Scram C Baby – Elephant

Waarom Scram C Baby na 8 jaar stilte plotseling weer de geest heeft? Geen idee. Maar wat maakt het uit zolang de hoofdstedelijke rockers met sterk nieuw werk komen als de single Elephant. Het is gelukkig niet zo dat de band doet alsof de tijd stil is blijven staan. In het laatste decennium van de vorige en het eerste van deze eeuw maakte Scram C Baby naam met begeesterde rammelrock van het soort dat we nu garage noemen. Soort van tijd vooruit dus, als je bedenkt dat garage nu een populair genre is bij de jongste generatie Neder-rockbands.

Vergeleken met uitslaande bermbrandjes als Kisses Suziki (1996)  en Earstruck (2010) is nieuwe single Elephant het toonbeeld van beheersing, een in een Berlijnse Bowie saus gedipte bolero, een slowburner met een gradueel opgevoerde spanning en de dreiging van een naderend onweer.

Het zou kunnen zijn dat de verandering van stijl is ingegeven door het besef dat de veteranen als het gaat om onstuimige energie het zullen moeten afleggen tegen de jeugdige overmoed van jonge hondenbands als Korfbal en Canshaker Pi (waarin de zoon van de zanger SCB speelt). Scram C Baby is  ouder en wijzer en anders en terug. En dat is goed nieuws.

Mini Mansions – Works Every Time

Mini Mansions is een supergroep van de categorie B. Dat is niet denigrerend bedoeld. De bands waarin de drie muzikanten spelen zijn wereldberoemd, alleen bewegen zij zich op de achtergrond, zijn ook niet officieel lid. Michael Shuman, Zach Dawes en Tyler Parkford zijn huurlingen met o.a. Queens of The Stone Age, Arctic Monkeys en The Last Shadow Puppters als werkgever. Sommige sessiemuzikanten willen en kunnen echter meer dan simpel begeleiden en doen wat de baas zegt. Dat geldt dus voor het genoemde trio dat in 2010 debuteerde als Mini Mansions.

Mini Mansions maakt indie-pop met de nadruk op pop. The Beatles en Elliot Smith worden vaak genoemd om de sound van het trio te omschrijven, vergelijkingen waarmee de band goed kan leven. Nieuwe single Works Every Time, het titelnummer van een binnenkort te verschijnen EP is weer een verzorgde, melodieuze en inventieve productie, in vergelijking met  doorbraakhit Vertigo iets minder retro. Alles klopt, de zachte drive, de spanningsboog, de zacht dwingende leadzang, de koortje en -last but not least- de vette gitaarsolo. Meer van dit moois volgt op 28 september.

Parcels – Bemyself

Zoals de eigentijdse r&b wordt gedomineerd door de auto-tune zo is de falset stem al weer enige tijd de toonaangevende factor in indie-land. Wie er mee begonnen is, is niet makkelijk meer te achterhalen Misschien Thom Yorke wel, maar feit is dat de kopstem momenteel het bepalende geluid is in de indie-scene.

Het Australische Parcels doet aan de mode mee, maar komt zo goed uit de hoek dat je de band moeilijk kunt beschuldigen van opportunisme. Bemyself is Parcels ten voeten uit. De zongedroogde nieuwe single van de band is een klasse productie, die doet denken aan de gouden periode van the Beach Boys, soft en harmonieus, gestroomlijnd maar niet glad, poppy maar niet plat.

Parcels is gespecialiseerd in dit soort sophisticated indiepop, zij het dat hun songs meestal een iets prominentere beat hebben dan het rustig voort dobberende Bemyself. Behalve Beach Boys is Parcels ook onder invloed van Hall & Oates, Alessi en andere seventies/eighties yachtrock acts. Invloeden die je ook terughoort in de muziek van collega’s als Phoenix, The xx en Daft Punk. Die laatsten produceerden Overnight (2017) de grootste Parcels hit tot nu toe.

De Australiërs zijn nu vier jaar bezig en hebben to nu toe alleen nog maar losse liedjes uitgebracht, die als je ze zelf in een playlist sleept een perfecte soundtrack vormen voor de zomer. Tot slot, dat Parcels hun tot drie cijfers achter de komma verzorgde sound ook live kan waarmaken, zie je op bijgevoegde clip waarin de band in navolging van The Beatles hun ding doen op een dak.

#314 Festival van de Week – Misty Fields

Terwijl de grote festivals nog verder uit de kluiten wassen houdt Misty Fields het klein en fijn. Het ludieke muziekfestijn dat jaarlijks plaatsvindt op een toplocatie aan de rand van de Peel moet het niet hebben van grote namen met een verleden of de trend van dit moment. Sinds jaar en dag jaagt de artistiek leiding van Misty Fields op acts die kunst combineren met kunde, die opwinding veroorzaken op en voor de bühne. Dan kom je vanzelf terecht bij opgewonden bandjes als het Vlaamse Equal Idiots, het Hollandse Birth Of Joy en Metz uit Canada.

Te ontdekken valt er ook genoeg op Misty Fields, met name eigen teelt talent krijgt een kans om zich aan het publiek te presenteren. In deze categorie vallen pit, punk en pretbands als Kitchenette, Korfbal en Tony Clifton.

En dan zijn er nog die bands die zich niet laten oormerken zoals Lewsberg uit Rotterdam dat rockt in de New Yorkse traditie, of het combo van Pip Blom uit de hoofdstad dat Engeland heeft veroverd en Komodo met hun vier windstreken wave.

Rustpunten vormen de sets van het innemende Snail Mail (US), indie diva Nicole Atkins (US) en fluisterrockers Cut Worms (US), stuk voor stuk makers van tijdloze luistermuziek.

En zo kunnen we nog wel even doorgaan, maar beter kan je zelf afreizen op 31 augustus, de eerste van drie dagen toppop in de Peel. Alles wat je wilt weten over Misty Fields 2018 vindt je hier www.mistyfields.com.

De uitzending van Bazz opde Buzz van deze week staat helemaal in het teken van het sympathieke Misty Fields. En je hoort dan ook een interview met Loek Hendrikx, de marketing & PR manager van het festival.

Halestorm – Do Not Disturb

Dit is de eerste Breekijzer voor Halestorm, een stevige hardrockband uit Pennsylvania die niet vies is van een vleugje metal. De gitaargoeroe’s bestaan al sinds 1997 en draait al vanaf de start om frontvrouw Lizzy Hale die op de nieuwe single Do Not Disturb ook weer flink haar vocalen opzet. Ook Lizzy’s broer zit in de band, drummer Arejay Hale. Het nieuwe album Vicious is gisteren uitgekomen, de vierde van het stel. De eerste langspeler verscheen namelijk pas in 2009.

LIVEDATA 01/10 013, Tilburg 03/10 TRIX, Antwerpen

Rayland Baxter – Strange American Dream

We willen je graag voorstellen aan Rayland Baxter, een singer-songwriter uit Nashville. Wie een beetje muzikaal onderlegd is denkt bij Nashville gelijk aan country. Klopt. Baxter beweegt zich in country kringen, maar dan wel van het alternatieve soort. Je zult hem niet snel horen zingen over sixpacks, four wheel drives en pretty girls in tight fitting jeans. Er zit weliswaar een twang in zijn muziek, maar ook gitaarsolo’s, die rechtsreeks uit het arsenaal van Neil Young komen. Baxter is net zo country als Wilco, Band Of Horses en The Manchester Orchestra.

Rayland Baxter groeide op in een muzikaal nest. Zijn vader William ‘Bucky’ Baxter is een veelgevraagd steelgitarist die o.a. te horen is op platen van Bob Dylan, R.E.M en Ryan Adams.

Baxter junior was 9 toen hij zijn eerste gitaar kreeg. In 2010 vond hij zichzelf goed genoeg om in de voetsporen van senior te treden en professioneel muzikant te worden. Twee jaar later bracht hij zijn eerste album uit, een kritisch en commercieel succes. Het zelfde geldt voor zijn tweede langspeler. Inmiddels bereikt Baxter meer dan een miljoen luisteraars per maand. Zijn nieuwe album, Wide Awake is o.i. de beste van de drie, steviger en veelzijdiger dan de voorgangers.

Zoals een echte singer-songwriter betaamt is Rayland Baxter een gevoelig mens en maakt hij zich zorgen over de toestand van de wereld. Daar gaat zijn nieuwe single over. ‘Maybe I was Born Sick’ zingt hij in Strange American Dream. Het is de openingsregel van een zwaar overtuigende song over het verschil tussen hoe hij de wereld zag als kind, de harde werkelijkheid en de ongewisse toekomst. Naast de sterke tekst vallen vooral de gitaren op in Strange American Dream, die doen nog het meest denken aan het gitaarspel van George Harrison op Abbey Road. De productie van Butch Walker (Pink, Weezer en Frank Turner) is zowel bescheiden als meeslepend.

Rayland Baxter maakt dus niet het soort indie dat we normaal serveren, maar we menen in hem een ‘echte’ artiest te herkennen, een genre-overstijgend toptalent, waar we nog heel veel van gaan horen. Te beginnen hier bij Pinguin radio.

Miles Kane – Cry On My Guitar

Terwijl zijn maat Alex Turner met Arctic Monkeys is opgeschoven in de richting van de weelderige jetset rock, die ze hadden ontwikkeld voor The Last Shadow Puppets betreedt Kane solo het gebied dat Arctic Monkeys heeft verlaten, dat van de krokante indierock.

Cry On My Guitar heeft een eigentijdse sound, maar is gemarineerd in een stijl die de boeken is ingegaan als glamrock. We spreken van de vroege jaren zeventig toen Bowie als Ziggy uit de kast kwam en bands als the Sweet en Slade hun kans schoon zagen. Kane zingt zelfs over een Ballroom Blitz. Volgens de credits schreef hij het nummer samen met Jamie T, maar als er Marc ‘T Rex’ Bolan had gestaan hadden we het ook geloofd. Benieuwd of Kane in de clip met eyeliner, schoenen met plateauzolen en een nauwsluitend glitterpak zal verschijnen. Cry On My Guitar is single drie van soloalbum drie, dat rond tien augustus gaat uitkomen onder de titel Coup De Grace.

LIVEDATA 18/08 Lowlands, Biddinghuizen 01/10 Melkweg, Amsterdam 02/10 Botanique, Brussel (BE)

The Lemon Twigs – Small Victories

Sprokkelpop zo zou je de muziek van The Lemon Twigs kunnen noemen. Je ziet het zo voor je, de muzikale broertjes die grasduinen door de uitgebreide collectie platen die hun vader verzamelde vanaf de late jaren zestig tot ongeveer halverwege de seventies. D’addario senior vindt de belangstelling van zijn zoons niet alleen leuk, hij moedigt ze ook aan. Zelf droomde hij van van een loopbaan in de muziek, heeft zelfs platen gemaakt, maar helaas is zijn carrière nooit van de grond gekomen. Waarschijnlijk gaf hij midden jaren zeventig de moed op en stopte hij ook met verzamelen.

Hoe papa Twig klonk is onbekend, maar afgaande op zijn smaak die doorklinkt in de muziek van zijn kroost was het goed geproduceerde powerpop met als ijkpunten. Big Star, Badfinger en Todd Rundgren.

De derde single single van het tweede album van Brian en Michael is hun meest ambitieuze productie to nu toe, meer een medley of mini-opera dan een conventionele popsong. In zijn veelzijdigheid, oog voor detail en complexiteit doet Small Victories aan de vroege 10cc denken, dat in hun tijd weer met The Beach Boys werd vergeleken. Small Victories is een gedurfde productie, een weerspiegeling van de snelle ontwikkeling, die de band van de broers doormaakt.

Het aanstaande album van The Lemon Twigs gaat Go To School heten en is een 15 tracks tellend conceptalbum over een chimpansee die -inderdaad- naar school gaat. Afgaande op het zonnige en optimistische karakter van Small Victories -en de songtitel- heeft het verhaal een happy end.         Release 24 augustus.

The Glücks oftewel de Belgische ‘Bonnie & Clyde’ van de garagerock

“Het is rauw met triestesse”, vertelt Alek over Oostende, de Belgische plaats waar het garage duo The Glücks vandaan komt. De twee zijn de afgelopen tijd niet veel te vinden geweest in hun melancholische doch inspiratievolle woonplaats. De ‘Bonnie & Clyde’ van de Belgische garage speelden show na show, waaronder in Nederland. Wie zijn deze twee rockende figuren uit ons buurland? En waarom Bonnie & Clyde?

Tekst Nadieh Bindels Foto’s Jos van den Broek

“We zijn constant met z’n tweeën op de weg, net als die twee opgehemelde cultfiguren en ons leven vertoont veel gelijkenissen. Maar het is niet zo dat we onszelf zo hebben genoemd hoor”, vertelt gitarist Alek. Tina: “De naam werd ons ooit in een interview toegewezen en werd meerdere keren overgenomen. Het is grappig dat het zo snel is gegaan en nu iedere keer weer naar voren komt.

The Glucks
The Glucks

Ex drummer
De band The Glücks begon zo’n zes jaar geleden in de Belgische kustplaats Oostende. Eigenlijk waren ze met z’n drieën, maar al gauw bleven gitarist Alek en drumster Tina met z’n tweeën over. Tina: “We hadden een show, maar de drummer kon niet. Toen zei Alek ‘kom op, ga jij drummen’. Ik had nog nooit gedrumd, maar ik heb het gedaan en dat ging eigenlijk best goed.” Alek: “Iedereen was enthousiast en riep ‘keep the drummer’. Sindsdien zijn we met z’n tweeën.”

Wie de film Ex Drummer over een band in Oostende heeft gezien, zal een vrij melancholisch beeld hebben bij de Belgische badplaats en volgens het garage duo klopt dat beeld ook wel. Alek: “Je vindt er de onderbuik van de maatschappij en komt er daar wel achter hoe en wat de samenleving echt is. Het is er rauw en er is veel armoede.” Tina: “Ja, en veel geweld en drugsgebruik, maar het is er ook wel mooi hoor. Oostende heeft een bepaalde charme die uniek is en waar wij van houden.”

No bullshit
De rauwheid uit hun woonplaats komt ook terug in de muziek van de twee en dan niet alleen in het geluid. Alek: “Je woonplaats kan je beïnvloeden in de manier waarop je over het leven denkt. We zingen over wat we tegen komen, ook de nare dingen, the no bullshit. We staan redelijk achter bepaalde zaken, zoals gelijke rechten, groene toekomst, geen elite, en dat komt ook terug in onze muziek. Zingen over whiskey is ook cool hoor, maar het is niets voor ons.”

Het ‘no bullshit’-idee gaat verder dan alleen de teksten en het gevoel. De band wil in het hele proces van muziek maken en uitgeven ook ‘no bullshit’. Ze doen dan ook zo veel mogelijk zelf. Alek: “We willen het zelf in handen houden en willen niet dat onze muziek in handen valt van anderen of bedrijven.” Tina: “Onze muziek is een soort van ons kindje en dan is het niks als iemand anders gaat vertellen hoe dingen moeten. We doen de financiering, bedenken het art-work. We willen de eigenheid bewaren.” Om dat voor elkaar te krijgen, heeft de band toen ze de eerste plaat maakte een eigen labeltje ‘Suck My Goo Records’ opgericht. Maar soms kan het niet anders en kom je handen en tijd tekort. Daarom is de tweede plaat Run Amok, die afgelopen maart uitkwam, uitgebracht door Drunkabilly. De band drukte vijfhonderd platen, waar er trouwens nog een paar van over zijn.

LIVEDATA 01/09 Epop Festival, Epe 08/09 Girls Go Boom: The Loud Edition @ Roodkapje Rotterdam

In het najaar gaat de band op tour door Europa met The Sonics, daarover vind je hier meer.

Rolling Blackouts Coastal Fever – Time In Common

Elke ochtend om acht uur is het tijd voor een verse Clip van de Dag. Met vandaag de videoclip bij single Time In Common van Rolling Blackouts Coastal Fever.

Na twee ontzettend smaakvolle ep’s was het wachten op het debuutalbum van Rolling Blackouts Coastal Fever. De band heeft laten horen excellente indierockliedjes op plaat te kunnen zetten en doet op het album Hope Downs niets anders. Alsof het de gewoonste zaak van de wereld is, maar dat is natuurlijk niet zo.

LIVEDATA 11/08 Haldern Pop, Rees-Haldern 17/08 Lowlands, Biddinghuizen 18/08 Pukkelpop, Kiewit 01/11 Trix, Antwerpen 03/11 Paradiso-Noord, Amsterdam 04/11 Doornroosje, Nijmegen