Album Reviews: Albert Hammond Jr en The Jon Spencer Blues Explosion

Albert Hammond Jr - Momentary MastersAlbert Hammond Jr – Momentary Masters (Infectious / PIAS)
Na de solo albums Yours To Keep en ¿Cómo Te Llama? komt Albert Hammond Jr met zijn 3e plaat; Momentary Masters. Niet alleen deze titel maakt je nieuwsgierig, ook het profiel van de uit Los Angeles komende Albert Jr is interessant. Hij werd geboren als zoon van de singer-songwriter Albert Hammond die onder andere nummers schreef voor Tina Turner en Willie Nelson. Daarnaast kennen we Hammond Jr als gitarist van The Strokes.

Momentary Masters laat een geluid horen waarin de vibe van The Strokes zonder twijfel te horen is als een soort baseline, met name op nummers als Drunched in Crunch en Power Hungry. Albert Hammond Jr’s eigen twist en fantastische gitaarkunsten beheersen echter de nummers waarbij de cover van Bob Dylan’s Don’t Think Twice een mooie verassing is. Momenteel tourt Albert Jr nog door Noord-Amerika maar op 02 december van dit jaar staat hij in de kleine zaal van Paradiso, Amsterdam. Tekst Mania | Linda Rettenwander

LIVEDATA 30/11 Orangerie, Brussel 02/12 Paradiso, AmsterdamThe Jon Spencer Blues Explosion - Freedom TowerThe Jon Spencer Blues Explosion – Freedom Tower / No Wave Dance Party 2015  (Mom + Pop / Munich)
Met de stoere kreet Come On Fellas, We Got To Pay Respect!, trapt The Jon Spencer Blues Explosion af op het onlangs uitgebrachte album Freedom Tower / No Wave Dance Party 2015. Het klinkt misschien wat raar uit de mond van de 50-jarige Spencer, de muzikant die vrijwel nooit een blad voor de mond nam ten aanzien van… ja van alles en iedereen eigenlijk. De man die altijd een ongezouten mening klaar had over wat dan ook en bij wie je het al helemaal niet moest wagen om iets negatiefs over zijn stad te zeggen. Hoewel hij er niet eens is geboren heeft het hiervoor genoemde respect dan ook betrekking op ‘zijn’ stad, ‘zijn’ New York.

Op Freedom Tower / No Wave Dance Party 2015 pakt Spencer als een doorgedraaide stadsgids de luisteraar bij de kladden om deze door de Big Apple heen te sleuren, zowel bovengronds als ondergronds en dat is inclusief het riool met alle viezigheid die je maar kunt voorstellen. Bijna net zo smerig als de groovende mix van punk, blues, soul en funk die te horen was op zijn beste platen uit de jaren negentig zoals Acme en Orange waar zowel soul als hiphop-beats op geraffineerde wijze in het rauwe garage-punkgeluid werden geïmplanteerd.

Hoeveel albums er al aan deze vooraf zijn gegaan is in het geval van JSBX een lastige vraag, vrijwel alles wordt opgenomen en gebruiksklaar gemaakt voor bijvoorbeeld een officieel album, ep, compilatie of single B-kant, maar dat Spencer nauwelijks tijd neemt om eens rustig de aangerichte schade te overzien is duidelijk. Plotseling werd er besloten om een paar jaar gas terug te nemen maar met Meat And Bone werd de stilte in 2012 weer ouderwets lekker wreed verstoord. De tijdelijke break heeft het trio duidelijk goed gedaan, nergens is aan energie ingeboet. Ook nu schiet de JSBX weer alle kanten uit, knalt het van links naar rechts en vliegt het geregeld uit de bocht. Je zou haast van een ‘vertrouwd geluid’ kunnen spreken. Gebleven zijn ook de echootjes en distortion op zijn vocalen en uiteraard het begeleidende kabaal van gitarist Judah Bauer en drummer Russell Simins. Het goede nieuws is bovendien dat ook deze weer uiterst ‘dansbaar’ is geworden. Clubeigenaars zijn gewaarschuwd: de JSBX is terug en er is geen verzekering die de schade zal dekken. Jeroen Bakker

LIVEDATA 09/10 Muziekgieterij, Maastricht 10/10 TivoliVredenburg, Utrecht

Album Reviews: The Maccabees en Galactic

The Maccabees - Marks to Prove ItThe Maccabees – Marks To Prove It (Fiction Records)
The Maccabees, ik zag ze enkele jaren geleden groots presteren in een goedgevulde Alpha op Lowlands. Wall Of Arms, Ayla, Love You Better, Pelican en vele andere hits kwamen voorbij. ’t Was een heerlijk feestje. Speels was in 2007 debuutalbum Colour It In, waarbij Wall Of Arms twee jaar later liet zien dat de band flinke stappen had gemaakt. Datzelfde gold tevens voor de meesterlijke groeiplaat Given To The Wild uit 2012. Album nummer vier heet Marks To Prove It en trapt af met de gelijknamige, oppeppende titelsong. Straf gitaarwerk, tempoversnellingen, repetitieve drums, de herkenbare stem van Orlando Weeks: we zijn wakker. Wakker en verdwaald. Verdwaald in een grote stad vol duistere plekken. Donker, doch duizelingwekkend mooi zijn nummers als Kamakura, Ribbon Road, Spit It Out (Radiohead, iemand?) en Something Like Happiness. De grijze wolken verdwijnen derhalve zodra afsluiter Dawn Chorus begint. Koperkleurige trompetten perfectioneren een kleine veertig minuten aan geloofwaardige muziek. Prachtig album! Tekst Mania | Jelle Teitsma

LIVEDATA 22/08 Pukkelpop, Hasselt 23/08 Lowlands, Biddinghuizen

Galactic - Into the DeepGalactic – Into the Deep (Mascot Label Group)
Galactic is een funkband met een flinke live-reputatie. Sinds halverwege de jaren ’90 heeft de band aardig wat optredens gedaan, waaronder veel jamsessie, bovendien vaak vergezeld door andere artiesten. Het podium is de plaats waar deze band hoort en volledig tot leven komt. Maar dat betekent niet dat ze in de studio niet goed klinken.

Dat bewijst het collectief eens te meer op Into the Deep. Hierop hebben ze een mooi compromis gevonden tussen studio-muziek en live-ervaring. Het live-gevoel zit er op de instrumentale opener Sugar Doosie namelijk al meteen flink in. Je hoort de bandleden de titel meeneuriën op de melodie, alsof ze heerlijk aan het jammen zijn, maar bovenal geeft de openingstrack heel mooi het beeld weer van een band die staat te swingen oo het podium. Je zit meteen in het album.

Verder hebben ze gekozen om ook op het album veel gastartiesten te laten meedoen. Dit varieert van grote namen als Macy Gray en Mavis Staples (Staple Singers) tot grote onbekenden als Ms. Charm Taylor en Brushy One String. Dit zorgt voor aangename variatie. Het gevaar ligt op de loer dat het wat rommelig wordt, maar het knappe is dat de band continu zijn stempel op de nummers weet te drukken waardoor het toch als een eenheid klinkt.

Into the Deep bevat niet alleen swingende funk. Het titelnummer en Does It Really Make a Difference zijn twee soulballads en daarmee rustpuntjes, evenals de Booker T. & the M.G.’s-achtige afsluiter. Het grootste gedeelte draait echter wel om groove en is heerlijk dansbaar. Na twintig jaar op de bühne is de band zeer ervaren en heel goed op elkaar ingespeeld, en dat hoor je terug. Dit album is puur vakmanschap, maar wel vakmanschap mét bezieling. Deze mannen houden van funk, spelen al twintig jaar de daken eraf, en die passie stoppen ze ook in hun studiowerk. Natuurlijk: het is niet bepaald vernieuwend, het album had zo veertig jaar oud kunnen zijn, maar wie Uptown Funk al een leuke terugblik op de seventies vond, kan hier geen buil aan vallen. Arnout de Vries

Album Reviews: Joss Stone en Warren Haynes

Joss Stone - Water for Your SoulJoss Stone – Water For Your Soul (Stone’d Records/Suburban)
Joss Stone was nog maar zestien jaar oud toen ze haar debuutalbum Soul Sessions uitbracht. De Britse zangeres baarde opzien met haar volwassen vertolkingen van, niet de meest voor de hand liggende covers uit de jaren zestig en zeventig. Publiek en media waren het er unaniem over eens dat dit eigenwijze meisje nog wel eens veel meer in haar mars kon hebben. Dat bleek te kloppen en er volgden al spoedig Brit Awards en Grammy-nominaties. Nog geen zes jaar later en enkele million-sellers verder, besloot ze om het contract met haar platenmaatschappij te verbreken. Na over de hele wereld aan allerlei muzikale culturen geroken te hebben, voelde ze zich beperkt in haar artistieke vrijheid, iets wat ze terugvond in SuperHeavy, een door Dave A. Stewart opgericht project waarvan ook de indiase muzikant A.R. Rahman, Damian Marley en een andere Stone, namelijk Mick Jagger, deel uitmaakten. Deze samenwerking van Stewart en Jagger was gebaseerd op hun liefde voor zowel reggae als Indiase muziek. Hoewel dit eenmalige project op prima recensies kon rekenen bleef commercieel succes uit maar voor Stone was haar doel bereikt en haar ‘muzikale horizon eindelijk verbreed’.

Inmiddels heeft de 28-jarige Stone haar eigen platenmaatschappij opgericht en is Water For Your Soul, haar zevende album in eigen beheer uitgebracht. Juist de toenmalige samenwerking met de zoon van die reggae-legende blijkt nu van doorslaggevende betekenis te zijn geweest en daarnaast zijn er nog diverse andere ‘wereldse’ geluiden zoals Afrikaanse percussie of Indiase snaren aan toegevoegd.

De angst dat de zangeres zich van haar fans vervreemd ligt met al die invloeden uiteraard op de loer maar Stone is er in geslaagd om desondanks een juiste balans hierin te vinden en een toch zeer toegankelijk album, en een logisch vervolg op SuperHeavy, te produceren. Samenvattend kunnen we stellen dat de soulvolle pop is gebleven maar dat het alleen wat meer laid-back is geworden. Water For Your Soul is bovendien zeer geschikt voor het publiek dat na beluistering van Star meent zich heel erg open te stellen voor niet-westerse invloeden. Zeg maar: fris fruitige muziek voor tijdens de barbecue op een broeierige avond met een Radler in de hand om vervolgens de hele tijd maar keihard te beweren dat er toch echt La Chouffe in het glas zit. Jeroen BakkerWarren Haynes featuring Railroad Earth - Ashes & DustWarren Haynes featuring Railroad Earth – Ashes & Dust (Provogue)
Ashes & Dust klinkt als het debuut van een jonge, frisse muzikant. Het is echter de derde soloschijf van een gitarist die al vanaf 1995 in studio’s is te vinden. Warren Haynes is bandleider van Gov’t Mule, de groep die het coveren van groepen als Pink Floyd en The Rolling Stones tot kunst(je) verheft. In The Dead neemt Haynes de plek in van de overleden Jerry Garcia en heeft daarmee The Grateful Dead nieuw leven in geblazen. Haynes is als gitarist van vele markten thuis en als componist passen hem meerdere maatpakken.

Live At Bonnaroo was in 2004 de laatste release onder zijn eigen naam. De afgelopen jaren verzamelde Haynes nummers, die niet bij zijn andere projecten pasten. Ashes & Dust is het huis wat de Amerikaan voor deze nummers bouwde. Het is een huis geworden dat door diverse muzikanten is opgetrokken. Bassist Oteil Burbridge nam wat tijd vrijaf van The Allman Brothers, Grace Potter zingt mee in Gold Dust Woman en de groep Railroad Earth bracht de Americana sfeer mee naar de studio.

Solo blijkt Warren Haynes vooral gegrepen te worden door americana. Hij verzamelde kwaliteit en niet zo zeer routine om de nummers in diverse studio’s op te nemen. Nummers als Is It Me Or You en Blue Maiden´s Tale laten een fris geluid horen. Nergens klinken de muzikanten routineus, steeds klinken de nummers alsof tijdens de eerste opname het nummer op de juiste manier werd vastgelegd. Ashes & Dust is een feest voor de oren van de luisteraar, die in de beschutting van de eigen huiskamer muziek wil beluisteren die telkens verrast. Jaks Schuit

LIVEDATUM 19/11 North Sea Jazz Club, Amsterdam

Album Reviews: C Duncan en The Van Jets

The Van Jets - Welcome to Strange ParadiseThe Van Jets – Welcome to Strange Paradise (Sony Music)
‘Welcome to strange paradise, do believe your eyes!’ Op deze krachtige wijze trekken de Vlamingen van The Van Jets je in hun album. Een album over het paradijs dat onze aarde is, maar dat wij (lees: de mensheid) vreemd genoeg wel kapot maken. ‘The party’s never over’, vervolgen ze. We maken er ons eigen feestje van, en daar lijkt geen einde aan te komen. Een geëngageerd album dus, en een dergelijk statement moet natuurlijk op een krachtige manier gebracht worden. Daar blijken The Van Jets prima toe in staat.

De band brak door toen ze in 2004 Humo’s Rock Rally wonnen, een belangrijke Vlaamse bandwedstrijd. Dit deden ze met een mengeling van glamrock en garagerock, behoorlijk beïnvloed door de glamperiode van David Bowie. Nu, tien jaar later, heeft de band een eigen geluid gevonden. Ze zijn meer synthesizers gaan gebruiken, de zang klinkt zelfverzekerder, de band speelt ontzettend strak, en de composities zijn sterk en onderscheidend. Het moge duidelijk zijn: de mannen zijn enorm gegroeid.

Wellicht heeft het maatschappelijke thema vuur in de band opgelaaid, want Welcome to Strange Paradise staat vol met krachtige rocksongs. De gitaren hebben weliswaar wat plaatsgemaakt voor keyboards, maar elk nummer knalt vol overtuiging uit je speakers. De ritmesectie zorgt voor een aangename vaart in de muziek, de refreinen pakken je keer op keer bij de lurven, en met de accenten van de keyboards weten de mannen aangename variatie aan te brengen in de muziek. Zo klinkt Twelve Note Scale onheilspellend, met overstuurde synths, terwijl Pink and Blue juist een heel lief liedje is (‘all your little moves are moving me’).

The Van Jets bewijzen met hun vierde album eens te meer dat ze tot de top van de Vlaamse rockscene horen. En die scene is al niet verkeerd. Arnout de Vries

LIVEDATA 01/08 Suikerrock, Tienen 08/08 Lokerse Feesten, Lokeren 15/08 Feest in het Park, Oudenaarde 19/08 Pukkelpop, Kiewit 24/10 Patronaat, Haarlem 27/10 Het Depot, Leuven 12/11 Handelsbeurs, GentC Duncan - ArchitectC. Duncan – Architect (Fat Cat / de Konkurrent)
De 25-jarige Christopher Duncan uit Glasgow is de zoon van twee klassieke muzikanten en rondde zelf ook een opleiding af aan het daar gevestigde Royal Conservatoire of Scotland. Hoewel zijn debuutalbum een echte (indie)popplaat is, klinken zijn klassieke wortels sterk door in de vocale arrangementen die vaak koraal aandoen. Dit overigens zonder dat er een koor meewerkte aan Architect, want Duncan maakte deze bijzondere plaat helemaal in zijn eentje in zijn slaapkamer en nam dus hij ook de kenmerkende meerstemmige zang volledig zelf voor zijn rekening. Naast zijn klassieke achtergrond haalde Duncan zijn inspiratie vooral uit de muziek van eigenzinnige artiesten als Sufjan Stevens, Ben Christophers, Grizzly Bear en de Beach Boys. Akoestische instrumenten en moderne technologie gaan op Architect hand in hand en het resultaat is een wonderlijke plaat vol pastorale folk en barokke pop, rijkelijk overgoten met een melancholiek en dromerig sausje. Architect klinkt daarmee zowel helemaal 2015 als niet helemaal van deze wereld. Ideaal voor zowel lome zomermiddagen als donkere winteravonden. Tekst Mania | Marco van Ravenhorst

Album Reviews: Tess Parks and Anton Newcombe en Jeanne Added

Tess ParksTess Parks and Anton Newcombe – I Declare Nothing (A Recordings / Suburban Records)
Zij deed ooit iets met fotografie en was bevriend met de Dandy Warhols. Hem ken je heel misschien van het psychedelische collectief Brian Jonestown Massacre uit San Francisco. Tess Parks en Anton Newcombe werden door Alan McGee met elkaar in contact gebracht nadat Parks al eerder haar debuutalbum Blood Hot op het platenlabel van McGee mocht uitbrengen. Nu is er dan I Declare Nothing, het resultaat van een bijzondere samenwerking die duidelijk verder is gegaan dan slechts samen liedjes schrijven en ze vervolgens opnemen. I Declare Nothing is een behoorlijk psychedelische gebeurtenis geworden waarin de zweverig klinkende, en van galm voorzien, maar rauwe vocalen van Parks leunen op een fascinerend klinkende gitaarmuur, bestaande uit lo-fi fuzz en melodieuze rock van Newcombe. Hoewel momenteel veel talentvolle jonge artiesten zich vergrijpen aan de late jaren zestig wordt vrijwel nergens een soortgelijke vibe gecreëerd zoals die hier is vastgelegd.

Newcombe heeft heel goed nagedacht over de muzikale aankleding. Wie benieuwd is naar hoe Jefferson Airplane en Velvet Underground het er tegenwoordig in een gefuseerd verband zouden afbrengen krijgt bij beluistering van deze opnamen een prima indicatie. Zo is er het broeierige October 2nd waarin zwaar weer dreigt of het geladen Cocaine Cat waarin Parks bijna op hypnotiserende wijze de luisteraar vastgrijpt terwijl op de achtergrond een mellotron in combinatie met akoestische gitaar voor een natuurlijke trance zorgen.

Weerstand bieden heeft geen enkele zin. Geef je over aan deze 40-minuten durende trip en zweef mee op de dromerige klanktapijten die hier zijn uitgerold. Prachtplaat! Jeroen Bakker

LIVEDATA 23/07 Paradiso, Amsterdam 18/09 Incubate, Tilburg

Jeanne Added - Be SensationalJeanne Added – Be Sensational (PIAS)
De duistere synths waar Be Sensational mee opent voorspellen al niet veel goeds, en zodra Jeanne Added (spreek uit: addèd, het betreft namelijk een Franse zangeres) begint te declameren dat er een oorlog komt, is het duidelijk: dit wordt geen luchtig album. De hoes gaf het ook wel een beetje weg; die straalt jaren ’80 post-punk uit, en had zo van Anne Clark kunnen zijn.

Muzikaal gezien heeft het daar ook wel raakvlakken mee, maar het is vooral de sfeer die overeen komt. Ook de elektronische invloeden doen denken aan begin jaren ’80, het zou zomaar kunnen dat ze dezelfde synthesizers gebruikt als de bandjes van toen. Zo doet de intro van Miss It All denken aan Maid of Orleans van Orchestral Manoeuvres in the Dark.

Toch is Be Sensational, zoals de titel al doet vermoeden, niet een en al zwartgalligheid. De grimmige sfeer wordt afgewisseld met een paar mooie ballads (Look at Them) en zelfs dansbare synthpop à la Chvrches (Back to Summer). Added is echter op haar best als het diepst in de krochten van haar ziel tast, zoals op het aangrijpende Lydia. Daarin zingt ze over haar liefde voor iemand die haar tegelijkertijd kapot maakt. Een situatie die haar in tweeën scheurt, wat ze op sterke wijze uit in de muziek.

Be Sensational is een spannend debuut, dat weliswaar behoorlijk eighties klinkt, maar prima kan aansluiten bij de vele synthpopbands van tegenwoordig, die daar ook op teruggrijpen. Arnout de Vries

LIVEDATUM 18/12 Botanique, Brussel

Album Reviews: Jason Isbell en Weird Owl

Jason Isbell - Something More Than FreeJason Isbell – Something More Than Free (Southeastern Records / Bertus Distribution)
De voormalig bandmember van Drive-by Truckers, Jason Isbell komt met zijn vijfde studio-album Something More Than Free. Het album, geproduceerd door Dave Cobb die onder andere samenwerkt met Sturgill Simpson, telt elf tracks die een krachtige combinatie zijn van Isbell’s Alabamaanse roots en zijn kunst voor tekstschrijven. Hoewel zijn vorige album Southeastern een wat meer rauwe klank ten gehore bracht dat reflecteerde op thema’s als het vinden van liefde en het afsluiten van verslaving, zo is dit een album wat naar eigen zeggen zijn huidige state of being representeert. De nummers zijn niet zo scherp, maar milder, meer rond. Het lijkt erop dat met het beluisteren van elk nummer je een stap dichterbij Isbell’s inner core kunt komen. Southeastern heeft ervoor kunnen zorgen dat Something More Than Free ons aan de mildere en misschien wel meer pure Jason Isbell introduceert waardoor je de repeat knop automatisch indrukt. Tekst Mania | Linda Rettenwander

LIVEDATA 15/01/2016 Paradiso, Amsterdam 16/01/2016 Botanique, Brussel

Weird Owl - Interstellar SkeletalWeird Owl – Interstellar Skeletal (‘a’ Recordings / Suburban Records)
Wat waren we blij toen Tame Impala’s fenomenale debuut in 2010 het startsein bleek te zijn van een ware psychedelische revival. Want na die jarenlang durende britpop-hype, wilden we wel eens ouderwets wegdromen. Even snel als het begon, zo snel begon het ook te vervelen. Al die bandjes deze simpelgezegd hetzelfde: Galm, 60’s koortjes, mellotron. We wisten het wel weer.

En dan is daar Interstellar Skeletal, de derde schijf van het New Yorkse Weird Owl, en besef je dat het nog kan: psychedelische rock die niet retro klinkt. Een verademing. Wat zeggen we: een zegen. Interstellar Skeletal is verrassend, intens en meeslepend. Thema’s worden lang uitgesponnen, maar toch weten ze je in elke song wel een keer op het verkeerde been te zetten Vervelen doet het dan ook nooit. Zeker omdat we echt de meest uiteenlopende invloeden terug horen. Van de geijkte psychedelische grondleggers tot jaren 80-wave en stonerrock. Zelfs herinneringen aan Smashing Pumpkins en Kurt Vile doemen op. Dit is psychedelische rock zoals psychedelisch rock hoort te klinken. Milo Lambers

Album Reviews: Tame Impala en Passion Pit

TAME IMPALA - CURRENTSTame Impala – Currents (Caroline / Universal Music)
Discopsych? Currents, het derde album van Tame Impala, lijkt een stevige stijlbreuk met de geprezen voorgangers Lonerism en Innerspeaker. Weg zijn de gitaren, weg is de psychedelische spacerock die Kevin Parker thuis in het Australische Perth in elkaar knutselde. Het heerlijk funkende Daffodils dat vorig jaar op Uptown Special van Mark Ronson verscheen, lijkt prima thuis te horen op Currents.

“Cause I’m a man, woman. Not often proud of what I choose. I’m a human, woman. A greater force I answer to”, knipoogt Parker schaamteloos in de single Cause I’m A Man. “Someone said they left together. I ran out the door to get her. She was holding hands with Trevor. Not the greatest moment ever”, swingt het kitscherig in The Less I Know The Better. En is Past Life geen soort Daft Punk-robotprobeersel?

Wat aanvankelijk overkomt als een vercommercialisering van het geluid van Tame Impala, dat blijkt na paar luisterbeurten een razend knappe verdieping te zijn. Inderdaad, Currents funkt veel meer dan de voorgaande twee albums. Bij vlagen is het ook heel erg ambient. Maar wie de oren na een aantal danspasjes spitst, hoort de herkenbare sound van Parker terug. De gitaren zijn er wel degelijk, hoewel ze zijn verstopt en vaak ook zwaar zijn vervormd door synthesizers.

Zo begint The Moment als een luchtig dansliedje, maar verandert het gaandeweg in een duistere psychtrack. Reality In Motion gaat met vette draaiende bassen onder een heerlijke melodie over grenzen van een muzikaal universum heen; op de manier zoals ze bij de NASA na een reistijd van bijna 10 jaar eindelijk eens scherpe foto’s van Pluto maakten. Afsluiter New Person, Same Old Mistakes combineert die luchtigheid zelfs met die eindeloze ruimtereis: tot ziens Pluto, wat is er nog meer? Tekst Mania | Ruben Eg

LIVEDATA 22/08 Pukkelpop, Hasselt 23/08 Lowlands, Biddinghuizen

Passion Pit - KindredPassion Pit – Kindred (Columbia/Sony Music)
Passion Pit begon als een liefdesbetuiging aan de toenmalige vriendin van zanger Michael Angelakos. Als een valentijnscadeau had hij een aantal liedjes voor haar geschreven, die uiteindelijk de debuut-EP van Passion Pit werden. Daarna volgde een succesvolle carrière als synthpopband, met singles als Sleepyhead en Take a Walk. Nu, zeven jaar later, is het tijd voor het derde album, en ook deze keer is het een liefdesbetuiging, al heeft hij in de tussentijd een andere relatie gekregen. Angelakos is door een duistere periode in zijn leven gegaan, onder andere door zijn bipolaire stoornis, en omdat hij zoveel steun van zijn vrouw had, is het nieuwe album, Kindred, opgedragen aan haar. De titel duidt ook op de nauwe verwantschap die hij met haar voelt.

Dat hij door een moeilijke periode is gegaan, is aan de muziek niet af te horen. Evenals de voorgaande albums klinkt Kindred ontzettend luchtig en opgewekt. Passion Pit maakt dan ook popmuziek pur sang. Liedjes van drie à vier minuten, vol met sterke melodieën en pakkende refreinen. Maar let wel: dat betekent niet dat het maar oppervlakkige hitparademuziek is. Passion Pit laveert juist heel knap tussen de glazuurafbrekende kitsch van Mika en de ingenieuze popliedjes van Death Cab for Cutie.

Dat ingenieuze zit hem vooral in de arrangementen. Zo begint Whole Life Story met wat geruis en een melancholische piano, om vervolgens perfect aangevuld te worden door bijpassende elektronische bliepjes en een voorzichtige beat, en uiteindelijk in het refrein helemaal open te barsten. Hier is het vakmanschap van Angelakos in te horen; elk element lijkt de andere elementen te versterken, en de composities worden heel slim op- en afgebouwd, zonder dat het afdoet aan de speelsheid en frisheid. Het is alsof een jong kind een keyboard heeft gevonden, en zich er helemaal op uitleeft, maar tegelijkertijd wél weet wat ie doet.

Het resultaat? Een album dat op het eerste gehoor aandoet als zomerse electro-pop met een cheesy randje, maar waar na vaker beluisteren een hoop in te ontdekken valt. Bovendien zijn de liedjes ontzettend pakkend, zonder dat het té catchy wordt, en weten ook de teksten te boeien. Die gaan voornamelijk over de liefde voor zijn vrouw, en de leuke en minder leuke aspecten van hun relatie. Zo bezingt hij in Lifted Up (1985) het geboortejaar van zijn vrouw, maar blijkt in Five Foot Ten dat het niet altijd rozengeur en manenschijn was: ‘I remember moments as if set in stone / I can see you yelling and you throwing rings at me’.

Een album waar over élk geluidje is nagedacht, maar waar elk geluidje ook daadwerkelijk op zijn plek valt. Je vraagt je af waarom Passion Pit de hitlijsten nog niet heeft bestormd… Arnout de Vries

Album Reviews: Chemical Brothers en Fist City

The Chemical Brothers - Born in the EchoesChemical Brothers – Born In The Echoes (Virgin EMI)
Born In The Echoes
is het achtste studioalbum van Chemical Brothers. Vijf jaar na Further waarin het geluid minder toegankelijk was én er geen gebruik werd gemaakt van gasten, kiezen Tom Rowlands en Ed Simons nu weer voor het beproefde recept.

Robotic Funk, futuristische freakbeat, euforische spiritual acid noemen ze het zelf en het klinkt inderdaad als de meest geestverruimende plaat die de heren maakten. Gastbijdrages zijn er deze keer van Beck in het nummer Wide Open en verder horen we St. Vincent en Cate Le Bon voorbijkomen. Rapper Q-Tip is te horen op de single Go die werd voorzien van een fraaie clip geregisseerd door Michel Gondry. Tekst Mania | Bert Dijkman

LIVEDATUM 22/08 Lowlands, BiddinghuizenFist City - Everything Is a MessFist City – Everyhing Is A Mess (Transgressive/PIAS)
2014 was een belangrijk jaar voor dit viertal uit Southern Alberta. Debuut It’s 1983 Grow Up! werd met een betere distributiedeal opnieuw uitgebracht en in de studio van Steve Albini werden opnames gemaakt voor opvolger Everything Is A Mess. Producer Ben Greenberg, bekend van zijn werk met The Men en Hubble, nam plaats achter de knoppen.

Fist City kwam met maar liefst zeventien nummers tevoorschijn. Bij zeventien nummers moet de luisteraar een onbeduidend intro van bijna twintig seconden en vijf ‘interludes’ voor lief nemen. Het zijn zes wat onduidelijke nummers. Zouden het prachtige soundscapes zijn, tapijten van geluid waarbij de muzikant de gedachten van de luisteraar bestuurt ter afwisseling van de indierock garagenummers, zouden de nummers beter verteerbaar zijn. Het zijn nu meer muziekmatjes met onduidelijke geluiden.

De overige elf nummers zijn zeer de moeite waard. Fist City plukt teksten uit het dagelijks leven en schopt daarbij met groot plezier tegen bestaande autoriteiten. Fuck Cop, Lets Rip en Losers Never Die zijn titels die niets te raden over laten. Het viertal speelt indierock, die klinkt als de beste garagemuziek uit de vorige én deze eeuw. Everything Is A Mess klinkt geen moment geforceerd vernieuwend. Na de eerste luisterbeurt is de muziek bekend en groeit daarna alleen maar.

Fist City neemt plaats in een lange rij van groepen. The Wipers en Sonic Youth zijn helden voor het viertal. Filmregisseur John Waters is een belangrijke visuele inspiratiebron. In de clips van de groep gebeurt genoeg om de oren en de ogen de kost te geven. Everything Is A Mess is het schoolvoorbeeld van een plaat die het motto niet lullen maar poetsen verdient. Eind oktober is de groep in verschillende steden in Nederland te bewonderen. Check de speelagenda van Fist City. Jaks Schuit

LIVEDATA 20/10 Autumn Falls Festival, Brussels (B) 21/10 De Kreun, Kortrijk (B) 22/10 ACU, Utrecht 23/10 V11, Rotterdam 24/10 Let’s Get Lost Festival, Zwolle 24/10 Vera Groningen, Netherlands
All dates with Girl Band

Album Reviews: The London Souls en Seasick Steve

The London Souls - Here Come the GirlsThe London Souls – Here Come The Girls (Feel Records/Round Hill Records/NEWS)
Plotseling stonden ze daar aangekondigd tussen allerlei interessante en soms zelfs ook grote namen die dit jaar op het Bospop Festival te zien zullen zijn. The London Souls, een duo dat, in tegenstelling tot wat de naam doet vermoeden, uit New York City afkomstig is en zich ook nog eens met allerlei muzikale stijlen, behalve soul, bezighoudt.

Met Here Come The Girls heeft deze ‘Brooklyn Invasion’ pas het tweede album afgeleverd in zeven jaar maar het heeft ze dan ook niet bepaald meegezeten. Zo was er ooit eens een bassist die er op een cruciaal moment plots de brui aan gaf maar op het moment dat de overgebleven twee echt dachten dat ze het voor elkaar hadden raakte de ene helft op de intensive care na een verschrikkelijk auto-ongeluk. Omdat de opnames voor dit album naar ieders volle tevredenheid waren afgerond en het herstel van Tash, de guitarist/leadzanger van de band, zeer voorspoedig verliep, werd besloten om de releasedatum uit te stellen en vervolgens de draad weer op te pakken. Die draad is inmiddels opgepakt en, naar verluidt, sterker dan tevoren worden diverse podia in Europa momenteel platgespeeld.

Op Here Come The Girls worden de fijnste elementen uit de meest smerige rock en blues vermengd en zowel subtiel akoestisch als zwaar versterkt toegepast. Neem daarbij de vocale harmonieuze hoogstandjes in combinatie met de sterke eigengemaakte liedjes en een vergelijking met de prille beginjaren van The Beatles is snel gemaakt. Zie hier dan toch een Brits linkje. De geoefende luisteraar zal echter tussen al het kabaal de voorliefde voor de hiphop en oudere jazz terughoren. Iets waarmee de diversiteit van deze rasmuzikanten nog maar eens wordt benadrukt. Desondanks zijn deze London Souls er prima in geslaagd om een heel toegankelijk maar eigengereid geluid te produceren zonder zich te vergalopperen en te vervreemden van de luisteraar. Jeroen BakkerSeasick Steve - Sonic Soul SurferSeasick Steve – Sonic Soul Surfer (Dead Skunk Records / Caroline Records)
Op Lowlands 2011 beleefde Seasick Steve zijn magische live moment in Nederland. Hij kreeg een heldenonthaal en was een flinke hype in de maanden na het festival. Die storm is weer gaan liggen, de mensen die toen plots nieuwsgierig naar hem waren geworden zijn al lang op andere artiesten overgeschakeld. Maar Seasick Steve is anno 2015 helemaal zichzelf gebleven.

De manier hoe hij er bij zit op z’n albumhoes is al treffend: relaxed zittend in een stoel met de zon op zijn hoofd vak voor een klassieke bolide met een surfplank op het dak. Draai je het hoesje om en dan zien we de muzikant surfend op een tractor staan. Geweldig zo’n man die helemaal zichzelf kan zijn. Hij is zichtbaar hin zijn element met zijn andere grote passie: auto’s.

Nu wil een plaat van een artiest die helemaal doet waar ie zelf zin in heeft nog wel eens scherpte missen. Maar in de valkuil trapt Seasick Steve niet, Sonic Soul Surfer (alliteratie is zijn beste vriend: 5 woorden die beginnen met een S op de hoes) is een heerlijke stevige plaat die het vooral goed doet op een bloedhete dag terwijl je met een biertje in je tuin of op je balkon zit. Summertime Boy is een absolute alternatieve zomerhit en We Be Moving is zowaar ’s mans mooiste pareltje uit zijn carrière, schitterend gezongen ook.

De successupporters van Seasick Steve zijn dan wel vertrokken, maar trouwe fans weten wel beter: op Sonic Soul Surfer is Seasick Steve in bloedvorm. Thomas Spiekerman

LIVEDATA 10/09 Effenaar, Eindhoven (Uitverkocht) 11/09 Schouwburg, Rotterdam (Uitverkocht) 13/09 Oosterpoort, Groningen 15/09 Paradiso, Amsterdam (Uitverkocht) 16/09 TivoliVredenburg, Utrecht 18/09 Doornroosje, Nijmegen

Album Reviews: Heyrocco en A Place To Bury Strangers

heyrocco teenage movie soundtrackHeyrocco – Teenage Movie Soundtrack (Vital Music)
The Cure en Nada Surf , vroege The Strokes overgoten met een flinke scheut Broken Social Scene! Journalisten putten zich uit in het noemen van invloeden bij het recenseren van Teenage Movie Soundtrack, het debuut van Heyrocco. In een volgende zin worden de groepen genoemd waar het Amerikaanse trio het podium mee deelde. Namen als Surfer Blood, Mutemath en Miniature Tigers krijgen dan een plek in de recensie. Nathan Jake Merli. Chris Cool en Tanner Cooper lijken het de schrijvende pers niet gemakkelijk te maken. En ook in deze recensie zijn de eerste vier regels voor etiketten en is er nog weinig gezegd over Teenage Movie Soundtrack.

Het debuut van het trio uit Charleston, USA is alles wat de titel beloofd. Heyrocco speelt powerpop met invloeden uit de garagerock. In tien nummers staan bekende thema’s voor de jeugdige fans centraal. Feestjes, de eerste keer, onzekerheid over relaties, kleding, dansen en muziek komen aan bod in de teksten. In openingsnummer Loser Denial schreeuwt Merli de frustratie van zich af. ‘I almost hate everyone. I find it hard to still have fun.’ Melt is daarna een nummer over auto’s en naar een feestje rijden. Tekstregels over zin hebben in een avond met uptempo poprock, vrienden en de besognes van alledag in de vierwieler achterlaten. In drie minuten is er een autorit, het feest, de ontmoeting met vrienden en pompende muziek. Singel Virgin is daarna een ruim drie minuten durende geheide hit. De pen waarmee het nummer is geschreven is diep in de Seattle grunge gedoopt. Niets mis met invloeden als het een opwindend nummer oplevert, is de enige en juiste conclusie.

Heyrocco schuift daarna per nummer dichter naar het midden van de muzikale weg. Het trio verlaat de garage en schurkt met nummers als Jake Miller’s House Party en Santa Fe (Stupid Lovesong) tegen de commercie aan. Happy is de afsluiter en met zes minuten het langste en minst imponerende nummer van dit debuut. ‘I only want to make you happy. If I can not have you back,’ kweelt Merli. Happy bewijst dat Heyrocco vooral in de garage moet blijven componeren.

Teenage Movie Soundtrack knipoogt naar een jong publiek. Heyrocco lijkt de zalen vol te willen trekken met tieners die inderdaad op weg gaan naar een concert en de sores van de dag achter zich willen laten. Dit debuut klinkt echter net iets te lekker om te worden weggezet als een gemakkelijk klinkende, commerciële productie. Heyrocco zou met Virgin zomaar een grote zomerhit kunnen scoren! De tien nummers laten vooral horen dat het trio de keuze tussen kwalitatief hoogstaande punkrock en commercieel klinkende powerpop nog niet heeft gemaakt. Teenage Movie Soundtrack herbergt kwaliteit maar te weinig keuze. Jaks SchuitA Place To Bury Strangers - TransfixationA Place To Bury Strangers – Transfixation (Dead Oceans/de Konkurrent)
Gezapig; ik had niet gedacht dat ik die term ooit in verband zou brengen met een album van A Place To Bury Strangers. Want als er een band de laatste jaren zowel live als op plaat garant stond voor opwinding was het New York’s Loudest Band wel. Het duistere, beklemmende en woeste Exploding Head – een betere titel hadden wij ook niet kunnen bedenken – mag slechts zes jaar na de release al een klassieker worden genoemd. Maar waar de melodieën destijds zorgvuldig verstopt zaten achter een muur van noise en effecten is het op dit vijfde album eerder andersom.

Meer dan ooit draait om de liedjes. En juist de composities zijn niet allemaal even sterk. Opener Supermaster klinkt nog lekker dreigend, maar songs als Straight en What We Don’t See kabbelen haast onopgemerkt aan je voorbij. Voorheen klonken de New Yorkers als een supersonische en losgeslagen versie van Jesus & The Mary Chain, nu is het haast een saaie kopie. Pas naar het einde toe geeft opperhoofd Oliver Ackermann, ook effectenbouwer van grote meneren als The Edge en Trent Reznor, zijn apparatuur eens genadeloos op z’n flikker. En ja, dan is het wel weer ouderwets genieten. We geven het sympathieke trio dan ook het voordeel van de twijfel. In de hoop dat het staartje van deze plaat de kop van de volgende is. Milo Lambers

LIVEDATA 16/07 Dour Festival, Dour (B)