De discografie van Ty Segall is niet bij te houden, maar wie er induikt komt erachter dat hij in 2014 al het laatste album van Tim Presley, alias White Fence produceerde, en hem toen voor het eerst uit zijn slaapkamer naar de studio haalde.
Nu is hun eerste duo album uit, in hetzelfde jaar dat Segall al één van zijn sterkste albums, Freedom’s Goblin, afleverde. Zoals we van hem gewend zijn is dit weer hele andere koek. Presley, die onder andere korte tijd bij The Fall speelde, is een man van het experiment, en de zestien nummers die in een klein half uurtje langskomen ademen dan ook vooral improvisatie en instinct uit.
Wel met de sound die zo langzamerhand een beetje het handelsmerk van Segall is geworden, strakke akoestische gitaren aangevuld met het nodige scheurende elektrische geweld. Slechts een enkel nummer, A Nod en She Is Gold, is daadwerkelijk tot heel nummer uitgewerkt, voor de rest is dit een mooi kijkje in het schetsboek van twee grote talenten. Tekst Mania | Jurgen Vreugdehil
Nadat in november 1998 de liveplaat No Security uitgebracht werd, besloten










































Met de recensie van dit album moet ik heel voorzichtig omgaan. Mede omdat ik weet dat de meeste blues(rock) liefhebbers gillend op de vlucht slaan zodra zij de woorden jazz of hip-hop horen. Dat hoop ik dus te voorkomen door te melden dat we hier met een zeer indrukwekkend en funky album te maken hebben.












































Roots/Folk:
Rock/Pop:




















Het is ‘m toch weer gelukt, Damon Albarn; een paar songs op een