Live Review: Black Stone Cherry @ Melkweg, Amsterdam
11 februari 2016
Tekst Jeroen Bakker
Met verbazing richtte Chris Robertson nog eens zijn blik op de zaal. “Niet slecht voor een knul uit Kentucky”, zag je hem denken. De goedgevulde Max van de Melkweg was weliswaar niet uitverkocht, hoewel het optreden aanvankelijk in de kleinere Oude Zaal zou plaatsvinden, en het nieuwe album moet nog verschijnen maar de ontvangst was weer bijzonder hartelijk. Het grootste gedeelte van de setlist, met uitzondering van de nieuwe tracks, werden weer woord voor woord meegezongen door de hartstochtelijke fanschare. Black Stone Cherry bestaat al ruim tien jaar maar oogt gretiger dan ooit en lijkt klaar te zijn voor het linker rijtje van de premier rock-league.
De vroege vogels die zich op Theory Of A Deadman hadden verheugd kwamen bedrogen uit. Op het allerlaatste moment was de special-guest vervangen door het Britse Toseland, de band van James Toseland, een succesvol ex-motorcoureur en echtgenoot van zangeres Katie Melua. Ondanks de verwoede inspanningen en gemakkelijk in het gehoor liggende classic rockdeuntjes of powerballads, kon de teleurstelling helaas niet worden weg genomen. Toseland is een uitstekende zanger en ook met zijn begeleiding is weinig mis maar we hebben het al zo vaak gehoord.
Wanneer op volle kracht het bekende intro van Pony, een jaren negentig R&B-hitje, klinkt en gevolgd wordt door de eerste tonen van Me And Mary Jane, wordt pas echt duidelijk waar het vanavond allemaal om draait. Black Stone Cherry stond hier al vaker en vooral de laatste keer, twee jaar geleden, was een groot succes. Met Magic Mountain had de band een prima visitekaartje afgeleverd waarbij opviel dat in een live-uitvoering de albumtracks nog beter tot hun recht kwamen. Zo is het stampende Holding On… To Letting Go in korte tijd uitgegroeid tot een vaste waarde in de optredens van de band. De overgave waarmee de band, let wel: ieder bandlid, deze kneiter het publiek in slingert, maakt ook in de zaal veel energie los. Met een zelfde gedrevenheid als waarmee de grote indoorstadions in Amerika bespeeld moeten worden, bewegen de gitaristen zich over het podium. Vermakelijk zijn ook de drumcapriolen van John Fred Young. Zelfs na meerdere pogingen slaagt hij er niet in om zijn drumstick weer op te vangen wanneer hij deze de lucht in heeft geslingerd. Beter lukt het hem om tijdens zijn drumsolo ook de harmonica op niet onverdienstelijke wijze te bespelen.
De moddervette, met blues en whiskey doordrenkte rock wordt, zoals we gewend zijn van het viertal, met een heerlijke southern accent uitgevoerd. Heel veel nieuws is er eerlijk gezegd niet te melden, al blijkt snel dat deze rockmachine ondanks enige technische haperingen, goedgeolied en uiterst solide door de set ronkt. Verrassend sterk zijn de logge beuker In Our Dreams en het prachtige akoestisch uitgevoerde The Rambler van het nieuwe album Kentucky dat over anderhalve maand zal uitkomen. Het zijn twee voorbeelden die nog maar eens aangeven dat het, en ook dat is niets nieuws, met het nieuwe materiaal ook weer dik in orde is. Opvallend is overigens dat deze twee weer probleemloos in de set passen.
Het eerbetoon aan Lemmy met een met rammelende Ace Of Spades is verre van vlekkeloos maar niemand die zich daar aan stoort. ‘Het komt uit een goed hart’, zullen we maar zeggen. Het was vanavond in ieder geval een perfecte try-out voor de grote festivals in de komende maanden. Black Stone Cherry is er in ieder geval klaar voor.
Wolfmother – Victorious (Universal)
Stargaze – Deerhoof Chamber Variations (Transgressive/PIAS)
Motorpsycho – Here Be Monsters (Rune Grammofon)
Soulsavers – Kubrick (San Quentin/PIAS)
Live Review: Toto @ 013, Tilburg
De openingssong is het lekker swingende Running Out Of Time, ook het eerste nummer van XIV en dat “loopt” over in het succesvolle en overbekende I’ll Supply The Love van Toto’s eerste album. Hold The Line, ook van het debuut, is het volgende muzikale hoogtepunt en ook Georgy Porgy (opgedragen aan de overleden zanger van Earth, Wind & Fire Maurice White) blijft nog steeds een heel lekker nummer om live te horen. Bend, de bonus track op de Japanse editie van XIV, is bij veel toehoorders niet zo bekend, maar ook dit is een typische Toto klassieker in spe. Pamela, van het album The Seventh One, wordt massaal meegezongen en dan begint David Paich aan zijn, wat mij betreft overbodige, keyboard solo. Maar dat wordt gelukkig goedgemaakt door het navolgende fantastische Great Expectations, een van de beste songs van XIV.
Zeer opvallend en ook verrassend vind ik de Robin Trower (Jimi Hendrix kloon) cover Bridge Of Sighs; hierin gaat Steve Lukather lekker los en toont hij nog maar eens, overbodig, aan, wat voor een begenadigde gitarist hij is. Holy War en ook Orphan, de twee andere singles van XIV komen aan bod en overtuigen live wat mij betreft niet helemaal. Het super bekende Rosanna van het zeer succesvolle album IV beëindigt de reguliere set van vanavond en uiteindelijk komt de band dan nog terug voor On The Run, Goodbye Elenore en natuurlijk het onoverkomelijke Africa, dat ik toch nog steeds een lekker nummer vind.




Mala Vita – So Far So Good (Global Roots Music)
Thus Owls – Black Matter (Secret City Records/V2)
The Cult – Hidden City (Cooking Vinyl / V2)
Die Nerven – Out (Glitterhouse Records)
DeWolff – Roux-Ga-Roux (
Flying Colors- Second Flight: Live At The Z7 (Music Theories Recordings / Mascot Label Group)
Live Review: Steven Wilson – Hand Cannot Erase Tour @ 013, Tilburg
Set twee opent met de eerste Porcupine Tree song van deze avond Dark Matter van het album Signify uit het jaar 1996. Gelukkig krijgen we vanavond nog meer ‘oude’ Porcupine Tree nummers te horen en wat is het toch jammer dat Wilson besloten heeft om met die super band te stoppen! Lazarus (opgedragen aan David Bowie), Open Car (beide van het album Deadwing), Sleep Together (Fear Of A Blank Planet) en The Sound Of Muzak (In Absentia) komen voorbij en wat zijn dit toch heerlijke songs om nog eens te horen. Van de nieuwe EP speelt Wilson vanavond het fantastische My Book Of Regrets, en dat is wat mij betreft een van de beste nummers die ik ooit van Steven Wilson gehoord heb…
