Iggy Pop – Gold

Als je niet weet dat het Iggy is zou je zweren dat Gold wordt gezongen door Leonard Cohen. Dat Iggy kan croonen weten we al sinds zijn wisselvallige uitstapjes richting Frans chanson, maar zo mooi laag als op zijn bijdrage aan de film Gold (van en met Matt McConaughey) hebben we hem zelden in het Engels gehoord. Vlak voor het eind van Gold borrelt de oude punk nog even naar boven, maar het nummer blijft meer zondagochtend dan zaterdagavond. Gold is een productie van Danger Mouse en lijkt qua sfeer en instrumentatie op het ‘spaghetti western’ album dat de producer opnam met Danielle Lupi. Het is niet de eerste keer dat Iggy met Danger Mouse heeft gewerkt, Iggy is een van de gastvocalisten op het Dark Night Of The Soul album van Danger Mouse en Mark Linkous van Sparklehorse. Iggy heeft laten weten dat het Post Pop Depression album dat hij vorig jaar maakte met Josh Homme waarschijnlijk zijn laatste zal zijn, maar voor kleine klusjes als een nummer voor een soundtracks is hij gelukkig nog wel te porren. Ook het toeren kan de 69 jaar jonge rockgod nog niet laten. In augustus zal Iggy -deo volente- weer te zien zijn op Lowlands.

Indian Askin – Crazy

Heet op de hielen van het fantastische Drinkin’ Time verschijnt er deze week weer een compleet verse track van Indian Askin. Was hij vorige week uitgekomen i.p.v. Drinkin Time hadden we Crazy gebombardeerd tot IJsbreker, want wat een geweldig nummer weer! Crazy is een ballad en etaleert een andere kant van de Amsterdamse hoogvliegers, die tot dusver hoge ogen gooiden met nucleaire boogie tracks als Asshole Down en Really Wanna Tell You. Dat Indian Askin ook weg weet met de rustigere tempi weten we van albumtracks als Island en Smudge. Crazy is nog weer een stap vooruit, broeierig, spannend en prettig unheimisch. Er wordt wel beweerd dat iedere halve zool een up tempo song kan bedenken, maar dat de ware meester zich toont in de ballads. Als dat zo is, mag Indian Askin die titel voor hun naam zetten. We mogen er van uitgaan dat Drinkin’ Time en Crazy over niet al te lange tijd op een album (of EP) terecht zullen komen en we hebben het vermoeden dat die release Pinata Disco Derby gaat heten, want zo heet de nieuwe tour die half april van start gaat. Vooralsnog is Crazy b/w Drinkin’ Time overal te streamen en te koop op wit vinyl, maar dan moet je wel snel zijn want de oplage van de 7” is slechts 350.

Stationschef 242: Sven Bersee / Hoofdredacteur LiveGuide

LiveGuideWie wil weten wie waar speelt en of een bezoek de moeite waard is, doet er verstandig aan om LiveGuide te raadplegen, het live-blad van de muziekliefhebber. Niet alleen vind je in de maandelijkse editie lange lijsten van optredende acts, je kunt die acts indien nodig ook beter leren kennen dankzij de prima profielen, interviews en tips, die de redactie elke maand weer met liefde, smaak en kennis van zaken samenstelt.

Dit alles gebeurt onder supervisie van Sven Bersee, een muziekman met een vlotte pen, een goed netwerk en het vermogen orde te scheppen in de chaos die muziekwereld heet. En wat kost dat dan dat Liveguide? Helemaal niks. Liveguide is gratis verkrijgbaar in vrijwel alle Nederlandse popzalen, platenwinkels en andere plekken waar muziek minnend Nederland elkaar treft.

Met ingang van volgende week gaat Pinguin Radio elke laatste maandag van de maand een uur lang muziek uitzenden (LiveGuide Radio 30/01 van 20:00-21:00 uur), die speciaal voor ons wordt geselecteerd door Sven en zijn Liveguide team. Dat wordt een bont en boeiend uurtje, getuige de lijst die Sven inleverde ter illustratie van het interview dat Bazz had met onze nieuwe Stationschef.

Het gesprek zal zaterdag (21/10) te horen zijn tussen 19:00 en 21:00 en a.s. donderdagavond worden herhaald om 22:00 uur.

LiveGuide RadioDe top 25 van Sven Bersee.

1. Kendrick Lamar – King Kunta
2.
Bob Dylan – You’re Gonna Make Me Lonesome When You Go
3.
Thundercat – Them Changes
4.
Roman GianArthur – I-69
5.
Television – Friction
6.
Jimi Hendrix – Little Miss Lover
7.
D’Angelo – One Mo’Gin
8.
Mobb Deep – Survival of the Fittest
9.
Pixies – Hey
10.
Love – Alone Again Or
11.
TLC – No Scrubs
12.
TV On the Radio – Province
13.
A Tribe Called Quest – The Donald
14.
Frank Zappa – Baby Snakes
15.
Sly & The Family Stone – Sing a Simple Song
16.
Two Gallants – Steady Rollin’
17.
Dr. Dre – What’s the Difference
18.
Jorge Ben Jor – Take It Easy My Brother Charles
19.
Del Shannon – Runaway
20.
Freddie Gibbs – Shitsville
21.
Father John Misty – Bored in the USA
22.
Caetano Veloso – It’s a Long Way
23.
Lemon Demon – Touch-Tone Telephone
24.
Tom Waits – Come On Up To the House
25.
Townes Van Zandt – Fare Thee Well, Miss Carousel

Declan McKenna – The Kids Don’t Wanna Come Home

Declan McKenna is de anti-Ed Sheeran. Niet dat de jonge Brit geen succes wil hebben, maar niet tegen elke prijs. Waar Sheeran uit de lange traditie komt van rasentertainers als Tom Jones en Robbie Williams volgt jonge Declan meer het spoor van Bob Dylan en Morrissey. McKenna’s debuutsingle, Brazil gaat over corruptie, opvolger Paracetamol over het beeld van transgenders in de media, Bethlehem gaat over religie en zo heeft tot nu toe elke release van de 18 jarige Brit een politiek of actueel thema. Declan ziet zichzelf niet als protestzanger, maar voelt wel de behoefte om zijn gedachte en meningen in zijn songs te verwoorden. Eerlijk gezegd zijn het niet de onderwerpen van zijn songs die hem binnen korte tijd een vrij groot publiek hebben bezorgd, maar de kwaliteit van de composities en productie. Declan kwam speelde en overwon vorige week op Eurosonic en is nu ook op andere zenders dan Pinguin te beluisteren. Ondertussen blijft hij een van de productievere artiesten van dit moment en kwam hij vorige week met alweer een nieuwe single, The Kids Don’t Wanna Go Home, zijn respons op de aanslagen in Parijs. Het is niet alleen bewonderenswaardig dat Declan ernstige onderwerpen aansnijdt, maar ook dat hij de kunst verstaat zijn boodschappen zo te verpakken dat ze te horen zijn op plekken, die doorgaans bezet worden gehouden door de Ed Sheerans van deze wereld.

Breekijzer: Slowdive – Star Roving

Niet alleen is shoegaze als genre weer helemaal terug van weggeweest, ook de pioniers van het genre roeren zich weer. We hadden onlangs voor het eerst in jaren weer nieuw werk van The Jesus & Mary Chain, My Bloody Valentine is soort van actief, Lush is weer bij elkaar net als Ride en nu is ook Slowdive nieuw leven ingeblazen. En hoe klinkt Slowdive anno 2016? Alsof het 1994 is. Gelukkig maar, want er zit niemand te wachten op een update van de laagvliegende in galm gedrenkte gitaarsound, zoals ooit ontworpen in de gedrogeerde geesten van de gebroeders Reid van The Jesus & Mary Chain. Star Roving is de eerste nieuwe opname van de band uit het Engelse Reading in 22 jaar en mogelijk, maar niet noodzakelijk en voorbode van een vierde album.

IJsbreker: Spoon – Hot Thoughts

Wie dacht dat het Spoon na dik 20 jaar en 8 albums wel uitgeraasd zou zijn, moet eens naar Hot Thought luisteren, de prelude op de nieuwe langspeler van de Texanen. We kennen Spoon als een inventieve band met een breed palet aan invloeden-variërend van Amerikaanse indie via Britse punk tot Duitse prog-rock- die ze verwerken in puntige en spannende songs. Hot Thoughts vormt daarop geen uitzondering, maar heeft als extra attractie een beat waarbij stilzitten geen optie is. Vrees niet, het kwartet rond de hoogbegaafde Britt Daniel heeft zijn ziel niet in de aanbieding en de band is ook niet essentieel van stijl veranderd. Hot Thoughts laat gewoon horen dat de band nog volop in beweging is en niet bereid te rusten op in het verleden behaalde lauweren. Het eigen spoor dat Spoon sinds 1993 volgt, heeft de band de nodige successen bezorgd in de album en singles-charts.

Opvallend is dat het meest recente album van de groep, They Want My Soul uit 2014 met songs als Do You en Inside Out verreweg hun succesvolste is. De meeste bands scoren vroeg in hun carrière en zien hun populariteit daarna met lede ogen afkalven. Spoon maakt dus nog steeds stappen. Een mogelijke reden hiervoor, maar misschien ook de tol van de roem is een vrij constant komen en gaan van muzikanten, alleen aanvoerder Britt Daniel en drummer Jim Eno doen vanaf het begin mee.

Een andere verklaring voor het bijzondere uithoudingsvermogen van de band is hun gelukkig keuze van producers. Hulp in de creatieve sfeer kreeg Spoon dit keer van ex Mercury Rev bassist Dave Fridman, die zich heeft gespecialiseerd in het werken met averechtse acts als The Flaming Lips, Sparklehorse , Tame Impala en Spoon dus. Spoon’s Hot Thoughts album verschijnt op 17 maart in alle gangbare formats.

Interview: Orange Skyline is zijn cockiness nog niet helemaal verloren

Orange SkylineVoor degenen die Orange Skyline al wat langer volgen, kan het even slikken zijn. Al jaren bouwt de band een publiek op met op Engelse leest geschoeide rockmuziek, maar het debuutalbum laat plots een ander geluid horen. Elektronischer, maar ook doordachter en minder in-your-face. Deze omslag komt mooi naar voren in de playlists die ze half 2013 en begin 2017 samenstelden. De eerste is een fraaie bloemlezing van vijftig jaar Britse rockmuziek terwijl de tweede een stuk veelzijdiger is, met hiphop (Kendrick Lamar), R&B (FKA twigs), dance (LCD Soundystem), toch nog het een en ander aan rock (Pixies) en zelfs hitparadepop (Ariana Grande). Alle reden voor een goed gesprek en dus spreken we met Niels van der Wielen, lead-gitarist van Orange Skyline maar ook steeds meer een muzikale duizendpoot binnen de band.

Tekst Arnout de Vries

Oorspronkelijk is Niels van der Wielen vooral de gitarist van de band maar tegenwoordig bespeelt hij ook onder andere de synthesizer, arrangeert hij strijkers, en zingt hij zelfs af en toe (Embrace). Samen met zijn broer Stefan, de frontman van de band, schrijft hij de teksten van de band, waarbij ze elk hun eigen stempel op de muziek drukken. Hun beider studies dragen hieraan bij: Niels studeert namelijk aan het conservatorium en Stefan doet een literatuur-gerichte studie.

Geïnspireerd door hiphop, dance en R&B vindt de band een nieuw muzikaal pad

Orange SkylineMaar waar is die band vol bravoure eigenlijk gebleven? Van der Wielen legt het uit: “We maakten niet meer de muziek die we zelf tof vonden. We kwamen erachter dat we op weg naar concerten drieënhalf uur lang hiphop draaiden in de auto. Ja, dan krab je je wel achter de oren als je weer surfdeuntjes aan het spelen bent.” Bovendien was het onderdeel van de zoektocht naar een eigen identiteit: “Er zijn zoveel gitaarbandjes die een beetje springindie maken. Het komt mij echt m’n neus uit. We waren ook een beetje anoniem, vind ik. Maar dat is niet erg: het is gewoon een tocht die doorgaat, en ik ben blij dat we op het goede pad zitten.”

Op die tocht verorberde de band aanvankelijk vooral rockmuziek maar tegenwoordig lijken ze echte culturele omnivoren geworden te zijn. Ondanks dat de band vaak nogal ‘cocky’ wordt genoemd, toont Van der Wielen zich een aimabel persoon die bovenal een enorme passie voor muziek heeft. Meer dan een uur lang praat hij geanimeerd over een rijk palet aan invloeden; het ene moment spreekt hij zijn bewondering uit voor Kanye West of de Talking Heads, het andere moment haalt hij de bebop van Charlie Parker als voorbeeld aan, of vertelt hij over het shoegaze-album dat hij nog eens wil maken: met noise-gitaren, drumcomputers en falsettozang. Op het moment dat hij het blazergebruik van Bon Iver en Patrick Watson roemt, speelt ergens op de achtergrond, nauwelijks hoorbaar, My Way van Frank Sinatra. Meteen begint hij enthousiast over de sterke blazers die daarin zitten. Het is Niels van der Wielen ten voeten uit.Terug naar het nieuwe album: Things That I Hide. De titel doet een persoonlijk album vermoeden en de teksten bevestigen dat. Van der Wielen: “Dat is wel een verschil. De teksten zijn wat belevender. An Introduction (hun laatste EP, red.) was veel meer een objectieve benadering; subcultuurtjes, beschouwend. Ik denk dat er meer gevoel in deze plaat ligt.” Zo voelt Enemy voor hem als ‘jezelf goed tegenkomen’. Ook noemt hij Embrace en I Feel Fine als emotioneel beladen nummers. Teksten uitleggen doet hij echter niet graag. Over de muziek raakt hij daarentegen niet uitgesproken. Zo vertelt hij over Embrace: “Het is eigenlijk een heel raar nummer: het heeft wat trap-invloeden en wat orkestrale invloeden (met strijkers en piano), daarbij een stukje gitaar en dat een beetje met R&B-invloeden. Eigenlijk allemaal spontaan ontstaan.”

Orange Skyline 2
Ondanks de spontaniteit die Van der Wielen nog altijd koestert, wordt de invloed van zijn conservatorium-opleiding ook al snel duidelijk. Zo vertelt hij over de open akkoorden aan het eind van enkele nummers, over hun doordachtere manier van nummers schrijven (“ik heb veel geschreven met de bassist; dan schreven we eerst een dansbare, melodieuze baslijn, daaroverheen een topline, om uiteindelijk het middengebied als een soort puzzel in te vullen”), en zelfs over Beethoven-progressies aan het einde van Embrace. Pretentieus? “We zijn hyperpretentieus, daar deins ik niet voor terug. Ik denk dat dat nog steeds die Britse cockiness is: gewoon doen!”

De elektronica, de pretentie, het staat allemaal haaks op het lekker-rammen-gitaarbandje dat ze voorheen waren. Best gewaagd, want ze hebben net een doorbraak met Sound & Fury: het ene nummer dat nog wel goed op die oude stijl aansluit. Ook hier benadrukt hij de cockiness: ‘men noemde ons soms arrogante mannetjes. Ik denk dat dat er nog steeds wel in zit, maar dan in de harde keuzes die we maken. Zo van: fuck it, dit is totaal nieuw, het oude komt niet meer terug en hierna komt weer iets nieuws, deal er maar mee!” Enkele nummers op het album, voornamelijk Lost, verwijzen naar de nieuwe ik; ter illustratie begint hij bij de uitleg van Lost spontaan Sgt. Pepper’s Lonely Hearts Club Band te zingen. Sowieso gooit Van der Wielen er het hele interview lang de ene na de andere verwijzing uit, en aan het eind van het interview vat hij zo per ongeluk zijn eigen band goed samen, over Space Oddity van David Bowie: “dat basgeluid dat ineens veel te hard uit je speakers knalt en dat je je blijft herinneren: dat is een statement, en veel leuker dan binnen de lijntjes kleuren.”

LIVEDATA 18/05 Vera, Groningen 19/05 Paradiso, Amsterdam 20/05 De Helling, Utrecht

Clip van de Dag: Cage The Elephant

Elke ochtend om acht uur is het tijd voor een Clip van de Dag. Met vandaag de nieuwe single Cold Cold Cold van de Amerikaanse rockband Cage The Elepehant. Omdat het zo lekker fris is in Nederland! Cold Cold Cold is de vierde single van het album Tell Me I’m Pretty van CtE, geproduceerd door Dan Auerbach van The Black Keys. Aanstaande dinsdagavond 24 januari speelt de band in een uitverkochte Paradiso!

Powered By BelBernard.nl

Bel Bernard

MICH – Tumbled

Misschien zijn de muzikanten van MICH net niet beroemd genoeg om van een supergroep te kunnen spreken, maar een stel zwaargewichten is het zeker. Neem Bastiaan Bosma, bekend van de Amsterdamse herriemakers Aux Raus, of Piet Parra, een succesvolle illustrator/grafisch ontwerper, tevens partner van Pepijn’ Faberyayo’ Lanen in Le Le. Zij vormen de helft van MICH dat gecompleteerd wordt door producer Rimer London ook lid van Le Le en afkomstig uit het Bas Bron kamp en skater, rocker en kunstenaar Mick Johan (Firestone). MICH begon als hobbyband, maar bleek al snel te goed voor een bestaan binnenskamers. De hobby is muziek uit de jaren 80, de tijd dat mannen make-up droegen en vrouwen mannenkleding. Synths waren nog analoog, de muziek veelal monotoon en de toekomst leek er geen een om naar uit te kijken. Dat laatste is achteraf best meegevallen, net als de houdbaarheid van de new wave, die de 80’s van een soundtrack voorzag. Tumbled, met zang van Sofie Winterson is de derde en meest publieksvriendelijke single van MICH (dat je waarschijnlijk op zijn Duits uitspreekt) en net als de voorgangers binnenkort terug te vinden is op het naar de band vernoemde debuutalbum.