THUS LOVE – Put On The Dog

THUS LOVE maakt binnenkort de oversteek naar Europa*. Om dat te vieren heeft het regenboogtrio een nieuwe single uitgebracht. Put On The Dog is wederom een geslaagde postpunk exercitie met bevlogen zang en gitaarwerk.

Put On The Dog betekent je opdoffen, bijvoorbeeld voor een feestje. De term stamt uit de jaren 20 van de vorige eeuw, een periode die ‘the gay twenties’ werd genoemd. Toen had het woord gay een heel andere betekenis, die van blij of vrolijk. Met Put On The Dog hopen de THUS LOVERS de uitdrukking te opnieuw gangbaar te maken, bij de ‘gays’ van de jaren 20 van deze eeuw.

*Op 9 februari staat THUS LOVE onder de vlaga van Indiestad loves The 80’s in Toekomstmuziek, een nieuw podium in de Danzigerbocht 29, 1013 AM in Amsterdam.

Gretel Hänlyn – Wiggy

We hebben het al eerder gezegd, het kenmerk van een ‘echte’ artiest is niet alleen de kwaliteit maar ook de kwantiteit van hun output. Acts als The Beatles, Bowie en Prince zaten nooit om goede liedjes verlegen.

Ook Gretel Hänlyn laat het ene na het andere liedje los en allemaal komen ze met gemak door onze ballotagecommissie. Terwijl Today nog klimt in de Graadmeter heeft Madeleine Haenlein alweer een nieuwe single in de verkoop. Wiggy is een broeierig nummer waarin miss H¨änlyn’s donkere timbre goed uit de verf komt. En, ze is weer lekker scheutig met gitaren. Wiggy is ook prettig anders dan voorgangers als Mororbike, Drive en Apple Juice, wat ons op een derde kenmerk van een kwaliteitsartiest brengt, afwisseling!

Aiko el grupo – Peñacastillo

Ieder land heeft zijn punk scene. In die van Spanje maakt Aiko el grupo momenteel furore. We hebben het allemaal natuurlijk al eerder gehoord. Alleen nog niet zo vaak in het Spaans. Peñacastillo duurt krap twee minuten, de perfecte lengte van een punksong.

El grupo bestaat uit tres mujeres y un hombre. Ze zingen alle vier, Teresa het hardst. Aiko el grupo resideert tegenwoordig in Madrid, maar komt uit Peñacastillo, een stadje in Noord Spanje. Waarschijnlijk is Peñacastillo dus een nostalgisch lied. Of juist niet.

Skinny Pelembe – Oh, Silly George

De muziek van Skinny Pelembe is net zo bijzonder als de naam. Skinny -echte naam Doya Beardmore -is geboren in Zuid Afrika en groeide op in de U.K. Zijn stijlmix is volkomen uniek. Bij gebrek aan een dekkende term houden we het even op Afro-indie.

En bij wijze van referentie noemen we namen als Talking Heads en Gorillaz, maar Skinny Pelembe is dus vooral zichzelf.  Op zijn debuut EP uit 2017 en het drie jaar geleden verschenen debuutalbum bevindt de Skinny sound zich nog in de embryonale fase. Het klinkt veelbelovend, maar niet erg bevredigend. De eind vorig jaar verschenen single, Like A Heart Won’t Beat en vooral nieuwe single Oh, Silly George doen dat wel.

Oh Silly George is zo funky als die drummer van James Brown, zo springerig als een kangoeroe met vlooien en zo poppy als Beatle Paul in zijn beste dagen. Als Skinny Pelembe live maar half zo goed is als op plaat dan gaat hij een hele grote worden.

Preschool – Baby Soft

Sommige bands willen niet beroemd worden lijkt het wel. Als je Preschool googelt krijg je ongeveer 560 miljoen resultaten, maar daar zit de band Preschool dus niet bij. Dat zal ook wel zo blijven tot het trio een aantal tophits op haar naam heeft staan. En hoewel we dat natuurlijk nooit mogen uitsluiten, de band heeft beslist een oor voor melodie lijkt dat niet het doel.

Dat Preschool een trio is weten we dankzij een summiere bio op Spotify. Daar lezen we ook dat Preschool uit San Francisco komt. Hun namen staan vermeld in de credits van Baby Soft; Ava L. Corbin N., en Nikki Y.

In 2019 kwam Preschool met een EP die klinkt alsof hij is opgenomen in een tochtige schuur. De in dat zelfde jaar verschenen single klinkt niet veel beter, maar wel iets. Nieuwe EP Heart Circle Square daarentegen klinkt als de spreekwoordelijke klok. Preschool zegt psychedelische surf te maken, maar die omschrijving denkt de lading maar half. Baby Soft is een mid tempo liefdesliedje over een meisje dat naar bloemetjes ruikt. We horen een lekker lijzig zingende zangeres en leuke koortjes, maar wat Baby Soft echt bijzonder maakt, is een heerlijke gitaarbreak die een paar keer terugkomt en inderdaad wel iets surfachtigs heeft. Bewust of niet, het is eerlijk en basic wat Preschool doet om niet te zeggen naïef. Fans van The Bug Club doen er daarom goed aan om Preschool op te zoeken. Op Spotify dus of een van de andere streamers.

Wednesday – Chosen to Deserve

Wednesday verscheen vorig jaar op onze radar via MJ Lenderman, die een IJsbreker scoorde met Tastes Just Like It Costs. MJ is gitarist en co-componist van Wednesday, een band uit Ashville, North Carolina, die net als hij een soort fuzzy country maakt. Stel je een kruising voor tussen Screaming Trees en Neil Young, maar dan met een zangeres.

Haar naam is Karly Harzman. Zij schrijft de teksten en speelt ook gitaar. Het is goed mogelijk dat Wednesday vernoemd is naar de dochter van Gomez en Mortricia Addams, maar niet naar de nieuwe serie met Jenny Ortega. De band is ouder. Een eerste album verscheen in 2018, in april wordt het vijfde verwacht, Rat Saw God geheten. Op albumaanjager Chosen To Deserve koppelt Wednesday een Tom Petty achtige riff aan een weemoedige tekst over opgroeien in een klein stadje ‘fucking around and doing stupid shit’. Zo helder als op Chosen to Deserve klonk Wednesday nog niet eerder. Alleen de charmant wiebelige zang van verraadt het lo-fi verleden van de band.

Caroline Rose – Miami

Het heeft even geduurd, maar het lijkt er op dat Caroline Rose haar muzikale draai heeft gevonden.

De native New Yorker flirtte in het verleden met country, rockabilly en pop. Haar teksten waren afwisselend maatschappijkritisch (America Religious), grappig (Jeannie Becomes A Man) of zeer persoonlijk (Freak Like Me). Nieuwe single Miami suggereert dat Caroline op haar nieuwe album, The Art Of Forgetting voor een meer rock-achtig geluid gaat.

Miami begint met een akoestische gitaar, maar de rust wordt al snel verstoord door staccato drums en elektrische gitaaruitbarstingen. Caroline bezingt de tegenstrijdige gevoelens die opdoemen na een breuk; woede, verdriet, wanhoop en opluchting.  Miami eindigt met een diepe zucht. Prachtig!

Josephine Odhil – Rye

Josephine Odhil tovert weer met woorden en akkoorden op Rye, een van de prijsnummers van haar nieuwe album, Volatile.

Wat opvalt is niet alleen hoe fraai Josephine zingt, maar ook hoe verzorgd Rye is geproduceerd. Met subtiele stem dubbelingen, welgeplaatste galmpjes en keyboards die ketsen als een kei op het water creëert ze een magisch universum waarin ook Kate Bush, Björk en Tori Amos zich thuis zullen voelen.

Marathon – Mosquitos & Flies

Single twee van Marathon hakt er weer lekker in. Met zijn hoekige riff doet Mosquitos & Flies denken aan oude wave bands als het Belgische TC Matic met Arno Hintjes en het New Yorkse Bush Tetras. Punk, of zo je wilt postpunk, maar met een beat.

Maar er is wel wat veranderd in de afgelopen 40 jaar. De producties van toen klinken iel en mager vergeleken met de muur van geluid die Marathon hier optrekt. Marathon is opvallend karig met nieuwe liedjes, Mosquitos & Flies is pas de tweede single sinds de band twee jaar geleden de Amsterdam Popprijs won. Maar wat ze loslaten is dus raak!

Adwaith – Sudd

Adwaith is een meidentrio uit Wales, West Wales om precies te zijn, Carmarthen om volledig te zijn.

Holly, Gwenllian en Heledd zingen zoals ze gebekt zijn, ergo in hun eigen taal. Dat bemoeilijkt een doorbraak in andere delen van het Verenigd Koninkrijk, maar is voor ons geen probleem. Sudd betekent overigens sap. Zoals Adwaith duidelijk maakte met hun show op ESNS verdient de band ons aller aandacht. De persdienst van ESNS stopte Adwaith in het postpunk hokje postpunk. In onze oren klinken Sudd en de meeste andere song op hun tweede album, Bato Mato meer als poppunk dan postpunk, want compact en melodieus. Niet dat dat verder uitmaakt. Waarschijnlijk komen we Adwaith  komende zomer wel ergens tegen in festivalland.