Major Murphy – In The Meantime

Nieuwe Major Murphy single In The Meantime is een schoolvoorbeeld van een groeidiamant. Grote kans dat het nummer je nauwelijks zal opvallen als je het voor het eerst hoort langs komen, maar bij de tweede, derde en zeker de vierde keer zal je gegarandeerd even de oren spitsen en checken wie of wat je hoort, ‘want dit is toch wel erg goed’.

Dat dit is een onderkoelde rocktrack met een half verstopte klasse-riff, synchrone leadzang en een onontkoombare drive. Er zit geen enkel rustpunt in In The Meantime, toch zou je het nummer eerder als ‘laid back’ dan opgefokt willen omschrijven.

Major Murphy komt uit Grand Rapids, een stad in de Amerikaanse staat Michigan waar ooit zoveel Nederlanders naar toe zijn geëmigreerd dat ons koninklijke echtpaar er een paar jaar geleden speciaal op bezoek is geweest. In de voornaam van bandbaas Jacob Bullard klinken de Hollandse roots van zijn voorouders nog door. Wie de Murphy uit de bandnaam is konden we niet zo 123 vinden. Misschien dat we daar meer over komen te weten als Major Murphy wat bekender is geworden. We schatten zo rond de zomer.

The Avalanches – Gold Sky (feat. Kurt Vile)

Het Australische dj-duo The Avalanches heeft in in hun ruim twintig jarige bestaan maar drie albums uitgegeven. Dat komt niet door gebrek aan inspiratie, maar door hun superstrenge kwaliteitscontrole. In geval van twijfel niet uitbrengen lijkt het devies.

Wat door de beugel kan, is dan ook altijd heel erg goed. Niet altijd ons kopje thee, maar op de kwaliteit valt helemaal niks af te dingen. Op het recentelijk verschenen 3e album van Robbie Chater en Tony Di Blasi staat een track die een beetje buiten hun gebruikelijke dance en hip hop boot valt, want niet echt dansbaar. Ook de gastartiest op Gold Sky, Kurt Vile is niet iemand die je verwacht op een dj album. Toch werkt de combi van gesamplede beats en indie-zanger hier uitstekend. Zingen doet Kurt overigens niet echt, hij declameert zijn trippy tekst tegen een achtergrond van bubbelende geluiden en zachte, woordeloze soulzang. Het gaat om de sfeer en dat heeft Gold Sky in overvloed.

Rose City Band – Lonely Places

Je kunt het je nu niet meer voorstellen, maar er was een tijd dat The Eagles en countryrock net zo hip waren als Nirvana en grunge in de jaren 90 en The War On Drugs en indierock nu.

Countryrock is langzaam op gegaan in de eenheidsworst die sinds jaar en dag in Nashville wordt gedraaid. De laatste tijd echter lijkt er sprake van een opleving. Jason Isbell verricht goed werk, de onvermoeibare Drive By Truckers trekken weer bekijks en ook James White’s ontdekking Silver Synthetic laat de gitaren weer twangen. Ook de muziek van ‘nieuwkomer’ Rose City Band roept beelden op van wijde vlaktes, verre heuvels en afgelegen ranches.

Als je nieuwe single, Lonely Places hoort, zou je zweren dat het ‘t werk is van een stel muzikanten dat is opgegroeid in staten als Texas, Wyoming of Montana en niet van een oude hippie uit San Francisco. Rose City Band is het speeltje van Ripley Johnson, die we kennen als mannelijke helft van Moon Duo en aanvoerder van Wooden Shjips, twee acts waar de hallucinogenen van afdruipen.

Johnson’s verandering van stijl is misschien verrassend maar niet uniek. Hij volgt het voorbeeld van Gram Parsons die The Byrds verliet om The Flying Burrito Brothers te beginnen, om nog maar te zwijgen van The Grateful Dead die zich omturnde van oerhippie orkest tot psychedelische countryband. Waarschijnlijk is Lonely Places een voorbode van een nieuw album van Rose City Band, dat zal dan de derde worden.

Myles Kennedy – In Stride

Myles Kennedy kondigt de komst van zijn nieuwe, tweede solo-album aan met de release van een heerlijk swampy nieuwe single. In Stride begint met een slide-gitaar die zo scherp is als de tanden van een alligator. Wat volgt is een moppie rock dat nu al classic is.

Myles nieuwe soloalbum lijkt een stuk aardser te worden dan zijn werk met Alter Bridge waar de bombast toch wel altijd op de loer ligt. Niet dat dat erg is. Het is gewoon prima om allebei te hebben, de te paard te paard metal van Myles met band en de rootsy oerrock die hij als alleenstaande produceert.

Myles heeft zijn nieuwe solo album geschreven en opgenomen tijdens de lockdown. Toen hij een lichte paniek zag uitbreken in zijn omgeving en iedereen aan het hamsteren sloeg, is hij eens goed gaan nadenken wat hij eigenlijk nodig heeft om te overleven. Dat blijkt niet veel te zijn; een bescheiden natje en droogje, zijn gitaar en hij komt de crisis wel door. Een paar muzikale vrienden is ook handig, want dan kunnen ze muziek maken en een plaat opnemen. Zo is het The Ides of March album tot stand gekomen. Myles’ motto lijkt te zijn ‘chill out’, we zien wel waar het schip strandt.        De opvolger van ‘Year of The Tiger’ verschijnt op 14 mei.

 

POLICE CAR COLLECTIVE – MINE

MINE, single twee van POLICE CAR COLLECTIVE is een stuk directer dan de mini-rock opera waarmee ze debuteerden. Maar niet veel minder ambitieus. Dat de bandnaam in all caps wordt geschreven geeft al aan dat bescheidenheid geen eigenschap is waaronder het duo uit Liverpool gebukt gaat.

MINE maakt zich geliefd middels een baslijn uit het receptenboek van Peter Hook van Joy Division/New Order. Het betere jatwerk dus. Maar ook dat mag de pret niet drukken. Wat Tyler Plazio en Simon Quigley zelf inbrengen zijn goede smaak, kennis van zaken en schijt aan de buren.

Getuige het feit dat ze hun stijl ‘fuck you music’ noemen hebben de boys ook zelfinzicht en gevoel voor humor. Allemaal prima eigenschappen om het ver te schoppen.

Iceage – Vendetta

Iceage draait al een tijdje mee. Lang genoeg om al vier albums te hebben afgeleverd. De reden dat je de band niet zo heel vaak bij ons hebt gehoord is tweeledig; ze komen uit de punk en ze zijn Deens. Theoretisch hebben we niks tegen punks en al helemaal niets tegen Denen, maar punk is niet het meest radiovriendelijke genre en de Deens muziekscene is niet zo interessant als zeg maar de Deense tv detective wereld, de zogenaamde Scandi Krimi’s.

Maar het vijftal uit Kopenhagen komt binnenkort met een nieuw album dat –als we mogen afgaan op nieuwe single Vendetta- wel spekkie voor ons bekkie zou kunnen zijn. Wellicht speelt hier de invloed van de producer. Het is voor het eerst dat Iceage met een externe producent in zee gaat. Zijn naam is Sonic Boom. Hij komt uit de roemruchte Britse indie-band band Spacemen Three.

Vendetta verraadt weinig punkinvloeden, het model lijkt eerder de Britse pillenpop die rond 1990 opdook in Manchester. Rockbands ontdekten toen de House en xtc en begonnen muziek te maken met een dance-beat. The Stone Roses en Happy Mondays waren pioniers van het genre. Zoals die bands toen klinkt Iceage nu op Vendetta, behoorlijk gedrogeerd, maar ook opwindend en aanstekelijk. De zang is wat ruw en ongepolijst, maar dat is een kwestie van wennen. Daar staat tegenover dat Vendetta het beste intro heeft van 2021 tot nu toe.

Frances Of Delirium – Let It All Go

Frances Of Delirium begon haar bestaan als slaapkamerproject van de 19 jarige Jana Bahrich. Omdat haar grungy songs een stevige ritmesectie behoeven heeft ze een drummer en bassist geronseld. De standplaats van het trio is momenteel Luxembourg. Daar landde de oorspronkelijk uit Vancouver, Canada afkomstige zangeres-songschrijver na eerdere langdurige verblijven in België en Zwitserland. Haar ouders zitten in het internationale onderwijs, vandaar de omzwervingen.

Waarschijnlijk zal het Groot Hertogdom snel te klein blijken voor Frances Of Delirium. Al komt Jana relatief gezien nog maar net kijken, ze heeft wel iets te vertellen en ook een duidelijke dwang om gehoord te worden.

Let It All Go is een getoonzette woedeuitbarsting met een half gezongen, half gesproken mijmering over een liefde die dat niet bleek te zijn. Jana’s toorn is bijna tastbaar. Haar begeleiders moeten alles uit de kast trekken om hun aanvoerdster bij te houden. Maar het lukt en als na ruim 4 minuten de storm weer gaat liggen is iedereen moe, maar voldaan.

Remember Sports – Pinky Ring

Remember Sports is een 50/50 m/v band uit het studenten stadje Gambier in Ohio. Tenminste daar liepen Carmen, Jack, Catherine en Connor elkaar tegen het lijf een jaar of zes geleden.

De respons op het drietal albums dat ze tot nu toe hebben uitgebracht was van dien aard dat ze hun band hebben opgewaardeerd van hobbyproject tot ‘het zou weleens iets kunnen worden’. Om het lot een handje te helpen zijn ze naar het centraler gelegen Philadelphia verkast. 

Remember Sports maakt powerpop, enthousiasmerende kop-staart liedjes met kittig gitaar werk en pittige dameszang. Pinky Ring is mogelijk hun sterkste song/performance /productie tot nu toe. Dat belooft dus wat voor het nieuwe album dat op 23 maart uitkomt en Like A Stone gaat heten.

Teddy’s Hit – Suffer

Suffer is weer zo’n geslaagde tegendraadse rocksong van Teddy’s Hit. Het Amsterdams trio bracht begin dit jaar hun debuutalbum uit en vulde daarmee een groot deel van het gat dat is achtergebleven na het verscheiden van Indian Askin. Net als die band heeft Teddy’s Hit een werkzame balans gevonden tussen radiovriendelijke rock en prikkelende clubmuziek.  

Suffer is stoer en subtiel tegelijk, de zang is punky, het gitaarwerk is afwisselend lyrisch en rockend. Het zou niet verbazen als de band goed bekend is met het werk van Tom Verlaine’s Television. Het beste nieuws is dat er op het albumdebuut van Teddy’s Hit nog veel meer van dit soort slijtvaste gitaarjuweeltjes staan. 

Monokino – Bend Or Break

Monokino is de artiestennaam van George van Wetering, een smart-rocker uit Amsterdam. Monokino schijnt wereldberoemd te zijn in China, niet geheel onbekend in de V.S. en graag gezien in Canada.

Niet alleen heeft George al heel wat van de wereld gezien, tijdens zijn omzwervingen heeft hij ook mogen samenwerken met o.a. Bowie producer Tony Visconti en retronaut Jacco Gardner. Monokino is dus al even bezig. Mocht er een nieuw album komen zijn dan wordt het zijn derde.

Bend Or Break komt dus niet uit de lucht vallen. En dat hoor je. De uitgekristalliseerde sound wordt voor een groot deel bepaald door George’s karakteristiek nasale stemgeluid. Zijn zang doet wel aan Brian Molko van Placebo denken. Verder vallen de snedige gitaren op, de slimme productie en de sterke refreinen waarin George een canon met zich zelf lijkt te zingen.

Vanwege corona zal Monokino zijn activiteiten voorlopig tot de lage landen moeten beperken. Jammer voor hem, maar goed voor ons.