Papa Roach – Born For Greatness

Papa Roach is altijd goed voor een relletje van het muzikale soort. Met nieuwe single Born For Greatness zorgt de band weer voor de nodige opschudding. Vooral vooraan bij concerten van de veteranen zal het uitkijken geblazen zijn voor rondslingerende armen, abrupte acrobatische beenbewegingen en headbang manoeuvres in velerlei varianten.

Born For Greatness is single # 3 van studioalbum nummer 8 van de metalrappers uit Vacaville, California, die sinds 1993 de ene rake klap na de andere uitdelen. De naam Papa Roach komt overigens van de stiefvader van zanger Jacoby Shaddix, Howard William Roach. De band heette eerst Coby Dick, wat eigenlijk ook een prima naam is.

Barns Courtney – Sinners

 Barns Courtney – niet te verwarren met Courtney Barnett- is een Britse singer-songwriter met een opvallend bronzen stemgeluid. Barns Courtney bracht eind vorig jaar zijn debuut uit als soloartiest. Daarvoor had hij al twee vergeefse pogingen gedaan om van muziek zijn beroep te maken als lid van een band.

Zijn eerste release onder eigen naam, de single Glitter & Gold was een behoorlijk succes, maar het was de opvolger Fire, die de poort naar succes eindelijk op een kier zette. Opvallend genoeg kwam de doorbraak niet via de traditionele  airplay, maar door exposure in de Bradley Cooper film Burn en later in verschillende tv-series.

Nieuwe single Sinners staat niet op het debuutalbum. Het is een song die Courtney schreef met Carl Barat van The Libertines. Sinners is een eigentijds zeemans cq drinklied waarvan tekst en melodie perfect passen bij zijn donkere timbre. Proost!

Beach House – Lemon Glow

Dreampop heeft vele vormen en varianten, maar waar iedereen het over eens is dat de absolute top van de stijl wordt vertegenwoordigd door het uit Baltimore afkomstige duo Beach House. Sinds hun low key debuut in 2006 is de band gegroeid van hip, maar obscuur tot superhip en wereldberoemd. Elk album – het zijn er binnenkort zeven- klinkt eender maar toch anders, en staat vol met zwoele, onderhuidse fluistermuziek, ogenschijnlijk simpele, maar doordachte songs.

Veel bands, die doorbreken met een zo’n specifieke sound als Beach House hebben moeite de aandacht vast te houden. Hen wordt vaak gebrek aan variatie verweten met voorspelbaarheid als gevolg. Beach House heeft dat probleem nooit gehad. De overeenkomsten tussen hun debuut en later werk zijn groter dan de verschillen, het is juist de fine-tuning van hun sound, de verdieping van de stijl die elke release weer de moeite waard maakt, met als voorlopig hoogtepunt het Depression Cherry album uit 2015 met daarop het succesvolste nummer van de band to nu toe, Space Song.

En dan verschijnt er een nieuwe single, die hoewel geen stijlbreuk toch behoorlijk anders is. Zeker wat sfeer betreft. Lemon Glow is hypnotisch en dreigend. Er is spanning en onrust, die worden versterkt door Alex Scally’s glijdende synthesizers en de stem van Victoria Legrand, die na het intro plots van alle kanten lijkt te komen. De tekst over ‘The Color Of Your Mind’ had zo uit 1968 kunnen komen en is dus puur dreampop, maar op de achtergrond loert er iets. Ja wat eigenlijk? De geboorte van een nieuw genre? Nightmare pop? Mogelijk geeft het nieuwe album uitsluiting.

Moss – Why Don’t You

Met een staat van dienst als Moss begint de band behoorlijk op een nationaal instituut te lijken. Het lijkt wel of het heilige vuur na 15 jaar feller brand dan ooit. In 2009 bereikte de band van Marien Dorleijn de massa met de single I Apologise (Dear Simon). Het is nog steeds hun succesvolste song, maar de concurrentie groeit.

Vorig jaar bracht Moss hun zesde en volgens velen sterkste album uit. Met My Decision, The Promise en Bored To Death bevat Strike drie songs, die de band tot in lengte van dagen zal moeten spelen willen ze een opstand onder fans voorkomen. Waar de meeste bands na gedane zaken een tijdje op de lauweren rusten, zijn Marien en zijn mannen gewoon weer de studio ingedoken om vier nieuwe nummers op te nemen, die weer stuk voor stuk raak zijn. Waarschijnlijk zullen in de komende maanden alle vier de songs op onze playlist verschijnen, maar we beginnen bij de eerste favoriet, Why Don’t You waarin Marien zich een licht electro jasje aanmeet, dat zit als gegoten.

EUT – Bad Sweet Pony

Het gaat EUT behoorlijk voor de wind. Na zich te hebben gevestigd als een van de betere live acts in Nederland-muziekland bewijst de band nu dat ze ook in de studio van wanten weet. Eigenlijk wisten we dat al, want de twee voorgangers van Bad Sweet Pony mogen er ook zijn.

Maar nu lijdt het geen twijfel meer dat EUT een act is met een lange adem. Opvallend is dat het Amsterdamse kwintet zich in de kijker heeft gespeeld met een muziekstijl die behoorlijk eigenwijs is. Daarmee lappen ze de conventie aan hun laars dat -wil je succes hebben- je je moet conformeren aan de trends en bands van de dag.

EUT gaat lekker zijn eigen gang met hun prikkelende sprokkelpop. Op hun derde single mixt men 80’s new wave met surfgitaren en poppy koortjes tot een swingend stament, waarmee de band komende zomer menig festival zal opfleuren.

Okkervil River – Don’t Move Back To L.A.

Okkervil River loopt zich warm voor de release van album number 9. De band is actief sinds 1998 dus dat is een behoorlijk gemiddelde. Om alle Okkerervil River releases en die van offshoot Shearwater precies in kaart te brengen, heb je een accountant nodig, want de stroom is zo goed als oneindig. Kwantiteit is echter iets anders dan kwaliteit, maar gelukkig houdt bandbaas Will Sheff het peil goed in de gaten.

Sheff is overigens de enige constante in twee decennia Okkervil River. Verder is het een komen en gaan met inmiddels meer ex dan huidige bandleden. Het nieuwe OR album heet In The Rainbow Rain en is volgens Sheff ‘ the most fun Okkervil River album ever’. Die lol zal op het opnameproces slaan, want de eerste single is niet bepaald een vrolijk werkje. Don’t Move Back To L.A. is een ballad met een The Eels feel gezongen door Sheff met een stem die aan Robert Smith van The Cure doet denken. Ook is te horen dat 20 jaar Texas de oorspronkelijk uit New England afkomstige Sheff niet in de koude kleren is gaan zitten.

Don’t Move Back To L.A. zal zowel het indie-volk als fans van Americana aanspreken. De release van In The Rainbow Rain staat voor eind april. De bijbehorende tournee is vooralsnog beperkt tot de V.S, maar gezien de populariteit van Okkervil River in Europa zal de band waarschijnlijk dit najaar wel onze kant opkomen.

Hookworms – Each Time We Pass

Wie Hookworms kent van de Pinguin hit, Negative Space zal waarschijnlijk even moeten wennen aan Each Time We Pass. De songs zijn namelijk als dag en nacht, als yin en yang. Negative Space is een up-tempo track met een redelijk normaal spelverloop en behoorlijk wat gitaren, naar voorbeeld van krautrock bands Can und NEU en Bowie in zijn Berlijnse periode.

In het eveneens van het nieuwe, 3e Hookworms album Microshift afkomstige Each Time We Pass is het tempo traag en domineren de keyboards. Feitelijk gebeurt er weinig in het nummer, de kracht van de track zit hem in de suggestie dat er een grande finale komt, een climax met de bevrijding van een goed geplaatste drop. Maar die blijft dus uit. Als een dreigend onweer dat uiteindelijk overdrijft, zo kan je de nieuwe single van Hookworms misschien het best omschrijven.

In Engeland wordt het nieuwe, derde album van Hookworms binnengehaald als een meesterwerk van de zelfde orde van grootte als Psychocandy van The Jesus & Mary Chain en Ladies And Gentlemen We Are Floating In Space van Spiritualized. Dat is misschien een tikkeltje overdreven, maar dat de band uit Leeds met Microshift een belangrijk album heeft afgeleverd moge duidelijk zijn.

 

 

 

 

Wooden Shjips – Staring At The Sun

Van alle bijdragen van Lou Reed aan de pophistorie is zijn riff voor Sweet Jane misschien wel de meest beklijvende. Ook Wooden Shjips maakt dankbaar gebruik van misschien wel Lou’s beste ingeving. Aan het uiterst relaxte tempo van Staring At The Sun zou je kunnen opmaken dat de band ook bekend is met de cover van Cowboy Junkies, terwijl de galm op de stem sterk doet denken aan rockabilly punk van Alan Vega in zijn vroege dagen. Mocht je genoemde namen niet kennen, maar de nieuwe single van Wooden Shjips prachtig vinden, dan moet je ze zeker even googelen.

Wooden Shjips werd iets meer dan 10 jaar geleden gelanceerd in voormalig hippiecentrum San Francisco. De band borduurt lustig voor op de psychedelische rock zoals midden jaren zestig geïntroduceerd door stadgenoten als The Grateful Dead en Jefferson Airplane (van wie Wooden Ships een song is). De carrière van de band bestrijkt vier albums met een vijfde op komst. V wordt in mei verwacht. Eerste single Staring At The Sun is een compositie van gitarist, Erik ‘Ripley’ Johnson, die ook actief is in Moon Duo en gaat over de recente bosbranden in Californië.

Teenage Wrist – Dweeb

Teenage Wrist is een nieuwe band uit L.A. Na een salvo singles volgt binnenkort een eerste album, Chrome Neon Jesus getiteld. Als je weet dat Teenage Wrist het nieuwe paradepaardje is van Epitaph Records dan weet je waarschijnlijk ook dat de band uit de punkhoek komt.

Punk er in vele smaken, Teenage Wrist zit ergens tussen de shoegaze en emo in. De meest in het oor springende inspiratiebron van Kamtin, Marschall en Anthony lijkt Dinosaur Jr te zijn, een band die net als Teenage Wrist niet zuinig is met gitaren en de tempo’s liever wat lager houdt. Dweeb is overigens een synoniem van nerd.

Dat Epitaph hoog inzet op Teenage Wrist blijkt wel uit de keuze van producer. Die honneurs worden waargenomen door Carlos de la Garza. Garza is gespecialiseerd in het slaan van bruggen tussen punk en pop. Hij speelde een grote rol in de opkomst en het succes van o.a. Paramore, Jimmy Eat World en meer recent Wolf Alice. Chrome Neon Jesus verschijnt op 9 maart.

Peace – Power

Het is even stil geweest rond de Britse band Peace, een kleine drie jaar om precies te zijn. Maar ‘the boys are back in town’ en hoe! Eind vorige jaar kwam Peace met een eerste single van hun nieuwe (3e) album, een stemmig nummer over psychische problemen. Nu is er een tweede track uit, die je het best kunt omschrijven als een euforische meebruller. Geïnspireerd door een spectaculair onweer en de energie van fans tijdens concerten heeft chef Peace, Samuel Koisser een song geschreven die we waarschijnlijk nog jaren lang zullen horen bij sportevenementen en op andere plekken waar een overwinning wordt gevierd.

Peace‘s Power is een indie antwoord op I’ve Got The Power van Snap, familie van Harder Faster Stronger van Daft Punk/Kanye en een vervolg op We Will Rock You van Queen. Zoals de meeste strijdliederen zal Power geen prijs krijgen voor de complexiteit van de compositie, maar hij doet precies wat hij moet doen; mensen op de barricades krijgen.

Zoals gezegd is Peace een tijdje uit de running geweest. Wij kregen de band op onze radar in maart 2013 toen ze debuteerden met het frisse Wraith. Een jaar later scoorden ze een IJsbreker met Money. Ook de releases daartussen en na hebben we trouw gedraaid. Peace is een indie band aan het poppy spectrum van het genre, soortgenoten zijn o.a. Blossoms, The Magic Gang en Black Honey. Power is geproduceerd door Simone Felice (Bat For Lashes, The Lumineers) in zijn studio in de heuvels van Woodstock N.Y.

Een van de redenen dat er zo’n lang witje zit tussen het vorige album en Kindness Is The New Rock And Roll (4 mei) is dat de band uit Worcester is gedropt door hun platenmaatschappij, een major label in Japans eigendom. Hier gaat iemand zwaar spijt krijgen.