Slowdive – Star Roving

Niet alleen is shoegaze als genre weer helemaal terug van weggeweest, ook de pioniers van het genre roeren zich weer. We hadden onlangs voor het eerst in jaren weer nieuw werk van The Jesus & Mary Chain, My Bloody Valentine is  soort van actief, Lush is weer bij elkaar net als Ride en nu is ook Slowdive nieuw leven ingeblazen. En hoe klinkt Slowdive anno 2016? Alsof het 1994 is. Gelukkig maar, want er zit niemand te wachten op een update van de laagvliegende in galm gedrenkte gitaarsound, zoals ooit ontworpen in de gedrogeerde geesten van de gebroeders Reid van The Jesus & Mary Chain. Star Roving is de eerste nieuwe opname van de band uit het Engelse Reading in 22 jaar en mogelijk, maar niet noodzakelijk en voorbode van een vierde album.

Interview Cage the Elephant: Weg uit Kentucky

Cage the ElephantHet concert van Cage the Elephant vanavond (24 januari) in Paradiso was in een vloek en een zucht uitverkocht. De Amerikaanse rockers hebben het patent op liedjes die niet meer uit je hoofd gaan. Dan Auerbach (van The Black Keys) wilde niet voor niets per se hun jongste album Tell Me I’m Pretty produceren.

Tekst Heaven | Louis Nouws

Heaven sprak zanger Matt Shultz begin vorig jaar. De zanger, op het podium een en al energie, oogt vermoeid als hij zich meldt met een kartonnen bekertje cappuccino in de hand. “Ik heb amper geslapen”, verontschuldigt hij zich. “We hadden het lumineuze idee om tijdens deze tour een videoclip op te nemen met beelden uit de Europese hoofdsteden, een beetje à la A Hard Days Night van de Beatles. Maar het vreet tijd en energie.” Die avond op het podium van de Melkweg is van enige vermoeidheid echter niets te merken.

Cage the ElephantThe Beatles
Met The Beatles noemt Matt Shultz meteen de grootste inspiratiebron voor de jongens die in 2006 de band begonnen in Bowling Green, een onooglijk stadje in Kentucky waar Chevrolet zijn roemruchte Corvettes bouwde en een heus museum wijdde aan dit automodel, symbool van de American dream in jaren vijftig en zestig. Waar de naam Cage the Elephant vandaan komt kan of wenst Shultz zich niet meer te herinneren. Met broer Brad Shultz en Lincoln Parish op gitaar, Jared Champion op drums, Daniel Tichenor op bas wil het dan nog vijftal – Parish heeft de groep inmiddels verlaten – maar één ding: weg uit Kentucky. “Dat was onze rock ’n’ roll-droom”, verklaart de zanger.

Die kans doet zich eerder voor dan verwacht. Een klein Engels label ziet de groep tijdens een showcase op het vermaarde SBSW-festival in Austin en biedt een contract aan plus de uitnodiging naar Londen te verhuizen. “Dat vonden we reuze interessant. Londen is vaak een goede plek gebleken voor Amerikaanse artiesten om er hun carrière te beginnen. Jimi Hendrix, Paul Simon, Lou Reed kregen daar voet aan de grond. Bovendien bood het label ons honderd procent creatieve vrijheid, al bleek dat al gauw een wassen neus. Ze stelden ronduit dat ze ons niet gingen betalen of promoten als we muzikaal niet deden wat hen voor ogen stond. We hebben het daar toch nog achttien maanden volgehouden en zelfs nog in de show van Jools Holland gestaan, naast Coldplay en John Mellencamp.”

Toch was de Londense tijd geen totale desillusie. “We hebben er enorm veel geleerd. In Bowling Green kon je twee radiozenders ontvangen, collegeradio en classic rock. Overzichtelijk en duidelijk. In Londen duikelden de muzikale trends en hypes over elkaar heen. Wij zijn opgegroeid met ankerpunten als Dylan, Beatles, Springsteen, Simon And Garfunkel, Creedence Clearwater Revival. In Engeland verbreedde de horizon zich rap. Wil je mee in de muziekwereld dan kun je niet stil blijven staan, dat maakte de Engelsen ons wel duidelijk. We raakten vooral onder de indruk van het oeuvre van David Bowie. Zoiets wilden we ook. Ieder album benaderen alsof het je eerste is. Hongerig blijven. Zei Bob Dylan niet ooit: als iemand de muziek zou maken die ik wil horen, dan zou ik zelf geen muziek hoeven maken.”Cage the ElephantThe Black Keys
Het titelloze debuutalbum verschijnt nog tijdens het verblijf in Londen doet niet veel. Cage the Elephant besluit met nog net niet hangende pootjes terug te keren naar het vaderland. Shultz: “Het Engelse avontuur voelde mislukt. Dan gaan we op zoek naar onze niche, dachten we, naar een muzikaal bestaan in de kleinere zalen.” Om hun thuiskomst niet geheel ongemerkt voorbij te laten gaan, brengen ze Ain’t No Rest For The Wicked van het debuut opnieuw uit als single en dan is het een schot in de roos. Het liedje wordt free single of the week op iTunes en de band mag optreden in de David Lettermanshow. “Toen ging het hard. We deden veel festivals. Ons tweede album Thank You Happy Birthday bracht ons wederom een uitnodiging van David Letterman en we speelden op nog grotere festivals zoals Coachella. We stonden in het voorprogramma van The Foo Fighters en Dave Grohl drumde zelfs met ons mee toen onze drummer Jared een tijdje verstek moest laten gaan vanwege een blindedarmontsteking.”

Ook Dan Auerbach van The Black Keys is erg gecharmeerd van Cage the Elephant. Hij produceerde hun jongste album Tell Me I’m Pretty, het vierde alweer. “We stonden ook in het voorprogramma van de Keys ten tijde van Brothers. Dat was helemaal bizar, want dat album werd haast van de ene op de andere dag een enorme hit. De tour begon in clubs en eindigde in arena’s met soms 20.000 toeschouwers.” En dat is inmiddels ook wel de biotoop waar Cage the Elephant zich in hun thuisland ophoudt.Pop & Young
Matt Shultz die op de bühne graag zijn shirt mag uittrekken, ziet zich als een kruising tussen Iggy Pop en Neil Young. “Met de energie van Pop en de intensiteit van Young”, verklaart hij. Die tweespalt, als je dat zo mag noemen, kenmerkt het oeuvre van de band. “Het enorme succes van Ain’t No Rest For The Wicked ondergingen we als een zegen en een vloek. Zo’n onverhoedse hit bezorgt je het stigma van een commerciële rockgroep en trekt om de een of andere manier je integriteit in twijfel. Het mechanisme werkt kennelijk zo dat je credibility verliest als je beginnende band te snel in arena’s speelt. Je ziet het ook bij Mumford And Sons. Maar objectief gezien heeft het ons alleen beter gemaakt, want het dwingt je snel heel professioneel te worden. We weten van onszelf dat we nog altijd eerlijke muziek maken. Al wonen we nu in Nashville, we zijn nog altijd die jongens uit Bowling Green die droomden van een rock ’n’ roll-bestaan. Er zijn altijd mensen die je succes kwalijk nemen, maar je wilt toch geen obscure muziek maken for the sake of obsurity. Net zoals je ook geen muziek wilt maken puur voor de commercie. Wij willen allebei.”

Niet vreemd dat ze voor hun Tell Me I’m Pretty in zee gingen met Dan Auerbach, die zich meermaals heeft bewezen in die balanceer-act. “Eigenlijk heeft Dan, met wie ik sinds onze gezamenlijke tournee bevriend ben geraakt, zichzelf opgedrongen”, zegt Shultz met een lach. “We hadden altijd in ons achterhoofd dat we ooit nog eens samen aan een album zouden werken, zonder dat we dat uitspraken. Bij een etentje liet ik hem wat nieuw materiaal horen en ik was nog niet thuis of ik ontving al een tamelijk agressief sms-je: ‘I’m making your next record’. Dan is een wandelende encyclopedie die kennis heeft van de meest obscure muziek. Hij draaide zijn oude plaatjes tijdens pauzes in de control room. Raakten wij enthousiast over een fantastisch drum- of basgeluid dan riep hij: jongens we doen dat nummer nog een keer. Vervolgens gingen we er met nieuwe energie tegenaan, met nieuwe invallen ook. Voor ons werkte die aanpak uitstekend.”

Jay Joyce de producer van het vorige album Melophobia probeerde de groep juist weg te houden van iedere referentie. “Wat ook een te respecteren standpunt is”, zeg Shultz. “Maar doordat Dan je met zo veel invloeden overstelpt wordt het gewoon weer origineel. Je kunt de muziek op Tell Me I’m Pretty dan ook niet toewijzen naar een bepaalde tijdsperiode, al echoot het verleden er sterk in door. Dat komt ook doordat Dan een bijzonder gevoel heeft voor een sound die modern en toch tijdloos klinkt. Hij doet hooguit drie takes. Het moet fris blijven, zegt-ie. Veel van mijn vocalen zijn eerste opnamen, gemaakt met een vreselijke microfoon. Hij stond me niet toe ze opnieuw op te nemen. Maar toen we het album mixten en Dan er niet bij was, heb ik de meeste zang opnieuw opgenomen. Hij kon er wel om lachen.”

Popmagazine HeavenLIVEDATUM 24/01 Paradiso, Amsterdam (Uitverkocht)

De redactie van Heaven is weer bezig met een prachtig nummer! #2 van 2017.
Interviews met Madness, The Upsessions, Kandace Springs, Reinier Baas en Giles Robson.

In de rubriek ‘Onder de loep’ aandacht voor Blake Mills, die als producer het ene na andere topalbum blijft afleveren: nu weer Darkness And Light van John Legend. Reggaekenner Eddie Aarts staat uitgebreid stil bij de rerelease van Bob Marley’s legendarische Live!

In de recensierubriek met meer dan 100 recensies, nieuwe albums van o.a. John Legend, Chuck Prophet, Howe Gelb, Adam Torres, Ron Gallo, Mark Eitzel en véél meer.

Dit nummer niet missen? Neem dan vóór aanstaande maandag 30 januari 16.00 uur een abonnement en profiteer van de aanbieding: 1 jaar Heaven van € 33,40,- voor slechts € 22,50,-! Een abonnement neem je hier: www.popmagazineheaven.nl/actie-abonnement

 

Foxygen – Oh Lankershim

Het intro van de nieuwe single van Foxygen is direct afkomstig uit het Elton John songbook. Ook wat volgt is bij elkaar gesprokkeld uit bronnen uit de late jaren zestig en vroege seventies, maar is zo door elkaar gehutseld dat de oorspronkelijke eigenaars niet meer te herkennen zijn. Oh Lakershim is ambitieus, ongrijpbaar en het zoveelste bewijs dat Foxygen een van de interessantste acts is van de jaren 10. Niet alleen muzikaal graven Sam France en Jonathan Rado diep ook hun tekstonderwerpen halen ze van ver. De Lankershim uit de titel is een Duits-Amerikaanse pionier en landbouwmagnaat uit de 19e eeuw. Waar de man de eer aan te danken heeft genoemd te worden in een song van Foxygen? Geen idee, maar dat typeert het duo, logica is vaak ver te zoeken. Talent daarentegen spat er van af. Oh Lankershim is een van de acht tracks die de band met koor en orkest opnam voor hun 5e album, Hang en zal zonder twijfel ten gehore worden gebracht als de band op 22 februari te zien zal zijn in Paradiso.

Clip van de Dag: Gorillaz

Elke ochtend om acht uur is het tijd voor een Clip van de Dag. Een nieuwe week, dus met verse nieuwe muziek en clips. Te beginnen met Gorillaz! Na 6 jaar zijn terug met de single Hallelujah Money met op vocals soulzanger Benjamin Clementine. Het is een lekker freaky nummer als voorproefje op het album dat dit jaar gaat verschijnen.

Powered By BelBernard.nl

Bel Bernard

Iggy Pop – Gold

Als je niet weet dat het Iggy is zou je zweren dat Gold wordt gezongen door Leonard Cohen. Dat Iggy kan croonen weten we al sinds zijn wisselvallige uitstapjes richting Frans chanson, maar zo mooi laag als op zijn bijdrage aan de film Gold (van en met Matt McConaughey) hebben we hem zelden in het Engels gehoord. Vlak voor het eind van Gold borrelt de oude punk nog even naar boven, maar het nummer blijft meer zondagochtend dan zaterdagavond. Gold is een productie van Danger Mouse en lijkt qua sfeer en instrumentatie op het ‘spaghetti western’ album dat de producer opnam met Danielle Lupi. Het is niet de eerste keer dat Iggy met Danger Mouse heeft gewerkt, Iggy is een van de gastvocalisten op het Dark Night Of The Soul album van Danger Mouse en Mark Linkous van Sparklehorse. Iggy heeft laten weten dat het Post Pop Depression album dat hij vorig jaar maakte met Josh Homme waarschijnlijk zijn laatste zal zijn, maar voor kleine klusjes als een nummer voor een soundtracks is hij gelukkig nog wel te porren. Ook het toeren kan de 69 jaar jonge rockgod nog niet laten. In augustus zal Iggy -deo volente- weer te zien zijn op Lowlands.

Indian Askin – Crazy

Heet op de hielen van het fantastische Drinkin’ Time verschijnt er deze week weer een compleet verse track van Indian Askin. Was hij vorige week uitgekomen i.p.v. Drinkin Time hadden we Crazy gebombardeerd tot IJsbreker, want wat een geweldig nummer weer! Crazy is een ballad en etaleert een andere kant van de Amsterdamse hoogvliegers, die tot dusver hoge ogen gooiden met nucleaire boogie tracks als Asshole Down en Really Wanna Tell You. Dat Indian Askin ook weg weet met de rustigere tempi weten we van albumtracks als Island en Smudge. Crazy is nog weer een stap vooruit, broeierig, spannend en prettig unheimisch. Er wordt wel beweerd dat iedere halve zool een up tempo song kan bedenken, maar dat de ware meester zich toont in de ballads. Als dat zo is, mag Indian Askin die titel voor hun naam zetten. We mogen er van uitgaan dat Drinkin’ Time en Crazy over niet al te lange tijd op een album (of EP) terecht zullen komen en we hebben het vermoeden dat die release Pinata Disco Derby gaat heten, want zo heet de nieuwe tour die half april van start gaat. Vooralsnog is Crazy b/w Drinkin’ Time overal te streamen en te koop op wit vinyl, maar dan moet je wel snel zijn want de oplage van de 7” is slechts 350.

Stationschef 242: Sven Bersee / Hoofdredacteur LiveGuide

LiveGuideWie wil weten wie waar speelt en of een bezoek de moeite waard is, doet er verstandig aan om LiveGuide te raadplegen, het live-blad van de muziekliefhebber. Niet alleen vind je in de maandelijkse editie lange lijsten van optredende acts, je kunt die acts indien nodig ook beter leren kennen dankzij de prima profielen, interviews en tips, die de redactie elke maand weer met liefde, smaak en kennis van zaken samenstelt.

Dit alles gebeurt onder supervisie van Sven Bersee, een muziekman met een vlotte pen, een goed netwerk en het vermogen orde te scheppen in de chaos die muziekwereld heet. En wat kost dat dan dat Liveguide? Helemaal niks. Liveguide is gratis verkrijgbaar in vrijwel alle Nederlandse popzalen, platenwinkels en andere plekken waar muziek minnend Nederland elkaar treft.

Met ingang van volgende week gaat Pinguin Radio elke laatste maandag van de maand een uur lang muziek uitzenden (LiveGuide Radio 30/01 van 20:00-21:00 uur), die speciaal voor ons wordt geselecteerd door Sven en zijn Liveguide team. Dat wordt een bont en boeiend uurtje, getuige de lijst die Sven inleverde ter illustratie van het interview dat Bazz had met onze nieuwe Stationschef.

Het gesprek zal zaterdag (21/10) te horen zijn tussen 19:00 en 21:00 en a.s. donderdagavond worden herhaald om 22:00 uur.

LiveGuide RadioDe top 25 van Sven Bersee.

1. Kendrick Lamar – King Kunta
2.
Bob Dylan – You’re Gonna Make Me Lonesome When You Go
3.
Thundercat – Them Changes
4.
Roman GianArthur – I-69
5.
Television – Friction
6.
Jimi Hendrix – Little Miss Lover
7.
D’Angelo – One Mo’Gin
8.
Mobb Deep – Survival of the Fittest
9.
Pixies – Hey
10.
Love – Alone Again Or
11.
TLC – No Scrubs
12.
TV On the Radio – Province
13.
A Tribe Called Quest – The Donald
14.
Frank Zappa – Baby Snakes
15.
Sly & The Family Stone – Sing a Simple Song
16.
Two Gallants – Steady Rollin’
17.
Dr. Dre – What’s the Difference
18.
Jorge Ben Jor – Take It Easy My Brother Charles
19.
Del Shannon – Runaway
20.
Freddie Gibbs – Shitsville
21.
Father John Misty – Bored in the USA
22.
Caetano Veloso – It’s a Long Way
23.
Lemon Demon – Touch-Tone Telephone
24.
Tom Waits – Come On Up To the House
25.
Townes Van Zandt – Fare Thee Well, Miss Carousel

Declan McKenna – The Kids Don’t Wanna Come Home

Declan McKenna is de anti-Ed Sheeran. Niet dat de jonge Brit geen succes wil hebben, maar niet tegen elke prijs. Waar Sheeran uit de lange traditie komt van rasentertainers als Tom Jones en Robbie Williams volgt jonge Declan meer het spoor van Bob Dylan en Morrissey. McKenna’s debuutsingle, Brazil gaat over corruptie, opvolger Paracetamol over het beeld van transgenders in de media, Bethlehem gaat over religie en zo heeft tot nu toe elke release van de 18 jarige Brit een politiek of actueel thema. Declan ziet zichzelf niet als protestzanger, maar voelt wel de behoefte om zijn gedachte en meningen in zijn songs te verwoorden. Eerlijk gezegd zijn het niet de onderwerpen van zijn songs die hem binnen korte tijd een vrij groot publiek hebben bezorgd, maar de kwaliteit van de composities en productie. Declan kwam speelde en overwon vorige week op Eurosonic en is nu ook op andere zenders dan Pinguin te beluisteren. Ondertussen blijft hij een van de productievere artiesten van dit moment en kwam hij vorige week met alweer een nieuwe single, The Kids Don’t Wanna Go Home, zijn respons op de aanslagen in Parijs. Het is niet alleen bewonderenswaardig dat Declan ernstige onderwerpen aansnijdt, maar ook dat hij de kunst verstaat zijn boodschappen zo te verpakken dat ze te horen zijn op plekken, die doorgaans bezet worden gehouden door de Ed Sheerans van deze wereld.