Rats On Rafts – A Trail Of Wind and Fire

Het Rotterdamse Rats On Rafts houdt ons op de hoogte van de vordering van het werk aan hun nieuwe album door op gezette tijden een nieuw nummer uit te brengen. A Trail Of Wind And Fire is voorproefje twee van wat ROF album vier moet gaan worden. Hoewel compleet anders van aard en inzicht herkennen we toch de band die internationale faam vergaarde met tracks als Last Day On Earth, God Is Dead en het eerder dit jaar uitgebrachte Tokyo Music Experience.

Train Of Wind And Fire is een goed gekozen titel voor een nummer dat zowel stormachtig als vurig is. Het intro is opvallend genoeg Japanser of Aziatischer dan dat van Tokyo Music Experience en doet ook wel aan Hong Kong Garden van Siouxie & The Banshees denken. Het hele nummer riekt naar oude new wave. Naast Siouxie menen we ook invloeden te herkennen van The B52, The Feelies en Pylon. Zeg maar de neurotische tak van de Amerikaanse new wave van veertig jaar terug. Stiekem worden de producties ook steeds minder lo-fi. Wat op zich geen slechte ontwikkeling is.

Alaska Reid – Big Bunny

Meisjemeisjes met fuzz pedalen. Het zijn er inmiddels zoveel van dat we wel kunnen spreken van een trend. Ook Alaska Reid combineert zachte zang met harde gitaren. Alaska komt uit Montana. Daar begon ze als 14 jarige met het zingen van country-songs in bars en op rodeo’s.

Niet gespeend van ambitie kwam ze in L.A. terecht waar ze evolueerde van meisje met gitaar tot meisje met band. In L.A. ook ontdekte ze Dinosaur Jr, en de fuzz-trapper die sindsdien een prominente rol speelt in haar muziek. De band zette ze na één EP weer aan de kant en nu maakt Alaska furore onder eigen naam.

Big Bunny is de titeltrack van een negen nummers tellende EP (rel.11/12) die ze opnam onder supervisie van wat we gerust een dreamteam mogen noemen, AG Cook (Charli XCX/Chistine & The Queens/Jonsí), Rodaihd McDonald (Adele/David Byrne/The xx) en Andrew Sarlo (Big Thief). 

Steady Holiday – Tangerine

Steady Holiday is de artiestennaam van Andrea ‘Dre’ Babinski. Dre komt uit L.A. Ze heeft er al een halve loopbaan opzitten als lid van diverse lokale bands als ze in 2015 aan haar solo-avontuur begint. Vooralsnog is Steady Holiday zo’n act die veel fans heeft in fanatieke muziekkringen, maar de oversteek naar het grote publiek nog ze moet maken.

Laten we er geen doekjes o wonden, Tangerine wordt hem ook niet. Dat laat onverlet dat Dre’s nieuwe single wederom een bijzondere plaat is die bij connaisseur wel weer in goede aarde zal valen. Op zich schrijft Steady Holiday vrij conventionele songs. Op de teksten na. Die getuigen van een een gevoelige inborst en een verfijnd gevoel voor humor.

Tangerine is een goed voorbeeld van haar stilo. Het nummer gaat helemaal niet over een Tangerine (mandarijn), maar over een situatie waarin een kennis van Dre ineens haar verstand verloor. Wat de tekst niet met zoveel woorden zegt wordt wel duidelijk in de backing-track die steeds labieler wordt.

Tangerine maakt nieuwsgierig naar het nieuwe, derde album van Steady Holiday dat ergens volgend jaar moet gaan uitkomen.

King Hannah – Bill Tench

Het komt helaas maar al te vaak voor dat een band ijzersterk voor de dag komt, maar dat we moeten vaststellen dat het niveau van die eerste klap niet meer wordt gehaald. King Hannah kwam eerder dit jaar daverend voor de dag met Crème Brûlée, een droom van een debuutsingle.

Gelukkig blijkt het duo uit Liverpool zijn kruit niet in één keer te hebben verschoten. Op het pas verschenen mini-album staan nog vijf tracks van een opvallend hoog kaliber. De ingrediënten van de songs zijn het zelfde, de omfloerste zang van Hanna Merrick en de ingehouden onstuimigheid van gitarist Craig White. Lana Del Rey meets War On Drugs schreef iemand op Youtube. Maar de mix verschilt per nummer.

Bill Tench is een uptempo song, niet dat het duo uit de band rockt, maar er zit vaart in zeker als Craig in de tweede helft eens goed op zijn pedalen trapt. In totaal staat er 30 minuten muziek op ‘Tell Me Your Mind And I’ll Tell You Mine’, een droomvan een debuut EP.

Gerry Cinnamon – Ghost

Daar hebben we Gerry Cinnamon weer! De Schotse bard heeft een nieuwe single uit. Aangezien de twee vorige het uitstekend deden in de GM ligt het voor de hand om ook Ghost mee te pikken.

Gerry’s eerste hit, The Bonny was man met gitaar, klassieke folk op zijn Schots. Where We’re Going was Gerry met band inclusief solo’s op de elektrische gitaar. Ghost zit een beetje tussen die twee ijkpunten in. De gemene deler van de drie songs -van al Gerry’s songs- is de hoge meezing-factor. Daarin herken je de folkzanger die met minimale middelen een maximaal effect moet sorteren.

Een originaliteit’s prijs zal Gerry niet snel krijgen. Folk is folk. Het zal ook niet verbazen als Gerry een dezer dagen een telefoontje krijgt van de advocaat van Kaiser Chiefs. Het riedeltje van Ghost lijkt we erg veel op dat van I Predict A Riot. Of misschien vinden ze het wel best en vinden ze Gerry Cinnamon gewoon een gouden gozer. Net als wij.

Walden – 5 Years

Het is alweer een tijdje traditie dat winnaars van de Limburgse Nu of Nooit band-competitie Pinkpop mogen openen. Jammer alleen dat je van de meesten nooit meer iets hoort. Walden is de uitzondering op deze regel. Toen de band de heilige bühne betrad kwamen ze nog maar net kijken. Hun debuutsingle zou pas een half jaar later uitkomen. Toch kreeg Walden de handen op elkaar, ook die van festivalgangers die niet tot de familie of vriendenclub hoorden.

Dat het ook geen beginner’s luck was heeft de band rond Mees Hamer inmiddels wel bewezen, live en in de studio. Begin volgend jaar verschijnt het debuutalbum uit. 5 Years mag de kar trekken en doet dat met verve. Met de nieuwe single markeert Walden hun eigen stek in de druk bevolkte wereld van de psychedelische rock.

Hamer’s kenmerkende  stemgeluid maakt Walden makkelijk herkenbaar. Opvallend ook is de rust waarmee de band het toch stevig rockende nummer uitvoert. Het laatste compliment is voor Simon Akkerman (Binkbeats/Bombay/Waltzburg) die de band een sound heeft meegegeven die zowel robuust als subtiel is.

Waarschijnlijk gaat Pinkpop 2021 nog niet lukken, qua corona dan. Dan maar 2022. Walden is er klaar voor.  

Evanescence – Yeah Right

Ergens in het grijze gebied tussen hard rock en metal vinden we Evanescence, de band van Amy Lee die dit jaar zijn 25ste verjaardag viert.

Helaas is het nieuwe album net niet op tijd klaar om het feest extra cachet te geven. The Bitter Truth komt op een nog nader te bepalen datum uit in 2021. Helemaal gespeend van nieuwe muziek zijn we gelukkig niet, na drie prima singles is er vrijdag een uitstekende single uitkomen.

Amy valt op Yeah Right gelijk met de deur in huis. Aan een intro doet de band deze keer niet. Het geeft aan hoe gretig Evanescence nog altijd is is om zijn zegje te doen. De drummer heeft het druk deze ronde, of drummers want we horen meerdere slagwerkers te gelijk. Ook de gitaren zijn niet van de lucht, maar het draait allemaal om Amy, die weer uitstekend bij stem is. Kortom heksenrock op zijn best!

MorMor – Don’t Cry

Fans van MorMor (Seth Nyquist) weten dat het enige dat ze van hun held kunnen verwachten het onverwachte is. De Canadese omnivoor scoorde met een stel hoog gezongen ballads. Maar hij heeft ook een paar Prince achtige rockers op zijn conto en aantal nummers waar geen enkel etiket op blijft plakken.

Nieuwe single Don’t Cry is weer anders. Mormor‘s tiende single is ‘not a love song’ zingt hij, maar wat dan wel? Met zijn gefluisterde zang en mistige koortjes is Don’t Cry best wel spooky. Een snelle beat contrasteert met de trage zanglijn. Die wordt vlak voor het slot onderbroken door een stem die uit een diepe put lijkt te komen. Of uit een paralel universum. Zoals gezegd een spooky, nummer maar wel weer erg goed. 

shame – Water in the Well

Op 15 januari, drie jaar en drie dagen na hun debuutalbum verschijnt Drunk Tank Pink. Het nieuwe album van shame is onder compleet andere omstandigheden gemaakt dan Songs Of Praise.

Zoals alle bands met een (post)punk stempel is shame gebouwd voor de bühne. Toen er begin dit jaar een plots einde kwam aan het toeren zag de band uit Zuid Londen hun wereld ineen storten. Waar eerst drukte was, heerste nu de stilte. Die verandering vindt zijn weerslag op het nieuwe album. Tenminste dat zegt zanger Eddie Steen. Gitarist Sean Cole-Smith beaamt het, maar erg te horen is het niet. Tenminste niet op de twee singles die vooruit zijn geschoven.

Alphabet is shame zoals we ze kennen, dreigend en onstuimig. Ook Water In The Well zou op het eerste album niet heel erg uit de toon zijn gevallen. Single twee van Drunk Tank Pink heeft een punk funk ritme, de nodige breaks, stukjes voorgedragen tekst en de voor shame zo typerende losse koortjes. Zou best kunnen dat andere songs op het album breken met de mal. Cole-Smith heeft Afrikaanse high life muziek ontdekt, maar Water In Th Well is shame zoals we ze hebben leren kennen en waarderen.

Babe Rainbow – Zeitgeist

Terwijl bij ons de zon zich nog maar zelden laat zien is het in Australië hartje zomer. Babe Rainbow doet met Zeitgeist een geslaagde poging on de zomer van 20/21 van een soundtrack te voorzien. Het belangrijkste middel dat de band inzet om een tropisch effect te bereiken is een Afrikaanse aandoend gitaartje (de lick heeft opvallend veel weg van die van Tacamun van Gabriela & Rodrigo, maar dat mag de pret niet drukken).

Zeitgeist is niet zo all-out psychedelisch als bijv. Peace Blossom Boogy, het nummer waarmee de boys uit Byron Baye zich in onze kijker speelde. Maar echt nuchter willen we Zeitgeist toch ook niet noemen. Veel gebeurt er niet in de ruim 4 minuten die Zeitgeist duurt. Het nummer kabbelt rustig voort op een enkele break na, waarin de beach bums laten horen (bijna) dat ze net zo fraai samen kunnen zingen als The Beach Boys. Zomerser dan dit wordt het niet deze winter.