Hanni El Khatib – This I Know

Het zal onze vaste luisteraars niet zijn ontgaan dat wij een zwak hebben voor Hanni El Kharib. De Palestijns/Filipijnse skater c.q. retrorocker uit L.A. bracht in 2011 zijn eerste album uit en onlangs zijn vierde. Ondanks die gestage productie is Hanni nog vrij ver verwijderd van de eeuwige roem. Hanni’s kansen leken te keren toen Dan ‘Black Keys” Auerbach zich over hem ontfermde. De samenwerking leverde een stevig album op, Head In The Dirt (2103) maar niet het gehoopte succes. Hanni werd gedropt door zijn label en Auerbach verdween weer uit beeld. Gelukkig is Hanni niet het type dat het hoofd laat hangen, dus kwam hij in 2015 met een derde album en eerder deze maand met een vierde. Het nieuwe album, Savage Times is een compilatie van een vijftal EP’s die vorig jaar verschenen, plus een paar nieuw songs, wat het aantal tracks op 19 brengt. Hanni zit bepaald niet verlegen om liedjes. De single van Savage Times, I Know is een sfeer en smaakvolle, geëngageerde neo-retro blueswals, die het net als de maker verdiend om gehoord te worden.

Beach Fossils – This Year

Beach Fossils is een meer dan verdienstelijk kwartet uit NewYork, dat flirt met genres als dream pop, shoegaze en surf rock. Tot voor kort hadden we daar ook de term lo fi aan toegevoegd, maar of de band is van filosofie veranderd of heeft nu eindelijk budget om hun opnames fatsoenlijk te laten klinken. Of This Year hun best song tot nu toe is, daar valt over te twisten, dat het hun best klinkende productie is, is een ding dat zeker is. Bij een band die Beach Fossils heet, moet je onwillekeurig denken aan andere acts met Beach in de naam, zoals Beach House en Beach Boys. Het zou te ver voeren om te zeggen dat ze op elkaar lijken, maar met B. H. deelt B. F. het dromerige en met de B.B’s een oor voor harmonie. This Year is de eerste single van het derde Beach Fossils album, Somersault dat begin juni het zonlicht zal zien. Het is ook het eerste album van de band zonder drummer van het eerste uur, Tommy Gardner, die naar China is verhuisd. Maar dit terzijde.

The Afghan Whigs – Demons in Profile

Greg Duli heeft veel gedaan in het verleden, was betrokken bij zoveel bands en projecten dat hij kan kiezen wat en wanneer hij weer eens iets uit de kast haalt. Dat hij nu weer op pad is met The Afghan Whigs is dan ook geen wanhoopspoging van een gesjeesd artiest om de tijden van weleer te laten herleven, maar een artistieke keus omdat hij voldoende passende songs heeft om een nieuw hoofdstuk met de band te beginnen. The Afghan Whigs komen weliswaar uit Ohio en niet uit Seattle, toch is de band onderdeel van de grunge-golf, die begin jaren 90 de alternatieve rockwereld blank zette.  De band hield het tot begin deze eeuw uit, waarna zanger Greg Dulli zich op een solocarrière richtte en diverse succesvolle side projects begon met o.a. The Twilight Singers en The Gutter twins, zijn gelegenheidsduo met Mark Lanegan. Keuze zat dus voor de 51 jarige rocker. De eerste doorstart van The Afghan Whigs in 2014 resulteerde in het album Do The Beats (nr 7) een een geslaagde wereldtournee. Dit jaar doet de band weer een rondje. Het 8e album, In Spades verschijnt op 5 mei op Sub Pop, het label dat zo’n 30 jaar geleden het epicentrum was van de grungebewgingf. De aankeiler van de langspeler is het breed opgezette Demons In Profile, dat begint als een pianoballad en eindigt als een symfonie voor stem, elektrische gitaar en orkest. Op 8 augustus ontvangt The Afghan Whigs bezoek in de grote zaal van Paradiso.

Middlemist Red – Evermore

Denkend aan Hongarije is popmuziek niet het eerste dat je te binnen schiet. Om even het toeristische rijtje af te lopen. Hongarije is goulash, zigeunermuziek, Franz List en Zsa Zsa Gabor. Waar Hongarije niet om bekend staat is zijn muziekscene, maar die is er wel degelijk. Eurosonic 2017 had als focus de regio Centraal Oost Europa. Hongarije had Middlemist Red afgevaardigd, een avontuurlijk kwartet dat een soort psychedelische postpunk produceert. Helaas voor de Hongaren ging alle aandacht naar de bekendere bands uit de U.K en Nederland zodat het doel; Middlemist Red hier een basis geven niet werd bereikt. Dat is jammer. Niet alleen is het zeer interessant wat er in het oosten van Europa gebeurd, Middlemist Red is ook nog eens een band die gewoon op basis van hun muziek serieuze aandacht verdiend. Evermore komt van het recente tweede album van de Hongaarse rockers, Ripple Soul. Op 22 maart zal de band weer in NL te zien zijn en wel in Paradiso.

Laura Marling – Nothing Not Nearly

Na een periode die ze zelf heeft ervaren als een dipje, maar die geen hoorbare invloed heeft gehad op haar songs zit Laura Marling nu weer goed in haar artistieke vel. Artiesten zeggen altijd dat hun laatste album hun beste is, maar in geval van Semper Femina heeft Laura volkomen gelijk. Laura’s 5e is breed, poëtisch, muzikaal en had door niemand anders gemaakt kunnen worden dan door de op Amerika verliefd geworden Britse folkie. Op het vrij vlekkeloze album staan een paar songs die gewapend lijken tegen de tand des tijds. Single Nothing Not Nearly bijv. is een tijdloos stuk West Coast rock met een prominente rol voor de elektrische gitaar, een relatief nieuw instrument in Laura’s arsenaal. Laura klinkt hier als een kind van het Canadese koningskoppel Joni Mitchell en Neil Young. Semper Femina betekent altijd vrouw. Haar seksegenoten zijn deze keer dan ook Laura’s belangrijkste doelgroep. Maar mannen zijn ook welkom en kunnen vast nog wel iets opsteken van deze toonaangevende singer-songwriter.

Portugal The Man – Feel It Still

Portugal The Man is een opvallende band. Het begint al met de naam. Portugal The Man komt dus niet uit Portugal, zelfs niet uit Europa, maar uit Alaska, een Amerikaanse staat die om heel veel dingen bekend staat, maar niet om het muzikale klimaat. De band komt binnenkort met hun 8ste album, op zich niet zo bijzonder, maar dat hun meest recente plaat ook hun meest succesvolle is, is dat weer wel. En dan is er de muziek. Hokjesgeesten worden gek van ze. Er is geen enkel label dat de lading denkt. Wij hebben het meestal over smartpop, omdat de muziek super slim is en in sound meer pop dan rock, maar dan wel pop van het freaky soort, zoals je die maar zelden tegenkomt in de hitparade. Ook de songtitels en tekstonderwerpen zijn niet erg des pop’s, Purple Yellow Red and Blue, Modern Jesus en Creep In A T-shirt. Toch anders dan Castle On A Hill of Love Yourself. Je kunt je zelfs afvragen op Portugal The Man wel een band is, het personeelsverloop is gigantisch en de harde kern bestaat feitelijk maar uit één man, John Gourley. Toch zijn dit allemaal pluspunten. Er zijn al veel te veel gewone bands in omloop. Er is zelfs een chronisch gebrek aan muzikale mafkezen, geniale gekken of ander creatief volk dat opruit i.p.v. altijd maar weer wil behagen. Goed nieuws dus dat Feel It Still, de nieuwe single Portugal The Man weer prettig gestoord is. Het is de voorbode van het nieuwe album, Woodstock, de opvolger van Evil Friends uit 2013.

 

Laura Marling – Nothing Not Really

Growing Up In Public, zo heet een van de albums van Lou Reed. Dat is wat ‘echte’ artiesten doen; opgroeien en publiek. Zo ook Laura Marling. Laura was 18 was toen ze debuteerde, nu is ze 27 en heeft ze net haar zesde album uitgebracht. Laura’s ontwikkeling als mens, vrouw en muzikant is goed te volgen op haar platen en al herken je de debutante nog wel degelijk op Semper Femina (altijd vrouw), de verschillen met toen zijn minstens zo groot als de overeenkomsten. Op Semper Femina is een volwassen vrouw aan het woord, gepokt en gemazeld, ouder en wijzer, maar nog steeds ongetemd en onverminderd nieuwsgierig. Laura’s nieuwe album is ook minder folky dan we van haar gewend zijn. De elektrische gitaar speelt dit keer een belangrijke rol, zeker in de single Nothing Not Realy, die klinkt al een verloren gewaande samenwerking tussen Neil Young en Joni Mitchell.  Het Semper Femina album is uit. Helaas staat er binnenkort geen optreden gepland.

Alt-J – 3WW

Alt-J zit op een moment in hun carrière dat ze weinig kwaad kunnen doen. Al zouden ze het telefoonboek voordragen van hun geliefde Leeds, dan nog zou het trio op een gewillig oor kunnen rekenen. De band maakt gebruik van hun vrijheid door met een nieuwe single te komen die nooit en te nimmer op de radio zou komen als het een debuutsingle zou zijn of een song van een minder succesvolle act. Best wel gewaagd dus, maar na een paar draaibeurten wordt wel duidelijk dat het experiment volledig is geslaagd. 3WW is moody, subtiel, avontuurlijk en toch herkenbaar als het werk van de makers van Breezeblocks en Tesselate. Speciale vermelding verdient Ellie Rowsell van Wolf Alice, die de heren vocaal assisteert. 3WW is de eerste single van derde studioalbum van de Britten, plaat gaat Relaxer heten en begin juni uitkomen.

 

Fleet Foxes – Third of May/Oidagahara

Tien jaar na het debuut en ruim zes jaar na het tweede album komt Fleet Foxes eindelijk weer eens met nieuwe muziek. Mosterd na de maaltijd of is het het wachten waard geweest? De vraag laat zich makkelijker stellen dan beantwoorden. Toen Fleet Foxes debuteerde, liftte de band mee op de (freak)folk- alternatieve Americana golf waarvan ook Bon Iver, Band Of Horses en Sufjan Stevens deel uitmaakten. En hoewel het respect voor die acts is gebleven, is de belangstelling wel wat terug gelopen. Garage en psychedelisch zijn nu de toverwoorden. Third of May/Oidagahara is geen poging om een nieuw geluid te introduceren. Het verschil tussen nieuwe single en ouder werk zit hem meer in de ambitie dan in verandering van stijl. De track duurt in de oorspronkelijk versie bijna negen minuten (de radio edit 4). De koortjes zijn nog intact, de country twang is weer present en ook is Robin Pecknold  de kunst van het componeren zeker niet verleerd. Maar of het genoeg is? Album 3 van Fleet Foxes is Crack-Up gedoopt. Het wordt de eerste van de band zonder drummer Josh Tillman , die nu zelf heel behoorlijk aan de weg timmert als Father John Misty.  Fleet Foxes is ook geswitcht van label. De twee vorige album zijn uitgekomen op het het hippe Sub Pop, Crack-Up zal half juni verschijnen op een van de labels van de Warner Music Group.

Clock Opera – Whippoorwill

In 2012 verscheen het debuutalbum van Clock Opera. Veel succes had de band van Guy Connely niet met hun eerste oefening. De pers was nog wel enthousiast, maar het volk bleef weg. Er kwam nog een beetje geld in kas toen de BBC een van de songs van het album adopteerde voor een van hun Olympische uitzendingen, maar daar bleef het bij. De verwachting was dan ook dat Clock Opera na één album zou sneuvelen. Tot de band eind 2105 een crowdfundactie begon. Het zou nog twee jaar duren voordat er nieuwe muziek uit zou komen, maar nu er een tweede album is , mogen we de band alleen maar dankbaar zijn voor hun zelfvertrouwen een uithoudingsvermogen. Het Venn album van de band uit Londen is namelijk een vrij geweldig; poppy, maar niet plat, emotioneel, maar niet sentimenteel en ook nog eens flink veelzijdig. Doelgroep? Fans van Elbow, de vroege Coldplay en oude Arcade Fire.  Whippoorwill (een soort nachtzwaluw) is niet de nieuwste single, dat is Closer, maar volgens ons wel een beter nummer om in te stappen bij een band die het verdiend om gehoord te worden.