Terugkijken op 10 jaar Birth of Joy: “Het was echt waanzinnig.”

Bekend om de goeie live reputatie en met een ongekend tourschema deed de band bijna 2000 optredens in Nederland, Europa en de V.S.. Nog een paar shows te gaan en dan eindigt het avontuur van Birth of Joy na ruim tien jaar en vijf studioalbums in Paradiso. Op 3 januari bouwt de band samen met Death Alley, die ook stopt, een laatste feestje. Na zo lang samen in de bandbus en op het podium moeten er wel veel toffe dingen zijn gebeurd. We spraken met Kevin, Bob en Gertjan af in hun Leidse stamkroeg de WW om te praten over het rock ’n roll-avontuur dat Birth of Joy voor ze is geweest.

Tekst Nadieh Bindels Foto Jorah Terwisscha van Scheltinga

De stamkroeg is de plek waar de drie vanaf het begin van de band samenkomen om bier te drinken, plannen te smeden en bij te komen van optredens. Binnenin de bruine kroeg komen de scheurende gitaren uit de boxen. Voor de deur is de steeg waar Birth of Joy één van haar eerste optredens deed. Op een 2,5 meter hoog podium speelde ze tijdens Leidens Ontzet in 2008 de steeg helemaal ramvol. Gertjan: “Dat was zo vet. Er kon letterlijk niemand meer bij in de steeg en iedereen ging los. Het is misschien wel één van de vetste optredens die ik me kan herinneren.” Na bijna 2000 shows is het lastig te zeggen welk optreden het tofst was, maar er zijn zeker nog wel wat pareltjes blijven hangen bij de drie muzikanten. Bob: “Ik vond de eerste keer Zwarte Cross heel tof. Volgens mij was dat in 2010. We speelden meteen al in de grootste tent en stonden daar met onze kleine spulletjes op het podium. Dat was zeker een hoogtepunt.” Kevin: “We stonden in 2012 op Transmusicales in Frankrijk. Dat was ook echt een speciaal moment. We stonden voor het eerst in het buitenland en speelden meteen voor 3000 man. Het was echt waanzinnig.”

Met hoge toeren de grens over
Na het optreden tijdens Transmusicales stroomden de aanvragen voor optredens binnen. Birth of Joy reisde stad en land af om te spelen. In het begin deden ze Frankrijk, Duitsland en Engeland nog in één weekend, niet veel later deden ze zo een week over één land. En ook de V.S. sloegen ze niet over. Ze mochten er op verschillende showcasefestivals spelen. Bob: “Ja het was wel heel vet dat we daar heen mochten en konden zeggen dat we in ‘het grote Amerika’ hadden gespeeld. Het was alleen onmogelijk om daar op te vallen. Zo stonden we in 2013 op CMJ in New York. Dat is een soort ESNS maar dan twintig keer groter met twintig keer zoveel bands.” Kevin: “Ja, weet je nog dat we daar met onze spullen door de stad zeulden? We hadden geen auto en moesten met al onze bandspullen door de stad en in de metro. Wat een gedoe.” Gertjan: “Dan hebben we dat in L.A. beter gedaan. Toen hebben we ergens een winkelwagentje vandaan getoverd om onze spullen de stad door te krijgen.”

Bandbus capriolen & feestelijke streken
De bandspullen van A naar B krijgen is in de geschiedenis van Birth of Joy wel vaker een avontuur geweest. Zo had de band in het begin een brandweerbusje uit 1963. Super romantisch en veel mooie herinneringen, maar.. Gertjan: “Ja het was een heel mooi ding, maar handig was het zeker niet. We hebben zo vaak pech gehad met dat ding. Bob: “Er zat een gat in het dak boven de bestuurdersstoel. Dus als het regende, deed Gert-Jan een pet op om niet helemaal zeiknat te worden.” Gertjan: “En de accu ging heel snel leeg. Dus altijd als we bij een plek aankwamen om te spelen, moest ik hem daar opladen. Niet echt handig, maar we hebben er toch twee jaar in gereden, er de clip van ‘Make Things Happen’ mee opgenomen en er Popronde mee overleefd.”

Popronde was de eerste echte tourervaring voor Birth of Joy. Het was voor de band een aanloop naar meer succes, dé periode waarin ze hun goede live reputatie neerzette, maar het was ook zeker een feestelijke ervaring. De drie deden mee in 2010, toen het rondreizende showcasefestival nog een stuk kleiner was dan nu. Bob: “Het duurde destijds zes weken en er waren iets van vijfentwintig steden die meededen. We hebben er toen zo’n tweeëntwintig gedaan, bijna allemaal dus.” Kevin: “Ik kan me herinneren dat het altijd chaos was. Een half uur voor de show was er nog niemand op zo’n locatie en als de show begon, was het stampvol. Het was altijd feest. En weet je nog dat leipe eindfeestje toen in Eindhoven? Dat was in een kraakpand ergens. Super tof!” Gertjan: “Ja, of toen in Middelburg. Dat we met de hele Popronde-crew en allemaal bands in dat huis belandde om nog even een feestje te bouwen tot de zon weer opkwam. Dat was ook een mooie!”

Een feestje bouwen, dat kunnen de drie muzikanten van Birth of Joy zeker wel. Ze hebben dan ook goed van de gelegenheid gebruik gemaakt in de afgelopen tien jaar. Gertjan: “Weet je wat het is. Overal waar je dan komt als band, ben je zelf het feestje. Je treedt op, dus er is feest. Of het nou voor het optreden is, tijdens of erna, er is altijd feest.” Kevin: “Ja dat betekent niet dat we altijd naar de tering zijn gegaan. Met zware tours houd je daar natuurlijk ook wel rekening mee, maar ik kan niet zeggen dat ik altijd een brave gast ben geweest.” Gertjan: “Weet je nog met oud en nieuw toen we in Pacific Parc speelden? We moesten om vier uur ’s nachts spelen. Ja, wat denk je dat er dan gebeurt? Haha! Ik weet nog dat we heel snel door de nummers heen waren.”

Einde in zicht
Momenteel tourt Birth of Joy samen met Death Alley door Nederland, om 3 januari voor beiden bands de avonturen af te sluiten in Paradiso. Het kan bijna niet anders dan dat het een bijzondere avond wordt. Bob: “Ik kijk er wel naar uit, samen met Death Alley. Het wordt sowieso gezellig en heel tof.” Kevin: “Er komen zelfs Franse fans naar Amsterdam om die laatste show mee te maken. Dat is echt goeie support! Maar ik heb ook wel in m’n achterhoofd dat het voor het laatst gaat zijn en dat het nu aftellen wordt. Van die kleine momentjes op het podium, de drumsolo’s van Bob bijvoorbeeld”. Toch zijn alle drie de muzikanten blij dat ze dit besluit hebben genomen en ruimte gaan krijgen voor andere projecten en nieuwe kansen. Al blijven ze elkaar wel regelmatig zien.

Als eerste lichting Herman Brood Academie studenten vonden ze elkaar op dag twee van de introductieweek in de oefenruimte. Destijds een jaar of 16, nu bijna 30, is er zoveel gebeurd en beleefd. Gertjan: “Het voelt bijna alsof we een soort broers van elkaar zijn. In goede en in slechte tijden en alles ertussenin. En ik zeg nooit, nooit. Niemand weet wat de toekomst zal brengen, maar voorlopig is het mooi geweest.” Kevin: “Precies dat. Het was een gigantisch avontuur!”

LIVEDATA
15 december Gebr de Nobel, Leiden
20 december Neushoorn, Leeuwarden,
21 december Gebouw-T, Bergen Op Zoom (+Death Alley)
22 december Bibelot, Dordrecht
27 december Grenswerk, Venlo (+Death Alley)
28 december LuxorLive, Arnhem
29 december De Pul, Uden
03 januari Paradiso, Amsterdam (+Death Alley)

Girl In Red – We Fell In Love In October

Girl In Red is de muzikale roepnaam van Marie Ulven, een jonge artieste uit Noorwegen die dit jaar de ene na de andere knaller scoorde met charmant rafelige songs als Girl, Summer Depression en Say Anything.

Marie wierf haar enthousiaste publiek via Youtube, waar de clip van haar debuutsingle I Wanna Be Your Girlfriend na plaatsing een eigen leven ging leiden en de maakster in no time van dilettante tot (internet) ster maakte.

Marie steekt niet onder stoelen of banken dat ze op vrouwen valt en in eerste instantie bestond haar publiek dan ook voornamelijk uit gelijkgestemden. Het illustreert haar muzikale charisma en intuïtieve gevoel voor melodie dat haar songs inmiddels ook door mensen van alle geaardheden worden gewaardeerd. We Fell In Love In October is het zevende schot in de roos op rij van Marie a.k.a. Girl In Red, die nog 20 moet worden.

Vistas – Fade

Vistas is een jonge nieuwe Schotse band, die je zou kunnen kennen van de single Tigerblood, waar wij begin dit jaar het etiket IJsbreker opplakten.

Ons vroege vertrouwen wordt helemaal waargemaakt door de nieuwe single van het trio onder bezielde leiding van Prentice Robertson. Fade is bombastisch op een goede manier met gruizige gitaren, gierende synths en de energie van traytje Red Bull.

Vistas is een band die het niet moet hebben van vernieuwing, maar van opwinding. De Edinburghse zweetrockers komen dan ook live het best uit de verf, maar komt met Fade behoorlijk dicht in de buurt van de euforie die ze in de zaal veroorzaken.

The Glow – Beamer

LVL UP is niet meer, lang leve The Glow! Zeven jaar en drie albums lang heeft Mick Caridi geprobeerd voet onder de grond te krijgen met LVL UP, een losjes rockende indie-band uit New York. Na het vertrek van mede-oprichter Ben Smith kwam de klad in de band en volgde een spoedig einde.

Caridi staat er nu alleen voor, maar kwijt zich met verve van zijn nieuwe taak. De debuutsingle van zijn nieuwe band,  The Glow is een korte, krap 2 minuten, maar overtuigende song, die in stijl niet erg verschilt van zijn werk met LVL UP, maar wel wat betreft geluidskwaliteit. Waar LVL UP de lo-fi filosofie aanhing, rockt The Glow in glorieus stereo!

Debuut single Beamer is geen voorloper van een album, maar bedoeld als korte introductie van part two van Caridi’s carrière. Beamer laat horen dat hij prima in zijn artistieke vel zit. Caridi is momenteel druk doende songs te schrijven voor een album, dat in 2019 het licht zou moeten zien. Als Beamer de nieuwe lading ook maar een beetje dekt dan zou hij zomaar met The Glow op plekken kunnen komen die voor LVL UP onbereikbaar zijn gebleken.  

Welcome to The Village 2019 kondigt eerste namen en start kaartverkoop aan

Thomas Azier (NL), RAKETKANON (BE), The Soft Moon (USA) en Husky Loops (GB) zijn de eerst bekend gemaakte namen voor Welcome to The Village 2019. De zevende editie van het festival vindt plaats van 18 tot en met 21 juli in recreatiegebied de Groene Ster. Welcome to The Village start haar vroegste voorverkoop op vrijdag 14 december.

Eerste bevestigingen
Thomas Azier is momenteel aan het touren met zijn net uitgebrachte album Stray, dat kan rekenen op lovende kritieken. Ook live wordt het nieuwe werk uitstekend ontvangen, getuige de uitverkochte clubtour. Husky Loops is een grote belofte uit Londen, die hun catchy indierock deze zomer naar het festival brengt. Raketkanon uit België komt De Groene Ster voorzien van een donkere dosis sludge en het Amerikaanse The Soft Moon brengt hun vlammende postpunk naar Leeuwarden.

Start ticketverkoop
Omdat de BTW op festivaltickets volgend jaar omhoog gaat van 6 naar 9 procent, start Welcome to The Village nog dit jaar met de eerste batch ‘Earliest Bird’ tickets. Zo kunnen bezoekers voor de ‘oude’ prijs een ticket kopen voor het festival. Die ticketverkoop start vrijdag 14 december om 10.00 uur

Over Welcome to The Village
Welcome to The Village vind plaats van 19 t/m 21 juli 2019 in recreatiegebied de Groene Ster, bij Leeuwarden.

Naast (podium)kunst is er ook dit jaar ruim aandacht voor innovatie, wordt er met maatschappelijke partners aan het handgemaakte festival gewerkt en is lekker én logisch eten prioriteit.

Manchester Orchestra feat. The Front Bottoms – Allentown

Elke nieuwe single van Manchester Orchestra lijkt weer een paar maten trager dan de vorige, maar minstens zo mooi.

Ooit begonnen als muzikale fanclub van alles wat uit de Britse stad Manchester kwam, denk aan Joy Division, The Smiths, Stone Roses etc. is de band uit Atlanta, Georgia geëvolueerd van rockband tot Americana orkest met als specialisme ballads van het beschouwende soort. Op Allentown wordt die ontwikkeling doorgezet. De nieuwe single kwam tot stand in samenwerking met The Front Bottoms, een neo-emo band uit New Jersey met veel aanzien in het Amerikaanse indie-circuit.

Allentown werd geschreven en geproduceerd door M.O. frontman Alan Hull en Brian Sella, de aanvoerder van The Front Bottoms. De zang is van Hull. Het barst van de Allentowns in de V.S. Zeer waarschijnlijk zingt Hull over de stad in Pennsylvania waar de beruchte Lehigh Prison was gehuisvest. De gevangenis waar Hull over zingt is allegorisch, hij wil ontsnappen aan zijn  demomen. Allentown is sober en bespiegelend en derhalve uitermate geschikt voor deze donkere dagen rond kerst.

Interview met Matthew Houck van Phosphorescent

PhosphorescentGetrouwd, vader van twee kinderen en eigenaar van een persoonlijk gebouwde opnamestudio in Nashville. Veel is er veranderd in het leven van Matthew Houck – Phosphorescent – sinds hij vijf jaar geleden het veelgeprezen album Muchacho uitbracht. Alle grote veranderingen die de gewezen New Yorker doormaakte zijn terug te vinden in de nieuwe langspeler, met de daarom logische titel C’est La Vie.

Tekst Mania | Ruben Eg

Helemaal stil was het overigens niet in de vijf jaar na Muchacho. In 2015 verscheen immers nog Live At The Music Hall. Een plaat die Houck zelf als méér dan een tussendoortje beschouwt. ‘Ik heb hard aan die plaat gewerkt, en zou het niet hebben uitgebracht als het zomaar een collectie liedjes zou zijn’, vertelt hij. ‘Voor mij is Live At The Music Hall een écht album.’

Tot nu toe was het mijn favoriete Phosphorescent-plaat. Mag je dat zeggen over een live-album?
‘Ik vind het prima. Ik was blij dat ik via dit album kon laten horen hoe sommige oudere nummers geworden zijn. In de vroege jaren van Phosphorescent maakte ik mij weinig zorgen over de kwaliteit van de albumopnames. Het was gewoon zorgen dat je liedjes opgenomen kreeg. Met de wetenschap van nu, begrijp ik wel waarom veel van die nummers niet al te gemakkelijk… te verteren waren (lacht).’

Wat is het geheim van een goede opname? De studio, de apparatuur? Of toch alles in de computer zetten, in stukken hakken en aan elkaar plakken?
‘Ik sta niet dicht bij één van beide. Met Muchacho, en met C’est La Vie in het bijzonder, heb ik geleerd waarom bepaalde platen uit de seventies en eighties zo mooi zijn. Die klonken fenomenaal door alles: de ruimtes waarin ze zijn opgenomen, de apparatuur, de opstelling van de microfoons, de technici. Ik heb mij daar jaren nooit druk over gemaakt. Het was gewoon: liedjes opnemen en weer verder. Nu steek ik daar veel meer tijd in.’

Word je uiteindelijk geen apparatuurfreak, die steeds de allerbeste microfoon moet hebben?
‘Een beetje. Maar je groeit door de jaren heen natuurlijk ook als muzikant. Ik ben een betere zanger dan vroeger. Op de live-plaat staat het nummer Dead Heart. De originele versie op het album Aw Come Aw Wry uit 2005 is… Ik houd van alle albums die ik heb opgenomen. Toen ik ze uitbracht was ik zo trots als je maar kunt zijn. Maar soms kunnen nummers groeien in iets wat je toen nooit had kunnen bedenken. Daarom ben ik zo blij dat Dead Heart op Live At The Music Hall op een andere manier is verschenen.’

Terug naar dit album: waar heb jij al die jaren uitgehangen?
‘Ik was aan het werk! (lacht) Mijn vrouw (bandlid Jo Schornikow, red.) en ik kregen een kind. Wij wilden daarom weg uit New York en vonden een huis in Nashville.’

Waarom Nashville? Omdat het een muziekstad is?
‘Precies. Er woonden ook wat vrienden van ons. We dachten: laten we eens kijken, als het niet bevalt kijken we verder. Maar het beviel uitstekend, vooral omdat het een muziekstad is. Toen ik bijvoorbeeld voor het nummer These Rocks een contrabas nodig had, kwam een kennis direct aanzetten met Dave Roe: de oude bassist van Johnny Cash. Zoiets kan alleen in Nashville.’

Wanneer ben je begonnen met C’est La Vie?
‘Het is een beetje een raar verhaal. Vrij snel nadat we in Nashville kwamen, tikte ik een analoog MCI-studiomengpaneel uit de seventies op de kop. Ik dacht dat ik dat met een paar weken wel had opgeknapt en er dan mee aan de slag kon. Dat was heel, heel erg naïef gedacht. Zes maanden later zat ik er nog steeds aan te sleutelen. Op dat moment moesten wij ook ons huurhuis uit. Omdat ik vervolgens geen plek meer had voor dat mengpaneel, ben ik gaan zoeken naar een vaste ruimte. Maar ik vond alleen een oud winkelpand, zonder muren en elektriciteit erin. Dus ik dacht: dat doe ik ook wel zelf. Daardoor werd het een alleen maar langer project. Tussentijds speelde de band op een festival, en toen ik ze toch bij elkaar had wilde ik in drie dagen de basis van zes nieuwe nummers opnemen in The Bomb Shelter-studio in Nashville. Gewoon om te horen hoe het zou klinken. Die eerste, spontane opnames klonken zó fantastisch. Toen ik pas acht maanden later in mijn eigen studio aan de slag kon, kreeg ik het enthousiasme van die eerste spontane opnames niet terug. Daardoor greep ik veel terug naar dat materiaal. Ondertussen had ik ook meer nummers geschreven, kregen we een tweede kind en ging het leven verder. Zo is uiteindelijk het album ontstaan.’

Klinkt eigenlijk een beetje magisch.
‘Eigenlijk precies het gevoel dat ik altijd najaag. Het is uiteraard slimmer om, eh, gedisciplineerd te werk te gaan. Maar voor mij werkt het zo.’

Christmas Down Under vind ik een erg mooi nummer. Kerst op een plek waar het niet sneeuwt, water en vuur: het lijkt alsof iemand twijfelt tussen religie en de evolutietheorie?
‘Er gebeurt veel in dat nummer. De titel is wat goedkoop, maar ik ben blij dat je verder hebt gekeken dan de titel alleen. Ik denk dat dit één van de sterkste nummers is die ik ooit heb geschreven. Er zit inderdaad veel in. Maar ik twijfelde hoeveel er van over zou blijven.’

In meer nummers stel je vragen over het leven. Heeft dat iets te maken met een man van middelbare leeftijd die zich gaat settelen, die opeens geen kind meer is maar een vader?
‘Over dat laatste had ik toe nu toe nog niet nagedacht. In Phosphorescent loop ik vaak wat vragenstellend rond. Maar de focus op mijzelf, die egoïstisch naar binnen kijkt, is wel veranderd door mijn kinderen. Daarom kon ik ook geen betere albumtitel bedenken dan C’est La Vie. Er zijn geen antwoorden. Het is leuk om er over na te denken. Maar het lijkt mij onwaarschijnlijk dat jij en ik de waarheid over het leven wel even naar boven halen.’

 

Bazart – Onder Ons feat. Eefje de Visser

Wie bedacht heeft om Eefje de Visser te koppelen aan Bazart verdient een lintje. Zelden was een muzikaal huwelijk zo geslaagd. De gestroomlijnde productie waarmee Bazart naam heeft gemaakt past Eefje als gegoten.

Ook de stemmen van Eefje en Matthieu klinken perfect in harmonie. Waar zowel Eefje als Bazart meesters in zijn, is het matchen van de Nederlandse taal met muziek. Beiden verstaan de kunst om in onze moerstaal te zingen zonder dat dat opvalt. Als je naar de tekst wilt luisteren kan dat. Als je als je van de melodie en productie wilt genieten kan dat ook zonder te worden afgeleid door harde klanken of scheve rijm.

Voor herhaling vatbaar dus deze samensmelting van Nederlandstalige talenten. Sowieso is het een goed idee om een creatieve noord-zuid lijn in het leven te roepen tot wederzijds nut en genoegen. Al hebben Bazart en Eefje de Visser de lat wel wat hoog gelegd.

LIVEDATA 22/03 TivoliVredenburg, Utrecht 23/03 Doornroosje, Nijmegen 29/03 013, Tilburg

Sharon Van Etten – Jupiter 4

Sharon Van Etten brengt binnenkort haar eerste album in vijf jaar uit. Dat het lange wachten de moeite waard was, maakte ze vorige maand duidelijk met haar geslaagde ‘Comeback Boy’ single.

Wie toch nog twijfelde zal zeker over de streep worden getrokken door het indringende Jupiter 4, een song die zonder twijfel een keer terecht zal komen op de soundtrack van een horrorfilm en/of serie. Net als Nick Cave schildert Sharon in donkere tinten. Het gedragen tempo en spookachtige karakter van Jupiter 4 maskeert een positieve tekst waarin Sharon zingt eindelijk haar ware liefde te hebben gevonden. Het zou overigens zo maar kunnen dat Jupiter 4 over haar baby gaat, Sharon heeft vorig jaar haar eerste kind gekregen.  Zoals  ze op ‘Comeback Kid’ al liet horen is Sharon voor haar nieuwe album diep in de synths gedoken. De songtitel Jupiter 4 heeft niks met de tekst te maken, maar is de naam van een vintage Roland synthesizer die de song zijn bijzondere sfeer geeft. Het was de provisorische titel die ze de demo van het nummer had gegeven en die is dus blijven plakken.  

‘Remind Me Tomorrow’ is het zesde haar van de zangers uit New York. De release volgt in januari. Op 29 maart is ze in Nederland. Sharon zou eerst Paradiso Noord staan, maar het concert is vanwege de grote belangstelling verplaatst naar de grote zaal van de hoofdvestiging.

LIVEDATUM: 29/3 Paradiso, Amsterdam.

#331 Arjan Snijders

Nog even en de Lijst der Lijsten barst los. We hebben het natuurlijk over de Snob 2000. Op 18 december 7 uur ‘s ochtends beginnen we met het uitzenden van de tweeduizend beste songs die niet in de Top 2000 staan. De uitzending neemt twee weken in beslag en zal eindigen zo rond de klok van middernacht op 31 december.

Als je de lijst bekijkt van vorig jaar zie je welke opvallende hiaten de favorieten parade van de buren vertoont. De Snob 2000 is niet alleen een ludiek idee, maar ook een noodzakelijke aanvulling cq correctie. Maar dit terzijde.

Binnenkort maken we bekend wie er dit jaar achter de microfoon kruipen om de presentatie van de Snob 2000 van kundig commentaar te voorzien. Eén naam willen we alvast prijsgeven en dat is die van de Stationschef van deze week…. Arjan Snijders!

Arjan is een radiodier pur sang, maar nog zo veel meer. Hij is de officieuze chroniqueur van de Nederlandse Radio, sterker nog van het vaderlandse medialandschap. Hij heeft een boekenplank vol geschreven over de Nederlandse media in al zijn verschijningsvormen, waaronder een standaardwerk over de geschiedenis van 3FM. Ook is Arjan de initiator van de Gouden Radio Ring en een van de drijvende krachten achter de Marconi Award. Momenteel is hij de station manager van NH Radio.

Zijn stem is te horen (geweest) op vrijwel elke nationale zender, in de ether, op de kabel en online. Er gaapt echter één gat* in zijn alomvattende CV en dat is, je raadt het al Pinguin Radio.

Dat maken we goed en wel op twee manieren. Allereerst is Arjan zaterdagavond te horen in zijn nieuwe nevenfunctie als Stationschef, en hij is -en daar zijn we zeer trots op- een van de presentatoren van de Snob 2000.

Onze Bazz belde met Arjen om hem officieel in te huldigen als Stationschef en te spreken over zijn liefde voor muziek, radio en andere zaken van algemeen belang.

Uizending van Bazz op de Buzz met Arjan Snijders zaterdag 8/12 om 19.00 uur . Herhaling donderdag 13/12 om 22.00 uur.

*okay twee, hij heeft voor zover wij weten ook nog niks voor Omroep Max gedaan.

25 favoriete platen van Arjan Snijders:

  1. I am the walrus – Beatles
  2. 2. Soliy (One hand Clapping Session) – Paul McCartney & Wings
  3. Da bang – Prince
  4. Song for the dead – Queens of the Stone Age
  5. Brilliant trees – David Sylvian
  6. Sick – His name is alive
  7. Blood bitch – Cocteau Twins
  8. Grace – Jeff Buckley
  9. Satan is in my ass – Evil Superstars
  10. As tears roll by – Daniel Lanois
  11. Big fat fuck – Ween
  12. ‘tis Your kind of music- Graham Central Station
  13. While we wait for the others – Grizzly Bear ft. Michael McDonald
  14. The wreck of the beautiful – The Divine Comedy
  15. Antiphon – Midlake
  16. Stankonia (Stanklove) – OutKast
  17. Ms. Pinky – Frank Zappa
  18. Too high – Stevie Wonder
  19. Lucidity – Tame Impala
  20. Another day slips away – R. Stevie Moore & Jason Falkner
  21. Splitting atoms – Self
  22. Keep slipping away – A place to bury strangers
  23. Untitled (how does it feel) – D’Angelo
  24. Windowlicker – Aphex Twin
  25. Ze zeggen – Het Universumpje