The Notwist – Al Sur

1989 is het bouwjaar van The Notwist en Weilheim -een plaats in Beieren- de plek waar de gebroeders Markus en Micha Archer en compagnon Andi Haberi hun muzikale experiment begonnen. In hun lange, bewogen bestaan heeft de band diverse wegen bewandeld. Meestal waren die moeilijk begaanbaar voor de gemiddelde indie-fan of radioluisteraar. Wiki noemt o.a. plinkerpop – wat dat ook moge zijn-, post-rock, avant-electronica en post-hardcore als door The Notwist beoefende genres. De ontwikkeling van de band valt te volgen op een tiental albums.

Nu zes jaar na de laatste is er weer een nieuwe langspeler van The Notwist verschenen, een plaat die breder, toegankelijker en beter is dan alles wat er aan voorafging. Is onze bescheiden mening.  The Vertigo Years, is poppy, speels, melodieus en gewoon goed draaibaar. Het op single verschenen Al Sur, een new waverig electropop-nummer met achtergrondgeluiden, meidenzang (Juana Molina) en een lekker vlot tempo geeft een goede indruk van het album.

Je kunt je voorstellen dat Notwist fans van het eerste uur even zullen slikken als ze i.p.v. atonale saxofoonsolo’s en experimentele percussiepartijen plotseling een vrij conventioneel gestructureerd liedje op hun bordje krijgen. Maar de band is zo vaak van stijl veranderd dat dit er ook wel bij kan. En de industriële percussie aan het eind zal hen er aan herinneren met wie ze ook alweer van doen hebben. De officiële hitparade zal The Notwist ook met Al Sur niet snel halen, maar voor onze Graadmeter is het een serieuze kandidaat.

Delgres – Assez Assez

Delgres is een Afro-Franse band die een geluid produceert dat ergens tussen dat van Black Keys en Tinaruwen inzit. Tenminste op het stemmig swingende Assez Assez (genoeg genoeg). In andere songs op de twee albums die het trio heeft uitgebracht worden ook genres als pop, rock, Afro en fusion aangetikt.

Bijzonder aan de opstelling van Delgres is dat je naast de gebruikelijke drums en gitaar geen bas hoort, maar een sousafoon. Dat is een soort tuba die nog dieper gromt dan een bas. De zanger, gitarist en componist van het trio is Pascal Danaë. Voor hij met Delgres begon was hij solo actief. Ook werkte samen Danaë met o.a. met Peter Gabriel, Neneh Cherry en Morcheeba. Zijn geëngageerde teksten zingt hij in het de Franse variant creools, de taal van Guadeloupe, het Caribische eiland waar zijn wortels liggen.  

King Gizzard & The Lizard Wizard – O.N.E.

Er gaat geen maand voorbij of er is wel een nieuwe single, of album van onze Australische vrienden van King Gizzard & The Lizard Wizard. Met nieuw bedoelen we echt nieuw, vers opgenomen en nog niet eerder uitgebracht. 

Nieuwe single O.N.E. is direct herkenbaar als een nummer van King Gizzard. De zang geeft het weg, maar is ook weer anders dan voorgaand werk. De beat is dit keer exotisch, Turks, Egyptisch in die richting. Een ondefinieerbaar instrument doet Indiaas aan. Het kan een soort fluit zijn, maar ook een vervormde gitaar. De alom aanwezige percussie is weer latin. Een mix van mondiale invloeden en geluiden dus. Gelukkig zijn de mannen niet vergeten een liedje te schrijven en ook niet dat ze van oudsher een gitaarband zijn.

Voor de muzikanten onder u, O.N.E. Is onderdeel van het experiment van King Gizzard met microtonaliteit. Meer van dit moois zal op het nieuwe KG album komen waarvan wel de titel L.W. al wel bekend is, maar nog niet de releasedatum.

Serj Tankian – Elasticity

Serj Tankian heeft inmiddels meer solo-albums (en soundtracks) gemaakt dan platen met System Of A Down. Zoals het er nu uitziet gaat de Armeense Amerikaan nog verder uitlopen.

Zijn band heeft weliswaar vorig jaar november nog een single uitgebracht, maar dat was een eenmalige actie bedoeld om aandacht te vestigen op en geld op te halen voor Armenië dat toen in oorlog was met Azerbeidzjan.

Binnen de band schijnt ook oorlog te bestaan. De drummer is pro Trump de rest, met Serj voorop heel erg anti. Dus gaat Serj voorlopig nog even alleen verder. Hij maakt gebruikt van het voordeel van de frontman. Een zanger kan live alle successen van zijn band waarheidsgetrouw uitvoeren. De andere bandleden niet, tenzij ze een sound-alike aantrekken. Maar dat pikken de fans meestal niet.

Elasticy had ook makkelijk een nummer van System Of A Down kunnen zijn. Je hebt de befaamde gestoorde zang van Serj, geserveerd op een bed van metallic gitaren, een pompende bas en een fanatieke drummer. Misschien is Elasticy met zijn grunt intermezzo’s en vol gas, gas terug passages nog wel harder en gekker dan zijn werk met de System.

Dus jammer dat System Of A Down op zijn reet ligt, maar gelukkig hebben we Serj Tankian nog.

Miss Grit – Blonde

Er schijnt dus een hausse te zijn in de verkoop van elektrische gitaren. Vooral jongen meiden hebben belangstelling voor een scheurijzer zeggen onderzoekers. Het zou zomaar de goede invloed van St Vincent kunnen zijn.

De Koreaans-Amerikaanse zangeres-gitariste Margareth ‘Miss Grit‘ Sohn (21) noemt het alias van Annie Clark als een van de redenen waarom ze muziek is gaan maken. Net als St Vincent is Miss Grit geen zangeres die ook gitaar speelt, maar een gitariste die ook zingt. Hoe vaardig ze wel niet is op de zes snaren laat ze op Blonde horen, een van de zes tracks op haar vers verschenen (2e) EP, Imposter.

Het eerste wat je hoort op Blonde is een gitaar. Het is de kick off van een proggy-rocky ballad met een speeltijd van ruim vijf minuten. Daarvan is zeker de helft gereserveerd voor gitaarsolo’s. Miss Grit gaat er vol in, toch blijft Blonde een intieme affaire. De luchtgitaar kan in de foedraal blijven. Zingen kan Miss Grit ook bovengemiddeld en ook liedjes schrijven gaat haar goed af. Dit alles leidt tot de conclusie dat er een sterretje is opgestaan.

St. Solaire – Where Do We Go From Here

St Solaire steekt zijn invloeden en inspiratiebronnen niet onder stoelen of banken. In de door Geert van Emden, de zanger van de Rotterdamse band samengestelde Spotify-playlist staan namen als Bon Iver, Jeff Buckley en Radiohead (en Tamino, James Blake, Patrick Watson en een heleboel collega’s uit NL).

St Solaire hoort dus tot de school van de falset of kopzangers. De coupletten zingt Geert in zijn ‘gewone’ stem, maar in de refreinen gaat hij stijlvol omhoog. Glad wordt het gelukkig nooit, Where Do We Go From Here is prettig ruw geproduceerd. Het nummer had ook een Coldplay behandeling kunnen krijgen en al snel in kitsch kunnen uitmonden. De aardse aanpak onderstreept echter de geuite emotie en maakt de song alleen maar sterker.

De kans is groot dat Where Do We Go From Here breed zal worden opgepakt. Zelfs hitstatus mogen we niet uitsluiten. Laten we hopen dat de band zich daardoor niet gek laat maken en naar Rotterdamse traditie het hoofd koel en hun muziek zakelijk houdt.

Eelke – Too Much Too Soon

Too Much Too Soon, de nieuwe single van Eelke (Ankersmit) doet met zijn scherpe riff, maar vooral door de zang sterk aan Placebo denken. Niet dat dat een probleem is. Brian Molko en zijn vrienden zwijgen al veel te lang, daarom is het goed weer eens aan hen herinnerd te worden. Daarnaast kennen we Eelke nu wel zo’n beetje en weten we dat hij de imitatiefase al lang voorbij is.

Too Much Too Soon is de derde single in korte rijd die we oppikken van de zanger-gitarist uit Ermelo. Eelke rockt dit keer naar Brits model en steeds harder lijkt wel. Wilde hij op vorige singles nog wel eens wegzweven in Radiohead achtige art-rock passages. Op zijn nieuwe single stevent hij recht op zijn doel af. Harde stukken en zachte delen wisselen elkaar wat de song de vorm van een dialoog geeft. De productie is zakelijk en direct en ook aan het arrangement van de uitstekend spelende band zit weinig vet. Laten we hopen dat Eelke‘s volgende release een compleet album is.

Ben Howard – Crowhurst’s Meme

Ben Howard heeft niet één maar twee nieuwe singles uit. En allebei goed. Wij hebben (voorlopig) gekozen voor Crowhurst’s Meme, omdat Ben op dat nummer een ander pad bewandelt dan hij doorgaans doet.

Ons omver rocken zal de 33 jarige singer-songwriter niet snel doen, maar op Crowhurst’s Meme zijn de gitaren elektrische en flink vervormd. De drummer speelt een constante shuffle (denk Paul Simon’s 50 Ways) op een kit waarover een dikke deken lijkt te zijn gegooid. En dan is er nog een pianist die aldoor akkoorden speelt op zijn eveneens versterkte instrument. Ben is Ben. Hij zingt als altijd zuiver en goed articulerend. De Crowhurst uit de titel is Donald Crowhurst, een solozeiler die in 1969 omkwam tijdens een poging om rond de wereld te varen.

Ben’s nieuwe songs komen op album #4 dat ‘Collections From The Whiteout’ (26/3) gaat heten en is geproduceerd door niemand anders dan Aaron Dressner van The National. 

Queen’s Pleasure – Panic From Dublin

De eerste single in het nieuwe jaar van Queen’s Pleasure is iets ingetogener dan we van het Amsterdamse kwartet gewend zijn. Dat we toch te maken hebben met de band van ‘Big Boys Loan’ en ‘Sitter’ wordt tegen het einde duidelijk als niet zozeer het tempo als wel het energieniveau flink wordt opgeschroefd.

Verder horen we dat de jonge honden hun klassiekers kennen; van The Beatles en The Who tot Blur en Arctic Monkeys de goede verstaander herkent van elk van hen wel iets in Panic From Dublin. Dat is geen bewust (of onbewust) jatwerk, maar een duidelijke stijlkeuze ingegeven door (goede) smaak en voorkeur. Of zoals Jurre Otto met een platte Engelse tongval zingt in Panic From Dublin; “I Like It When Boys Stay British’”.

Billy Nomates – Heels

Billy Nomates kwam vorig jaar sterk voor de dag met een album vol half gezongen half gesnauwde postpunksongs. Daarmee plaatste ze zich in de steeds drukker wordende   of parlando praatpunk hoek. Binnen dat spectrum zit Billy dichter bij het assertieve Seaford Mods (ze doet ook mee op hun nieuwe album) dan bij het poëtische Fontaines DC laat staan het positivistische Scratchcard Lanyard.

Songtitels als Happy Misery, Hippy Elite en No maken duidelijk dat Billy een angry young woman is, die van haar hart geen moordkuil maakt noch een blad voor haar mond neemt. Billy, die in het echt Tor Maries heet lijkt er van uit te gaan dat ze geen vrienden maakt met haar muziek, tenminste daar lijkt haar aangenomen achternaam op te duiden. Maar dat valt dus erg mee, of tegen vanuit Billy’s perspectief.

Achter de woede schuil een bijzonder talent, zowel verbaal als muzikaal. Zo boos als in het begin lijkt Billy ook niet meer te zijn. Op Heels, dat net als het album werd geproduceerd door Geoff Barrow van Portishead komt Billy iets milder uit de verf. In Heels gaat ook ze ook niet tekeer tegen anderen, maar richt ze haar blik naar binnen. De song gaat over weten wie je bent, ook onder druk of ten tijde van crisis, zei ze onlangs in een interview. Billy zingt ook een beetje in Heels dat mede door haar lekker venijnige stem doet denken aan Suzi Quatro, maar daar zal ze zichzelf niet bewust van zijn.