Crumb – Trophy

Crumb is gespecialiseerd in wazige, nadrukkelijk onnadrukkelijke luisterliedjes die het ene oor in gaan, maar vlak voor de uitgang van het andere oor blijven plakken. Songs als Lockett, Part II en Ghostride zijn ware oorwurmen gebleken en hebben Crumb helpen doorstoten naar de hogere echelons van de indie-wereld.

De band uit Boston maakt nu aanstalten om met een opvolger te komen van het opvallend succesvolle debuutalbum, Jinx (2019). Nieuwe single Trophy laat horen dat er niet veel, maar wel iets is veranderd. Waar de oude songs zo gepolijst klonken dat ze glommen komt Trophy met de ruwe randjes in tact. Nog steeds klinkt Lila Ramani als een nazaat van de sirene die het schip van Odysseus op de klippen wilde laten lopen, maar wie goed luistert hoort nu ook de onheil in haar stem.

Viagra Boys – Welfare Jazz

Viagra Boys – Welfare Jazz (Mattan Records)

Natuurlijk stond de moeder van Sebastian Murphy ongevraagd voor de deur van haar zoon. Om te informeren of hij dat nou allemaal wel zeker wist, met die bandnaam. Maar de zanger van Viagra Boys kende geen twijfels.

“Luister moeder”, zei hij, ontspannen, met een Carlsberg in de rechterhand, “zoek jij nou eens op Google op hoeveel platen de Rollende Stenen, de Kevers en de Verpletterende Pompoenen tezamen over de toonbank hebben doen rollen.”

Moeder was met stomheid geslagen en zag dat de Rollende Stenen alleen al in 1971 van het album Sticky Fingers 21,7 miljoen exemplaren hadden gesleten. “Doe mij nu ook maar een pils!”, Sebastian, lachte ze. “De Kevers”, inderdáád zeg, mompelde ze nog, terwijl haar zoon richting koelkast stiefelde, “die ook.”

Viagra Boys is de band uit Stockholm, Zweden, die in 2018 debuteerde met Street Worms. Een plaat gevuld met satirische teksten. Zwarte humor. Voor u geserveerd op een bedje van groezelige postpunk. Welfare Jazz borduurt daar op voort.

De titel is een steek onder water richting de Zweedse overheid, omdat deze verwijst naar subsidie voor jazzmuziek. De plaat heeft sowieso wel iets recalcitrants. In positieve zin. Terwijl Murphy nou niet overdreven goed in z’n vel zat toen de dertien songs tot stand kwamen.

I’m not good at talking about politics, but everything is political when it comes down to it. I’d rather write a song about being defeated, which usually comes from a real place and says a lot. We wrote these songs at a time when I had been in a long-term relationship, taking drugs every day, and being an asshole. I didn’t really realize what an asshole I was until it was too late, and a lot of the record has to do with coming to terms with the fact that I’d set the wrong goals for myself.”

Al die ellende heeft een plaat opgeleverd die speelt met de eventuele goede smaak van de luisteraar. Al blijft een begrip als goede smaak sowieso arbitrair. Beauty is in the eye of the beholder. We weten het allemaal.

Op Welfare Jazz valt eigenlijk niets aan te merken. De band verkent de uithoeken van de postpunk, wars van conventies en virtuele kaders. Viagra Boys doet wat het wil en dat levert zo’n 40 minuten grenzeloos opwindende rockmuziek op. Champagne! Pieter Visscher

LowaddictsSoundsystem – Night and Day

LowaddictsSoundsystem is een genre-bending electro-trio uit de lage landen. Maar dat is niet de reden dat ze zo heten. De bandnaam is geïnspireerd door het zo node gemiste polderfestival waar Dillan, Maaike en Tessa tot de ontdekking kwamen dat er eigenlijk maar twee soorten muziek zijn: goede en slechte.

Mocht je nog niet bekend zijn met de zwoele zomeravond pop van LowaddictsSoundsystem is Night & Day een uitstekend opstappunt. De nieuwe single heeft alles wat LowaddictsSoundsystem boven het festivalveld doet uitsteken; sterke liedjes, aanstekelijke beats en overtuigende zang.

Night & Day is ook geen toevalstreffer, de band heeft een hele berg nummers van dit kaliber op voorraad. Aangezien LowaddictsSoundsystem live ook dik in orde schijnt te zijn lijkt het slechts een kwestie van tijd voordat we het trio zullen zien op de plek van conceptie.

Fletcher Gull – Transgressive Soliloquy

Wie van onalledaagse muziek houdt is bij Fletcher Gull aan het juiste adres. Je hoeft alleen maar naar de titels van zijn songs te kijken – Hypothermia/ Deciduo/Heaven Is Just Around The Corner- om te weten dat je van hem geen sentimentele liefdesliedjes hoeft te verwachten.

Met nieuwe single Transgressive Soliloquy doet hij er nog een schepje bovenop. Volgens de auteur is zijn nieuwe single ‘een bespiegeling over de eigentijdse manier van leven en door technologie veroorzaakte vervreemding’. Over de tekst kan je verschillende bomen opzetten, maar laten we het bij de muziek houden.

Fletcher noemt Leonard Cohen en Flaming Lips als lichtende voorbeelden. Van de eerste heeft hij de filosofische inslag, van de tweede zijn genre overschrijdende composities. In de praktijk zijn Fletchers songs toegankelijker dan je op basis van deze beschrijving zou kunnen denken.

Transgressive Soliloquy mag dan geen meezinger zijn, mee neuriën kan makkelijk en is na een paar keer luisteren zelfs vrij moeilijk te vermijden. Dat maakt de zanger-componist uit het Australische Wollongong niet alleen interessant, maar ook veelbelovend.

King Hannah – State Trooper

Een goede cover doet recht aan het origineel, maar draagt ook duidelijk het stempel van de maker. Zo beschouwd is de interpretatie van King Hannah van Bruce Springsteen’s State Trooper een zeer geslaagde onderneming.

King Hannah is gespecialiseerd in broeierige rocksongs die meestal uiteenvallen in een gezongen deel en een instrumentale coda. In part one vertoont Hannah Merrick dan haar verleidelijke zangkunsten en pakt Craig Whittle in het slotdeel ouderwets uit op gitaar. Dat patroon hanteert het duo ook voor hun versie van State Trooper.

Het origineel van The Boss is een donkere, galmende neo rockabilly track over een man die duidelijk iets op zijn geweten heeft. Wat blijft onduidelijk. Zijn grote angst is te worden aangehouden door een State Trooper. Het nummer staat op het meest sobere album van The Boss, Nebraska (1982). King Hannah haakt in op het paranoia karakter van het origineel, maar blijft uiterst cool. Eén keer maar ontsnapt er een kreet uit Hannah’s keel. Je ziet haar zo voor je dolend in het donker op een highway ergens in Amerika. De blik niet op de weg maar voortdurend turend in de achteruitkijkspiegels.

April March – Allons-y

April March heet natuurlijk niet echt zo. Het is de nom de plume van Elinor Blake. De zangeres uit New York heeft de respectabele leeftijd van 55 bereikt, maar had misschien nog liever 75 willen zijn. Dat behoeft enige uitleg.

Miss March is al haar hele loopbaan in de ban van Serge Gainsbourg en zijn creatie de Yé-Yé filles. Ze zingt vaak in het Frans en haar songs klinken alsof ze in 1965 -haar geboorte jaar- zijn opgenomen. Ironisch genoeg is haar grootste succes een Engelstalig nummer. Chick Habit (1995) zit in een van de films van Quintin Tarantino.

April heeft nu de handen ineen geslagen met Olivia Jean Markel, een sessie-gitariste uit het Jack White kamp. Jack heeft op zijn label twee albums van Olivia Jean uitgebracht. Die laten horen dat ook zij (31) de sixties graag bewust had meegemaakt.

De dames hebben samen een EP gemaakt voor Jack’s Third Man Records. Op Palladium staan drie retro a go go songs in zowel een Franse als Engelstalige uitvoering. Single Allons-y c.q. Let’s Go klinkt als de herkenningstune van politieserie uit de tijd dat van minijurken, paardenstaarten en zwart wit tv. Francofoon als wij soms zijn draaien wij Allons-y waarop April soort van rapt en Oliva stevig rockt.

POLICE CAR COLLECTIVE – I THINK I THINK TOO MUCH

POLICE CAR COLLECTIVE heeft dit jaar tot nu toe elke maand een single uitgebracht. Als het duo uit Liverpool dit tempo volhoudt hebben we eind dit jaar een volwaardig album met 12 nummers.

Met volhouden bedoelen we niet alleen de snelle productie, maar ook de hoge kwaliteit. En de variatie. Debuutsingle ALLTHETIME was een tijdloze ballad met mooie elektronische begeleiding en sterk koorwerk. Opvolger MINE was een vlotte neo new wave track met een basloopje waar Peter Hook (Joy Division/New Order) zich niet voor zou schamen.

Single drie, I THINK I THINK TOO MUCH is weer lekker energiek, en poppy zonder plat te worden. De bewerkte zang is van nu, de keyboard-solo zo retro als maar kan. Al met al bevestigt de nieuwe release van Tyler Plazio en Simon Quigley wat we al meteen vermoedden; kan wel wat worden dat POLICE CAR COLLECTIVE.

Sorry – Cigarette Packet

Laten we hopen dat de door Tik Tok gedicteerde songlengte snel weer wordt verlaten, want sommige nummers mogen wel wat langer duren dan twee minuten. De nieuwe single van Sorry bijvoorbeeld.

Cigarette Packet is het muzikale equivalent van een animatiefilm. In het elektronische geluidsbeeld barst het van de gekke geluidjes variërend van een cowbell tot anime stemmetjes. Zangeres Asha Lorenz laat zich niet van de wijs brengen door het rumoer op de achtergrond. Daar heeft ze ook geen tijd voor. Opgejut door een metalen snaredrum  declameert ze in rap tempo een tekst over eh….stoppen met roken?

Twin Shadow – Johnny & Jonnie

George Lewis Jr a.k.a. Twin Shadow verrast met een track die niet had misstaan op een van de latere albums van The Clash. Met zijn Caribische ritme, disco drums een ouderwetse saxofoonbreak neemt Johnny & Jonnie alvast een voorschot op de zomer. Iets heel anders dus dan de coole, maar soms ook koele synthipop waarmee Twin Shadow naam maakte.

Feitelijk kan je zeggen dat George terug naar zijn roots keert. Zijn wieg stond in San Domingo in de Dominicaanse Republiek en hij groeide op in het al even zonnige Florida. Ergens onderweg naar faam en fortuin heeft hij de eighties ontdekt en is hij geïnspireerd door de donkere en sombere klanken uit dat decennium soortgelijke muziek gaan maken en goede ook! Desondanks is Johnny & Jonnie een welkome afwisseling, en gezien de onzekere tijd waarin we leven een goede plaat op het goede moment.

Django Django – Glowing In The Dark

Django Django – Glowing In The Dark (Because Music/Virgin)

Mooie poster, opnieuw, als inlay bij de nieuwe cd van Django Django. Ook op vinyl verkrijgbaar uiteraard. De verpakking van het album is sowieso fraai verzorgd. Zorgvuldig, met mooie liner notes bovendien. We zijn het inmiddels gewend. Ook daarin herken je de vakman.

Glowing In The Dark is het vierde studioalbum van Django Django, dat voor een portie positiviteit zorgt die we zo goed kunnen gebruiken in pandemische tijden. Waarin we hunkeren naar oude gewoontes, zoals voetballen op zondagochtend, wat potten bier drinken in het café en zelfs een tube houtlijm kopen in de godvergeten Action. Zover is het. Maar dan is er dus de nieuwe Django Django!

De band uit Londen liet met prachtvoorganger Marble Skies (2018) al horen de coherentie te hebben teruggevonden die op Born Under Saturn wat op drift was geraakt en is op Glowing In The Dark helemaal terug in bloedvorm. Songs beklijven, hebben een bijzonder hoog meezinggehalte en zijn zo catchy en opwekkend als wat. Glowing In The Dark is een escapistisch album. Ontsnap even uit de coronaroes en word weer een beetje mens. Trek gympies aan, doe de gordijnen dicht en dans je lekker in het zweet in de huiskamer. Gordijnen open? Dat mag ook.

Glowing In The Dark reflecteert het gevoel dat een sciencefictionfilm oproept bij de band. Het mystieke daarvan hoor je terug in het geluid, dat verder als vanouds aan The Beach Boys refereert, terwijl inspiratiebron van het eerste uur Ennio Morricone ook nog altijd even om de hoek kijkt. En plots is er dan een rustpunt tussen al die uitbundige, dansbare tracks: The World Will Turn. Dermate beatlesque dat het verder gaat dan een ode. Dat kunnen ze dus ook. Pieter Visscher