Sophia Kennedy – Monsters

Sophia Kennedy – Monsters (City Slang/Pampa Records/Konkurrent)

Our mothers are insane. Cause their mothers are insane. Our fathers are insane. Cause their fathers are insane”, zingt Sophia Kennedy in Loop, te vinden op haar tweede album, Monsters.

Sophia heeft natuurlijk gelijk, al chargeert ze misschien een beetje. Maar daar houden we wel van. Zo ken ik zelf geen mensen die dingen niet enigszins aandikken om een punt te maken. De Haagse politiek is er zelfs zwanger van. Ach, die in uw gemeente ook? Maar enfin.

Sophia dus. Met haar tweede langspeler. Waarnaar we allemaal zo reikhalzend uitkeken. Na haar titelloze, eigenzinnige debuut van drie jaar terug. De eigenzinnigheid die we ook nu weer horen. En we horen dat zo graag.

Kennedy heeft de kwaliteiten je geen moment weg te laten zweven. Je houdt de aandacht er van voor tot achter bij. Ze luistert net zo lief naar Velvet Underground als Whitney Houston. Ze noemt Antony & The Johnsons, Amy Winehouse, Nina Simone en Billie Holiday als inspiratiebronnen.

Wanneer we al die ingrediënten samenvoegen, krijgen we zowel een blik in Kennedys brein als in het eindresultaat waar Monsters mee is gevuld. Een potpourri. Dertien excentrieke tracks van de Amerikaanse, die al jarenlang in Hamburg woont.

Alle tracks even spannend, alles even onderscheidend, duister, uitdagend en prikkelend. Animal Collective, zegt u? We mogen dansen, we kunnen lekker gek doen op Kennedys muziek en na dertien nummers zet je de plaat razendsnel weer op. Stoere stem, verrassende wendingen, muzikaal dik in orde, verfrissend en narratief. Theatraal, dat ook. Opwekkend en ook wat verslavend? Zonder meer. Neem het heerlijk luchtige Up bijvoorbeeld. Sophia Kennedy heeft een ongelooflijk fraai en krachtig album afgeleverd. Dat in veel eindlijstjes terecht gaat komen. Ongetwijfeld in dat van ondergetekende. Pieter Visscher

 

Foxlane – flashy lights, underground

Foxlane had vier jaar geleden goed beet met Birmingham, een nummer van hun debuut EP All Quite Good Now. Wat hielp was dat het nummer in de Spotify playlist van Peaky Blinders belandde. Twee latere singles moesten het op eigen kracht doen en dat deden ze.

De Nijmegenezen waren net lekker op stoom toen de wereld in quarantaine ging. Balen natuurlijk, maar de extra tijd schepte ook mogelijkheden. Om in alle rust aan nieuwe nummers te werken bijvoorbeeld. De timing van de release van nieuwe single flashy lights, underground had niet beter kunnen zijn. Nu de laatste beren van de weg worden geruimd is de band klaar voor de grote sprong voorwaarts, mentaal en muzikaal.

Het eerste wat flashy lights, underground duidelijk maakt is hoe eigen en uniek de sound van Foxlane wel niet is. De stem van zanger Guus Timmermans heeft karakter, de band een eigen sound terwijl de songs getuigen van fantasie en vakmanschap. Aan goede bands geen gebrek in de lage landen, maar oorspronkelijke bands zijn helaas een stuk minder dik gezaaid. Foxlane zit duidelijk aan de goede kant van de streep.

Het is dan ook niet makkelijk in woorden te vatten wat er te horen is in de krap drie minuten die flashy lights, underground duurt. Veel gitaren in ieder geval, ondergrondse koortjes, bipolaire tempowisselingen en een uitbundig slot. Maar beter luister en huiver je zelf. EP twee verschijnt begin september. Aan tourdata wordt gewerkt.

TEKE::TEKE – Yoru Ni

Crime jazz is de benaming van het soort muziek dat je hoort in misdaadfilms en series uit de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw. Het bekendste voorbeeld is het James Bond Thema. De muziek van The Pink Panther en de tune van Mission Impossible zijn ook classics in het genre.

Het zevenkoppige Japans-Canadese combo TEKE::TEKE combineert crime jazz met traditionele Japanse (fluit) muziek, surf rock en psychedelica. Dat pakt soms wat vaag uit, maar op Yoru Ni vallen alle elementen op zijn plek. De single heeft het fijne paranoia karakter van een goede crime-tune en dankzij de voordracht van Maya Kuroki ook een apart exotisch/erotisch tintje.  Meer van deze musica exotica vind je op het debuut album van TEKE::TEKE, Shirushi.

Sugar Candy Mountain – Running From Fire

Sugar Candy Mountain is een psychedelisch rockduo uit Oakland, dat zijn tweede decennium inluidt met de release van een vierde album. Running From Fire is vooruitgestuurd om de interesse te wekken. En dat lukt aardig.

Will Halsey en Ash Reiter vallen op in het snel uitdijende psych-rockveld door elementen in hun muziek te verwerken van voor 1967, van voor the summer of love dus. De stem van Ash is girly als in girl group, de galmende productie doet denken aan Phil Spector’s Wall Of Sound en de gitaarsound aan het zonnige California van The Beach Boys.

Het nieuwe album van het duo dat zich niet zonder gevoel voor humor en drama de Bonny & Clyde van de psych-pop noemt volgt al snel. Impression komt op 28 mei online en zal niet veel later op LP verkrijgbaar zijn  een vinyl de betere platenhandelaar.

 

 

 

 

Bobby Womack, The Poet, herleeft op vinyl

Dit jaar is het 40 jaar geleden dat The Poet voor het eerst werd uitgebracht, het Bobby Womack-album dat diende om zijn carrière nieuw leven in te blazen en waarmee hij in de jaren tachtig een nieuwe kracht was in de urban music. Dat album werd gevolgd door The Poet II, wat de positie van Womack als de toonaangevende exponent van de traditionele soul die hij tot zijn overlijden in 2014 behield verder verstevigde. Nu zijn deze klassieke albums voor het eerst geremasterd van de originele banden.

Men dacht lang dat ze verloren waren, maar de originele banden zijn teruggevonden en zijn afkomstig voor de remasters van The Poet en The Poet II. Om de best mogelijke luisterervaring te bieden, zijn zowel The Poet als The Poet II op zwaar (180 gram) vinyl geperst, waardoor de albums voor het eerst in decennia op de vinylmarkt verkrijgbaar zijn. De historische albums op lp en cd zijn verschenen met uitgebreide liner notes van r&b-geleerde Bill Dahl.

Kort na de release steeg The Poet, geproduceerd door Womack, naar de nummer 1 positie in de Billboard’s Top R&B Album-hitlijst en bood daarmee commerciële validatie voor zijn muzikale houding die zo verwijderd was van de discotrend van die tijd. Zoals geïllustreerd in de nieuw geschreven liner notes van Bill Dahl: “The Poet was opgesplitst in twee verschillende muzikale stemmingen. De eerste kant van het album plaatste Bobby in uptempo instellingen en liet de aanstekelijke grooves de vrije loop. Zijn tweede worp wierp Bobby op als de romantische balladeer, een verleidelijk beeld waardoor zijn legioen van vrouwelijke fans al lang in woede uitbarstte.”

Bobby Womack werd in 2009 opgenomen in de Rock and Roll Hall of Fame door Ronnie Wood van The Rolling Stones. De langdurige samenwerking van Bobby Womack met ABKCO dateert uit zijn vroege carrière als mentorschap door Sam Cooke. ABKCO Music fungeert als muziekuitgever voor de catalogus van Womacks meest opmerkelijke composities, waaronder Across 100th Street, Woman’s Gotta Have It, That’s The Way I Feel About’ Cha, Breezin, It’s All Over Now en American Dream.

Liefhebbers van Bobby Womack luisteren uiteraard naar Pinguin Groove.

 

Black Midi – Slow (Loud)

We twijfelen of Slow (Loud) van Black Midi wel geschikt is voor radio. De jongste single van de band uit Londen is namelijk het tegenovergestelde van easy listening.  

Black Midi staat toch al niet bekend om hun hapklare hitsongs, maar in Slow (Loud) verlagen ze de irritatiegrens tot bijna nul. Genre technisch zou je het nummer kunnen indelen bij de fusion of (post) jazzrock. Op de zang na dan die heeft het zweverige van 70’s prog-rock. De vijf en halve minuut durende track is een lange aaneenschakeling van drumbreaks, gitaar, bas en saxsolo’s. Dit alles gespeeld met de energie van een middelgrote kerncentrale. De complexiteit van hun muziek beperkt de actieradius van Black Midi. Daar staat tegenover dat de band waarschijnlijk welkom is op een breed scala aan festivals waaronder Lowlands, North Sea Jazz en Roadburn.  Pinkpop past waarschijnlijk. 

De vraag of een band als Black Midi op onze playlist past schuiven we graag door naar de luisteraars. Geef je mening op onze site en ben je fan stem Slow (Loud) dan de Graadmeter in. We zijn benieuwd.

 

LUMP – Animal

Laura Marling leidt twee levens, een als vrij traditionele singer-songwriter en een ander als aanjager van electronica project LUMP.

LUMP doet ze samen met Mike Lindsay van de band Tunng. Het eerste LUMP album was experimenteel om niet te zeggen vaag. We leggen de schuld bij Lindsay die met Tunng ook vaak kanten opschiet die slechts voor een select gezelschap zijn te volgen. Op het nieuwe album lijkt Laura een dikkere vinger in de pap te hebben.

Animal is fonkelende track met weliswaar de nodige electronica, maar ook een spannend verloop en als bonus de immer boeiende stem van La Marling. Onze politiek is om oorspronkelijke, vaak langere versies van nummers te draaien. Bij Animal van LUMP hebben we gekozen voor de radio-edit. Midden in de albumversie zit namelijk een stuk dat zowel de vaart uit het nummer haalt en de sfeer verbreekt. We leggen de schuld bij Lindsay. Hogere artistieke doelen ontgaan ons dus hebben we bij hoge uitzondering de korte versie opgepikt.

Animal is het titelnummer van LUMP album twee dat in juli uitkomt.

Modest Mouse – We Are Between

25 jaar na de release van hun debuutalbum en zes jaar na de vorige komt Modest Mouse terug met misschien wel hun meest aardse nummer tot nu toe. We Are Between is een classic aandoende rocksong die is opgehangen aan een tijdloze gitaarriff. Als er al keyboards zijn, zitten die diep in de mix verstopt. De poespas-loze productie klinkt net niet lo-fi. Wel modern dus. Zelfs de stem van Isaac Brock lijkt veranderd, alsof hij herstellende is van een zware kou.

Dit alles maakt de nieuwe single er beslist niet minder om. We Are Between heeft de vastbesloten drive van een protestsong en mooie details als een surf-gitaarsolo en een a capella gezongen break.

De eerste nieuwe Modest Mouse song in sinds 2019 songs Poison The Well en Ice Cream Party is de voorloper van een langverwacht nieuw album, The Golden Casket dat voor 25 juni staat. De mannen achter de knoppen waren Dave Tardy (Slayer/Oasis/The Who) en Jacknife Lee (Bloc Party/Editors/U2).

The Sore Losers – Yeah Yeah Yeah

Yeah Yeah Yeah is klassiek popjargon. Naar verluidt waren het The Everly Brothers die als eerste de verbastering van Yes 3 x achter elkaar herhaalden. Dat deden ze in Temptation een hit uit 1961. Geïnspireerd door Don en Phil kwamen The Beatles twee jaar later met She Loves You waarin ze maar liefst 27 x Yeah Yeah Yeah zongen. Yeah werd Yé in het Frans, Yé Yé werd de benaming van Franse popmuziek in de jaren zestig. En zo gaat het maar door. Er is zelfs een band die The  Yeah Yeah Yeah’s heet.

En nu doet The Sore Losers een duit in de traditie met het aanstekelijke Yeah Yeah Yeah. Uiteraard zijn ze niet de eerste die een nummer zo noemde, velen gingen hen voor waaronder Cayucas, Aliyah en Di-Rect.

Yeah x3 van The Sore Losers is klassieke rock, meer Stones dan Beatles maar dat zij ze vergeven. Alle vier bandleden hebben het druk, de bassist, de drummer en zeker de gitaristen die een sterke hook, een strakke slagpartij en diverse solo’s voor hun rekening nemen. Alle vier staan ze in dienst van een song die het onmogelijk maakt om afstand te houden.

Over een nieuw (5e) album van The Sore Losers verder nog geen nieuws.

Kings Of Convenience – Rocky Trail

Je bent vergeven als je denkt dat Rocky Trail de best wel hippe nieuwe single is van Nick & Simon. Kings Of Convenience is namelijk net zo fan van Simon & Garfunky als het Volendamse duo.

Ze zijn dus weer terug! Na 10 jaar radiostilte is er weer een nieuwe single van het duo uit het Noorse Bergen. Rocky Trail is de pilot van album vier van Erland Øye en Eirik Glambek Bøe. Waarom het duo ooit is gestopt is nooit helemaal helder geworden, maar goed dat ze er weer zijn.

Het soort Folk dat de heren spelen is een van de weinige genres die beter worden naarmate de beoefenaars ouder worden. Zowel Øye als Bøe naderen de 50. Hun stemmen zijn gerijpt en er is inmiddels een lang leven om op terug te blikken. Dat het pad des levens langs dalen en bergen voert daarover gaat Rocky Trail.

Er is overigens wel een essentieel verschil tussen Erland & Eirik enerzijds en Nick & Simon anderzijds. Waar de laatsten niet weten hoe snel ze bij het refrein moeten komen zal je in Rocky Trail tevergeefs wachten op een meezing momentje. Wat dat betreft is Kings Of Convenience nog net zo eigenwijs en eigenzinnig als 20 jaar geleden. Het nieuwe album, Peace or Love volgt medio juni.