Ricky Koole with Ocobar – Wide Open Road

De virtuoze mannen van Ocobar laten zich helaas niet al te vaak op de plaat vangen, maar nu heeft Ricky Koole ze gestrikt voor haar nieuwe album. Terecht dat ze prominent in de titel terecht zijn gekomen, want ze leveren een belangrijke bijdrage aan dit album. Ze hebben een heerlijk strakke swing waar Ricky goed tegenaan kan leunen met haar zang.
Wie Koole al een tijdje volgt, weet waar ze de mosterd haalt: uit de blues, soul, country en americana. Het is dus niet zo vreemd dat er covers op het album staan van bijvoorbeeld Johnny Cash, Sam Cooke, Willie Nelson en Kris Kristofferson. Maar fijn aan dit album is dat ze ook een viertal nummers zelf heeft geschreven. Ze blijft heel goed in de sfeer van het album met die songs, en ze doen er zeker niet voor onder!

Wil je weten wat er wekelijks aan nieuwe nummers op Pinguins Pluche gedraaid wordt? Bezoek de facebookpagina van Pluche met allemaal nieuwe muziek…

 

Grizzly Bear – Losing All Sense

Elke ochtend om acht uur is het tijd voor een verse Clip van de Dag. Dit jaar kwam het derde album Painted Ruins van de Amerikaanse indieband Grizzly Bear uit. Met die plaat op zak maakte het collectief vrijdagavond jongstleden indruk in de Utrechtse TivoliVredenburg met elektronische americana en samenzang. Van Painted Ruins is Losing All Sense de meest recente single.

Queens Of The Stone Age – Feet Don’t Fail me Now

Een blik op de administratie leert dat Feet Don’t Fail Me Now single nummer drie is van het zevende album van Queens of The Stone Age. Volgens veel comments op Youtube is Feet Don’t Fail Me Now het beste nummer van Villains. Het is in ieder geval een van de meer avontuurlijke tracks op het album.

Het intro doet denken aan Pink Floyd, terwijl de gitaarrif puur glamrock is, denk aan oude Bowie, T Rex en zelfs wel aan Tigerfeet van Mud. Nu we toch met namen aan het strooien zijn, de oudere popliefhebber kerkent in de titel misschien een album van Little Feat, een band uit de jaren zeventig, die net als Queens uit California kwam en ook behoorlijk hard kon boogie-en.

Toen het nieuwe QUOTSA album net uit was, was er wel kritiek op de keuze van producer, hitman Mark Ronson. Deze meningen mogen nu wel worden herzien, want echte pophits heeft Villians niet opgeleverd, een situatie waarin ook Feet Don’t Fail me Now met zijn lengte van bijna 5 minuten en talloze tempowisseling geen verandering in zal brengen. Dat neemt niet weg dat QUOTSA mede dankzij Ronson en tracks als Feet Don’t Fail Me Now zijn status als kings van de alternatieve rockscene heeft verstevigd.

Stationschef #275: London Calling 25 jaar

25 jaar London Calling! Dat het festival -ooit in het leven is geroepen als Europees bruggenhoofd voor de toen net ontluikende Britpopscene- een kwart eeuw later nog zou bestaan, zal niemand van het eerste uur hebben durven dromen. Wie zou hebben beweerd dat het internationale indoor indie-festival zelfs zou uitgroeien tot een twee jaarlijkse gebeurtenis -waar carrières zijn gemaakt en gesneuveld en waar bands net zo graag komen als het publiek- zou helemaal voor loco zijn verklaard.

Het is verleidelijk om terug te blikken naar oude edities toen Blur, Placebo, The xx en Tame Impala nog beginnende bandjes waren in plaats van de halfgoden die het nu zijn, maar bij London Calling heeft men altijd vooruit gekeken. Het festival heeft de ambitie een graadmeter te zijn van wat er in het heden en mogelijk in de nabije toekomst speelt. Dat brengt een zeker risico met zich mee, want het betekent dat je beginnende bands moet programmeren, acts die hun waarde nog niet hebben bewezen, die vaak niet veel meer hebben dan een reputatie. Maar dat risico betekent ook spanning en opwinding, want hoe vaak heeft een latere naam van faam wel niet zijn vuurdoop beleefd op London Calling?

Zelfs voor de jubileumeditie heeft de organisatie de verleiding weerstaan om helden uit het verleden te boeken en is men weer op zoek gegaan naar toekomstmuziek, naar minder en onbekende bands met de potentie om groot te groeien. Hieronder zie je een lijst met tips van onze muziekredactie, maar ga vooral zelf op ontdekking uit.

Eerder dit jaar sprak onze Bazz met de zangeres van een van de bands die op 27 en 28 in Paradiso zullen aantreden, Alynda Segarra van het zeer intrigerende Hurray For The Riff Raff uit New Orleans. Het interview zenden we uit zaterdag (14/10) tussen 19.00 en 21.00 uur en herhalen we donderdag a.s. tussen 22.00 en 24.00 uur.

Tip 25+2 voor London Calling Festival 25 jaar; vrijdag 27 en zaterdag 28 oktober 2017 in Paradiso, A’dam:

1. Hurray for the Riff Raff – Living in the City
2. Marlon Williams – Hello Miss Lonesome
3. shame – Tasteless
4. Japanese Breakfast – Road Head
5. Big Thief – Shark Smile
6. HAUS – Gave You All
7. Superorganism – Something For Your M.I.N.D.
8. Matt Maltese – Studio 6
9. Weaves – Tick
10. Life – Take Off With You
11. Yak – No
12. Pinegrove – Visiting
13. Alex Lahey – Every Day’s the Weekend
14. Cabbage – Terrorist Synthesizer
15. Vagabon – The Embers
16. Harlea – Miss Me
17. (Sandy) Alex G – Proud
18. Cameron Avery – Wasted On Fidelity
19. Hurray for the Riff Raff – Young Blood Blues
20. Marlon Williams – I’m Lost Without You
21. Japanese Breakfast – Everybody Wants To Love You
22. Big Thief – Mythological Beauty
23. Harlea – You Don’t Get It
24. Hurray for the Riff Raff – Too Much Of A Good Thing
25. Alex Lahey – I Haven’t Been Taking Care of Myself
26. Weaves – Walkaway
27. Life – Popular Music

Nothing More – Don’t Stop

Nothing More is -voor wie het nog niet weet- een Texaanse band, die een heel scala aan metalstijlen beoefent, maar zoals Breekijzer Don’t Stop laat horen ook niet vies is van een beetje hip hop op zijn tijd.

Nothing More werd in 2003 tot leven gewekt door teenager Mark Vollelunga en wat vrienden tijdens een door de kerk (!?) georganiseerd kamp. In 2004 verscheen een eerste album, maar het werd pas echt serieus met de release van The Few Not Fleeting in 2009. Don’t Stop staat 2 albums later op het kersverse The Stories We Could Tell Ourselves. Gastzanger op Don’t Stop is Jacoby Shaddix, die je zou moeten kennen als aanvoerder van Papa Roach, een band die net als Nothing More meerdere smaken metal in de aanbieding heeft.

LIVEDATA 4/12 Melkweg, Amsterdam

Spoon – I Ain’t The One

Spoon is dit jaar definitief doorgebroken. Niet dat de band al die jaren aan het sappelen was. Er was succes en respect, maar in 2017 is duidelijk geworden dat de band uit Texas meer is dan een voetnoot. Het opmerkelijke is dat Spoon al zo’n kwart eeuw actief is en dat het album nummer 9 is dat hun status als topband bevestigd. Dat en de recente optredens, die een band lieten horen met een ijzersterk repertoire en een gretigheid, die je doorgaans alleen bij jonge honden ziet en niet bij rockers met Abraham in het vizier

Hun grootste hit is Inside Out van hun voorlaatste album, They Want My Soul. Op zich is dat al opmerkelijk want de ruime meerderheid van het popvolk scoort met het eerste of tweede album om vervolgens met lede ogen te moeten aanzien dat de koek langzamerhand op raakt. Spoon dus niet. Zij stijgen per album in aanzien en dat al negen platen lang. Dat betekent o.a, dat er een constante vraag is naar optredens.

De band tilde eerder dit jaar Down The Rabit Hole al naar een hoger plan, volgende maand staan de Texanen op Crossing Border en in Paradiso. Als lokkertje voorde nieuwe tour heeft Spoon een video gemaakt bij I Ain’t The One, een van de allerbeste tracks op het Hot Thought album. De clip, live in de studio opgenomen herinnerde ons er aan hoe goed I Ain’t The One wel niet is. IJsbreker waardig.

LIVEDATUM: 10/11 Paradiso, Amsterdam.

Noel Gallagher’s High Flying Birds – Holy Mountain

Elke ochtend om acht uur is het tijd voor een verse Clip van de Dag! Met vandaag de gloednieuwe single Holy Mountain van Noel Gallagher’s High Flying Birds. Nu broer Liam succes heeft met zijn album As You Were wilde Noel natuurlijk niet achter blijven.

LIVEDATA 06/04 Vorst Nationaal, Brussel 19/04 AFAS Live, Amsterdam

Teleman – Bone China Face

Teleman is terug en behoorlijk goed ook. De Britse band, die indruk maakte met songs als Düsseldorf en Christine is uit duizenden te herkennen. Dat komt door hun unieke fusie van indie en electro, maar vooral door de zang van Thomas Sanders wiens stembanden een aangeboren afwijking hebben waardoor alles wat hij zingt melancholiek overkomt.

Toch is Bone China Face geen droevige ballad. Het nummer is de perfecte soundtrack voor een trip na zonsondergang door een moderne wereldstad als Londen waar de band vandaan komt, of Düsseldorf, the scene of the crime van hun doorbraakhit.

Robin Borneman: “Soms liggen de liedjes op me te wachten”

Vanaf vrijdag 6 oktober ligt Folklore II van Robin Borneman in de winkels. Behalve dat Robin Borneman als muzikant in Nederland actief is, is hij ook zanger bij het in Amerika beroemde Trans Siberian Orchestra (TSO). Zij ontdekten hem in 2013 via een Tom Waits-cover op YouTube. Met TSO speelt Robin voor miljoenen mensen, maar in Nederland kan Robin nog steeds ongestoord over straat. Tijd voor een gesprek.

Tekst Mania

Behalve dat je bij TSO zingt, ben je in Nederland ook druk als muzikant. Welke van de twee carrières is het belangrijkste voor je? En waarom?
“Dat is moeilijk te zeggen. Door TSO ben ik de muzikant geworden die ik nu ben. Maar in mijn eigen muziek kan ik meer creativiteit kwijt.”

Folklore II maakt onderdeel uit van een trilogie. Vertel je middels die Trilogie een verhaal?
“Jawel! Het verhaal van de ranger; een reiziger wiens naam en geheugen hem zijn ontnomen. Hij beleeft een reis vol verraad en duisternis, maar ook hoop en liefde. Ik zie het als een spirituele reis die we allen maken in het leven.”

Had je een speciale aanleiding om dat verhaal te willen vertellen?
“Ik wilde dit al doen zolang ik muziek maak, maar had eerder de middelen en de know-how niet. Mijn muziek is vaak zo beeldend dat ik wanneer ik aan het schrijven ben altijd een hele set voor me zie; decor, personages, dieren. Een soort film zonder beeld, maar met liedjes die ook individueel een eigen smoel hebben.”

Was er een verschil tussen Folklore I en Folklore II?
“Ik schrijf vanuit mijn gevoel, en daardoor is het altijd anders. Soms lijkt het alsof de liedjes op mij liggen te wachten. Voor dit tweede deel heb ik mijn duisterste kant aangeboord. Een plaat vol protest en strijd. Die strijd heb ik zelf ook geleverd. Nu is het weer rustiger. Ik ben voor dit tweede deel dieper gegaan, maar heb ook meer ruimte gemaakt voor song en minder voor textuur. Die balans is nu nog beter.”

Is spelen bij TSO van invloed op je eigen muziek?
“Ik denk soms van niet maar indirect vast wel. Uiteindelijk is alles een gevolg van iets wat je eerder hoorde of zag. TSO heeft een grote impact gehad op mij als mens, dus ook als muzikant.”

Als je muziek vergeleken zou worden met andere bands, van welke bands of artiesten zou je dan erg blij worden?
“Pink Floyd, Tom Waits, 16 Horsepower. Ik zou soms willen dat er al iets bestaat waar mijn muziek veel op lijkt, dat zou makkelijk zijn maar. Ach, misschien is het daardoor wel origineel.”

Wat is het mooiste wat je tot nu toe gemaakt of gedaan hebt?
“Ik ben niet vaak zuiver trots, maar ben nu toch wel heel trots op de videoclip die ik heb gemaakt voor het tien minuten durende epos The Reckoning. Ik kan daar uitgebreid over vertellen maar het is denk ik beter om volledig blanco in dat nummer en de clip te stappen. Ik zou zeggen kijk en huiver!”

LIVEDATUM 14/10 Podium Duycker, Hoofddorp

 

Jay Som – The Bus Song

Elke ochtend om acht uur is het tijd voor een verse Clip van de Dag. Met vandaag de lo-fi singer/songwriter Jay Som. Jay Som is het muzikale project van de Californische Melina Duterte, dochter van Filipijnse immigranten. Dit voorjaar kwam het tweede album Everybody Works van indie artiest Jay Som uit. The Bus Song heeft een nu een videoclip en is geregisseerd door niemand minder dan haar muzikale vriend Japanese Breakfast.