Bazart/Eefje de Visser – Onder Ons

Wie bedacht heeft om Eefje de Visser te koppelen aan Bazart verdient een lintje. Zelden was een muzikaal huwelijk zo geslaagd. De gestroomlijnde productie waarmee Bazart naam heeft gemaakt past Eefje als gegoten.

Ook de stemmen van Eefje en Matthieu klinken perfect in harmonie. Waar zowel Eefje als Bazart meesters in zijn, is het matchen van de Nederlandse taal met muziek. Beiden verstaan de kunst om in onze moerstaal te zingen zonder dat dat opvalt. Als je naar de tekst wilt luisteren kan dat. Als je als je van de melodie en productie wilt genieten kan dat ook zonder te worden afgeleid door harde klanken of scheve rijm.

Voor herhaling vatbaar dus deze samensmelting van Nederlandstalige talenten. Sowieso is het een goed idee om een creatieve noord-zuid lijn in het leven te roepen tot wederzijds nut en genoegen. Al hebben Bazart en Eefje de Visser de lat wel wat hoog gelegd.

LIVEDATUM: 25/10 Paradiso, Amsterdam.

Stationschef #323 The Sore Losers

The Sore LosersDe week hebben we weer eens een Stationschef van het geluidsproducerende soort. En wat voor geluid! We overdrijven maar een heel klein beetje als we zeggen dat The Sore Losers de beste rock ‘n’ roll bende is van België en omstreken.

Jan, Cedric, Kevin en Alessio speelden zich zo’n 8 jaar geleden in de kijker door als tweede te eindigen in Humo’s Rockrally, de springplank voor Belgisch talent. Op de naam en de stijl na zijn er nog maar weinig overeenkomsten tussen de prille band van toen en de spetterende rock ‘n’ roll machine van nu. Het bewijs heet Gracias Señor. Het splinternieuwe Sore Losers album staat sinds vrijdag online, en is tegen een schappelijke vergoeding af te halen op cd en/of vinyl bij de lokale dealer.

Aangezien we The Sore Losers al lang volgen en steunen leek het ons een goed plan de band tot Stationschef te bombarderen. De liefde bleek wederzijds en onze Bazz werd dan ook met open armen ontvangen. Wat er zoal ter sprake kwam tijdens het genoegelijke onderonsje van de muzikanten, kan je horen in de nieuwe aflevering van Bazz op de Buzz.

Bij een interview met een Stationschef hoort een lijst met favoriete platen. The Sore Losers gingen in conclaaf en leverden niet alleen één van de beste playlists van zo’n 7 jaar Stationschef in, middels de lijst gaf de band ons ook nog eens een kijkje in hun keuken. De 30+ tracks zijn namelijk allemaal op enigerlei wijze van invloed geweest op de totstandkoming van het Gracias Señor album. (dat overigens werd geproduceerd door de twee kopmannen van het Texaanse White Denim). Zie de link naar Spotify.

De songs hoor je dus de hele week door tijdens onze dagprogrammering en uiteraard bij Bazz op de Buzz, zaterdag de 6e om 19:00 uur en/of donderdag de 11e om 22:00 uur.

Maak hier nog kans om het nieuwe album te winnen!

LIVEDATA
13/10 Beerland @ Metropool, Hengelo
03/11 Paradiso, Amsterdam
29/11 
Nieuwe Nor, Heerlen
01/12 HINK @ Paard, Den Haag

2019
10/01 Fluor, Amersfoort
11/01 Podium Victorie, Alkmaar
12/01 
Hedon, Zwolle
17/01 
Luxor Live, Arnhem
19/01 Patronaat, Haarlem
23/01 
EKKO, Utrecht
24/01 Effenaar, Eindhoven
25/01 Bibelot, Dordrecht
26/01 Kunstlinie, Almere Flevoland
31/01 Rotown, Rotterdam
01/02 Merleyn, Nijmegen
02/02 Gigant, Apeldoorn

Hier is de Lijst van The Sore Losers!

  1. Television – Marquee Moon
  2. Talking Heads – Psycho Killer
  3. Entrance – Grim Ripper Blues
  4. Lou Reed – Vicious
  5. The Rolling Stones – When The Whip Comes Down
  6. ZZ To – Just Got Paid
  7. Ron Gallo – Young Lady, You Scare me
  8. The Kills – What New York Used To be
  9. Iggy Pop – Tonight
  10. David Bowie – New Killer Star]
  11. John Lennon – How Do You Sleep
  12. The Nerves – Hanging On The Telephone
  13. The Strokes – Reptilia
  14. Primal Scream – Country Girl
  15. Little Walter – Blue And Lonesome
  16. Joe Walsh – In The City
  17. Garland Jeffreys – Wild In The Streets
  18. Iggy Pop – China Girl
  19. Thin Lizzy – She Knows
  20. 10cc – rty For Art’s Sake
  21. Can – Moonshake
  22. The James Hunter Six – I Don’t Wanna be With You
  23. Captain Beefheart Obeah man (1966 demo)
  24. Elvis Presley – I Got A Feeling In My Body
  25. Iggy Pop – Baby
  26. John Lennon – What You Got
  27. Steely Dan – Dirty Work
  28. Iggy Pop – Nightclubbing
  29. Father John Misty – I’m Writing A Novel
  30. White Denim – Holda You (I’m A Psycho)
  31. Tony Joe White – Polk Salad Annie

Memphis May Fire – The Old Me

Ook metalmannen hebben wel eens een minder moment, een periode dat ze niet goed in hun getatoeëerde vel zitten. Daar heeft Memphis May Fire een liedje over gemaakt. Frontpersoon Matty Mullen zingt uit eigen ervaring. Dat verklaart de overtuiging waarmee hij zijn teksten in de microfoon spuwt. Muzikaal klinkt nieuwe single The Old Me als een cross tussen Alice Cooper en RATM. Theatrale rapmetal dus met de versterkers op vol volume.

Memphis May Fire is een a-typische metalband. Waar het gros van de collega’s stoer doet en flirt met de duivel is de band uit Dallas, Texas niet bang hun gevoelige kant te etaleren en songs te schrijven over angst, onzekerheid en andere emoties, die de moderne mens van zijn apropos kunnen brengen. Waar de meeste metalbands een puinhoop achterlaten, streven Mullen en zijn mannen naar een betere wereld. Om dat te ontdekken moet je wel naar de tekst luisteren. Doe je dat niet dan hoor je gewoon een band die kan rocken als de besten en dat al bijna tien jaar lang. Een soort schaap in wolfskleren dus dat Memphis May Fire. Bijzonder.

Sharon Van Etten – Comeback Kid  

Sharon Van Etten is terug, new and improved zouden ze in Amerika zeggen. Natuurlijk is de zangeres, die ons eigentijdse classics schonk als Every Time The Sun Comes Up en Our Live direct herkenbaar, -wat wil je met zo’n stem- maar in Comeback Kid staan de drums harder dan voorheen en bepalen synthesizers de duistere sfeer van haar eerste nieuwe nummer in vier jaar.

Met zijn Talk Talk achtige intro en vocalen, die aan de grote Patti Smith doen denken zit er een duidelijke jaren tachtig smaak aan Comeback Kid, een periode die de 37 jarige zangeres niet heel bewust heeft meegemaakt.

De interval tussen doorbraakalbum, Are We There (2014) en Sharon‘s vijfde, die begint volgend jaar uitkomt, is niet ingegeven door luiheid of gebrek aan inspiratie. Allesbehalve. Ze is in de tussentijd moeder geworden en heeft hard gewerkt aan haar nevencarrière als actrice. Sharron is te zien in de Netflix serie The OA en op het toneel in een adaptatie van Twin Peaks. O ja. Ze is ook weer gaan studeren, psychologie. Tussen de bedrijven door heeft de moeder/actrice/student toch nog tijd gevonden om songs te schrijven voor haar nieuwe album, songs die bewust een beetje schuren. ‘I didn’t want (the album) to be pretty’, zei ze onlangs in een interview. Het Remind Me Tomorrow album werd geproduceerd door John Congleton, die zo’n beetje de halve muziekwereld in zijn studio heeft gehad, variërend van Blood Red Shoes tot War On Drugs, van Brian Wilson tot David Byrne en van Sigur Ros tot Lana Del Rey.

Comeback Kid laat horen dat het artistieke huwelijk van de studioveteraan en de indie-diva een, zoals de Amerikanen zeggen – match made in heaven -is.

 

Lana Del Rey – Mariners Apartment Complex.

Ook al is niet ieder nummer van Lana Del Rey geschikt voor onze doeleinden, dat de diva iets in haar mars heeft staat buiten kijf. Lana heeft al vijf albums op haar naam staan, maar haar kruit nog lang niet verschoten, blijkt uit de twee tracks die de komst aankondigen van een zesde langspeler.

Laat het ook duidelijk zijn dat miss Del Rey geen marionet is, maar zelf verantwoordelijk voor haar muziek, productie zowel al composities. Net als haar Zweedse collega en evenpool Lykke Li heeft Lana een voorkeur voor beschouwende songs. Mariners Apartment Complex en het eveneens nieuwe Venice Bitch zijn daar weer sterke voorbeelden van, misschien wel de sterkste toe nu toe.

Mariners Apartment Complex heeft een troostende toon. Lana, die recentelijk uit een dal is gekropen biedt zich aan als steunpilaar, you lose your way, just take my hand zingt ze, I’m your man. Daarmee verwijst ze naar een song van Leonard Cohen, elders in het nummer citeert ze Elton John. I Ain’t No Candle In The Wind.

Lana produceerde het nummer, net als de rest van het nieuwe album met Jack Antonoff, de ladies man van het producersgilde, die eerder met o.a. Lorde, Taylor Swift en St Vincent werkte. In de backingband zit o.a. Dan Auerbach van Black Keys. Het nieuwe album, Norman Fucking Rockwell, genoemd naar de illustrator, die beroemd is geworden met idyllische afbeeldingen van the American way of life verschijnt begin 2019.

Connan Mockasin – Charlotte’s Thong

Met zijn geblondeerde coupe ziet Connan Mockasin er uit als Heino zonder bril. De als Connan Tant Hosford geboren zanger-componist-gitarist baant zich een eigen weg door het poplandschap. Niet gehinderd door wetten en regels doet hij wat hem invalt en bevalt. Dat levert even vreemde als mooie muziek op met als voorlopig hoogtepunt het nog immer intrigerende I’m The Man That Will Find You. Connan’s songs schieten alle kanten uit, de overeenkomst is dat ze vrijwel allemaal traag zijn van tempo. Geestverwanten zijn o.a. vriend en collega Ariel Pink en Flaming Lips.

Terwijl het grote publiek voornamelijk in de war raakt van Connan‘s geesteskinderen hebben zijn collega’s wel waardering voor zijn werk. Zo heeft hij getoerd met Radiohead en Charlotte Gainsbourg en is hij te horen op albums van James Blake en MGMT.

Mockasin komt van Nieuw Zeeland, maar is na een zwerftocht van tien jaar via o.a. Londen en Los Angeles nu in Tokyo neergestreken. Als Connan & The Mockasins bracht hij een drietal moeilijk te krijgen albums uit, onder eigen naam tot nu ook drie. De laatste stamt uit 2013. Hoog tijd dus voor een nieuw teken van leven. Dat is onderweg. Op 12 oktober zal Jassbuster het licht zien, even later gaat Mockasin op tournee en zal hij ook hier te zien zijn. De aan de albumrelease voorafgaande single, het schalks getitelde Charlotte’s Thong geeft aan dat ook Connan’s vierde weer een onconventionele plaat wordt. Het 8 minuten nummer, dat voornamelijk uit gitaarsolo’s bestaat, klinkt namelijk als Dire Straits, op valium.

LIVEDATUM: 28/10 Paradiso (uitverkocht) , Amsterdam.

GOOSE – What You Need (NONSTOP Live Remix)

Het origineel van What You Need van GOOSE stamt uit 2016 en is een rustig swingende ietwat gepolijste elektrotrack, die eerder gemaakt lijkt voor gebruik in de huiskamer dan in de dance hall. Live daarentegen dampt, stompt en briest het nummer als een stier, die na een lange winter alleen op stal voor het eerst weer een koe ruikt.

Het gereviseerde What You Need is dan ook een van hoogste punten van de festivalact van het kwartet uit Kortrijk. Zo ook op Pukkelpop waar er tot onze vreugd iemand tijdig op record drukte zodat we nu overal en allemaal uit de plaat kunnen gaan op de NONSTOP Live Remix van What You Need. Het zou helemaal geen gek idee zijn om de rest van de Pukkelpop-set ook vrij te geven, want GOOSE had het duidelijk op zijn heupen.  

LIVEDATUM: 19 oktober Melkweg (ADE), Amsterdam.

Jaguar Jaguar – Tricks

Jaguar Jaguar is een nieuwe Belgische band, die bij tijd en wijle sterk doet denken aan een oude Belgische band, dEUS. Het is alweer even geleden dat Vlaanderen de toon aan gaf in de alternatieve muziekscene van de lage landen bij de zee. Maar het begint weer aardig te borrelen onder onze zuidgrens met acts als Bazart, Tamino, Warhaus, J Bernardt en nu dus ook het muzikale gezelschap zich noemende Jaguar Jaguar. Eerst even een mededeling van technische aard. Als je de bandnaam intypt op Spotify krijg je een Amerikaanse band die ook Jaguar Jaguar heet. Onze Vlaamse vrienden vind je door de songtitel Tricks toe te voegen. Als je dat hebt gedaan krijg je het debuut van een vers vijftal, dat is opgestaan uit de as van de band Lohaus.

Jaguar Jaguar heeft het aangename met het nuttige verenigd door de zomer door te brengen in Spanje om aldaar songs te schrijven voor hun debuut EP. Het vooruitgestuurde Tricks maakt duidelijk dat het een vruchtbaar verblijf was. De eerste single van Jaguar Jaguar is een sfeervolle meerstemmig gezongen groeidiamant, die aansluit bij de muziek van genoemde landgenoten en dEUS dus.

De huidige Vlaamse scene begint vorm te krijgen en in vorm te komen, zozeer zelfs dat we voorzichtig kunnen spreken van een renaissance. Voor ons Noorderlingen iets om een beetje jaloers op te worden, net als vroeger.

LIVEDATUM: 2/11 Filter festival, Trix, Antwerpen.

Mumford & Sons – Guiding Light

Mumford & Sons is terug naar af. Qua sound dan. Net als op het vorige album, waarop de band zich een stadionsound aanmat, blijft de banjo in de foedraal, tenminste op Guiding Light.

Zou zo maar kunnen dat er op andere songs van het nieuwe album -Delta is de titel- weer lustig op los wordt getokkeld, maar de basis is van Guiding Light is net als in den beginne akoestisch, de boodschap als vanouds stichtelijk en het beoogde effect weer heilzaam. Het model is dat van I Will Wait. De concessie aan de moderne tijd zit hem in het gebruik van synthesizers als kleuring. Op een gegeven moment lijkt er zelfs even een drop te komen, maar het blijft bij een suggestie.

Er kan geen misverstand over bestaan dat Guiding Light een nummer is van Mumford & Sons, een Keltische versie van Bruce Springsteen, zeg maar. Dat is goed nieuws en ook weer niet. De folkboom van een tijd geleden waar Mumford & Sons leiding aan gaf is voorbij. Met uitzondering van Ben Howard, die wel nieuwe wegen bewandeld zijn folkies als Noah & The Whale, of Monsters & Men en Edwin Sharpe weer terug bij af. Carrièrematig gezien. Live kan Mumford & Sons nog jaren teren op reputatie en repertoire. Of Guiding Light ook een evergreen wordt? De tijd zal het leren.

Rival Sons – Do Your Worst

Rival Sons is niks minder dan betrouwbaar. De Amerikano’s zullen niet snel gekke sprongen maken, maar hun rock is steevast solide en hun singles altijd om over naar huis te schrijven.

Het voorschot op album zes van de California Boys heet Do Your Worst en volgt het beproefde recept. Na een stevige intro-riff trekt Jay Buchanan zijn mond open om even later in het refrein gezelschap te krijgen van zijn collega’s. Als je niet beter zou weten zou je denken dat Rival Sons een band is uit de jaren zeventig, de gouden eeuw van de hard rock voordat die werd weggeblazen door de heavy metal. Do Your Worst had makkelijk van de oude Faces of Free kunnen zijn, afkomstig van het zelfde album waarop ook All Right Now staat. Bluesrock van de bovenste plank dus. 

Voor de opname van hun nieuwe album, dat pas voor januari op de planning staat, heeft Rival Sons twee legendarische studio’s geboekt, RCA Studio A waar Elvis zijn beste werk heeft opgenomen en de misschien nog wel legendarischere Muscle Shoals Studio, waar o.a. Aretha Franklin en The Rolling Stones geschiedenis hebben geschreven. Goed voorbeeld doet goed volgen.