Aerosmith pakt uit met definitieve versie debuut uit 1973

Voor het eerst hebben de rocklegendes van Aerosmith (Steven Tyler, Joe Perry, Tom Hamilton, Brad Whitford en Joey Kramer) de definitieve versie samengesteld van hun multi-platina debuutalbum, Aerosmith, dat oorspronkelijk in 1973 werd uitgebracht. Om eindelijk hun ongefilterde visie te presenteren, hebben oprichters van de band uit Boston, Steven Tyler en Joe Perry, de originele opnames en tapes opnieuw gemixt, samen met producer en mixer Zakk Cervini [blink-182, Halsey] en de Grammy Award-winnende producer Steve Berkowitz. Deze nieuwe albummix uit 2024 is daarmee het kroonjuweel van de uitgebreide Legendary Edition-collectie. Aerosmith (Legendary Edition) is verkrijgbaar in diverse uitgaves. Naast nieuwe mixen bevat de collectie een reeks verborgen pareltjes.

Aerosmith bracht hun titelloze debuutalbum, Aerosmith, uit op 5 januari 1973. Het album werd opgenomen in het hart van Boston, in de Intermedia Studios aan Newbury Street. Tijdens deze sessies werden ook toekomstige klassiekers als Make It, Mama Kin en natuurlijk Dream On opgenomen. Het succes van het album zou uitgroeien tot een van de beroemdste succesverhalen in de rock-‘n-rollgeschiedenis: een succesverhaal van een underdog die langzaam maar zeker doorbrak. Na de release toerde het kwintet de volgende twee jaar intensief, totdat Dream On in de tweede helft van 1975 eindelijk doorbrak. Het nummer bereikte de top 10 van de Billboard 200 en is sindsdien uitgegroeid tot een van de populairste rock-‘n-rollnummers aller tijden. Het werd opgenomen in Rolling Stone‘s 500 Greatest Songs of All Time, werd in 2018 opgenomen in de Grammy Hall of Fame en heeft inmiddels meer dan 1,5 miljard streams op Spotify behaald.

Cardinals – Masquerade

Cardinals – Masquerade (So Young/Mattan)

Ierland blijft een belangrijke kweekvijver voor sterke bands. Veel komen uit Dublin. Cardinals is een formatie die uit de stad van de legendarische Rory Gallagher afkomstig is: Cork. Een halfuur duurt het prachtdebuut Masquerade.

Grian Chatten van Fontaines D.C. is fan en noemt Cardinals zelfs zijn favoriete band. Een stukje chauvinisme is ook de Ieren niet vreemd. Terwijl we het wel begrijpen. We horen een gezelschap dat rockclichés zo veel mogelijk uit de weg probeert te gaan en een plaat heeft afgeleverd waar de vonken geregeld vanaf spatten. Indierock met postpunk- en folkelementen krijg je voorgeschoteld. Tien liedjes. We verliezen de aandacht geen moment.

Barbed Wire wordt grijsgedraaid op het indiestation van Pinguin Radio, waar we andere sterke songs als Big Empty Heart en het titelnummer ook geregeld voorbij horen komen. Zanger Euan Manning is niet vies van een stukje pathos maar weet dat dermate goed te doseren dat we er geen moment nerveus van worden. Integendeel.

Big Empty Heart, waar we garagerockelementen in terughoren, haalt ook de drie minuten niet, en dat is jammer, omdat je veel meer wil horen van deze verslavende rocksong. Heerlijk, die accordeon van Finn Manning. Zo worden er wel vaker wat minder traditionele instrumenten ingezet door de rockband.

Masquerade is lekker rauw opgenomen. Imperfecties? Geen probleem. En wat zijn die imperfecties überhaupt, als ze alleen maar lekker klinken? Teksten over alcohol, xtc, liefde, wanhoop, nonchalance, cynisme, kwetsbaarheid en geluk; het is er allemaal. Slechts één minpunt: plaat is veel te snel afgelopen. Pieter Visscher

 

 

 

 

 

Sublieme filosoof Keith Caputo in Amsterdamse Melkweg

“You got two choices in life. Faith or fear.” Was getekend: Keith Caputo. De Amerikaan is naar de Melkweg in Amsterdam afgereisd om met zijn band Died Laughing (1999) in zijn geheel te spelen. Het betekent een avond topkwaliteit. De vocale zeggingskracht en klasse bij Caputo (52) druipen er aan alle kanten nog vanaf. De Died Laughing Anniversary Tour is niet voor niets een groot succes.

Gezien: Died Laughing Anniversary Tour
Melkweg Amsterdam, 20 maart 2026

Tekst en foto: Pieter Visscher

“You know I’m crazy, right? But I’m not insane.” Geen speld tussen te krijgen. Wie Caputo door de jaren heen een beetje in de gaten heeft gehouden, heeft zelfs geconstateerd dat hij een Grote Denker is, wiens filosofische teksten een vorm van hoogbegaafdheid verraden. Ook in Amsterdam doet hij Plato en Socrates geregeld verbleken. Caputo heeft het hart op de ziel, is een emotionele jongen en lijkt het woord gêne überhaupt niet in zijn woordenboek te hebben. Rechtschapen, oprecht en nog altijd een van de beste stemmen in het rockcircuit. Had hij, met zijn vocale capaciteiten, in een Pearl Jam of Soundgarden gezeten, was hij multimiljonair geworden. Maar Caputo werd groot met Life Of Agony. Briljante rockformatie, maar veel minder geschikt voor de massa. Geen Ahoy of Gelredome voor de Amerikaan met Italiaanse roots, maar de sympathieke Melkweg, waar hij de sterren van de hemel speelt en met de Alice In Chains-cover Would? voor kippenvel van kleine teen tot kruin zorgt. Was Caputo niet de gedroomde opvolger van de in 2002 aan een veel te vroege rockdood gestorven Layne Staley geweest? Of hij dat gedaan zou hebben is natuurlijk nog maar de vraag. Maar als je ‘m Would? hoort zingen… Poeh!
Caputo, de openhartige, emotionele, sentimentele, maar verre van pathetische troubadour heeft van zijn hart nooit een moordkuil gemaakt. Ouderwets op dreef in de Melkweg, met vooral nummers dus van Died Laughing. Een schitterende plaat, die ook akoestisch is verschenen. Why (Annie Lennox) staat daar zelfs in twee versies op. Helaas laat hij de song links liggen.

Een minpuntje tijdens een concert dat evenwel van voor tot achter klopt. Songs worden wat uitgesponnen. Caputo afwisselend zonder instrument, achter de toetsen of met een gitaar om de nek. Goedlachs, lekker in zijn vel. Een afgebroken transitie achter de rug. Alleen nog als Mina Caputo actief op instagram, waar hij teksten deelt als: ‘Idolizing a politician is like believing the stripper really likes you’. Caputo ten voeten uit. Hij woonde een behoorlijke periode in Alkmaar en het is dan ook niet verwonderlijk dat we een hele enclave uit de Kaasstad aantreffen in de Melkweg. Geboren en getogen Alkmaarder Jochem van Rooijen is al een jaar of vijftien actief voor Caputo, die drank en drugs lijkt te hebben afgezworen. We zien hem met een fles water op het podium. Woelige beslommeringen uit het verleden lijken inmiddels ver weg als je hem zo aan het werk ziet. Energiek en opgewekt. Caputo in topvorm. Afgetraind, vocaal meesterlijk. Ook het voortreffelijke geluid in Amsterdam valt op. Zeker tijdens de wat kleiner gehouden nummers.
Er wordt een rockshow neergezet waar we heel erg warm van worden. “I don’t believe in gods. I believe in energy, frequency and vibration”, maakt Caputo helder hoe hij in het leven staat: nuchter, welbespraakt en de goedheid zelve. “You know A lot of my work is based on trauma and getting along with it?” Zeker. Die goudeerlijkheid horen we al jarenlang terug in zijn teksten.  “Just walk on through. And don’t be scared”, zingt-ie in de kraakheldere ballad Razzberry Mockery. Keith is in de vorm van zijn leven. Jaren terug liet de schrijver van dit epistel Died Laughing voorafgaand aan een show signeren in de bovenzaal van Atlantis in Alkmaar (voorloper van het huidige poppodium Victorie). ‘For Pieter. Live forever!’ Keith. Het vat de goedmens Caputo samen. Ik ga er mee aan de slag, held.

Suede komt ziet en overwint in 013 Tilburg

“In Suede world it doesn’t matter how many times they kick you down in the ground”, aldus Brett Anderson van Suede. In een vrijwel uitverkocht 013, dat in de watten wordt gelegd. De alternatieve Britse rockband verkeert tijdens de Dancing With The Europeans Tour in bloedvorm.

Gezien: Suede, 11 maart 2026, 013 Tilburg
Tekst en foto: Pieter Visscher

Zo’n concert dat je vanaf de eerste seconde in een greep houdt. Je hoort meteen dat het goedzit qua gedrevenheid en enthousiasme. Bij tijd en wijle is Anderson zelfs een beetje manisch. Hoe hij zijn publiek opzweept om mee te klappen; niet meedoen is totaal geen optie. Anderson bepaalt wat er gebeurt, zowel op het podium als in de sublieme rockzaal in Tilburg, die al vroeg in de set publieksfavorieten als Trash en Animal Nitrate krijgt voorgeschoteld. Het is meteen smullen. Teksten lopen negen van de tien keer door de wisselende visuals achter de band, waardoor wat minder tekstvaste fans ook uit volle borst mee kunnen zingen, zonder een modderfiguur te slaan. Een sympathieke geste.

De onstuitbare vijfkoppige formatie maakt nog altijd baanbrekende muziek. Zo zijn Autofiction (2022) en Antidepressants (2025) onvervalste topalbums van een band die eigenlijk altíjd wel heeft geleverd, ondanks de vele wisselingen rondom Anderson, zonder wiens karakteristieke stemgeluid Suede niet meer had bestaan. Dat lijdt geen twijfel. Anderson, de onvervangbare bezweerder en songschrijver.

We horen twintig songs voorbij komen in Tilburg, dat al vele uren voor aanvang van het concert publiek samengedromd ziet voor de poorten van 013.

Ze krijgen uiteindelijk wat ze willen horen en zien. Andersons energie en enthousiasme voor zijn kunstuitingen, zijn liedjes, en zijn verlangen om zijn gepassioneerde en bewonderende publiek te behagen, zijn vanaf het begin duidelijk voelbaar en blijven gedurende het hele optreden pregnant aanwezig. Openingsnummer Disintegrate, tevens opener van de laatste worp, zet de toon voor de avond met zijn rauwe drive en emotionele spanning. Anderson (58) is constant in beweging en bespeelt de volledige lengte van het podium, springt op monitors en lijkt in de bloei van zijn leven.

June Rain, van Antidepressants, is een meeslepend rustpunt in een show die vooral en meestentijds opzwepend is. Vol venijn en emotie. Tijdens The Beautiful Ones is niemand meer te houden. “Tilburg you have been been beautiful!”, zegt Anderson. Je voelt dat-ie het meent. “It’s time to leave Suede world. It’s hard isn’t it?” Zonder meer. We vallen en masse in een gat, terwijl de band afsluit met Dancing With The Europeans, een van de allersterkste nummers die de laatste jaren op plaat zijn gezet. We maken een laatste diepe buiging en laten het applaus nóg wat harder klateren. Merci!

Tyler Ballgame – For The First Tme, Again

Tyler Ballgame – For The First Tme Again (Rough Trade)

Tyler Ballgame is een nieuwe ster aan het firmament. Betrekkelijk jonge gozer nog (34) die de laatste jaren steeds meer in de belangstelling is komen te staan met singles waarin we de jaren 70 terughoren én flarden van het stemgeluid van Roy Orbison.

Tyler Ballgame heeft een naam die te mooi is om waar te zijn en dat is ie dan ook. Tyler heet Perry van achter. Wat eigenlijk ook uitstekend klinkt, maar Tyler zal zijn redenen hebben gehad om een andere artiestennaam te nemen. Dries Roelvink heet eigenlijk Dries Slavink. Daar konden we inkomen.

Tyler Ballgame doet vocaal niet alleen denken aan Roy Orbison, zijn songmateriaal komt er ook geregeld bij in de buurt én hij zette zijn eerste stappen op het muzikale pad door voor klein comité veelvuldig Orbisons Crying te kwinkeleren.

Niettemin gaan we Ballgame niet neerzetten als Orbison-imitator, omdat hij weldegelijk een eigen geluid heeft, dat nou eenmaal af en toe wat gelijkenissen oproept aan Orbison.

Ballgame komt van ver: doodsaaie kantoorbaan én een depressie. Hij heeft de ellende van zich afgeschreven, met een prachtig album. Hij bedankt z’n moeder in het cd-boekje. Een held is geboren. 14 april staat ie in Paradiso, Amsterdam.

 

In bloedvorm: meesterlijk Nits in Muziekgebouw Eindhoven

De tijd heeft nog altijd geen vat gekregen op Nits. De band van zanger/gitarist/toetsenist/mondharmonicaspeler Henk Hofstede (74), toetsenist/zanger Robert-Jan Stips (76) en drummer/zanger Rob Kloet (73). Rasmuzikanten in de allermooiste band die Nederland ooit heeft voortgebracht. Oké, een gelijkspel met Golden Earring, waar Hagenees Stips ook deel van uitmaakte overigens.

Gezien: Nits in Muziekgebouw Eindhoven, 1 maart 2026
Tekst en foto: Pieter Visscher

Wat als eerste opvalt in Muziekgebouw Eindhoven is de ronduit verbluffende akoestiek en je hoort bovendien aan alles dat er een zorgvuldige soundcheck is gedaan. Muziekgebouw Eindhoven is sowieso een feest om te bezoeken in het bruisende centrum van Eindhoven. Alles ademt klasse en die zien we ook nog eens terug op het podium. Neem een van de prijsnummers Nescio, in een knallende uitvoering ten gehore gebracht. Nits is geen band die terugvalt op routine, maar altijd en eeuwig alles uit de kast haalt om te spelen met de kaders van hun eigen geluid. Het avontuur wordt nooit uit de weg gegaan. Er blijft een hoog improvisatiegehalte, wat concerten van de band altijd van extra accenten voorziet. Hofstede vertelt over het ontstaan van de song Ultramarine: over een ontmoeting die er niet was tussen Claude Monet en Bob Dylan in de lift van een Londens hotel. ‘So many colours in my head, Ultramarine, extra fine and white lead. The London fog is falling down.’ Hofstedes fantasie is eindeloos, hetgeen we ook zien op zijn zelf getekende en geschilderde visuals die bij elk nummer weer anders zijn en extra veel cachet geven aan het optreden. Hofstede is een multitalent en evenals zijn twee vrienden ongelooflijk innemend, hetgeen ook weer duidelijk wordt na afloop tijdens de handtekeningensessie bij de merchandisestand van de band.
Hofstede vertelt over zijn jeugd. Over oma, die altijd en eeuwig breide. Yellow Socks & Angst verhaalt daarover: ‘Grandma is knitting by the fire. Electric fire. Television on a saturday night. Rudi Carell on the television.’

Elk nummer heeft zijn eigen narratief en zeggingskracht. Persoonlijke, autobiografische elementen in teksten maken het luistergenot extra groot. We nemen plaats in het hoofd van de schrijver in rustiger nummers, die dan nog fijner binnenkomen. Wat een ongelooflijk oeuvre heeft de band afgeleverd in al die 52 jaren en van sleet is nog geen sprake. Ondanks de auto-immuunziekte waar Hofstede aan lijdt. Hij danst evenwel om de haverklap, soms op koddige wijze. Levenslust om in te lijsten.

Luide pauzemuziek in het midden van de show, waar we onder meer Tom Waits en Frank Zappa voorbij horen komen. Zo’n onderbreking tijdens een concert is verre van onprettig. Mensen drinken en eten wat. Na de pauze onder meer Scetches Of Spain, met een tekst die er in het huidige tijdsbeeld extra inhakt. ‘The streets of Barcelona are filled with blood and rain. The war is rolling over Spain.
Men and women running with sticks of dynamite. Storming stone buildings in the middle of the night. It never, never, never, never, never stops. Never stops.’
Er wordt in de finale gedanst in de zaal op J.O.S. Days, ingeleid door Hofstede, die verhaalt over zijn ultrakorte voetbalcarrière. Acht minuten. “Geen talent. Maar ik was toen toch al veel liever met muziek bezig.” We zien in Muziekgebouw Eindhoven een band die nog altijd alleen maar beter wordt. Het langdurige klaterapplaus na afloop laat de drie helden niet onberoerd. Het is gemeend en puur, dik verdiend en emotioneel. Nits zou op de lijst met Nederlands cultureel erfgoed moeten. Maak daar maar werelderfgoed van. Amen.

Dry Cleaning – Secret Love

Dry Cleaning – Secret Love (4AD)

De praatzingende frontvrouw Florence Shaw, gitarist Tom Dowse, drummer Nick Buxton en bassist Lewis Maynard – Dry Cleaning – hebben hun derde album, Secret Love, bij uw platenboer gedeponeerd.

De plaat is geproduceerd door Cate le Bon, die we onder meer kennen van haar producerswerk voor Wilco, John Grant en Kurt Vile. Ook niet per definitie uptempo-acts, dus past Dry Cleaning uitstekend in haar straatje.

Onder leiding van Le Bon heeft de band een iets frivolere afslag genomen, zonder al te veel concessies te doen aan het ongrijpbare postpunkgeluid dat de eerste twee platen zo kenmerkte.

Secret Love is een album dat je op hoog volume tot je moet nemen en waarin je om de haverklap kleine muzikale vondsten blijft ontdekken én tekstuele hoogstandjes. “Fuck the world”, zingt Shaw in I Need You. Je voelt dat ze het meent. Er kan ook een beetje worden gepogood – Rocks – als de band optreedt. In april staan ze in de Amsterdamse Melkweg. Gaat er trouwens lenzenvloeistof in dat oog?

Grauzone 2026 divers, intens en experimenteel

Grauzone is ook in 2026 het festival waar je bij moet zijn geweest als liefhebber van bands die het experiment niet uit de weg gaan in de wereld van de (post)punk, elektro, avant-garde, darkwave, synthpop en gothic en aanverwanten. Voortreffelijk georganiseerd andermaal. Geen wanklanken, louter genot en inspirerende acts. 

Grauzone 6, 7 en 8 februari 2026, Den Haag
Tekst en foto’s: Pieter Visscher 

Band die vrijdags meteen in het oog springt is het Haagse punktrio Vals Alarm in het café van het Paard. Een band die niet maalt om een verkeerde noot en dan is zangeres Yanna Panagopoulos ook nog eens in topvorm. Warfield ligt in het verlengde van She Wants Revenge en dat is niet zo vreemd, want Justin Warfield, is ook de frontman van die band. Dansbare postpunk uit LA, die de jaren 80 doen nagalmen. Er wordt zonder omwegen optimaal geflirt met het schitterende decennium.
Mintfield betekent bedwelmende shoegaze, uit Mexico. Sferisch, ook door de  fluisterzachte stem van Estrella del Sol Sánchez, die ook giftig uit de hoek kan komen tijdens plots ontwrichtende soundscapes, maar net zo makkelijk wordt het weer dromerig. Avishag C. Rodrigues uit New York kennen we als gitarist van postpunkformatie Cumgirl 8. Op eigen benen neemt ze een andere afslag en doet haar geluid geregeld denken aan dat van Godspeed! You Black Emperor. Vernietigend bij vlagen.


Ditz (foto) heeft met zanger Cal Francis (in vrolijke bloemetjesjurk) een woeste set in petto. Straffe drummer! Noiserockgeluid met wat rustiger uitstapjes dat staat als een huis. Een van de hoogtepunten van Grauzone 2026. Mooi ook het vrij vaak onzichtbare gezicht van de bassist, wiens enorme bos haar tijdens het spelen continu zijn uitzicht belemmert. Ditz speelde drie jaar terug ook op Grauzone. Toen nog in het café van het Paard. Terechte promotie. Grote band! “It’s our first gig this year. We were a bit nervous.” Niks van gemerkt.


Pixel Grip (foto) heeft met de uitdagend geklede zangeres Rita Lukea een fijne blikvangster in huis. Het trio met de stevige dansbeats komt prima uit de verf in de uitmuntende grote zaal van het Paard. Een van de prettigste poppodia in Nederland. De snoeiharde punk van The Chisel uit Londen is geregeld politiek geëngageerd. “They fucking observe ya!”, horen we zanger Callum Graham schreeuwen. Hij kan weleens gelijk hebben. Er wordt druk gepogood in de zaal. Zo zien we het graag. Iets rustiger maar minstens zo lekker is de jonge Utrechtse postpunkformatie Fit die drie kwartier het dak in het Paardcafè eraf mag rocken en dat dan ook doet.

Die Spitz, vier vrouwen uit Texas met hun woeste powerrock, worden speels aangekondigd door Natasja Alers en Marc Emmerik, de twee voornaamste organisators van het festival, dat er opnieuw in is geslaagd een weergaloos programma samen te stellen waar we de crème de la crème van de underground aan het werk zien.


Stella Rose (Gahan), dochter van Depeche Mode-zanger Dave Gahan, zagen we al eerder opreden in Nederland. Zo stond ze in Paradiso. Solitair. Met elektronica uit een laptop en een gitaar om haar nek. Het was imposant. Inmiddels heeft Stella Rose (foto) een ritmesectie om haar heen verzameld en weet ze met haar bezwerende, door PJ Harvey geïnspireerde indierock het publiek in Den Haag voor zich te winnen. Geweldige stem. Wat een wapen. De genen van pa zijn natuurlijk meegenomen.
Jehnny Beth zou je met gevoel voor overdrijving een gelijkgestemde kunnen noemen. De eigenzinnige frontvrouw van Savages heeft onder haar eigen naam een steviger geluid ontwikkeld. Furieuze indierock met een kop en een staart. Indrukwekkend. Voortreffelijk neergezet op het hoofdpodium.
In de Lutherse Kerk zien en horen we Kontravoid met zijn snoeiharde dansbare elektronica. De teksten zijn onverstaanbaar, maar een kniesoor die daar wat van maakt. De intense Canadees Cameron Findlay heeft ditmaal een zwarte hoed op en een wit masker. Er wordt volop gedanst. Fijne akoestiek.
“Hello international people. We are The Etters and we are a punkband!”, kondigt zanger Jerry het prettige trio aan. Het is gezellig druk in rockcafé de Zwarte Ruiter waar de Nederlandstalige punk van de drie erin gaat als koek. “Het volgende nummer heet Engnek en dat gaat over enge mannen”, roept de drumster. Ander sterk materiaal dat we voorbij horen komen luistert naar titels als Jij Krijgt Geen Hoofd Van Mij, Patat Met Een Snack, Lauwe Halve Liters en de vloervuller Kleine Lul. Elpees vinden na afloop gretig aftrek. Dat verbaast niemand.

Uit Parijs afkomstig is de dark wave-formatie Minuit Machine die het hoofdpodium van het Paard ruim een uur laat bewegen. Amandine Stioui is goed bij stem en weet de met name in het zwart geklede massa voor haar uitgebreid in beweging te laten komen. Years Of Denials‘ zware elektronica loopt ook geen seconde uit de pas op Grauzone 2026, dat olympisch goud in de wacht had gesleept zou het in Milaan hebben plaatsgevonden. Topfestival.

Magische ode van The Kik aan Boudewijn de Groot in PHIL. Haarlem

The Kik in het theater met een 22-koppig orkest. Alle seinen staan dan op groen voor een paar uur topentertainment. Dat krijgen we dan ook voorgeschoteld in de schitterende PHIL. in Haarlem. Boudewijn de Groot wordt geëerd in een toepasselijk genaamde show: Boudewijn de Grootste.

Gezien: The Kik + orkest in PHIL. Haarlem, 16 januari 2026

Tekst & foto: Pieter Visscher

Het is zo’n avond waarop alles op zijn plek lijkt te vallen. Mooie, volle zaal, een band en een orkest in topvorm en vocaal ook nog eens alles spatzuiver. Van Dave von Raven, de als Dave Mellaart geboren 44-jarige Rotterdammer weten we dat wel, maar zo kraakhelder en gearticuleerd klinkt zijn vriend op gitaar (en vaste tweede stem) Arjan Spies ook, wanneer we hem Wat Geweest Is, Is Geweest horen zingen. Een nummer dat Boudewijn de Groot in 1973 schreef. Afkomstig van het schitterende album Hoe Sterk Is De Eenzame Fietser. Bloedmooie tekst, prachtige melodie. ‘Iedere nieuwe lente is alles nieuw voor mij, want de winter is dood, het oudjaar is voorbij.’

Het is een aaneenrijging van briljante liedjes die we voorbij horen komen in de geboortestad van trouwe compagnon, wijlen Lennaert Nijgh en de stad waar Boudewijn een groot gedeelte van zijn leven doorbrengt. “Het mooiste liedje dat ooit in Nederland geschreven is”, horen we Von Raven het iconische Testament aankondigen. Het is een zitconcert in de PHIL. en het is prettig dat er niet tot nauwelijks wordt meegezongen door het publiek, hetgeen de kracht van het optreden behoorlijk versterkt. Van Raven beschikt over een mooie stem en je proeft aan alles dat het werk van De Groot hem zeer nauw aan het hart ligt. We horen fijne anekdotes tussen de nummers door en zijn getuige van een los, speels optreden, met The Kik én het enorme orkest in bloedvorm. Vooral die strijkerssectie komt goed uit de verf in het repertoire van De Groot, die opnieuw zijn goedkeuring had gegeven aan The Kik, dat al eerder met het oeuvre van De Groot langs theaters is getrokken.

“Von Raven, meteen na de pauze: “Normaalgesproken zouden we meteen beginnen, maar we missen nog twee debielen in deze band. De toetsenist en de drummer. Waarschijnlijk staan ze buiten te roken. Laten we ze effe roepen!” Niet veel later sluit het duo weer aan. “Iedereen heeft wel een liedje van Boudewijn waarmee hij of zij zich kan identificeren”, vervolgt Von Raven. “Zo heb ik er ook eentje en dat heet Beneden Alle Peil.” Het staat op De Groots tweede album, uit 1966, Voor De Overlevenden. ‘Je ogen hoeven niet zo hard te staan, ontspan die harde lijnen om je kaken. Je lichaam, lief, is zacht om aan te raken.’
We horen klassieke songs als Avond en Een Meisje Van 16 voorbijkomen en het onovertroffen Verdronken Vlinder, dat voor kippenvel zorgt. Werk van de allergrootste chansonnier die we in Nederland hebben gehad en nog altijd hebben. Boudewijn de Groot is 81 en springlevend. We hoorden hem weer geregeld voorbijkomen in de al jarenlang door Pinguin Radio uitgezonden Snob 2000.
Von Raven: “Omdat we in de stad van Boudewijn en Lennart zijn, gaan we het proberen met Strand. We spelen ‘m voor het eerst, deze tournee. Het nummer is gewoon te snel. De meester zelf heeft er ook moeite mee gehad.” Het gaat om de debuutsingle van De Groot, die de muziek in 1964 schreef. De tekst is van Nijgh. Het razendsnelle liedje met koddige tekst wordt foutloos gezongen door Von Raven, die daarna wel bijna aan de beademing moet. Hij krijgt een glas water aangereikt van een collega. Het is een prachtavond, die afgesloten wordt met Welterusten, Mijnheer De President uit 1966 (!), met een tekst die in het huidige tijdperk nog zó verdomde urgent is, dat de tranen bij menigeen in de ogen springen. Wat een heerlijke avond.

zZz – Konnichiwa – Guten Tag – Money Money

zZz – Konnichiwa – Guten Tag – Money Money (Excelsior)

Dat was een prettige verrassing toen eind vorig jaar opeens een nieuwe zZz verscheen. Na tien jaar maar liefst. Konnichiwa – Guten Tag – Money Money heet-ie. Merkwaardige titel? Storm, het vijfjarige zoontje van Björn Ottenheim (drums, vocalen) sprak de woorden eens uit in één zin. Met medebandlid Daan Schinkel (elektronisch orgel, synthesizers) werd besloten er een albumtitel van te maken.

Een poëtische samenvatting van de tijd waarin alles op alle fronten uit de pan vliegt en de wereld in de hens staat, zeggen de twee en daar is geen speld tussen te krijgen. En zo horen we eindelijk weer werk van zZz, dat inmiddels met tussenpozen een kleine kwarteeuw aan de weg timmert met hun indiesleaze/indiedancepunk, die raakvlakken heeft met het geluid van LCD Soundsystem. zZz heeft de eighties sterker omarmd.

zZz is gejaagder en over het algemeen ook een stuk dansbaarder. Opwindender bovendien. Konnichiwa – Guten Tag – Money Money staat vol met vloervullers en heeft een sterk internationaal tintje. In de lente dit jaar start het duo met een tournee door Nederland.

Ottenheim en Schinkel wilden alleen maar knallers op hun vierde album en dat is gelukt. Het is louter opwinding wat de klok slaat. Verslavend (Freerange Renegade bijvoorbeeld!), ongelooflijk prettig album waarmee de wereld veroverd gaat worden. Geen twijfel. Pieter Visscher