Slothrust – Cranium 

Qua klank niet echt een aantrekkelijke naam dat Slothtrust. Vertalen helpt niet echt, sloth betekent luiaard en rust roest. Nu doet een luiaard heel veel of heel weinig eigenlijk maar roesten doet het beest niet. Wel bewegen sommige soorten zo traag dat er mos groeit in hun vacht. Maar genoeg taalkunde en biologie, terug naar de muziek.

Slothrust is niet nieuw, de band bestaat al een jaar of tien en heeft vier albums op voorraad. In 2018 hebben we Double Down van ze gedraaid, een nummer van het nog steeds laatste album van het trio uit Boston. Slothrust is zo’n band die eigenlijk geen band is, maar een verkapt soloproject. Baas van het stel is Leah Wellbaum. Zij schrijft, zingt en speelt gitaar. De carrière van Slothrust zit in de lift, hun meest recente album deed het aanmerkelijk beter dan de voorgangers. Dat is waarschijnlijk ook de reden dat ze drie jaar aan de opvolger hebben gewerkt. Dat en corona. Veel bekend over het nieuwe album is er nog niet, maar er is een nieuwe single. Dat houdt meestal in dat een nieuw album niet zo lang meer op zich zal laten wachten.

Leah’s Slothrust is een gitaarband van vrij klassieke signatuur, beetje grungy en niet zuinig met solo’s. Het sierlijk rockende Cranium – (kaakloze)schedel betekent dat- duurt een kleine vijf minuten, de eerste helft zingt Leah, in de tweede laat ze haar gitaar spreken. En hoe!

ISLAND – Octopus

ISLAND is een zeer veelbelovende indie-band uit Londen en wel hierom. De band maakt subtiele gitaarliedjes waar geen gram vet aan zit. ISLAND bracht in 2018 een eerste album uit en werkt nu hopelijk aan een opvolger.

Nieuwe single Octopus bevestigt wat we al wisten, dat van die subtiele gitaarliedjes en suggereert dat de band in ronde twee het predikaat veelbelovend gaat vervangen door uitstekend of succesvol of iets in die trant. Eigenlijk heeft de band al redelijk wat succes, de ook door ons gedraaide single The Day I Die schuift richting 10 miljoen plays op Spotify.

Octopus is krap twee en halve minuut, maar heeft alles wat een indie-hit moet hebben, melodie, sound en karakter. Pre-corona stond ISLAND te boek als een van de beste nieuwe live bands van Londen en omstreken. Het laatste woord over de band is dan ook nog niet gevallen.

Ava De Bara – Fame

Als je Fame hoort, de debuutsingle van Ava De Bara weet je dat dit niet het werk van een debutante kan zijn. Daar is het nummer gewoon te goed voor. Van de transcendentale promopraat op de socials wordt je niet veel wijzer, dus is enig googelen geboden.

Zo ontdekten we dat de zo mooi zwoel zingende zangeres Wynnm Murphy heet en nog niet zo heel lang geleden ter wereld kwam ergens in de Amerikaanse woestijnstaat Arizona. Ze woont en werkt alweer een tijd in Amsterdam. En Wynnm is inderdaad geen beginneling. Onder eigen voornaam heeft ze al een flink aantal redelijk succesvolle singles uitgebracht. 

Haar solocarrière is even op een laag pitje gezet nu ze in Marc Graveland en Mario Davidson twee vrij ideale partners heeft gevonden. Helaas hebben we over hen niet veel kunnen vinden. Mario zou de fotograaf en muziekliefhebber kunnen zijn die muziekproducties verzorgt voor modeshows. De naam van co-componist Marc Graveland brengt vooral veel info naar boven over Marc’s uit het gelijknamige dorpje nabij Hilversum. Nergens zie je hun namen in dezelfde zin als die van Wynnm. Behalve dan bij de credits op Spotify.

Hopelijk gaat het trio, dat tekent voor het introverte, zacht swingende Fame (Norah Jones x Air) een samenwerkingsverband aan voor langere tijd. Dan leren we ze vanzelf beter kennen.  

The Weather Station – Parking Lot

Het regent momenteel sterren in het leven van The Weather Station. Er is dit jaar nog geen album uitgekomen dat zo unaniem lovend is ontvangen als ‘Ignorence’, het vijfde album van The Weather Station a.k.a. Tamara Lindeman uit Toronto, Canada. Men prijst haar stem, haar songs, de arrangementen, maar vooral haar teksten. ‘Ignorence’ is een ‘break-up’ album. Het knappe en bijzondere is dat de gefnuikte liefde die Tamara bezingt een half verborgen metafoor is voor de verwoestende manier waarop wij met onze planeet omgaan. Zoals het tussen haar en haar ex noot meer goed lijkt te komen zo dreigt het ook met ons en onze aarde te gaan.

Als Tamara er geen doekjes om had gewonden en zich de mantel van een onheilsprofeet had aangemeten, had waarschijnlijk niemand naar haar geluisterd. Nu ze haar waarschuwing heeft verpakt in intrigerende luisterliedjes in een folky soms jazzy stijl die aan die van landgenote Joni Mitchell doen denken, heeft ze plots een mondiaal publiek dat hopelijk haar boodschap ter harte neemt en verder verspreidt.

Major Murphy – In The Meantime

Nieuwe Major Murphy single In The Meantime is een schoolvoorbeeld van een groeidiamant. Grote kans dat het nummer je nauwelijks zal opvallen als je het voor het eerst hoort langs komen, maar bij de tweede, derde en zeker de vierde keer zal je gegarandeerd even de oren spitsen en checken wie of wat je hoort, ‘want dit is toch wel erg goed’.

Dat dit is een onderkoelde rocktrack met een half verstopte klasse-riff, synchrone leadzang en een onontkoombare drive. Er zit geen enkel rustpunt in In The Meantime, toch zou je het nummer eerder als ‘laid back’ dan opgefokt willen omschrijven.

Major Murphy komt uit Grand Rapids, een stad in de Amerikaanse staat Michigan waar ooit zoveel Nederlanders naar toe zijn geëmigreerd dat ons koninklijke echtpaar er een paar jaar geleden speciaal op bezoek is geweest. In de voornaam van bandbaas Jacob Bullard klinken de Hollandse roots van zijn voorouders nog door. Wie de Murphy uit de bandnaam is konden we niet zo 123 vinden. Misschien dat we daar meer over komen te weten als Major Murphy wat bekender is geworden. We schatten zo rond de zomer.

The Avalanches – Gold Sky (feat. Kurt Vile)

Het Australische dj-duo The Avalanches heeft in in hun ruim twintig jarige bestaan maar drie albums uitgegeven. Dat komt niet door gebrek aan inspiratie, maar door hun superstrenge kwaliteitscontrole. In geval van twijfel niet uitbrengen lijkt het devies.

Wat door de beugel kan, is dan ook altijd heel erg goed. Niet altijd ons kopje thee, maar op de kwaliteit valt helemaal niks af te dingen. Op het recentelijk verschenen 3e album van Robbie Chater en Tony Di Blasi staat een track die een beetje buiten hun gebruikelijke dance en hip hop boot valt, want niet echt dansbaar. Ook de gastartiest op Gold Sky, Kurt Vile is niet iemand die je verwacht op een dj album. Toch werkt de combi van gesamplede beats en indie-zanger hier uitstekend. Zingen doet Kurt overigens niet echt, hij declameert zijn trippy tekst tegen een achtergrond van bubbelende geluiden en zachte, woordeloze soulzang. Het gaat om de sfeer en dat heeft Gold Sky in overvloed.

Rose City Band – Lonely Places

Je kunt het je nu niet meer voorstellen, maar er was een tijd dat The Eagles en countryrock net zo hip waren als Nirvana en grunge in de jaren 90 en The War On Drugs en indierock nu.

Countryrock is langzaam op gegaan in de eenheidsworst die sinds jaar en dag in Nashville wordt gedraaid. De laatste tijd echter lijkt er sprake van een opleving. Jason Isbell verricht goed werk, de onvermoeibare Drive By Truckers trekken weer bekijks en ook James White’s ontdekking Silver Synthetic laat de gitaren weer twangen. Ook de muziek van ‘nieuwkomer’ Rose City Band roept beelden op van wijde vlaktes, verre heuvels en afgelegen ranches.

Als je nieuwe single, Lonely Places hoort, zou je zweren dat het ‘t werk is van een stel muzikanten dat is opgegroeid in staten als Texas, Wyoming of Montana en niet van een oude hippie uit San Francisco. Rose City Band is het speeltje van Ripley Johnson, die we kennen als mannelijke helft van Moon Duo en aanvoerder van Wooden Shjips, twee acts waar de hallucinogenen van afdruipen.

Johnson’s verandering van stijl is misschien verrassend maar niet uniek. Hij volgt het voorbeeld van Gram Parsons die The Byrds verliet om The Flying Burrito Brothers te beginnen, om nog maar te zwijgen van The Grateful Dead die zich omturnde van oerhippie orkest tot psychedelische countryband. Waarschijnlijk is Lonely Places een voorbode van een nieuw album van Rose City Band, dat zal dan de derde worden.

Myles Kennedy – In Stride

Myles Kennedy kondigt de komst van zijn nieuwe, tweede solo-album aan met de release van een heerlijk swampy nieuwe single. In Stride begint met een slide-gitaar die zo scherp is als de tanden van een alligator. Wat volgt is een moppie rock dat nu al classic is.

Myles nieuwe soloalbum lijkt een stuk aardser te worden dan zijn werk met Alter Bridge waar de bombast toch wel altijd op de loer ligt. Niet dat dat erg is. Het is gewoon prima om allebei te hebben, de te paard te paard metal van Myles met band en de rootsy oerrock die hij als alleenstaande produceert.

Myles heeft zijn nieuwe solo album geschreven en opgenomen tijdens de lockdown. Toen hij een lichte paniek zag uitbreken in zijn omgeving en iedereen aan het hamsteren sloeg, is hij eens goed gaan nadenken wat hij eigenlijk nodig heeft om te overleven. Dat blijkt niet veel te zijn; een bescheiden natje en droogje, zijn gitaar en hij komt de crisis wel door. Een paar muzikale vrienden is ook handig, want dan kunnen ze muziek maken en een plaat opnemen. Zo is het The Ides of March album tot stand gekomen. Myles’ motto lijkt te zijn ‘chill out’, we zien wel waar het schip strandt.        De opvolger van ‘Year of The Tiger’ verschijnt op 14 mei.

 

POLICE CAR COLLECTIVE – MINE

MINE, single twee van POLICE CAR COLLECTIVE is een stuk directer dan de mini-rock opera waarmee ze debuteerden. Maar niet veel minder ambitieus. Dat de bandnaam in all caps wordt geschreven geeft al aan dat bescheidenheid geen eigenschap is waaronder het duo uit Liverpool gebukt gaat.

MINE maakt zich geliefd middels een baslijn uit het receptenboek van Peter Hook van Joy Division/New Order. Het betere jatwerk dus. Maar ook dat mag de pret niet drukken. Wat Tyler Plazio en Simon Quigley zelf inbrengen zijn goede smaak, kennis van zaken en schijt aan de buren.

Getuige het feit dat ze hun stijl ‘fuck you music’ noemen hebben de boys ook zelfinzicht en gevoel voor humor. Allemaal prima eigenschappen om het ver te schoppen.

Iceage – Vendetta

Iceage draait al een tijdje mee. Lang genoeg om al vier albums te hebben afgeleverd. De reden dat je de band niet zo heel vaak bij ons hebt gehoord is tweeledig; ze komen uit de punk en ze zijn Deens. Theoretisch hebben we niks tegen punks en al helemaal niets tegen Denen, maar punk is niet het meest radiovriendelijke genre en de Deens muziekscene is niet zo interessant als zeg maar de Deense tv detective wereld, de zogenaamde Scandi Krimi’s.

Maar het vijftal uit Kopenhagen komt binnenkort met een nieuw album dat –als we mogen afgaan op nieuwe single Vendetta- wel spekkie voor ons bekkie zou kunnen zijn. Wellicht speelt hier de invloed van de producer. Het is voor het eerst dat Iceage met een externe producent in zee gaat. Zijn naam is Sonic Boom. Hij komt uit de roemruchte Britse indie-band band Spacemen Three.

Vendetta verraadt weinig punkinvloeden, het model lijkt eerder de Britse pillenpop die rond 1990 opdook in Manchester. Rockbands ontdekten toen de House en xtc en begonnen muziek te maken met een dance-beat. The Stone Roses en Happy Mondays waren pioniers van het genre. Zoals die bands toen klinkt Iceage nu op Vendetta, behoorlijk gedrogeerd, maar ook opwindend en aanstekelijk. De zang is wat ruw en ongepolijst, maar dat is een kwestie van wennen. Daar staat tegenover dat Vendetta het beste intro heeft van 2021 tot nu toe.