is JUICE, album zes verschenen en wat is het geval? In plaats van met minder van het zelfde te komen heeft Born Ruffians de geest gekregen en verassen ze vriend en vijand met wat misschien wel hun beste langspeler is tot nu toe.

De muziek van Born Ruffians was altijd net even te complex en onrustig voor massaconsumptie. Het is nog steeds geen easy listening wat de mannen maken, maar de nieuwe songs zijn strak, kleurrijk en positief geladen. Neem I Fall In Love Every Night. Met zijn weelderige productie en goed getimede gitaar en saxsolo’s doet de single wel aan landgenoten Arcade Fire denken. Zanger Luke Lalonde steekt in topvorm. En er is dit keer zelfs mogelijkheid tot meezingen!

Aan respect van collega’s heeft Born Ruffians nooit gebrek gehad. O.a. Caribou en Frans Ferdinand zijn fan. Het grote publiek heeft echter altijd afstand gehouden. De kans dat de band ooit de AFAS zal laten vollopen is en blijft vrij klein, maar wie Born Ruffians had afgeschreven krijgt het lid hard op zij neus. Soms wint de aanhouder namelijk.

The Strokes – Brooklyn Bridge To Chorus

Zonder te kunnen spreken over flops mogen we toch wel stellen dat de eerste twee singles van het nieuwe album van The Strokes de band niet terug hebben gebracht aan het front. In ieder geval blijven in de Graadmeter de prestaties achter bij de verwachtingen. En dat ondanks de inzet van super producer Rick Rubin.

Als single drie, Brooklyn Bridge To Chorus ook niet veel verder komt dan de eigen parochie hebben Julian Casablancas c.s. een probleem. De ironie is natuurlijk dat als een beginnende band nummers zou uitbrengen als Bad Decissions en At The Door we ze zouden onthalen als ‘the next big thing’. Van een band met de status van The Strokes verwachten we echter meer.

Terug naar Brooklyn Bridge To Chorus. Is 3x scheepsrecht? Dat zou best wel eens kunnen. Brooklyn Bridge begint met een new waverig keyboard intro, maar al snel vallen de gitaren in en die blijven tot aan het einde lekker voor in de mix. Er zit goed vaart in het nummer en Casablancas is uitstekend bij stem. Een minpuntje is dat de song plotseling is afgelopen, een goed outro schrijven is ook een kunst.

Al met al lijkt Brooklyn Bridge To Chorus de leukste van de drie vooruit gestuurde singles. De prangende vraag of het nummer The Strokes zal terug brengen naar de top durven we echter niet met een volmondig ja te beantwoorden. De tijd zal etc.

The New Normal, Strokes album #6 en de eerste in 7 jaar is vandaag (vrijdag)verschenen. 

The Wants – The Motor

The Wants is een nieuwe band uit Detroit die een brug wil slaan tussen (post)punk en techno. In de praktijk betekent dat dat ze naast de gebruikelijke gitaar, bas en drums ook een prominente synthesizer in de opstelling hebben.

The Wants heeft onlangs hun debuutalbum uitgebracht met daarop een dozijn opwindende songs, die de sfeer oproepen van de duistere Britse new wave van begin jaren 80. Helaas heeft de band ook een handicap, de zang is niet erg sterk. Het is niet uit te sluiten dat de band dat zelf ook door heeft, want op het Container album staat een aantal (halve) instrumentals, die meteen positief opvallen. Een daarvan, The Motor is op single uitgebracht.

The Motor klinkt als de soundtrack van een nachtelijke motorrit door een verlaten metropool. Of als een nummer van The B52’s als die uit Manchester zouden stammen i.p.v. Athens, Georgia. Helemaal instrumentaal is The Motor niet. Zo nu en dan duikt er een zombie-achtige spreekstem op waarna de gaspedaal nog harder wordt ingetrapt. Op Youtube is ook een proma live-versie te vinden van The Motor.

Muzz – Bad Feeling

Met leden van Interpol, Fleet Foxes en het minder bekende Bonny Light Horseman in de opstelling mogen we Muzz wel een supergroep noemen. Zeker als je weet dat de man van Interpol niemand anders is dan zanger Paul Banks.

Muzz is overigens niet de eerste nevenactiviteit van Banks. Eerder al maakte hij een uitstapje als Julian Plenti en rapte hij onder eigen naam een mixtape vol. Je herkent de stem van Paul Banks meteen op de twee songs die Muzz heeft uitgebracht. Toch lijkt Muzz in de verste verte niet op Banks hoofdband of zijn andere acts.

Bad Feeling is een goede titel voor de diep melancholieke song waarop Banks laat horen ook uitstekend te kunnen croonen. Je ziet hem zo voor je in het zanghok met gedempt licht, gesloten ogen en expressieve handen. Om de downe sfeer van het nummer nog eens extra te onderstrepen duikt er tegen het einde een saxofoon op, misschien wel het meest weemoedige instrument van allemaal. Ook op B-kant Broken Tambourine is het droefheid troef. Het heeft er dan ook alle schijn van dat Banks Muzz in het leven heeft geroepen niet als hobbyband, maar als uitlaatklep voor zijn donkerste gedachten.

Oscar Lang – Easy To Love

Oscar Lang is een 18 jarige slaapkamermuzikant uit Londen. Net als Beabadoobee en Alfie Tempelman maakt Oscar muziek die je misschien niet associeert met iemand van zijn generatie, geen rap, trap, EDM of platte pop, maar ‘klassieke’ gitaarmuziek.

Hij is nu een paar jaar bezig en niet zonder succes. Zo’n 700 duizend luisteraars volgen zijn muzikale avonturen op Spotify. Net als Bea en Alfie heeft ook Oscar geen gebrek aan inspiratie. Twee albums en ruim een handvol singles en EP’s heeft hij gemaakt sinds zijn debuutsingle in 2017.

Zo te horen investeert Oscar zijn verdiensten in nieuwe apparatuur. Zijn nieuwe EP Overthunk heeft een mooie sound,  zeker vergeleken met ouder werk dat klinkt alsof het is opgenomen met een deken over microfoon. Niet dat dat een groot bezwaar was, de kracht van de songs en de charme van de uitvoering kwamen prima over. Easy To Love van de Overthunk EP is een weemoedig Beatle-esque pop-rockliedje over een liefde die niet mocht zijn. “Easy To Love. You’re Hard To Get Over” zingt de wereldwijze tiener.

Rolling Blackouts Coastal Fever – She’s There

Rolling Blackouts Coastal Fever weet hoe je je klanten tevreden houdt. Om het jaar een album uitbrengen en de tussentijd vullen met singles en EP’s. Gelijk met de release van She’s There kwam het bericht dat album 2 van de Australische gitaarband klaar is voor lancering. De opvolger van Hope Down verschijnt op 5 juni onder de titel ‘Sideways To New Italy’.

Er zal vast een verklaring zijn voor de cryptisch ogende albumtitel, maar die moeten we je nog even schuldig blijven. Wel kunnen we vertellen dat She’s There net als Cars In Space een lekker vlotte rocker is, waarin de drie gitaristen ruimschoots aan hun trekken komen.

Vanwege hun land van herkomst, de aanwezigheid van meerdere gitaristen en hun lange naam ligt het voor de hand om RCBF te vergelijken met die andere Australische gitaarband met ellenlange naam. Die vergelijking gaat echter al snel mank. King Gizzard and the Lizard Wizard maakt psychedelische rock met een afwijking naar jazz. RCBF daarentegen klinkt meer als een mix van R.E.M. en Television. Alternatief Amerikaans dus. En een beetje retro. Beide bands bewijzen echter dat gitaarrock anno 2020 nog springlevend is.