Het grootste geheim van Iggy Pop is dat, hij zegt het zelf, hij altijd het kind in hem levend heeft gehouden. Don’t grow up als levensvisie. Zegt de man die zo’n beetje alles in zijn leven heeft gedaan wat onhandig is. Met name al die drugs. Hij is 72 inmiddels en laat op het muzikaal uitdagende Free horen nog wel een aantal jaren mee te kunnen.
Fijne uitklap-cd-hoes met dito liner notes van Iggy, waarin hij zijn ziel blootlegt. Chronisch onzeker; hij deelt het met de massa. Zijn hoeveelste album is dit eigenlijk? We zijn de tel kwijt. Zijn achttiende soloplaat? Dan laten we de platen met The Stooges gemakshalve even achterwege. Wat nauwelijks achterwege kan worden gelaten is de geest van David Bowie, die rondwaart op Free. Bowie, die Iggy geregeld bij de hand nam muzikaal, galmt overduidelijk na in Sonali, een song die niet had misstaan op Bowies Blackstar. Dirty Sanchez verraadt schatplichtigheid aan, ook niet de minste, Ennio Morricone. De trompet van Leron Thomas is niet te versmaden. Tijdens Glow In The Dark flikt-ie hetzelfde kunstje. Net zo fijnzinnig is het welhaast hypnotiserende drumwerk van Thibaut Brandalise, die de song episch en onweerstaanbaar maakt. Jazz en rock omhelzen elkaar.
Leron Thomas’ trompet is tijdens het vrijwel tekstloze openings- alsook titelnummer het prominentst aanwezig. Mooie opmaat naar Loves Missing, waarin vlagen van Joy Division zijn terug te horen. De trompet van Thomas wordt naar de achtergrond verdrongen door gitaar en drums, maar is belangrijk voor de spanningsopbouw van het nummer. Iggy’s vocalen komen in de finale uit zijn tenen. Je voelt dat-ie knokt, hetgeen net zo aandoenlijk als meeslepend is. Op drums ditmaal Chris Berry.
De ruim een halfuur durende plaat wordt afgesloten met het indringende The Dawn. Een soundscape met spoken word van de rocker. “If all else fails. It’s good to smile in the dark. Love and sex are gonna occur to you. And neither one will solve the darkness.” Pieter Visscher
LIFE – A Picture Of Good Health (Afghan Moon/PIAS)
Onduidelijk of het beklijvende basloopje in Burn Hour schatplichtigheid vindt in The Breeders’ Cannon Ball. Het heeft er zeker wat van weg in elk geval. Verder is LIFE vooral LIFE op A Picture Of Good Health, dat de opvolger is van het prima debuut Popular Music (2017), waarvan de titelsong ongeveer het beste was wat in dat jaar op plaat werd gezet. LIFE schrijf je in kapitalen, net als IDLES in kapitalen wordt geschreven. Gelijkgestemden, vrienden bovendien, uit Engeland. Voortrekkers van de huidige punkscene, die heter dan ooit is. Sterke releases volgen elkaar in hoog tempo uit. Komen de bands niet uit Amerika, dan komen ze wel uit Engeland.
LIFE is niet meer het LIFE van twee jaar geleden, want er is een vrouw binnen de gelederen. Lydia Palmeira is de vervangster van Loz. Haar vocale inbreng is minimaal, want handelsmerk van de band uit Hull is voor een groot deel het stemgeluid van Mez Green. Woest als het moet, melodieus net zo makkelijk.
De band kwam op Popular Music met politieke thema’s als Brexit en Donald Trump op de proppen, A Picture Of Good Health is een stuk persoonlijker. Het punkgeluid is wat breder, hoekiger ook en wat meer to the point. Er staan meer songs op die snel blijven hangen, waardoor je zou kunnen concluderen dat de hitgevoeligheid wat sterker is en dat doen we dan ook. Neem een Moral Fibre, dat een dikke anderhalve minuut knalt. Dat strookt met de punkgedachte, maar het is zo’n sterk liedje dat je zou willen dat het wat langer duurde. “I love your cocaine tables’, zingt Mez. “Moral Fibre is a stinging and frenzied shut up and step aside”, duidt hij de tekst. “A tongue in cheek reflection on the music industry, that beige scene, those that pimp poverty from mummy’s detached house, those that trade in fair-trade cocaine and those that preach behind their keyboard. I’m taking the piss, but I’m deadly serious!”
Een hit van het niveau Popular Music staat niet op A Picture Of Good Health, hoewel It’s A Con qua drive en gejaagdheid in de buurt komt. Al met al is het een sterker album, met domweg beter songmateriaal en sterker geproduceerd bovendien. Door Luke Smith (Foals) en Claudius Mittendorfer (Parquet Courts, Weezer, Johnny Marr). Pieter Visscher
LIVEDATA 19/10 Left of the Dial Festival, Rotterdam 20/10Cinetol, Amsterdam 21/10 Kavka, Antwerpen
Die tenorsaxofoon van Robin Verheyen in de door Tom Barman gedragen ballade Irritated Love is om bij weg te smelten. Zo fraai is het vaker op het derde album van TaxiWars, het Belgische gezelschap rondom Barman en zijn compagnon, jazzmuzikant Verheyen.
Barman, dat wisten we al veel langer, is veel te creatief om zich louter met dEUS bezig te houden en het levert ook nog eens pareltjes op. Ook met het dancegeoriënteerde Magnus. Barman haat stilzitten. Barmannen zijn überhaupt wat drukkig.
Artificial Horizon is de derde worp van de Belgen, die met Nicolas Thys (bas en backing vocals) en Antoine Pierre (drums, backing vocals en keyboard) niet de minste musici bij zich hadden in de studio. Barman zelf zingt en rapt, zit achter de piano en doet wat met percussie. Verheyen speelt naast de saxofoon op orgel, keyboards, piano en verzorgt de vioolarrangementen.
Er kan volop gedanst worden op het verrukkelijk swingende Sharp Practice, waarin ook een glansrol is weggelegd voor het scherpe stemgeluid van Kelly de Brabanter, in het dagelijks leven vooral muziektherapeut. Hetzelfde geldt voor Ellen Steegen, in het bezit van een master uitvoerende muziek jazz/pop, die ze behaalde aan het Gentse conservatorium. Cellist Pieter Stas krijgt alle ruimte om te excelleren tijdens Infinity Cove.
Vioolkwartet Quatuor Alfama wordt tijdens het wiegende Different Or Not omhelst door Verheyen, die niet schroomt uit de bocht te vliegen wanneer daar ruimte voor is. Tijdens The Glare neemt hij nog wat sterker de regie in handen. Het levert uitdagende, hoekige jazz op. Vrijwel nergens krijg je op Artificial Horizon de ruimte om te twijfelen waar Barmans roots liggen: in de rock. Pieter Visscher
Het is dit jaar 50 jaar geleden dat het Beatles-album Abbey Road verscheen. Een prachtige gelegenheid de plaat met het wereldberoemde zebrapad in een nieuw jasje te steken.
Daarom is een bijzondere heruitgave van Abbey Road verschenen: niet alleen zijn de 17 albumtracks opnieuw gemixt en opgepoetst, ze zijn ook nog eens aangevuld met maar liefst 23 nooit eerder uitgebrachte demo’s en andere opnames. Er is bovendien een heuse Beatles Pop-Up Store geopend in Hoog Catharijne in Utrecht.
Producer Giles Martin, zoon van de legendarische producer en ‘vijfde Beatle’ George Martin, nam het opnieuw mixen van de plaat voor zijn rekening. Eerder deed hij dit al voor andere Beatles-albums Sgt. Pepper’s Lonely Hearts Club Band (2017) en The White Album (2018). Het is de eerste keer dat het album op deze manier is bewerkt en wordt aangevuld met rariteiten.
“De magie komt uit de handen die de instrumenten bespelen, de mix van de Beatles-stemmen en de schoonheid van de arrangementen”, vertelt Martin. “Ons doel was heel simpel; we wilden ervoor zorgen dat alles zo fris klinkt en zo hard binnenkomt als de dag dat het werd opgenomen.”
De vernieuwde editie van Abbey Road is verkrijgbaar als Super Deluxe Boxset met daarin drie cd’s, een Dolby Atmos Blu-ray en een 100 pagina’s tellend boekwerk. Hiernaast verschijnt er een vinylbox met drie 180-grams lp’s, een deluxe 2cd met de nieuwe stereomix en bonusmateriaal en ten slotte een standaard 1cd- en 1lp-uitvoering met daarop de nieuwe mix van het album.
In de enige echte Beatles Pop-Up Store in winkelcentrum Hoog Catharijne in Utrecht kunnen Beatles-fans gedurende twee weken hun hart ophalen aan meer dan 300 veelal exclusieve Beatles-items, waaronder T-shirts, servies, speelgoed en natuurlijk heel veel muziek, waaronder een unieke picturediscuitvoering van Abbey Road. Hiernaast worden er sessies en Beatles-quizzen verzorgd. The Beatles zijn nog alive and kicking en zullen dat waarschijnlijk tot in de eeuwigheid blijven.
Sam Fender – Hypersonic Missiles (Polydor/Universal)
Hoe je het ook wendt of keert, de intrede van digitaal aangeboden muziek sloeg een krater in de romantiek van muziekbeleving.
Gelukkig niet volledig de nek omgedraaid, want er zijn nog platenzaken. Pareltjes in de door eenheidsworsten gedomineerde stadsharten. Laten we ze koesteren.
Want wees eerlijk: er gaat niets boven een fysieke geluidsdrager in je handen. Zo’n plaat uit de hoes halen; natuurlijk, het is geen orgasme, dat is wat gechargeerd, maar je wordt er zó verdomd gelukkig van. Het cd-boekje, met al die details, de liedteksten. Waar is de handel opgenomen, hoe heet die producer?
Jongen die het snapt is Sam Fender (25). Oude ziel in een jong lichaam. Dat hoor je terug in zijn muziek en lees je terug in zijn teksten. Hij werd geboren toen het cassettebandje al lang uit de gratie was. De compactdisc en cd-speler werden immers grootschalig aan de wereld gepresenteerd in 1982. Wat een gemak en wat een vooruitgang, met alle respect, ten opzichte van de cassetteband. Je had dat potlood ook niet meer nodig als de boel weer eens was vastgelopen. Fuck!
Niettemin, in een hang naar eerdergenoemde nostalgie, beleeft het cassettebandje, door sommigen muziekcassette genoemd, een soort renaissance. Ook Sam Fenders debuutalbum Hypersonic Missiles is op cassette verschenen. Met name in de Verenigde Staten is deze geluidsdrager bezig aan een nieuwe opmars. Toch zijn er weinigen in de muziek die er naast vinyl en cd voor kiezen. Maar die oude ziel in een jong lichaam dus wel. Lang leve Sam Fender. Mind you: Hypersonic Missiles is ook gewoon op plaat en cd verkrijgbaar.
Sam Fender is die Engelse gozer die de muziekwereld in 2017 uit het niets veel mooier maakte met de prachtsingle Play God. Tekstueel ‘flirtend’ met dystopie, schatplichtig aan George Orwell. Bij ondergetekende ging het subiet tienmaal op repeat. Verslavend ritme, tekst die stevig binnenkomt en een stem die in de verte doet denken aan die van Jeff Buckley. Jongen om in de gaten te houden.
En nu, twee jaar later, is er het debuut van de man uit Newcastle. Dertien nummers staan erop. Geen mispeer te vinden. Is de indiepop en -rock muzikaal wat minder spannend – Two People en Call Me Lover? Fenders stem redt de zaak. Hij heeft er de tijd voor genomen en het resultaat is er naar. Geen haastwerk. Heeft ie vast geleerd van z’n zingende pa, die de nodige honneurs krijgt in de liner notes. “When that pimary school teacher said I was shit at everything, you said “What about his drawing?” Who the fuck likes maths at 7 years old anyway?”
Hypersonic Missiles is geen typische singer-songwriterplaat geworden, maar een bandalbum. Met multi-instrumentalist Fender geregeld zelf op bas, gitaar, achter synthesizer, piano en orgel en drummend. Het levert een coherent geheel op, dat wordt afgesloten met bonustrack Use. Live opgenomen. Sam Fender achter de piano in een gedragen song waarin hij zangtechnisch alle registers opentrekt en in de finale wel heel erg raakt aan Jeff Buckley. Pieter Visscher
LIVEDATA 05/11 Melkweg, Amsterdam (uitverkocht) 06/11 La Madeleine, Brussel (uitverkocht)
Whitney – Forever Turned Around (Secretly Canadian/Konkurrent)
Opeens is Whitneydaar, met de heerlijke hit No Woman. Het is 2016 en je weet meteen dat het raak is. Het hele album van de band klopt ook nog eens en die falset van zingende drummer Julien Ehrlich went sneller dan gedacht. De Amerikanen teren inmiddels ruim drie jaar op het album Light Upon The Lake en daarom is het fijn dat de nieuwe plaat er is.
Forever Turned Around is geen album geworden dat laat horen dat de band muzikaal enorme sprongen heeft gemaakt. Het is een album dat voortborduurt op de kwaliteit van het debuut. De folky countrypoprock van het in Chicago residerende gezelschap ademt nog altijd gemoedelijkheid en zorgzaamheid. Zwaarmoedig wordt het gelukkig nooit. Past ook niet echt bij die stem van Ehrlich, eerlijk gezegd.
De instrumentatie is andermaal rijk, met strijkers en blaasinstrumenten. Het voorkomt min of meer dat een enkele song mogelijk iets te sterk voortkabbelt. Echte uitschieters zijn dan ook niet te vinden op Forever Turned Around, dat een soort herfstachtige kleurenpracht oproept, wanneer je de ogen sluit. De albumcover sluit daar naadloos op aan.
Speels is het instrumentale, ruim twee minuten durende Rhododendron. Lekker jazzy, een trompet pakt de hoofdrol. De heren moeten gelachen hebben bij het bedenken van die titel: Rhododendron. Had Tol Hansse nog geleefd; hij zou er zonder twijfel zijn goedkeuring aan hebben gegeven. Achter de Rhododendron was immers een van zijn grote hits, in 1978.
Mooie woorden van de band op de cd-hoes voor geliefden en zij die meespelen op Forever Turned Around. De wereld wordt een stuk mooier van bands als Whitney. Dat er geen nieuw No Woman te vinden is op de tweede worp zien we daarom moeiteloos door de vingers. Pieter Visscher
Het is goed mogelijk dat Seratonesnog niet is opgepikt door het grote publiek omdat debuut Get Gone (2016) te veel kanten uit waaide. Van punk, naar garagerock, naar soul. Mijn schoonmoeder zou er nerveus van worden. Nu definitief een richting lijkt te zijn gekozen, althans met tweede album Power, lijkt de band klaar om een groot publiek te gaan bereiken. Want Power is een klassealbum.
Voornaamste wapen van de band uit Shreveport, Louisiana is het stemgeluid van voormalig gospelzangeres A.J. Haynes, die doet wat ze maar wil met haar stem. Met speels gemak zet ze de nummers op Power naar haar hand.
Met teksten over rassengelijkheid, het recht op abortus, milieutoestanden, poëzie en persoonlijke sores word je net zo bij de les gehouden als muzikaal. De (rauwe) soulrock waarvoor gekozen is, lijkt een blijvertje. Al draait Haynes haar hand dus ook niet om voor punk of garagerock. Niet alle klappen zijn raak op Power, maar de meeste wel – erg raak zelfs. Terwijl het nogal een klus was om alle neuzen dezelfde richting in te krijgen bij het tot stand komen van het album.
“We went through a pretty dramatic shift with this record,” legt Haynes uit. “The band lineup, the creative process, the sound: all of it changed in ways that really reflected our growth and evolution. With this album, I knew that I really wanted to draw from the pantheon of soul music. Soul was what I danced to in the kitchen with my mother. It’s what I’d come home at night and listen to on my record player. Things are really heightened and scary and overwhelming in this country right now, and returning to soul music was a way of reaching for comfort and security in all of that.”
In feite is Haynes dus heel dicht bij zichzelf gebleven en dat heeft geleid tot een van de allersterkste nummers die dit jaar zijn verschenen: titelnummer Power (sublieme, heerlijke video ook!). Voor de productie, lekker rauw, is Cage the Elephant-gitarist Bradley Shultz verantwoordelijk. Hij moet met gepaste afgunst hebben geluisterd naar het eindresultaat, vergeleken met het geluid van zijn eigen, niet onsuccesvolle bandje. Ja, had je A.J. Haynes maar gehad hè.
Want wat schiet ze ook zálig uit de startblokken in het gejaagde Heart Attack, dat ook al tot het beste behoort wat dit jaar is verschenen. Ook wanneer gas wordt teruggenomen op Power is het smullen geblazen. Gaat in vele eindlijstjes verschijnen in december. In die van ondergetekende bijvoorbeeld. 22 november speelt de band in Cinetol, Amsterdam. Pieter Visscher
Tijdens de laatste editie van Bospop viel het ook weer op hoe immens populair Rory Gallagher nog altijd is. Om de haverklap liep je iemand tegen het lijf met een T-shirt van de Ier. Die op 47-jarige leeftijd overleed, in 1995. Gallagher heeft wereldwijd nog een immense fanschare. Mensen die elkaar geregeld opzoeken. Gallagher leeft voort.
Prachtig is het geremasterde debuut van Gallagher dat nu is verschenen op 180 gram heavyweight vinyl. Het resultaat mag er zijn. Zo nu en dan klinkt het alsof je er bij bent wanneer je je ogen sluit. Bij Rory in de studio. Kraakheldere bluesrock, gezongen en gespeeld door een van de grootste gitaristen die de wereld heeft gekend. “The man who changed my musical life was Rory Gallagher. I picked up a guitar because of him”, vertelt een andere gitarist van bijzonder grote klasse: Johnny Marr. Brian May zegt zelfs dat hij zijn geluid te danken heeft aan Gallagher en ook U2’s The Edge is groot fan.
Gallaghers solodebuut, dat titelloos was en daarom Rory Gallagher heet in de volksmond, verscheen in 1971, nadat hij de Ierse bluesrockband Taste had verlaten. Onder meer Mitch Mitchell, bassist en drummer in The Jimi Hendrix Experience, deed auditie om in Gallaghers band te komen. Gallagher koos uiteindelijk voor twee muzikanten uit Belfast; drummer Wilgar Campbell en bassist Gerry McAvoy. Het powertrio knalde meteen uit de startblokken met een tien songs tellende klassieker – inmiddels.
Het speelplezier dat je terughoort, wordt misschien wel het best samengebald in het betrekkelijk korte (2.38) maar ook retevrolijke It’s You. Gallagher leeft zich uit op de mandoline en luisterend naar het drumwerk van Campbell weet je zeker dat hij met een lach van oor tot oor in de studio moet hebben gezeten. Gerockt wordt er uiteraard ook genoeg. Laundromat is een typische Gallagher-song, wat ook geldt voor Hands Up. Hoe vaker je luistert, des te sterker dringt de grootsheid van Gallagher weer tot je door. Neem ook zo’n I Fall Apart; wat een schoonheid. Wat een perfecte bluessong. Pieter Visscher
Hoeveel rockbands in de afgelopen 25 jaar konden wegkomen met een album met de grootste hits? Everything Hits At Once (The Best Of Spoon) is een carrièreomvattend retrospectief waar de complete mensheid van opkalefatert. Het is een vlekkeloze compilatie van hun bekendste, meest geliefde nummers, maar het zit nog steeds vol verrassingen – het enige wat je kunt verwachten van een band die een hele carrière heeft verrast met het verrassen van mensen.
“Het idee om een best-of te doen leefde al een poosje”, zegt Britt Daniel, zanger en grootste brein van de band. “Eerst wist ik niet zeker wat ik ervan vond, maar op een gegeven moment herinnerde ik me dat ik vroeger ook best-ofs kocht. Van The Cure en New Order bijvoorbeeld. Zo kwam ik zelfs in aanraking met die bands.”
Spoon leek niet de meest waarschijnlijke band om geschiedenis te schrijven. Maar ze hebben dit bereikt door te weigeren iets toe te geven aan de mode, weigeren te erkennen, weigeren zichzelf te herhalen, door zich te verzetten tegen de impuls om het veilig te spelen. Ze zijn hun eigen weg blijven gaan.
Spoon heeft een belachelijk uitgebreide catalogus opgebouwd waarover mensen urenlang ruzie kunnen maken; over hun favoriete hoogtepunten.
Hoe kwam deze complexe en diverse reeks albums op één schijf terecht? “Eerlijk gezegd, het was een strijd”, zegt Daniel. “Ik luisterde naar de oude platen en noteerde de nummers – als je het volume harder wil zetten, is dat een goed teken. De lijst is echt ingekort, dus dit zijn de beste. I Summon You was nooit een knallend nummer, niet voor de radio althans, maar het moest er wel zijn. Het is een van de beste dingen die we hebben gedaan, denk ik.”
Er zal waarschijnlijk tot het eind der tijden worden gesproken over de keuzes die Spoon maakte bij het tot stand komen van deze verzamelaar. Waarom, echt, waarom heeft The Fitted Shirt van Girls Can Tell (2001) het bijvoorbeeld niet tot de eindlijst geschopt? We pinken een traantje weg. Pieter Visscher
Het is natuurlijk ook allemaal nogal wat. Die voorspellingen van weerexpert Gerrit Hiemstra liegen er namelijk niet om een paar dagen voor aanvang van Lowlands 2019. De 27ste editie. We gaan wegspoelen. Mínstens. Lowlands moet een soort openluchtzwembad worden met alle verwachte neerslag. En dan ook nog die wind hè. Ja, ook nog die wind. Gaat de massa het überhaupt overleven? Lowlandskaartjes worden plots massaal aangeboden op verkoopsites. Het armageddon van Biddinghuizen, je kunt er nog aan ontsnappen.
De praktijk is anders. Want we weten het: geen festivalterrein met meer schuilplaatsen voor die enkele bui die valt dan dat van Lowlands. De hele vrijdag is het schitterend festivalweer. Zaterdag buiig en over de zondag mogen we niet eens klagen. De enige keer dat je misschien echt een poncho nodig hebt, is wanneer Billie Eilish in de Alpha optreedt. Een ongekend grote massa heeft zich verzameld in en buiten de tent. Afgekomen op de hype die is ontstaan rondom het 17-jarige kindsterretje, dat met Bad Guy als eerste nummer meteen haar enige troefkaart op tafel legt. Niet overdreven schrander. Een heerlijk elektrohitje, zonder meer, maar daarna verzuip je in het magere repertoire. De nieuwe Madonna? Een regelrechte gotspe. Doe ons technomaestro Paul Kalkbrenner maar, op hetzelfde podium. Wat maken die paar spetters nou uit?
The Streets doet het ook goed, in de Heineken. De Britse hiphopper heeft er meer zin in dan de laatste keer dat we hem op Lowlands zagen. The Growlers hebben de Heineken warm gemaakt voor Mike Skinner, met een portie vrolijke psychedelische rock. Niet te moeilijk, altijd gezellig. Fijn, zo halverwege de vrijdagmiddag. In diezelfde Heineken vinden we ook Ziggy Marley, die er duidelijk zin in heeft met zijn band. Vooral het repertoire van vader Bob wordt hartstochtelijk meegezongen. Onverslijtbare, tijdloze reggae. We worden er warm van.
Royal Blood
Eerste hoogtepunt van de vrijdag is meteen een enorm hoogtepunt, met Royal Blood in de Alpha. Het blijft ongekend knap hoe Mike Kerr (zang, bas) en Ben Thatcher (drums) een compleet bandgeluid neerzetten. Vaak nog voller zelfs. En zoveel goeie liedjes ook. Zo’n Figure It Out is inmiddels een klassieker op de festivalweides. De massa springt en blèrt ook mee met het opwindende Little Monster. Het is een zegetocht van een uur in de Alpha. De avond is begonnen.
The Good, The Bad and the Queen
Nadat The Good, The Bad & The Queen een niet al te volle Bravo verwennen met het repertoire van de ‘superband’ rond Damon Albarn mag ons bloedeigen De Staat de vrijdag afsluiten in de Alpha. Ze zijn de vervanger van The Prodigy dat dit jaar helaas verder moest zonder Keith Flint. De Staat opent met Prodigy’s Firestarter en dan weet je meteen weer dat je te maken hebt met de beste band van Nederland. Er komen podia uit de lucht vallen, visueel gebeuren er dingen die geen andere band voor elkaar krijgt op deze planeet en de set is een mooie greep uit het inmiddels behoorlijke repertoire van de Nijmegenaren. Er wordt door Torre Florim en consorten een nieuwe standaard neergezet. Zo dynamisch is het misschien nog nooit geweest op Lowlands. Alle klappen raak.
My Baby
The Howl & The Hum opent de India aan het begin van de zaterdagmiddag. Oorstrelende, edoch niet al te spannende indiepop van de formatie uit York die goed in de smaak valt met het eerste drankje van de dag in je hand. Écht leuk wordt het met My Baby in de Bravo. De psychedelische rock van het trio is inmiddels bijzonder opwindend. Er wordt in de songs gezocht naar climaxen die geregeld leiden tot Faithlessachtige taferelen. De Bravo barst uit z’n voegen. Cato van Dijck, haar broer Joost en Daniel de Vries hebben ook de tijd van hun leven. Heerlijke interactie tussen band en publiek. My Baby is een van de grote hoogtepunten van Lowlands 2019.
The National
Nadat de in no time groot geworden, retefunky Anderson .Paak de Alpha voor zich heeft gewonnen en The National pathetiek en weemoed in rockliedjes heeft gepropt in de Bravo is het tijd voor de absolute winnaar van Lowlands 2019: Giorgio Moroder, in de Heineken. De Italiaan, 79 inmiddels (!), heeft een band meegenomen om van te watertanden, vocalisten van het allerhoogste niveau. Want ga dat maar aanstaan, dat repertoire zingen van bijvoorbeeld discokoningin Donna Summer. Moroder schreef een ongekend aantal hits voor anderen en flink wat komen er voorbij. We noteren Flashdance… What A Feeling
van Irene Cara, evenals Take My Breath Away van Berlin en de krakers van Donna Summer (Hot Stuff, On The Radio en het meesterlijke I Feel Love). Voordat dat laatste nummer wordt ingezet krijgen we een masterclass van de Italiaan, die haarfijn uitlegt hoe de sublieme discohit is ontstaan, hoe hij speelde met bas en synthesizers. Moroder noemt het publiek in de Heineken, dat geheel uitzinnig is, het beste wat hij ooit heeft meegemaakt en je gelooft ‘m. Hij is niet van het podium te branden en geeft aan volgend jaar weer graag van de partij te willen zijn. An offer you can’t refuse!
Nog maar net bijgekomen van Moroder is het rennen naar de India, waar Johnny Marr het publiek verblijdt met solowerk, maar toch vooral met de nummers die hij schreef met Morrissey, in The Smiths. Bigmouth Strikes Again, How Soon Is Now, There Is A Light That Never Goes Out en The Headmaster Ritual zijn werkelijk niet te versmaden. Natuurlijk zijn de songs anders dan wanneer ze worden gezongen door Morrissey, maar Marr heeft een prima stem en zijn band loopt over van de klasse. Zijn eigen gitaartalent staat sowieso buiten kijf. Geweldig ook die cover van Depeche Modes I Feel You. Marr is een jongen met smaak.
Wie op tijd op het terrein is te vinden en trek heeft om mee te zingen met nummers van de groten der aarde die ons op 27-jarige leeftijd zijn ontvallen, valt met z’n neus in de boter in de Alpha, waar tijdens de 27ste editie die muzikale helden worden geëerd. The Club 27 Sing-along is het spektakel gedoopt. Zangers en zangeressen doen enkele weken van tevoren auditie om op het heilige podium van de Alpha hun kunstje te vertonen, begeleid door een geweldige band. Zo’n 10.000 bezoekers zien werk van The Rolling Stones, Amy Winehouse, Nirvana en Janis Joplin voorbij komen. De nummers worden hartstochtelijk meegezongen.
Franz FerdinandNew Order
Het is een mooie opwarmer voor de shows van James Blake en Jungle By Night op de zondag en wat te denken van Franz Ferdinand, kind aan huis inmiddels in de Alpha. Alex Kapranos en zijn Schotse vrienden spelen een set die ons verdomd bekend voorkomt en toch is er geen haan die ernaar kraait. Het is inmiddels schitterend weer. Er wordt gedanst in T-shirt en korte broek. Take me out! En dan te bedenken dat het echte hoogtepunt van de zondag nog moet komen: New Order in de Bravo. Die zit van voor tot achter vol wanneer Bernard Sumner cum suis aftrappen. Het nieuwere repertoire van de legendarische band uit Manchester is voor velen nog even wennen. Het publiek wordt uiteraard warmer van de hits, zoals de briljante klassiekers True Faith en Blue Monday. Ook werk van Joy Division blijft niet liggen. Bij Transmission slaat de vlam al in de pan en met uitsmijter Love Will Tear Us Apart is het definitief één groot feest. Her en der zie je mensen de laatste restjes energie uit het brakke lijf persen. Lowlands 2019 kan de boeken in als een van de betere festivals van de laatste 27 jaar. Dat hebben al die weergoden niet kunnen voorkomen.