Live Foto Review: Wende @ Caprera, Bloemendaal
11 augustus 2019
Foto’s Peter van Heun
Singer/songwriter, theatermaakster, chansonnière, actrice, performer, producer, huiskunstenares bij Koninklijk Theater Carré; Wende is het allemaal en helemaal. Met haar scherpzinnige eigen stem en gezonde hekel aan hokjes en trends vertelt ze verhalen op het snijvlak van wie en waarom. Wende gebruikt haar podium vooral voor uitdagende, grensverleggende projecten waarbij taal, techniek en genre steeds een andere, verrassende rol spelen. Zo is haar project MENS, waarvan de laatste shows in april gespeeld worden in Carré en Paradiso, een even rauw als spraakmakend tijdsbeeld met bloedspannende electrobeats en openhartige, breekbare liedjes.
Afgelopen jaar speelde Wende in uitverkochte theaters en clubs en op toonaangevende festivals als Down the Rabbit Hole en Into the Great Wide Open. Zij won in 2018 de Annie M.G. Schmidtprijs, een BUMA NL Award, de Sylvia Kristel Award en de Harper’s Bazaar Oeuvre Award. In oktober presenteerde zij haar eigen (uitverkochte) festival Kaleidoscoop in Carré. Haar album MENS won de Edison Pop Award 2019 in de categorie Beste Album.
Alles verandert op deze wereld. In hoog tempo. Technologie als toverwoord. We zijn ten prooi gevallen aan de ratrace. Alsof de duvel ons op de hielen zit. Alles verandert. Continu en in de vaart der volkeren. Behalve in Haldern. Waar alles hetzelfde blijft. Waar slechts één ding centraal blijft staan: kwaliteitsmuziek. Ook in 2019 is het programma een verademing, afgezet tegenover het enorme mêlee aan festivals wereldwijd.
Tekst Pieter Visscher, foto’s Andries Makkinga
Al vroeg meesterlijk afgetrapt door onder meer de Duitse pianist Kirill Richter in de kerk van Haldern realiseer je je al snel dat het weer zo’n weekeinde wordt met talrijke muzikale verrassingen. Zo hebben velen mogelijk een negatieve connotatie bij de bandnaam Kadavar (foto) en dat is niet zo gek. De rockgroep uit Berlijn verrast op het hoofdpodium op alle fronten met een sterk door Led Zeppelin en psychdelica beïnvloede sound die het Duitse dorp op zijn grondvesten doet schudden. Drie man sterk zorgen de Duitsers, allang omarmd in metalkringen, voor een vrijwel continue geluidsmuur van smaakvolle stonerbluesrock die net zo verrassend als overdonderend is. Hyperauthentiek kun je het niet noemen, dat is duidelijk. Verpletterend des temeer. Denk ook aan King Gizzard & The Lizard Wizard. Muzikale geestverwanten die vorig jaar ongeveer hetzelfde presteerden op hetzelfde podium, maar zeker niet met z’n drieën. Verrassing van de dag. Wat een zanger ook, die Christoph Lindemann. Gaan we meer van horen.
Stevige techno in een bandsetting brengen doet het uit Oostenrijk afkomstige Elektro Guzzi. Hoeveel er daadwerkelijk live gebeurt is lastig in te schatten, want het accent ligt toch wel heel erg zwaar op de techno, die geregeld opzwepend genoeg is om de uitpuilende Spiegeltent te laten zweten. Wanneer je heel goed je best doet ontwaar je livedrums, gitaar en bas. Muziek voor geoefende oren. Geheide hit ook op de Dance Valleys en Tomorrow Lands van deze wereld. Zonder twijfel.
Robocobra Quartet (foto) is een freejazzformatie uit Engeland die verder gaat dan gelijkgestemden als, bijvoorbeeld, Badbadnotgood en GoGo Penguin. Agressievere benadering van de jazz en ze hebben met drummer/zanger Chris Ryan een opvallende blikvanger in huis. Geestig en to the point. Zet ‘m neer op een willekeurige geitenfuif en je hebt de poppen aan het dansen. Muzikaal is het geregeld rommelig en zijn songstructuren nauwelijks te ontwaren. Desondanks blijf je bij de les. Robocobra Quartet daagt muzikaal uit en dat bevalt. De grenzen van de jazz worden continu opgezocht.
Gurr (foto) is een Duitse drievrouwsformatie die in de klassieke opstelling, met een mannelijke drummer overigens, gitaar, bas en zang/gitaar zowel Duits- als Engelstalige nummers op plaat heeft gezet en die live ten gehore brengt in de Haldern Pop Bar. Die uitpuilt en de door Blondie beïnvloede sound zich laat welgevallen. Poprock met een punky twist. Wie wordt daar niet blij van? Aan het eind van de set crowdsurft een van de twee zangeressen, Andreya Casablanca, gezellig door het raam naar buiten, waar ze vrolijk verder zingt. Het tekent de frivoliteit van de band. Met een fijne cover van Nirvana’s Territorial Pissings wordt afgesloten.
Betere muziek voor de vrijdagnamiddag is nauwelijks denkbaar met Whitney op het podium van de mainstage. Nadat de Australische punkrockformatie The Chats ongelooflijk veel zieltjes wint in de Spiegeltent. Een compact wolkendek houdt de warmte lekker vast, terwijl een bui van betekenis al snel vergeten is. Het platgetrapte grasland kan natuurlijk ook wel wat hebben na al die droogte in Duitsland. De falset van drummer/zanger Julien Ehrlich past nog altijd naadloos in het poppy folkgeluid van de Amerikanen. De inmiddels klassieke hit No Woman voelt al jaren als een wollen deken tijdens koude winternachten. (Hart)verwarmend.
De doorgewinterde opportunist zal zeggen dat Talk Talk niet dood is, maar verplaatst is naar het lichaam van de Canadees Jesse Mac Cormack en geef die opportunist maar eens ongelijk. Vooropgesteld doen hij en zijn band er sterk aan denken en de Spiegeltent leent zich uitstekend voor de breekbare indierock van het gezelschap, dat meer elektronica zal moeten gaan gebruiken om daadwerkelijk in de buurt te komen van Marc Hollis en zijn voormalige kornuiten. Het songmateriaal is mager en Mac Cormack heeft trekjes van een poseur. Vooralsnog een 6-. We blijven ze wel in de gaten houden. Opvallend: wanneer je linksachter in de Spiegeltent naar buiten tuurt, waar de deuren openstaan, en je de in de wei grazende koeien tot je neemt, krijg je toch het gevoel dat Hollis het allemaal oké zou hebben gevonden.
Barns Courtney (foto), in dezelfde tent heeft de moves van Mick Jagger en de stem en de liedjes om een willekeurig schuurfeest aan de gang te krijgen. Gaat elke boerenbruiloft de komende jaren daarnaast op z’n kop zetten en wat is Glitter & Gold een móddervette hit!
The Father John Misty, the Son and the Holy Ghost. In die volgorde ziet Josh Tillman ze graag voorbij komen en het wordt ook nog eens soepeltjes waargemaakt. De man is eigenlijk kind aan huis in Haldern en vinkt alle verwachtingslijstjes opnieuw af, zonder ook maar een spier te verrekken. De zonnebril ophouden, terwijl de koperen ploert al urenlang bier drinkt met de maan en consorten; Hij, ja Hij komt er lachend mee weg. Een bloemlezing van zijn ‘best ofs’ komt voorbij en het tempo ligt in een enkel nummer wat hoger dan op plaat. Noem het verwaand, zelfs megalomaan wanneer je dat wil. Maar plak er ook en vooral de sticker met ‘wereldklasse’ op. Dat verdient-ie. En z’n band ook. Het is eigenlijk abnormaal hoe mooi een nummer als Just Dumb Enough To Try is.
De Amerikaan permitteert zich in eerste instantie alle grappen en grollen achterwege te laten. Interactie nihil en geen haan die ernaar kraait. Tijdens de eerste drie kwartier dan. Want opeens gaat het alsnog los. ‘Be true, not better’, de prachtslogan van Haldern Pop wordt gefileerd en gebruikers van geestverruimende middelen krijgen de teleurstellende mededeling dat in het laatste halfuur slechts stemmige ballads voorbij gaan komen. Dat blijkt reuze mee te vallen. In de finale zit bijvoorbeeld Holy Shit, dat misschien wel het mooiste nummer is dat ooit geschreven is op deze planeet. Vanavond zeker! “Ancient holy wars, dead religions, holocausts. New regimes, old ideas. That’s now myth, that’s now real.” Ja, houd het maar eens droog. En die stém! Hebben we weer een winnaar dit festivalseizoen? Jazeker.
“This is what five feminists look like!”, vertelt zanger Joe Talbot van de Engelse punkband IDLES op zijn geheel eigen wijze. IDLES schrijf je in kapitalen, terwijl tot op heden niemand weet waarom. Maar met teksten over liefde in allerlei opzichten, waaronder plooineuken, gloryholes en wat niet meer zij, kunnen ze wonderwel uit de voeten. Ze brengen een geheel terechte ode aan Stefan Reichmann, de grote drijvende kracht achter Haldern Pop, dat het jaar in jaar uit presteert de crème de la crème van de hedendaagse indiepop en -rock te programmeren. Bands als Muse en Editors stonden op het affiche in het gemoedelijke Duitse dorpje, waar de boer zijn koeien dus nog gezellig in de wei laat grazen. We zien dat zo graag. Waar nog altijd een sigarettenautomaat hangt, die niet wordt vernield cq opengebroken. Waar Jan Terlouws touwtjes nog uit brievenbussen hangen en pils in de lokale bar nog sympathiek geprijsd is. IDLES, Engelse punkers die groot geworden zijn door normaal te blijven, passen naadloos binnen dat geheel. Alhoewel, wat is ‘normaal’ binnen de vigerende rockkaders? Wat is überhaupt normaal? Niets zo arbitrair als dat woordje, wees eerlijk. Gitarist Mark Bowen hangt opnieuw de clown uit in zijn spectaculaire Hawaïaanse zwembroekje. IDLES heeft een punkattitude die elke rechtgeaarde muziekliefhebber bevalt. Goudeerlijk, onbevangen en recht door zee komt zelfs een kort Nothing compares to you-intermezzo uit de verf.
Zoals de organisatie van Haldern al zo vaak flikte, werd ook Fontaines D.C. (foto) al vastgelegd voordat er maar een single uit was van de band. Zo stond al in een vroeg stadium vast dat de Ieren in de Spiegeltent zouden spelen. Die was met de kennis van nu te klein. Veel te klein. Er staat een rij voor de tent die de komende jaren niet meer uit de boeken gaat. Binnen puilt het uit en is het van de eerste tot de laatste noot urgent wat de Dublinse formatie laat zien en horen. Zanger Grian Chatten is een autistischer versie van Ian Curtis en maakt kilometers op het podium, zijn woorden zet hij kracht bij met wilde armgebaren. Het hele album wordt gespeeld, terwijl een grote massa voor het podium wild danst en pogoot. “My childhood was small, but I’m gonna be big!”, is de overtuiging. Ieren met bravoure. Ze hebben het geflikt inmiddels. Fontaines D.C. is een wereldband.
Mooi om te zien hoe de besnorde bassist van Pictures (foto) opgaat in de muziek van zijn band. Pictures is die band uit Berlijn die het doet met twee zangers en op z’n plek is in de knusse Haldern Pop Bar, waar het Duitse bier rijkelijk vloeit. Pictures doet het zonder al te veel interactie met het volle café, speelt een degelijke indierockset en wint aan sympathie per nummer. Zelfs wanneer “Are you fuckers ready?!”, wordt geschreeuwd. We interpreteren het als een koosnaampje. Neuken doen de meesten immers wel op deze planeet.
Spinvis is ook in Haldern en niet voor de eerste keer. Het hoofdpodium is geen onbekend terrein voor de Nieuwegeiner die steeds opzichtelijker flirt met Duitsland en gelijk heeft-ie. De taal is prachtig en hij is ze machtig. De nichemuziek van Erik de Jong en consorten valt al jarenlang goed in de smaak bij onze oosterburen en Erik is niet te beroerd de boel in het Duits gezellig aan elkaar te babbelen en een Duitstalig nummer te zingen om zich nog wat steviger te nestelen. De prachtige Merel, rode jurk, op viool, blijft Spinvis’ paradepaardje. Het oog wil ook wat. Een enkele hit van Spinvis komt vertaald net zo goed uit de verf. Het wordt gewaardeerd.
Ja vaders in den lande, houd uw dochters thuis wanneer Daughters het podium bestijgt. De Amerikanen houden het midden tussen IDLES en Fontaines DC, hoewel eerstgenoemde qua furiositeit een stuk dichter in de buurt komt. METZ en Vietcong kunnen we eraan toevoegen. Niet al te melodieus, verre van superopwekkend, maar heerlijk agressief. Daar kunnen we wat mee op deze verdwaasde planeet. Punkrock die wat extra verkeersboetes oplevert. Eet die microfoon nou niet op, jongen.
Opmerkelijkste gasten op het hoofdpodium zijn misschien wel de drie van Khruangbin, die laidback soulvolle gitaarliedjes brengen met drums en bas. De zang is minimaal. Meestal geen tekst. Zo nu en dan slechts één woord. Welcome, bijvoorbeeld. Hoogstwaarschijnlijk ook de titel van het nummer. Ook opvallend: bassiste/zangeres (gaat continu door de knieën) en gitarist hebben hetzelfde kapsel. De drummer is kaal.
Na de aan Guru herinnerende hiphop van oude bekende Loyle Carner op het hoofdpodium mag Patrick Watson zijn fluisterpopkunsten vertonen in de Spiegeltent. Tijdens enkele nummers geholpen door een enorm mannen- en vrouwenkoor. Watson rockt ook zo nu en dan en daar is hij beter in. Achter de piano is hij het meest in zijn element en ontstaan de fraaiste dingen. Zijn hysterische lachje zo nu en dan wordt mogelijk door geestverruimende middelen veroorzaakt. We houden dat in het midden.
Michael Kiwanuka is een van de headliners op de poster van Haldern 2019 en maakt zijn status moeiteloos waar. De “black man in a white world” is een net zo begenadigd zanger als gitarist en zijn met politiek en maatschappelijke toestanden doordrenkte nummers gaan erin als koek bij het publiek op de afgeladen weide. Waar de temperatuur een uur voor middernacht nog heerlijk behaaglijk is. Opnieuw een uitdagend, spannend en verrijkend muziekweekeinde. Om in te lijsten. We blijven het gewoon zeggen: Haldern Pop is het beste festival ter wereld.
The Black Keys – Let’s Rock (Nonesuch Records/Warner)
Die elektrische stoel op de cover van de nieuwe van The Black Keys staat niet los van de titel van het negende album van de twee Amerikanen. “Let’s rock!”, waren de laatste woorden van de ter dood veroordeelde Edmund Zagorski, vorig jaar. Zagorski had wat mensen in koelen bloede vermoord en dan weet je dat je in sommige staten in Amerika niet je hele leven achter tralies hoeft. Jongen met humor in elk geval, zo vlak voor zijn laatste adem.
Let’s Rock is gevuld met de bluesrock die we kennen van zanger/gitarist Dan Auerbach en drummer Patrick Carney. Het is geen plaat waar we compleet van van slag raken. Vrolijk word je er wel van. Omdat het bruist, positief is en gevuld met bluesrockliedjes waar toch altijd weer dat kwaliteitsstempel op is gedrukt.
Neem zo’n heerlijk heupwiegend liedje als Every Little Thing, dat tekstueel niet al te veel voeten in de aarde moet hebben gehad en ook muzikaal is het qua akkoordenschema’s niet het lastigste wat de mannen op plaat hebben gezet en tóch druk je op de repeatknop. De klasse druipt er opnieuw vanaf. In no time zit het in je kop en probeer maar eens te ontkomen aan meezingen. Dat is zinloos.
Je hoort wat Led Zeppelin terug, The Beatles galmen na, evenals de Stones en je wordt er andermaal ouderwets vrolijk van. Let’s Rock is dan niet het opwindendste album dat The Black Keys hebben opgenomen, het is wel het lekkerste. Een plaat die je op elk moment van de dag kunt opzetten, in wat voor bui je ook verkeert. Het is al een prachtige zomer en The Black Keys maken de mooiste maanden van het jaar nóg veel zonniger. Een en al blijdschap. Check die clip bij Go ook even. Méésterlijk! Pieter Visscher
Live Foto Review: José González en Father John Misty @ Caprera, Bloemendaal
6 augustus 2019
Foto’s Peter van Heun
Patronaat presenteert op 6 augustus Father John Misty en José González in Caprera – Hoe ‘double bill’ wil je het hebben? Joshua Tillman, alias Father John Misty kent al een langdurige muzikale carrière. Onder zijn echte naam, J. Tillman bracht hij al een flinke stapel albums uit en in 2008 werd hij drummer van de succesvolle indie band Fleet Foxes. In 2012 verliet hij de band en werd Father John Misty geboren. Samen met folkzanger José González speelt hij een bijzondere twee-in-één show in het prachtige Bloemendaalse Openluchttheater Caprera.
Father John Misty heeft inmiddels 4 indrukwekkende albums op zijn naam staan, waarvan de meest recente ‘God’s Favorite Customer’ in 2018 uitkwam. De Amerikaan is een bijzondere verschijning op het podium. Vol overgave zingt hij zijn rijk gearrangeerde nummers met scherpzinnige teksten. Verwacht een geluid van indierock met invloeden uit traditionele folkmuziek.
De breekbare stem van José González is er een die je direct herkent. In 2015 bracht hij zijn meest recente album ‘Vestiges & Claws’, maar liefst zeven jaar na zijn tweede album. Een jaar of dertien geleden werd hij in één klap wereldberoemd toen zijn nummer Heartbeats werd gebruikt in een reclame van Sony met ontelbaar veel stuiterballen. González’ inspiratiebronnen zijn duidelijk hoorbaar in zijn muziek: de verstilde Engelse folk van eind jaren zestig, met Nick Drake als vaandeldrager.
Elke eerste maandag van de maand op Pinguin Radio van 20:00 tot 22:00 uur de beste tracks van de beste albums van het moment samengesteld door de muziekredactie van de Volkskrant.
De kroniek van de nieuwe muziek
Lees hieronder alle cd-reviews van de albums van het moment volgens de redactie van de Volkskrant.
—
Burna Boy – African Giant (Atlantic/Warner)
De titel van zijn plaat doet vermoeden dat de Nigeriaan Burna Boy een onbescheiden zelfpromotor is, zo iemand die zichzelf beter vindt dan de rest. Nu is hij dat op het moment misschien wel, maar zijn album is eigenlijk vrij bescheiden. De muziekmix op African Giant is verfijnd en verre van opschepperig, eerder zachtaardig.
Tekst Robert van Gijssel, 1 augustus 2019
Burna Boy is de nieuwe grootheid van de Afrikaanse pop en afrobeat, iedereen wil met hem samenwerken. Hij maakte tracks met Mahalia en Beyoncé, en op zijn eigen album worden de grootheden ook binnengereden, van Jorja Smith tot Future en Damian Marley. In dat stel namen zie je gelijk de veelzijdigheid van Burna Boy weerspiegeld. lees meer
Chance the Rapper – The Big Day (Eigen Beheer) Hij nam er even de tijd voor – zijn vorige album Coloring Book verscheen drie jaar geleden – maar Chance The Rapper komt dan ook met een plaat die ruim vijf kwartier duurt. De rapper uit Chicago noemt dit volledig in eigen beheer uitgebrachte The Big Day zijn ‘debuutalbum’, zijn vorige drie toch behoorlijke platen beschouwt hij als ‘mixtapes’.
Tekst Gijsbert Kamer, 1
Wat precies het verschil is? Zijn in fraaie gospel en soul gedrenkte Coloring Book klonk minstens zo verzorgd, maar het zal met de beschikbaarheid te maken hebben. Wellicht verschijnt The Big Day wél op cd of vinyl. Dat zal dan een dubbel-lp moeten worden, want Chance The Rapper rapt uitgebreid over hoe gelukkig hij is. lees meer
Ty Segall – First Taste (Drag City/V2) De Californische garagerocker Ty Segall doet het in 2019 voor zijn doen rustig aan. First Taste is pas zijn eerste studio-album dit jaar en een curiosum in zijn al tientallen titels tellende discografie. Aanvankelijk klinkt alles vertrouwd. Taste is een even schreeuwerige als pakkende binnenkomer.
Tekst Gijsbert Kamer, 1 augustus 2019
Maar dan begint je iets op te vallen. Waar zijn de elektrische gitaren? We horen de meest onverwachte instrumenten voorbijkomen, van blokfluit en bouzouki tot verzengend harde synths, maar de gierende gitaar van Jimi Hendrix-fan Ty Segall ontbreekt toch echt. Segall heeft voor dit album het instrument even in de ban gedaan en is naast Charles Moothart zelf ook achter de drums gaan zitten. Twee drummers en veel aanvankelijk wat onbestemd lawaai. lees meer
Drivin N Cryin – Live the Love Beautiful (Drivin N Cryin Records/Bertus) De herinneringen die zanger en liedschrijver Kevn Kinney ophaalt aan zijn bandje Drivin N Cryin, op het eerste volwaardige album van de band in tien jaar, zijn verhelderend.
Tekst Robert van Gijssel, 25 juli 2019
Hij koesterde de underground, zingt Kinney bijvoorbeeld in het nummer Spies, en vanaf die plek keek hij naar de bandjes die het wél maakten. In I Used to Live around Here tekent hij de consequenties op van zijn halsstarrige kunstenaarsgedrag. ‘Ik speelde hier ooit in een café. En ik zag mijn vrienden voorbijkomen in een rock-’n-roll straaljager.’ lees meer
The Flaming Lips – King’s Mouth (Bella Union/PIAS) King’s Mouth, een conceptalbum met een enigszins onduidelijke strekking en het vijftiende Flaming Lips album, biedt eindelijk weer een paar sterke liedjes die refereren aan het beste van een plaat als The Soft Bulletin (1999).
Tekst Gijsbert Kamer, 25 juli 2019
Dromerige, melancholieke instrumentale stukken vormen de verbindende schakels tussen mooi ingehouden gezongen liedjes, terwijl het slot How Can A Head tot de mooiste rocksongs van het jaar kan worden gerekend.
Waarnaar we een album lang precies hebben geluisterd, wordt niet geheel duidelijk, maar het is lang geleden dat er zoveel van The Flaming Lips viel te genieten. lees meer
Philip Bailey – Love Will Find a Way (Verve/Universal) Op zijn eerste soloplaat in zeventien jaar haalt de zanger van Earth Wind & Fire zo ongeveer de hele zwarte muziekgeschiedenis overhoop. Op Love Will Find A Way horen we liedjes van Curtis Mayfield (twee) en Marvin Gaye maar ook van Talking Heads, Chick Corea en Oscar Brown Jr.
Tekst Gijsbert Kamer, 25 juli 2019
Bailey zingt prachtig hoog, maar het zijn de jazzarrangementen van toetsenist Robert Glasper die het album bijzonder maken. Hij krijgt hulp van grote jazznamen als Christian McBride (bas), Kamasi Washington (tenorsaxofoon), Christian Scott (trompet) en pianist Chick Corea, die zijn eigen You’re Everything een heerlijk luie yacht rock-sfeer geeft. lees meer
Fruit Bats – Gold Past Life (Merge/Konkurrent)
Bij het luisteren van nieuwe albums word je weleens verrast door een band of artiest waarvan je het bestaan niet kende, ondanks hun lange staat van dienst.
Tekst Gijsbert Kamer, 4 juli 2019
Fruit Bats is zo’n band. Gold Past Life heet de plaat die nu al wekenlang de speler in gaat als er even niks anders geluisterd hoeft te worden. Het is al het achtste album van de band van Eric D. Johnson uit Chicago. En het beste, want de vorige zeven, zo blijkt bij nadere beluistering, zijn net wat minder. Iets te veel non-descripte indie-gitaarpop waarvan er al zoveel is. lees meer
Freddie Gibbs & Madlib – Bandana (RCA/Sony Music) Bandana is een fraaie collage van minuscuul verknipte soul- en funk-samples, doo-wopvocalen gemixt met de stem van Gibbs, die op zichzelf best vlak is.
Tekst Gijsbert Kamer, 4 juli 2019
Die werpt zich in de beste gangsta-raptraditie op als coke-dealer (Crime Pays, Half Manne Half Cocaine), maar haalt in Flat Tummy Teanet zo gemakkelijk de slavernijgeschiedenis overhoop om te constateren dat het Amerika van nu bepaald niet zaligmakend is. Vocale ondersteuning is er van Pusha T en Killer Mike in het hitgevoelige Palmolive en van de net iets te vlak rappende Anderson .Paak in Giannis. Maar ook als de raps even niet de aandacht opeisen zijn er de verbluffend sterke beats en samples die je het album in blijven trekken. lees meer
Africa Express – Egoli (Method/Universal)
Tekst Robert van Gijssel, 18 juli 2019
Africa Express is een Britse non-profitorganisatie die zich inzet voor de internationale muziekcultuur, en vooral banden tussen Afrikaanse en westerse artiesten wil aanknopen. Blur-zanger Damon Albarn is de curator van het gezelschap en geeft artistieke leiding aan de projecten. De prachtige plaat In C uit 2014 bracht ons een Malinese uitvoering van de klassieker van Terry Riley. Egoliis heel anders, maar minstens zo mooi. lees meer
In de tien jaar dat de Amerikaanse David Berman zich na het opdoeken van gitaarband Silver Jews uit beeld bleef, is zijn status als cultheld behoorlijk gegroeid. Muzikaal stond zijn band eind jaren negentig en in de jaren nul altijd in de schaduw van Pavement, maar Bermans teksten zijn de afgelopen jaren een eigen leven gaan leiden.
Tekst Gijsbert Kamer, 18 juli 2019
Berman is terug in een nieuwe band Purple Mountains, met opnieuw rafelige, melancholieke popliedjes. Lekker lui gezongen, zoals Berman dat mogelijk van zijn oude maatje Steve Malkmus (Pavement) heeft geleerd, of andersom. lees meer
Luister hier naar de vorige editie! Volkskrant Radio – juni 2019
Iedere eerste maandag van de maand tussen 20:00 en 22:00 uur live te beluisteren bij Pinguin Radio en een dag later terug te vinden op Volkskrant.nl als podcast en uiteraard ook bij ons op de site!
Ik las de titel van het nieuwe soloalbum van Thom Yorke ietwat te snel en de i werd een e. Dan krijg je Anema en ik moest onherroepelijk denken aan Aenema van Tool, een van de sterkste albums ooit afgeleverd op deze planeet. Exact 22 jaar geleden. Maar bovendien gingen mijn gedachten uit naar Ype Anema, de noeste verdediger die in de jaren 80 van de vorige eeuw uitkwam voor onder andere AZ, dat toen nog AZ’67 heette. In 1967 fuseerden Alkmaar ’54 en FC Zaanstreek, vandaar dat jaartal.
Dat is mogelijk vrij triviale informatie voor muziekliefhebbers die niet veel op hebben met voetbal, maar zij die de sport een warm hart toedragen, gun ik deze feitjes. Anema had een snor – toen kon dat nog – en bloeide na z’n carrière op in de slagerij van zijn ouders, in het prachtige Friese Bolsward. Anema was wars van scheenbeschermers. Dat kon ook nog, toen. Maar nu houd ik op.
Anima is de nieuwste soloworp van Thom Yorke, het Engelse wonderkind, dat vorig jaar nog op de proppen kwam met de soundtrack Suspiria, voor de gelijknamige horrorfilm. Met Radiohead al niet vies van elektronica, gaat Yorke op zijn soloprojecten nog een stapje verder. Nu ook weer.
Anima is uit computers gerold en is op het stemgeluid van Yorke na andermaal weinig organisch. Nochtans hebben we opnieuw te maken met geluidscollages die beroeren. Want dat is ook nu het geval met de elektronische klanktapijten die uit Yorkes brein zijn ontsproten. Wie wil dansen, wordt ook nog eens op zijn of haar wenken bedient, want die monden worden zonder meer gevuld. Verwacht geen uitzinnig gezwier in de clubs, hoezeer de drumcomputer in Impossible Knots (fijne titel) hartstochtelijk zijn best doet.
De melodieën op Anima zijn niet snel beklijvend, als ze dat überhaupt al worden na meerdere draaibeurten, en dat maakt het allemaal des te fascinerender. Het knispert, het wrijft, het wringt en is bij vlagen meesterlijk fraai en sleept je ook mee zoals alleen Yorke meeslepend kan zijn. Als je eerlijk bent zijn zijn soloplaten spannender dan alles wat met Radiohead op plaat is gezet en dan met name de liedjesalbums zoals OK Computer en The Bends – meesterwerken uiteraard (!).
Een nummer als Twist, met zijn onvoorspelbare opbouw, ontroert tot op het bot. Zeven minuten lang zweef je mee met Yorke, waardoor je denkt: oké computer, laat die muzikale omhelzing nog maar wat langer duren. Anima is een intrigerende ontdekkingstocht, die met het briljante Runwayaway zelfs stiekempjes knipoogt naar Kraftwerk. Neem er de tijd voor en verdwaal eindeloos in Yorkes wonderland. Pieter Visscher
Kate Tempest – The Book Of Traps And Lessons (Caroline)
Zeg het ze, Kate. Zég het ze! Ook op haar derde album neemtKate Tempest natuurlijk geen blad voor de mond. Het is de Britse woordkunstenares op z’n kwetsbaarst.
The Book Of Traps And Lessons is elf nummers lang in-your-face spoken word waar overduidelijke en dieper liggende boodschappen elkaar in hoog tempo opvolgen. Zoals we van haar gewend zijn. Tot zover niet veel nieuws onder de zon, maar schijn bedriegt. Tempest ontroert meer dan ooit. Ze is ook daarin confronterender. Mogelijk heeft Rick Rubin er een rol gespeeld. De topproducer.
Tempest houdt ons een spiegel voor. Opnieuw. Over de leegheid van sociale media en apps, zoals WhatsApp et cetera. Sociale contacten lijken waardevol op een smartphone, maar ze stellen meestal geen reet voor. Tempest komt continu binnen. Het wemelt andermaal van de metaforen en je weet dondersgoed wat ze bedoelt. Hoewel er ook hoop is. Niet alles is gitzwart.
Kapitalisme gaat voor de bijl, racisme wordt keihard op de bek geslagen, de vervreemding van elkaar, terwijl je denkt dat je de ander zo ontzettend goed kent via de whatsApps, facebooks en instagrams van deze wereld. Oja, het ten dode opgeschreven Engeland.
In All Humans Too Late is Tempest emotioneler dan ooit.
‘Sucking on pork ribs And summoning pornography So that we can come when we fuck
Our partners don’t know us Our families are strangers Our friends make us nervous‘
Muzikaal is het ingetogener. Tempest heeft zich losgeworsteld van hiphopconventies en slaat ook die sector in de muziekwereld hard om de oren. Tempest is aan het woord en je luistert.
The Book Of Traps And Lessons is geen plaat die je opzet terwijl je de nieuwe buren voor het eerst uitnodigt voor sjasliek, gamba’s en moten zalm op de grill – al kan de koude pils een hoop goedmaken. The Book Of Traps And Lessons is een album dat je wil horen in de late avonduren. Bij schemerlicht, hangend op de canapé. Indringender wordt het bijna nooit. Pieter Visscher
LIVEDATA 18/08 Pukkelpop, Hasselt 23/10Paradiso, Amsterdam25/10 Théatre National de la Communauté, Brussel
Wat een editie, wat een weer, wat een herrie, wat een mensen, wat een muziek, wat een… wat een festival!
Dit is dé pagina om de Zwarte Cross 2019 te herbeleven met foto’s van Casper van Aggelen en de Podcast van Zwarte Cross Radio: de aftershow. Met onnavolgbare reacties van luisteraars bij het podium en op de barrier.
Je hoort een greep uit het waanzinnige live muziekprogramma van #ZC19 met alleen maar bands die pinguin proof zijn!
De zevende van de ‘nerds’ van Hot Chip is een album geworden waar de rode loper voor de dansminnende meute op onze planeet weer breed is uitgelegd. Overdreven veel nieuws onder de zon is er niet. Wel dat we inmiddels klotsende oksels hebben onder de stroboscoop en discoballen. Van vrienden die zichzelf niet al te serieus nemen, net als de wereld om hen heen. “It’s a weird dream world when you’re making music”, legt zanger Alexis Taylor uit. “You’re just exploring things that are of interest to you. Why would that be something to take seriously?”
A Bath Full Of Ecstasy is waar de Londenaren ons op trakteren. Nu zelfs met een flinke dosis autotune in twee songs; het niet al te opwindende Spell krijgt het geïnjecteerd evenals het voor Hot Chip-begrippen wat zweverige titelnummer. Terwijl, en dat weten we allemaal, Alexis Taylor over een uitstekende, karakteristieke falset beschikt en dus wél kan zingen, in tegenstelling tot het ongetalenteerde gespuis dat juist afhankelijk is van autotune om niet compleet voor joker te staan (alhoewel).
A Bath Full Of Ecstasy is niet zo opwindend als wereldplaten One Life Stand (2010) en Made In The Dark, dat twee jaar eerder verscheen, al werd er toen ook al lichtjes met autotune gerommeld al hadden we het toentertijd nog niet echt door. Het was functioneel (proest). I Feel Better en Ready For The Floor bijvoorbeeld zijn tracks die tot het beste behoren wat de dance de afgelopen decennia heeft opgeleverd. Niettemin heeft A Bath Full Of Ecstasy ook een prijsnummer en dat is Hungry Child, met een vrij klassieke Hot Chip-opbouw en waarin de jaren 80 nagalmen. Het intro lijkt zelfs een heimelijke ode aan Alphaville. Het is zo’n track die stilstaan domweg onmogelijk maakt. Dat is geen negen nummers het geval, maar Hot Chip sleept al met al een 7 uit het vuur en daar waren we, behalve de nerds vroeger op school, hartstikke blij mee. Pieter Visscher
LIVEDATA 17/08 Pukkelpop, Hasselt 30/08 Into The Great Wide Open, Vlieland 02/12 Melkweg, Amsterdam 10/12 Trix, Antwerpen
Ook dit jaar was het voor de trouwe festivalbezoeker weer feest in het konijnenhol in Beuningen, alweer editie #6 van Down The Rabbit Hole. De organisatie heeft na de fikse uitbreiding van vorig jaar nu vooral ingestoken op meer sfeer, meer randprogramma en vernieuwde terreindelen. Het festival was ook dit jaar weer snel uitverkocht en het lijkt erop dat DTRH zo langzamerhand niet meer is weg te denken op de festivalkalender.
Tekst: Thijs Schamp – Foto’s: Serge Hasperhoven
Zie hier al onze foto’s van Down The Rabbit Hole: Dag 1. Dag 2. Dag 3.
Voordat we overgaan op de muzikale hoogtepunten van deze editie, allereerst een compliment aan de organisatie. Want ook dit jaar was Down The Rabbit Hole weer op dreef met zijn logistiek. Parkeren en camperen dichtbij het terrein en of je nu munten nodig hebt, je de vocht of alcohol balans op peil wilt houden of gewoonweg een keer uitgebreid van het toilet gebruik wilt maken voor dat ene rust moment: nergens zijn er lange rijen en alles is snel geregeld.
Dat gezegd hebbende waren er dit jaar voor de trouwe bezoeker ook weer wat nieuwe onderdelen op het festivalterrein te ontdekken. Het Vuige Veldje was omgetoverd tot de SWAMP met een dampende Steamers Club geheel in stijl met een vervallen cruiseschip dat gestrand lijkt te zijn op het terrein. Rust nodig tijdens je weekend? Het nieuwe gedeelte Eden was helemaal ingericht op de iets te vroeg piekende festivalganger, voorzien van slaapbedden, yoga / mindfullness programmering en alles om het energieniveau stabiel te houden zullen we maar zeggen.
De diehard festivalganger zal Eden vooral aan zich voorbij hebben laten gaan en druk kruisjes hebben gezet in het programmaboekje van DTRH. Want er was keuze genoeg. Bovendien leent het festivalterrein zich er goed voor om van alle acts altijd wel wat te kunnen zien, de tijden sluiten goed aan en de loopafstanden zijn klein.
Frank Carter & The Rattlesnakes
Vrijdag begint ogenschijnlijk vroeg want om 10.15 is er voor de muzikale veelvraat al een optreden. Toch is het wachten op de acts voor de grote podia. Het was aan Frank Carter & The Rattlesnakes om de Fuzzy Lop te openen, maar na dit optreden was het een wonder dat de tent er nog stond. Met een snoeiharde set, knallende energie en moshpit óm de tent heen (!) sta je meteen op scherp voor de rest van het weekend. Aan Ronnie Flex en zijn vertrouwde Deuxperience om het terrein vol te trekken wat hem met een optreden op een aanhangwagen met trekker op de camping van het terrein en een show op de Hotot zeer goed lukt. De rest van de dag is met goede optredens van Altin Gün, Low, dEUS (integrale vertoning van The Ideal Crash) en Skepta fijn en afwisselend. Rolling Blackouts Coastal Fever krijgt de Fuzzy Lop tent ook helemaal vol en na hun succesvolle show op Lowlands 2018 lijkt de band alsmaar aan populariteit te winnen.
De Staat
De Staat stond later de dag ook weer als een huis, waar spelen ze níet tegenwoordig? Maar op deze thuiswedstrijd, Beuningen ligt op 5km van Nijmegen, mogen ze niet ontbreken en teleurstellen doen ze nooit. Ook deze keer krijgen ze met speels gemak weer het hele veld plat. Editors daarentegen had daar wat meer moeite mee als headliner van de vrijdag. Strakke show? Zeker. Muzikaal goed? Absoluut. Energie? Had beter gekund, de echte magie met het publiek ontbrak eigenlijk een beetje. Iets wat juist een kwaliteit is van frontman Tom Smith, maar nu niet helemaal uit de verf kwam. Daardoor hield het een beetje op bij een groteske stadion show, meer niet.
Editors
Een dag later is het Ry X om iedereen uit zijn festivalbed te trappen voor zijn show in de Teddy Widder. Gevolgd door shows van Cory Henry & The Funk Apostles, Lewis Capaldi (die van dat hitje, weet je wel), SONS, Slowthai, The Roots en meer. Uitschieters zijn voor deze dag Balthazar die het publiek in de stromende regen geen moment in vertwijfeling brengt beschutting te zoeken. Vampire Weekend die met zijn muziek precies op het juiste moment komt als de zon zich eindelijk weer laat zien. En Parquet Courts die de hele Teddy Widder in lichterlaaie kwam zetten.
Thom Yorke
Maar iedereen lijkt vooral in afwachting te zijn van Thom Yorke, want de Teddy Widder had voor dit optreden wel 2x zo groot kunnen zijn. Rijen dik tot aan buiten ziet iedereen een fenomenale show met 3D visuals afgeleid uit het geluid van de songs van Thom Yorke zelf. Tenslotte heeft iedereen nog genoeg energie over want ook de rave-party van Underworld wordt door bijna niemand overgeslagen en ondanks dat je zou denken: dat kennen we inmiddels wel, is de show perfect geprogrammeerd als afsluiter in de nacht op de zaterdag.
Parcels
Parcels had absoluut geen moeite om de laatste dag te openen in de Teddy Widder. Vorig jaar stonden ze in de kleinere Fuzzy Lop maar door het uitvallen van Sofi Tukker mocht de vijfmansformatie toch aanstalten maken. En hoe! Met een aanstekelijk enthousiasme en oprechte blijdschap met hun last minute spot krijgt de band de hele Teddy in de benen met hun electro disco pop. Absoluut schot in de roos voor die taaie laatste dag. Daarna mogen Amber Arcades, Aurora, The Mauskovic Dance Band en Rosalía hun opwachting maken.
Khruangbin
Maar eerst Khruangbin, die de perfecte voorbeschouwing vormt voor de dames WK Finale die vanwege het uitvallen van Beirut op de mainstage wordt uitgezonden. Want het 3-tal uit Texas dompelt het hele veld onder met hun een overwegend instrumentale mix van Thaise funk & soul psychedelica. Hipper wordt het niet, maar het is voor de meesten moeilijk om stil te zitten. Na de WK-Finale en rust showtje van zangeres Merol, want we waren lekker met de meiden, is het Foals die de Hotot mag bestijgen als laatste “band” van DTRH 2019. Ondanks dat de set qua energie wat moeizaam op gang komt is het einde ronduit beestachtig en stormen meerdere moshpit liefhebbers van achteruit het veld zich naar voren om de laatste reserves aan te spreken. En omdat de dag in het teken lijkt te staan van vrouwen zijn het solo-artiest Robyn en Janelle Monáe om DTRH 2019 succesvol tot een einde te brengen. Want Down The Rabbit Hole had ook in 2019 weer enorm veel te bieden, maar de echte uitschieters zaten vooral op plekken en tijden waar je het niet verwacht. En dat is dan juist weer de charme van het Beuningse Festival. Op naar volgend jaar, want ook dan is er voor jou weer de mogelijkheid om dat konijnenhol in te duiken op zoek naar die fijne verrassingen.