Ty Segall – My Room

Ty Segall is net als goede wijn of whiskey. Hij wordt beter naar mate hij ouder wordt.

We volgen de Amerikaanse alt.rocker als sinds onze begindagen en nog steeds weet hij te verassen met nieuwe releases. Constant uit hetzelfde vaatje tappen doet hij ook niet. Je zou kunnen zeggen dat Ty fases heeft, punk, hardrock, postpunk, blues, folk, hij heeft het allemaal gedaan. Nu lijkt hij in zijn jazz fase te verkeren. Of progrock periode. In ieder geval speelt hij de laatste tijd heel veel gitaar en ook nog eens op een virtuoze wijze. Dat was zo op ex IJsbreker, The Void en is misschien nog wel meer op nieuwe single My Room dat tot aan de rand toe gevuld is met ijzersterke solo’s. My Room komt op Ty’s 15e soloalbum, Three Bells dat eind januari uit moet gaan komen.

BLUAI – My Kinda Woman

My Kinda Woman is de nieuwe single van BLUAI, een trio dat niet zonder reden het Belgische boygenius wordt genoemd.

Was vorige single, In Over My Head een folky liedje waarin het accent lag op de fraaie samenzang van Catherine, Caitlin en Mo. My Kinda Woman is meer rock, een beetje bluesy zelfs met een spannende opbouw die zich ontlaadt in een rijkelijk met gitaren gevuld slot. De harmonieën worden bewaard voor de refreinen. Erg geslaagd allemaal. Het doet dan ook uitkijken naar een debuutalbum van BLUAI.

Pinguin Radio Podcast – Nieuwe muziek week 49 2023

Wekelijks maakt onze verslaggever Martje Schoemaker een podcast over de nieuwe singles die je die week nieuw hoort op de Pinguin Radio playlist.

Een nieuwe week betekent dus weer veel nieuwe muziek op Pinguin Radio, deze platen hoor je voorbij komen:

  1. The Scratch – Cheeky Bastard (IJsbreker)
  2. Ty Segall – My Room
  3. Eyedress – Sadie Hawkins Porn
  4. Whispering Sons – Cold City (BE)
  5. BLUAI – My Kinda Woman (BE)
  6. Paceshifters – Figure It Out (NL)
  7. Bowl – I’m No Man (NL)
  8. The Jesus and Mary Chain – Jamcod (Breekijzer)
  9. The Snuts – Deep Diving (Popwarmer)
  10. S L Houser – Hibiscus (Martje’s <3)

Eyedress – Sadie Hawkins Prom

In 2014 pikten we een nummer op van Eyedress, een toen nog zo goed als onbekende act waarvan we niet veel meer wisten te melden dat het de artiestennaam was van de toen 23 jarige Idris Vicuña uit de Filipijnen.

Inmiddels zijn we 9 jaar verder en is Eyedress een wereldwijd fenomeen met meer dan 15 miljoen maandelijkse luisteraars op Spotify. Waarom we tussen toen en Sadie Hawkins Prom niks meer van de goede man hebben vernomen is een raadsel dat we alleen maar kunnen verklaren met het cliché dat je meer mist dan meemaakt. En misschien omdat zijn ster voornamelijk straalt in Azië. Aan zijn muziek ligt het in ieder geval niet. Eyedress maakt niet altijd, maar meestal wel neo new-waverige doemrock met baspartijen die zo van Peter Hook van Joy Division hadden kunnen zijn. Zang is niet het sterkste punt van Eyedress maar dat compenseert hij met sfeer en een goede sound. Nu wil je natuurlijk weten wie die Sadie Hawkins is. Op die vraag moeten we helaas het antwoord nog even schuldig blijven.

Whispering sons – Cold City

Whispering Sons is nooit een vrolijke band geweest, maar zo ijzig en unheimisch als op Cold City klonken ze zelden eerder.

Frontvrouw Fenne Kuppens croont haar tekst over een trage, minimalistische begeleiding van orgel en bas. Cold City is geen song die meteen binnenkomt, maar je langzaam bekruipt om je vervolgens niet meer los te laten. Laat voor de zekerheid ook maar het licht aan of de gordijnen open.

Cold City is net als The Talker afkomstig van een nieuw album van de band uit Belgische Limburg. Dat heeft als titel The Great Calm gekregen en wordt eind februari uitgebracht.

Bowl – I’m No Man

Als de Popronde een wedstrijd zou zijn zou Bowl op het erepodium zijn beland. Dat de band hoge ogen zou gooien wist men in Utrecht allang. Daar wonnen de alumni van de Herman Brood Academie eerder dit jaar de befaamde Clash of The Titans.

Bowl wordt tot de postpunk gerekend, een paraplu die met elke band groter lijkt te worden. Recente single I’m No Man begint met een gitaarintro dat wel iets weg heeft van dat van Ticket To Ride van The Beatles, maar het zou best kunnen dat de band zich daar niet bewust van is. Wat volgt is een hoekige rocksong over mennekes die hun onzekerheid verhullen met spierballen en stoere taal.

Bowl bracht in de loop van het jaar drie singles uit.  Die staan nu verzameld staan op het mini-debuutalbum, Sweet Caffeine.

The Jesus & Mary Chain – jamcod

Toen The Jesus & Mary Chain debuteerde in 1985 met het Psycho Candy album en de Just Like Honey single was alles aan de band controversieel; hun uiterlijk, de bandnaam, het volume van hun shows die zelden langer dan 20 minuten duurden maar bovenal hun muziek.

Zo’n puist gestroomlijnde herrie hadden we nog nooit gehoord! Alsof The Ramones een oud Beach Boys nummer coverden met begeleiding van een stel straaljagers. Wat we toen – bijna 40 jaar geleden niet hadden durven bevroeden- was dat de stijl die de gebroeders Reid toen introduceerde, de shoegaze nu niet alleen nog steeds in zwang zou zijn, maar misschien nog wel populairder dan ooit. Zeker als we het zachtere zusje, de dreampop meerekenen.

The Jesus & Mary Chain bestaat nog steeds. Of alweer eigenlijk, ze zijn er tussen 1999 en 2007 even uit geweest. Zo revolutionair als toen is de band allang niet meer. Dat ze misschien hun haren, maar niet hun streken hebben verloren is goed af te horen aan nieuw single jamcod. Die als vanouds, schuurt en schaaft en alle meters in het rood laat lopen. Jamcod is de aanjager van een nieuw album , numero 8 van Jim en William Reid, die op 8 maart moet gaan uitkomen onder de titel Glasgow Eyes. Rond die tijd gaat The Jesus & Mary Chain ook weer touren. Leg je oordoppen maar alvast klaar.

The Scratch – Cheeky Bastard

Altijd leuk als de ene band een ander citeert. The Scratch haalt Champagne Super Nova aan van Oasis in Cheeky Bastard. Niet als compliment overigens. Hun muziek lijkt ook in niks op die van de gebroeders Gallagher. The Scratch is van de metal, maar dan met een flinke scheut folk in de mix. En humor.

Zo’n band kan eigenlijk alleen maar uit Ierland komen en dat doen ze dan ook. Uit Dublin om precies te zijn. De mix van metal en traditionele Ierse folk is  niet nieuw. Thin Lizzy deed jaren geleden al iets soortgelijks. In Cheeky Bastard serveert The Scratch hun stijlcocktail op een pulserende elektronische beat wat het nummer de drive geeft van een TGV op volle snelheid.

The Scratch is niet nieuw. Cheeky Bastard komt van een vierde album, Mind Yourself dat de band pas nog hier kwam promoten middels een korte tour. Bijzonder is dat het album en dus ook de single geproduceerd zijn door James Vincent McMorrow, singer-songwriter van beroep. De samenwerking van de bard met de rockers heeft een bijzonder album opgeleverd waarvan wij denken dat het ook buiten metal en folk kringen zal worden gewaardeerd.

Manu Louis – Club Copy

Manu Louis – Club Copy (Igloo Records/Outhere Music)

Manu Louis is een Belgische muzikant die resideert in Berlijn. In de stad die al sinds de jaren 70 zo verweven is met elektronica. Manu aardt er uitstekend, zo te horen, want Club Copy is een vrij briljante verzameling tracks geworden.

Er zijn jazzy elementen te vinden op het tien nummers tellende album, terwijl Louis vooral de uithoeken van het elektronische verkent. Dat levert soms verdomd dansbare nummers op. Zoals Economy, wanneer hij vocaal ondersteund wordt door de Brusselse experimentele jazzvocaliste Lynn Cassiers. Dat is prachtig. Het is het op één na langste (4.14) nummer op Club Copy. Full (49 seconden) is het kortst.

Winter duurt maar net anderhalve minuut. Een instrumentaal interludium dat veel wegheeft van een vingeroefening en ook niet veel groter moet worden gemaakt.

Tijdens het swingende Encore 1X (kolderieke titel) horen we Louis in ‘t Frans zingen op een springerige beat en een wat subversief drumritme. Hij zet een – volstrekt overbodig – stukje autotune in en voordat je het weet is de song al afgelopen, met z’n twee minuten en veertig seconden.

Winner is een soort elektroblues van ruim twee minuten, leunend tegen een muur van kerkorgelgeluiden. Afsluiter Ecology, met z’n vierenhalve minuut, is het meest poppie liedje op Club Copy. Een tekst om in te lijsten. Van Gummbah-achtig allooi: een man die zijn vriend uitlegt dat er een urgentie is om te vluchten, zoals de zaken er momenteel uitzien. Dus hier zijn ze, met hun kleine hondjes, de bankiers, dromend van een strand, op de maan… Manu Louis doet wat-ie wil. Check die albumhoes ook. Pieter Visscher