Pinguin Radio presenteert Volkskrant Radio – editie augustus 2018

Elke eerste maandag van de maand op Pinguin Radio van 20:00 tot 22:00 uur de beste tracks van de beste albums van het moment samengesteld door de muziekredactie van de Volkskrant. Deze editie hebben we overigens de beste albums van het afgelopen jaar voor je geselecteerd.

de Volkskrant

De kroniek van de nieuwe muziek

Lees hieronder alle cd-reviews van de albums van het moment volgens de redactie van de Volkskrant.

ChastityChastity – Death Lust (Captured Tracks/ Konkurrent)
Wat een mooi en rijk bandgeluid etaleert de Amerikaanse band Chastity op de debuutplaat Death Lust. We herkennen Sonic Youth en de noiserock van Big Black en Shellac, én een soort doorontwikkelde hardcore en postmetal van Converge, in het scheurende  schreeuwnummer Chains. Genoeg namen genoemd, Chastity is het waard is om even op eigen merites te beoordelen.

Tekst Robert van Gijssel

De band van zanger en liedschrijver Brandon Williams speelt het spel van de dynamiek in het beladen en getergde nummer Suffer, dat vertrekt bij een gekwetste stem en een breekbare gitaar, en arriveert in giftig rockende euforie van tegen elkaar in meppende riffs. Goed, nog één naam dan: het epische en gecultiveerd rommelige rockwerk van Sebadoh lijkt hier de inspiratiebron.

Je ontkomt er niet aan: luister naar Chastity en de gedachten gaan uit naar de platenkast, en dan vooral de herriekratten uit de jaren negentig. Het mooie aan Death Lust is dat de gitaartraditie uit die tijd in een heel natuurlijk klinkend mengel is geroerd, in liedjes mét emotionele meezingrefreintjes. En waar vind je die nou nog, in bijvoorbeeld de hardcore?

RVGRVG – A Quality of Mercy (Fat Possum/Bertus)
Compleet weggeblazen worden door een gitaarplaat. Het mag gerust een uitzondering heten in de hedendaagse popmuziek. Maar het Australische, uit Melbourne afkomstige RVG krijgt het voor elkaar. Debuutalbum A Quality Of Mercy verscheen in eigen land al een jaartje eerder, en wordt nu pas wereldwijd uitgebracht. Gelukkig maar, want de door de transgender Romy Vager geleide band sprankelt, kriebelt en ontroert. Niet alleen dankzij Vagers felle stem, die zich ergens bevindt tussen die van Marc Almond en Ian McCulloch (Echo & the Bunnymen).

Tekst 

Ook gitarist Reuben Bloxham drukt nadrukkelijk zijn stempel op het melancholieke bandgeluid. Met sierlijk, lyrisch lijnenspel geeft hij de liedjes extra lading.

Het geluid van RVG (een afkorting van Romy Vager Group, zoals de band aanvankelijk heette) roept dat van Australische (The Go-Betweens) en Britse gitaarbands uit de jaren tachtig (The Smiths) in herinnering. Niet alle liedjes zijn even briljant en met een speelduur van een klein half uur is dit debuut wat aan de korte kant. Maar een nummer als Vincent van Gogh, waarin Vager hen de maat neemt die vinden dat je voor grote kunst zwaar moet lijden, heeft alles in zich een indieklassieker van deze tijd te worden.

The JayhawksThe Jayhawks – Back Roads and Abandoned Motels (Legacy Recordings / Sony Music)
The Jayhawks, countryrockband uit Minneapolis die ons in de jaren negentig vaak het kippenvel op de rug zong, dat was toch de band van die gelijkwaardige tandem, Gary Louris en Mark Olson?

Tekst Menno Pot

Ja, dat wás zo. Ze kregen ruzie, omarmden elkaar weer, maar waar de magie rond 2010 verdwenen leek, leefde de groep weer op toen Olson vertrok en Louris de enige kapitein op het schip werd.
Gary Louris schreef door de jaren heen aardig wat mooie liedjes voor andere artiesten en dus dacht hij: laat ik die eens zélf opnemen met The Jayhawks en de artiest aan wie ik het liedje ooit schonk.

Zo horen we Louris dus als het ware zijn eigen weggegeven liedjes coveren: Jayhawks-versies van fonkelende juwelen als Everybody Knows en Bitter End, die er bij de immens populaire countrypopgroep Dixie Chicks al uitsprongen. Ook prachtig: het berouwvolle Long Time Ago, hier een duet van Louris en de man die het op plaat mocht zetten, Emerson Hart van de hier niet zo bekende rockband Tonic.

Twee fraaie nieuwe liedjes erbij om het af te maken (Carry You To Safety en Leaving Detroit) en kijk aan: een Jayhawks-album dat een buitenbeentje in de discografie is, maar wel tot de mooiste hoort.

Janne SchraJanne Schra – OK (Concerto Records)
De hoes oogde zonnig en veel van de liedjes klonken ook zo, maar de schijn bedroog: Janne Schra’s succesvolle album Ponzo (2015) was een plaat van spanning en stemmingswisselingen, waarop je de hand van haar toenmalige geliefde Torre Florim (De Staat) hoorde.

Tekst Menno Pot

Nee, dan OK, het derde album onder haar eigen naam, al een paar weken uit, maar te prachtig om onbesproken te blijven. Jazzy, zomers, licht en dromerig klinken de liedjes, soms haast als haar oude succesband Room Eleven, al zouden we OK-liedjes als Light en het prachtige Paris Syndrome voor geen Room Eleven-song willen inruilen.

Schra is moeder geworden en in Amsterdam neergestreken. Florim is niet langer haar geliefde, maar hij speelt hier en daar subtiel mee. Er is rust, loutering en geluk. Er is een swingend Motown-moment (Sun) en ondertussen gaat Schra per plaat mooier zingen: haar stem is onderhand uit duizenden herkenbaar, zo makkelijk, elegant en soepel.

Misschien was OK met een klein mespuntje venijn nog beter geweest, maar niettemin: dit is Janne Schra’s mooiste plaat. De zomervakantie kan niet zonder.

BlawanBlawan – Wet Will Always Dry (Ternesc)
Jamie Roberts alias Blawan zou eens serieus moeten overwegen in Nederland een appartementje aan te schaffen: de man speelt hier de technofestivals en -tenten plat. Terecht, want de Brit is al jaren een van de heersers in de techno, onder zijn alias Blawan maar zeker ook als de hardware-live-act Karenn.

Tekst Robert van Gijssel

Op zijn eerste volwaardige album laat Roberts horen dat hij in de kunst van de harde, elektronische vierkwartsmaten echt ongenaakbaar is. De groove van de drumcomputers en basslines in tracks als Tasser en Venter is ijzig en onweerstaanbaar: mysterieus en donker, maar zó sfeervol. In Careless bouwt Blawan een mooie spanning op: in de spookachtige stemmetjes aan het einde van dat nummer gloort bijna iets van een popliedje. In Kalosi wordt de stemming gelukkig weer streng Duits, en hier doet Blawan even denken aan de baanbrekende Berlijnse techno uit de jaren negentig, van bijvoorbeeld Basic Channel.

Blawan bewijst dat in het soms wat kille en barse idioom van de techno nog heel veel opwindende nieuwe verhalen verteld kunnen worden.

Let's Eat GrandmaLet’s Eat Grandma – I’m All Ears )Transgressive/PIAS)
Het tweede album van het Britse meidenduo Let’s Eat Grandma is al een maandje uit, maar de plaat blijft fascineren. Jenny Hollingworth en Rosa Walton zijn nog maar 19 jaar oud en verrasten twee jaar geleden al met hun debuut I, Gemini. Een plaat vol elektronisch gelaagde, wat springerige pop, gedragen door de bewust kinderlijke stemmetjes van Hollingworth en Walton.

Tekst Gijsbert Kamer

Hun spel met gender en leeftijd zetten ze nadrukkelijk voort op het tweede album I’m All Ears. De stemmen en muzikale grilligheid doen opnieuw denken aan CocoRosie. De arrangementen en elektronische soundscapes waarin de liedjes worden ondergedompeld zijn altijd van een knisperende frisheid, maar toch blijft er iets knagen waardoor je je niet helemaal aan de muziek kunt overgeven. Hoe mooi bijvoorbeeld de elf minuten durende suite Donnie Darko ook is opgebouwd, uiteindelijk glijdt het allemaal van je af. De nummers zijn net iets te ongrijpbaar en te zelfbewust opgebouwd om echt meeslepend te worden. Waar het verstand heel hard ja roept, zwijgt het gevoel.

GaikaGaika – Basic Volume (Warp/ V2)
Een douche op de oren. De Londenaar Gaika spot met de genres en graait onbeschaamd uit de rijke zwarte en vooral ook Britse muziekcultuur, om er eigenhandig een verfrissend nieuw geluid mee te creëren. Zijn eerste volwassen album Basic Volume, op het deftige dancelabel Warp, is een toppertje van de vernieuwende dance en elektronische pop en zou zomaar wat in werking kunnen zetten.

Tekst Robert van Gijssel

Gaika Tavares, zo heet hij voluit, groeide op in de Londense wijk Brixton, de plek waar eind jaren zeventig reggae en punk op elkaar klapten om daarna wonderlijk harmonieus samen op te trekken. Die cultuurgeschiedenis moet Gaika hebben geïnspireerd tot zijn eigen stijlenmix. Hij draait sinistere Londense dubstep- en hiphopbeats onder zijn eigen, subtiel vervormde vocalen, die in stijl en teksten steeds terugwijzen naar de muziekcultuur van Jamaica: de dancehall en de reggae. Maar in tracks als Hackers & Jackers en 36 Oaths hoor je ook de door drugs en wanhoop gevoede Amerikaanse emo-rap. Toe maar.

Overdreven gekunsteld klinkt Gaika toch niet. In persoonlijke nummers als Immigrant Sons en Seven Churches for St Jude vertelt hij over emigratie, zijn angsten en zijn plek in de wereld, bij gure drumcomputers en toch ook gelikte synthesizers: al met al best toegankelijke dancetracks, die echt nieuwe perspectieven bieden. In Crown & Key en Born Thieves gooit Gaika dancehall, dubstep, horrorsoundtracks en r&b in de mix, en het kan niet anders of die nummers worden de komende maanden dikke dansvloerhits in de beter verduisterde clubs. En natuurlijk op festival Lowlands, waar Gaika met vooruitziende blik maar vast geboekt stond. We mogen hem daar niet missen.

Dirty ProjectorsDirty Projectors – Lamp Lit Prose (Domino/V2)
Het vorige album van de New Yorkse art-rockband Dirty Projectors was een soort echtscheidingsplaat: voorman Dave Longstreth trachtte het stuklopen van zijn relatie met medebandlid Amber Coffman in woord en geluid te vangen. Maar op Lamp Lit Prose, is de toon weer luchtiger en de muziek speelser.

Tekst Gijsbert Kamer

Niet dat het daardoor een rechttoe, rechtaan liedjesalbum is geworden. Longstreth speelt opnieuw met melodie- en zanglijnen, keert liedjes het liefst vanaf het intro binnenstebuiten en vertikt het om de luisteraar en zichzelf even rust te gunnen met een gemakkelijk meezingbaar refreintje.

En toch word je ook door dit achtste album van Dirty Projectors, het tweede zonder Coffman, onmiddellijk gegrepen. Dit keer zijn het de subtiele, West-Afrikaans klinkende akoestische gitaren en de aan de Memphis-soul ontleende blazers die het meest frapperen.

In I Feel Energy lijkt Longstreth met een klein citaat zelfs even te knipogen naar Michael Jacksons Wanna Be Startin’ Somethin’. Maar voordat je de dansschoenen erbij kunt aantrekken heeft hij het nummer al weer omgegooid tot iets ongrijpbaarders. Het fraaist zijn de twee meer richting folk opschuivende slotliedjes. Hier krijgt Longstreth vocale ondersteuning van Robin Pecknold (Fleet Foxes); een betoverend mooie combinatie.

Lamp Lit Prose is dus opnieuw geen gemakkelijke plaat, maar wel een met  experiment, speelsheid en knap ambachtelijke compositiewerk. Het album brengt Dirty Projectors terug in de voorhoede van de New Yorkse artpopscene. Naar verluidt gaat de band ook weer op tournee. Iets om naar uit te kijken.

YOBYob – Our Raw Heart (Relapse Records)
We mogen de Amerikaanse band Yob best het geweten van de harde muziek noemen. Het trio, met gitarist, liedschrijver en zanger Mike Scheidt als boegbeeld, volgt het bijna antieke spoor van de doommetal, dat ooit in de aarde is geploegd door Black Sabbath. En de band weet, zonder overdreven vernieuwend te zijn, steeds diepere lagen in het genre aan te boren en in sommige epische treurliederen zelfs een tunnel onder de ziel te graven.

Tekst Robert van Gijssel

De vorige plaat Clearing the Path to Ascend uit 2014 was van een verpletterende schoonheid. Vooral dankzij het nummer Marrow, dat onwrikbaar in de top 10 van mooiste metalsongs aller tijden staat. Het probleem na zo’n meesterwerk: hoe ga je daar als band nog overheen? lees meer

AMMAR 808Ammar 808 – Maghreb United ( Glitterbeat/ Xango)
Natuurlijk: er komt een keer iemand op het idee de transachtige gnawa-muziek uit de Maghreb, van Tunesië tot Marokko en Algerije, te produceren naast dreunende elektronica en dikke beats. De hele wereld heeft al een dance-bewerking ondergaan. Maar de plaat Maghreb United van de band Ammar 808 is toch origineel. Vooral omdat de vocale kunst intact wordt gelaten en de keiharde drumcomputers uit de klassieke Roland TR 808 de muziek alleen maar nog intenser en hypnotiserender maken. Geen opsmuk en gelikte modernisering, maar juist verharding.

Tekst Robert van Gijssel

Luister hier naar de vorige editie!
Volkskrant Radio – juli 2018

Iedere eerste maandag van de maand tussen 20:00 en 22:00 uur live te beluisteren bij Pinguin Radio en een dag later terug te vinden op Volkskrant.nl als podcast en uiteraard ook bij ons op de site!

 

The Jayhawks – Back Roads And Abandoned Motels (Legacy Recordings)

The JayhawksDe altcountry band The Jayhawks uit Minneapolis draait alweer drieëndertig jaar mee in de muziekbusiness. Op zich best een wonder als je bedenkt dat er aardig wat gedoe is geweest in de band. Respectievelijk tussen oprichters Gary Louris (elektrische gitaar en zang) en Mark Olson (akoestische gitaar en zang). Twee kapiteins op een schip bleek uiteindelijk niet mogelijk.

Alle nummers op het titelloze debuut uit 1985, later opnieuw uitgebracht als Blue Earth in 1989, werden geschreven door Olson. Op de tweede plaat, Hollywood Town Hall (1992), kreeg ook Louris een vinger in de pap en schreef mee aan de teksten. Dat, evenals de samenzang tussen hem en Olson, zorgde voor de definitieve doorbraak van The Jayhawks. Het derde album Tomorrow The Green Grass uit 1995 verkocht echter niet zoals verwacht en Mark Olson verliet nog dat jaar de band. Volgens fans het einde van The Jayhawks aangezien hij veel van de songs schreef en de samenzang met Gary Louris een deel van de aantrekkingskracht was. Toch toert de band sindsdien nog steeds met grote regelmaat en brengt verschillende cd’s uit.
In de winter van 2005 en de zomer van 2006 deed Olson twee korte toers met Louris en namen de heren  in 2008 samen het album Ready For The Flood op. In 2011 voegde hij zich wederom bij The Jayhawks, nam met hen de plaat Mockingbird Time op en deed nog één toer voor hij opnieuw de band verliet. In 2016 bracht de band Paging Mr. Proust uit en stond dat jaar onder andere op het TakeRoot festival in de Oosterpoort in Groningen.

Inmiddels is het tiende studioalbum Back Roads And Abandoned Motels een feit. Hierop staan liedjes die Gary Louris door de jaren heen schreef voor andere artiesten. Hij bewerkte de songs, stopte ze in een Jayhawks jasje en nam ze samen met de band en de artiest aan wie hij het liedje ooit gaf, opnieuw op. Zo komen onder andere de liedjes Everybody Knows en Bitter End, bekend geworden door de Dixie Chicks, aan bod. Ook het bekende El Dorado, gebruikt door Carrie Rodriguez en Gonna Be A Darkness,gezongen door Jakob Dylan (de zoon van) hebben hun plekje op het album veroverd. Stuk voor stuk mooie uitvoeringen van talentvolle muzikanten, maar toch wel het allermooist van de groep waarbij deze nummers echt thuis horen. Het klopt als een bus. Het is intens, melancholisch, puur en echt. Zowel de muziek als de zang komt direct binnen en laat je niet meer los. Back Roads And Abandonded Motels is een echt Jayhawks album en misschien wel één van de betere uit het repertoire van de band. Het is er eentje om door een ringetje te halen. Het verrassende is dat de laatste twee songs nieuw zijn. Het wachten is dus nu op een plaat met uitsluitend nieuw werk. Tekst BluesMagazine.nl | Ella-Milou Quist

RVG – A Quality Of Mercy (Fat Possum / Bertus)

Weer zo’n geweldige band uit Australië en ook weer uit Melbourne. Het debuut van RVG is er een om in te lijsten. Jammer dat het maar acht nummers telt en slechts een halfuur duurt.

RVG is de afkorting van Romy Vager Group, zoals de formatie vroeger heette. Vager, transseksueel, is een, tegenwoordig vrouw die in feite alles in huis heeft om heel erg groot te worden met haar band. De acht liedjes op de plaat, stuk voor stuk door Vager geschreven, kloppen allemaal, hebben stuk voor stuk een zekere urgentie en worden ook nog eens met zeer veel overtuiging gebracht door Vager, die in gitarist Reuben Bloxham een man aan haar zijde heeft die nummers muzikaal naar een hoger niveau weet te tillen.

Vager doet niet alleen qua stem denken aan Ian McCulloch van Echo & the Bunnymen, het geluid van RVG komt ook nog eens dicht in de buurt van dat van de Liverpoolse formatie. Het zijn namen als The Smiths, The Go-Betweens (de band is fan), The Cure, Patti Smith en ook Velvet Underground waaraan RVG bovendien schatplichtig is.

Het leidt tot een album dat swingt, rockt en fascineert. Een stukje drama wordt niet uit de weg gegaan, al weet Vager dat uitstekend te doseren.

Mooi is een titel als Vincent van Gogh. Een song die Vager binnen een uur had geschreven. Vager vertelt dat ze al door een flink aantal mensen is gevraagd of de tekst over hen gaat. “You really should stop drinking. You really should start thinking that you’re Vincent van Gogh. The damage you do is worse than the damage you get”, lijkt ze kunstzinnige vrienden en kennissen een veeg uit de pan te geven. Pieter Visscher

 

The National – Boxer Live in Brussels (4AD / Beggars)

The NationalToch leuk, dat contrast: een schitterende zonnige zomer waarin de droeftoetermuziek hoogtij viert. Want na het (overigens prima) album van de sombermannen van Snow Patrol, komen nu de niet-lachebekjes van The National met een integrale live uitvoering van hun doorbraakalbum Boxer uit 2007.

Was de materie waarover de boys tien jaar geleden zongen spot on, tegenwoordig is de wereld er niet echt op vooruit gegaan en zijn songs als Fake Empire, Mistaken For Strangers en Start A War nog onverminderd van kracht. Dat is overigens ook de manier waarop de songs live in het Brusselse Voorst Nationaal uitgevoerd worden: krachtig en met veel overtuiging.

Dat is maar goed ook want deze live-uitvoeringen verschillen nauwelijks van de studio-originelen, en ik vind het altijd wel mooi als er live iets extra’s wordt toegevoegd aan de songs. De fan zal het een biet zijn want per slot van rekening is Boxer: Live In Brussels een onverwachts tussendoortje waar niemand op gerekend had. Ben benieuwd wat de herfst gaat brengen …. Tekst Mania | Andre de Waal

Israel Nash – Lifted (Desert Folklore)

Israel NashDe neo-hippie en singer-songwriter uit de Ozark Mountains is voorgoed neergestreken in Dripping Springs, Texas. Israel Nash bouwde op zijn ranch een eigen studio, Plum Creek Sound. Met Lifted, zijn vijfde album, speelt Nash dus een thuiswedstrijd, wat hem kennelijk stimuleerde om flink uit te pakken met strijkers, blazers, gospelzang en een heuse spectoriaanse sound.

Nash verlaat daarmee een beetje het Neil Young and Crazy Horse-geluid van de magnifieke albums Rain Plains (2013) en Silver Season (2015). De sound is nu atmosferischer, etherischer, zeker door de toevoeging van field recordings – in regentanks opgenomen instrumenten en kikker- en krekelgeluiden. Qua productie en sound is Lifted dan ook Israel Nash’ meest ambitieuze plaat tot zover.

Daarbij heeft Nash ook zijn best gedaan goed in het gehoor liggende liedjes te componeren. En daar is hij met even meeslepende als weemoedige songs als Rolling On, Looking Glass, Sweet Springs, SpiritFalls, The Widow en Golden Fleeces uitstekend in geslaagd. Lifted is met zijn sterke songs en aanstekelijke melodieën, getoonzet in een majestueus klankbeeld voor Israel Nash een volgende stap in de richting van ja, wereldwijde erkenning. Tekst Mania | Wiebren Rijkeboer

LIVEDATA 10/11 Muziekgieterij, Maastricht 11/11 Hedon, Zwolle 12/11 TivoliVredenburg, Utrecht

Live Foto Review: Welcome to The Village 2018 @ Leeuwarden

Live Foto Review: Welcome to The Village 2018 @ Leeuwarden
19 t/m 22 juli 2018
Foto’s Sharon & Maureen Vreeburg

Welcome to The Village vond plaats op 19, 20, 21 en 22 juli 2018 in recreatiegebied de Groene Ster, vlakbij Leeuwarden. De headliners van de zesde editie zijn Mark Lanegan Band, Warhaus, Motorpsycho en Joan As Police Woman. Naast (podium)kunst is er ook dit jaar ruim aandacht voor innovatie in het innovatielab DORP, wordt er met 18 maatschappelijke partners aan het handgemaakte festival gewerkt en is lekker én logisch eten prioriteit.

Lili Grace
Lili Grace

Underworld & Iggy Pop – Teatime Dub Encounters (Caroline)

UnderworldDe basis voor deze opmerkelijke samenwerking tussen Underworld en Iggy Pop werd gelegd in 2016, toen Underworlds Rick Smith een afspraak met Iggy had om te praten over de muziek voor de film T2 Trainspotting.

Twintig jaar eerder waren nummers van Iggy (Lust for Life) en Underworld (Born Slippy (Nuxx)) te horen in de oorspronkelijke Trainspotting. Vooruitlopend op hun ontmoeting bleek Smith in de Londense hotelkamer waar de twee afspraken een complete opnamestudio te hebben ingericht. Iggy kon de verleiding niet weerstaan en aldus werd Teatime Dub Encounters geboren, een EP met vier vrolijke, retrospectieve nummers.

Het gaat over geneugten uit voorbije tijden zoals roken in vliegtuigen (Bells & Circles), oppervlakkige maar gezellige vriendschappen met veel drugs (I’ll See Big) en verkeerde beslissingen met verstrekkende gevolgen (Get Your Shirt). De combinatie van Underworlds lekkere, melodieuze ambient music en Iggy’s gruizige stem waar de relativering dik bovenop ligt, maakt van Teatime Dub Encounters een ontmoeting die naar meer smaakt. Tekst Mania | Jan Doense

Deaf Wish – FFS (Sub Pop / Konkurrent)

Aan de vergelijkingen met Sonic Youth ontkom je ook niet op het zesde studioalbum van Deaf Wish, dat de titel Lithium Zion heeft meegekregen. Maar er zijn beroerdere bands actief geweest op deze planeet om het kunstje bij af te kijken. De stem van Sarah Hardiman heeft dan ook nog eens wat weg van die van Kim Gordon.

De noiserock van het Australische kwartet, waarin elementen van punk geen zeldzaamheid zijn, kwam nog niet beter uit de verf dan op deze zesde worp. Het is alsof ineens alle puzzelstukjes op hun plaats liggen. In andere woorden: het songmateriaal was nog niet eerder van zo’n hoog niveau, terwijl de band uit Melbourne ook geen gedrochten op plaat heeft vastgelegd, integendeel. Kun je nagaan.

De furie van FFS, dat door Hardiman wordt gezongen, zit als gegoten in een gejaagde song. Zoals het wat dreinerige stemgeluid van Jensen Tjhung gemaakt is voor een punkrocker als Easy, de albumopener.

Dat Tjhungs stem zich ook uitstekend leent voor uptempowerk wisten we natuurlijk al, toch kwam hij niet vaker zo goed uit de verf als in Metal Carnage. Een noiserocksong om in te lijsten.

Veel rust wordt je sowieso niet gegund op Lithium Zion, of dat moet tijdens het voor Deaf Wish-begrippen zelfs wat ingetogen Afraid For You zijn. Meteen de zwakste broeder op de plaat, terwijl de song nog een dikke 7 uit het vuur sleept. Kun je nagaan, inderdaad. Pieter Visscher

Ty Segall & White Fence – Joy (Drag City / V2 Benelux)

Ty Segall & White FenceDe discografie van Ty Segall is niet bij te houden, maar wie er induikt komt erachter dat hij in 2014 al het laatste album van Tim Presley, alias White Fence produceerde, en hem toen voor het eerst uit zijn slaapkamer naar de studio haalde.

Nu is hun eerste duo album uit, in hetzelfde jaar dat Segall al één van zijn sterkste albums, Freedom’s Goblin, afleverde. Zoals we van hem gewend zijn is dit weer hele andere koek. Presley, die onder andere korte tijd bij The Fall speelde, is een man van het experiment, en de zestien nummers die in een klein half uurtje langskomen ademen dan ook vooral improvisatie en instinct uit.

Wel met de sound die zo langzamerhand een beetje het handelsmerk van Segall is geworden, strakke akoestische gitaren aangevuld met het nodige scheurende elektrische geweld. Slechts een enkel nummer, A Nod en She Is Gold, is daadwerkelijk tot heel nummer uitgewerkt, voor de rest is dit een mooi kijkje in het schetsboek van twee grote talenten. Tekst Mania | Jurgen Vreugdehil

The Rolling Stones – From the Vault: No Security. San Jose ’99 (Eagle / Universal)

The Rolling StonesNadat in november 1998 de liveplaat No Security uitgebracht werd, besloten The Rolling Stones direct met een nieuwe tour te starten. De eerste poot liep van januari 1999 tot en met april van dat jaar.

Deze uitgave geeft een beeld van hoe het er aan toe ging op het een na laatste concert in Amerika op 19 april. Wat we zien is niet alleen een zeer fraai in beeld gebrachte show, die behalve een mooi podium ook nog eens laat zien dat muziek maken nog steeds leuk is voor de band.

Daarnaast is de fraaie setlist er een om van te genieten. Van de dan laatste plaat Bridges Of Babylon worden nog twee stukken gespeeld, respectievelijk Saint Of Me en een fantastisch Out Of Control terwijl Voodoo Lounge nog slechts vertegenwoordigd is door You Got Me Rocking.

Vervolgens komt er behalve een aantal klassiekers ook Some Girls, I Got The Blues, Get Off Of My Cloud en Route 66 voorbij. Keith mag aanleggen voor Before They Make Me Run en een bijzonder fraai You Got The Silver, terwijl Mick dan al zijn eerste gitaarpartij gedaan heeft op Respectable. Is From The Vault een mooie serie, No Security San Jose 1999 is een excellent deel! Tekst Mania | Herman Dijkstra