Nondeju wat een lekker stukje soul: Steffen Morrison

Deze man kreeg het hele veld van de Bayou aan het heupwiegen tot voluit meeswingen. Wat een gevoel zit er in die stem zeg en wat een heerlijk podiumdier.
Reporters Casper van Aggelen en Frederiek van der Heiden waren al fan, maar na de Zwarte Cross is iedereen wel om. Steffen Morrison was al regelmatig te horen op ons kanaal Pinguin Pluche en dat kan zo alleen maar meer worden!

 

Steffen Morrison – Zwarte Cross – Foto: Casper van Aggelen
Steffen Morrison – Zwarte Cross – Foto: Casper van Aggelen
Steffen Morrison – Zwarte Cross – Foto: Casper van Aggelen
Steffen Morrison – Zwarte Cross – Foto: Casper van Aggelen
Steffen Morrison – Zwarte Cross – Foto: Casper van Aggelen

Betoverend en meeslepend: Anneke van Giersbergen

Dat Anneke van Giersbergen een begrip is in de muziekwereld wist iedereen al. Maar dat ze je zo kan betoveren, zo kan meevoeren naar andere werelden, dat was misschien meer dan wie dan ook verwachtte.
Onze fotografen en reporters op het festival, Casper van Aggelen en Frederiek van der Heiden, over de shows:
The Roadhouse
‘Ze mag de 50 dan misschien gepasseerd zijn, maar Anneke van Giersbergen en haar band zetten The Roadhouse volledig op z’n kop. Als een jonge hinde die voor het eerst op een podium staat pakte ze het publiek van begin tot eind helemaal in.’
Theatertent
‘Anneke van Giersbergen deed ook een volledige show met alleen muziek van Kate Bush in de Theatertent. Prijs jezelf maar gelukkig als je erbij was, want dit was zo’n moment om nooit meer te vergeten.’

 

 

 

 

Telescreens – Games

Terwijl ex IJsbreker Lost langzaam op stoom begint te komen in de Graadmeter heeft Telescreens al weer een nieuw nummer los gelaten.

Games is misschien nog wel beter dan Lost. Het is wederom een gitaar gedreven powerpopsong met opwindende solo. Dit keer krijgt ook de man achter de toetsen wat meer speelruimte.

‘Future alternative’ noemen de New Yorkers hun stijl. Over dat alternative kunnen we twisten, maar met de future van Telescreens zit het wel snor.

 

 

Alamo Race Track – Got to get home

Single twee van het nieuwe album van Alamo Race Track is een op het eerste gehoor leuk en luchtig liedje, dat bij nader inzien helemaal niet zo vrolijk is.

Ralph Mulder schreef de tekst nadat hij zich door familieomstandigheden genoodzaakt zag om een tijd terug te gaan naar zijn ouderlijk huis in Groningen. Dat triggerde een hoop half weggestopte herinneringen, die hij zoals een singer-songwriter betaamt verwoorde en verwerkte in een serie songs.

Got te get home gaat over prille liefde en religieuze verwarring. Serieuze zaken, maar dat zou je dus niet zeggen als je de helder rinkelende gitaren hoort van meestergitarist Robin Berlijn en de ongedwongen melodie.

Album, Greetings From Tear Valley and the Diamond Ae volgt begin oktober. Ook gaat Alamo Race Track weer spelen, maar daarover later meer.

Big Thief – Vampire Empire

Sinds hun optreden op Best Kept Secret vorig jaar en eerder in Paradiso geniet Big Thief hier een welhaast een mythische status. Een van de songs die live een onuitwisbare indruk maken is Vampire Empire, dat nog op geen enkel album staat.

Dat lijkt ook niet te gaan gebeuren. Wel is er nu een live-versie verschenen, eerder dit jaar opgenomen in Spanje. Wie Big Thief nooit aan het werk heeft gezien staat een verassing te wachten. Op plaat kan de band vrij intens klinken, maar gaan de meters zelden in het rood. Arianne Lenker zingt indringend, maar ook meestal ook wat ingetogen. Op Vampire Empire laat ze alle reserves varen en zingt ze vanuit haar tenen. Dat doet ze over een beat die herinnert aan het geïnspireerde primitivisme van de vroege Velvet Underground.

Op 20 oktober komt Vampire Empire ook uit op single met op de b-kant een andere live-favoriet, Born For Loving You.

The Düsseldorf Düsterboys – Sommer

Alles aan Sommer van Düsseldorf Düsterboys schreeuwt one hit wonder, maar dat maakt het nummer niet minder spaß.

Sommer is alles wat je van een zomerhit mag verwachten, een sprankelend liedje dat uitnodigt tot meezingen, meefluiten en dansen, dit alles in een gestoken in een indiepopjasje.

Humor hebben die Herren ook. Die komen namelijk niet uit Düsseldorf maar uit Essen. Dat van die one hit wonder is trouwens niet helemaal waar. De boys hebben al twee albums uit en zijn zum Hause niet onbekend meer. Hun Teneriffa en Kaffee aus der Küche zijn zelfs serieuze hits. Maar voor ons….

Nation Of Language – Weak In Your Light

Weak In Your Light is niet nieuw nieuw, maar te goed om niet alsnog op te pikken, zeker niet na de triomfen die Nation Of Language onlangs vierde op Best Kept Secret.

Wij spitsten onze oren voor het eerst in 2020. In dat jaar pikten we de eerste op van nu in totaal 8 nummers van het New Yorkse trio, dat ook geen vreemde is in de Graadmeter. De muziek van Nation Of language is zo retro als de neto, voor de volle pond afgeleid van de synthi-pop, new wave van de vroege jaren 80.

Toch klinken hun songs fris en overtuigend alsof ze hun sound zelf net bij toeval hebben ontdekt. Het scheelt natuurlijk dat de boys en girl van de band nog geen eens in de embryonale fase verkeerden toen wegbereiders als Martin Gore, Gary Numan en Phil Oakly de blauwdruk bedachten van hun tijdloos gebleken stijl.

Weak In Your Light verscheen eerst in april als single en een week of twee geleden opnieuw, maar nu als de b-kant van een remix door de Britse producer Daniel Avery.

Kiki Rockwell – Burn Your Village

Als je tegen Maria Joaquina Kein Rockwell zegt dat ze een heks is, zegt ze waarschijnlijk, ja dat klopt. Burn Your Village is een duister lied met een welhaast middeleeuws instrumentarium. Het woord heksenkring dringt zich op. Of seance.

De clip van Burn Your Village is een kostuumdrama waarin vrouwen na het uitvoeren van duistere rituelen en uit naam van de Moedergodin hun mannen verbannen. Een priester kijkt met lede ogen toe.

Kiki Rockwell komt uit Auckland, Nieuw Zeeland. Haar werk – zelfgeschreven en geproduceerd- staat verzameld op een mini-album, Rituals On The Bank Of A Familiar Rive; 9 tracks in totaal, prequals en sequals van Burn The Village dat als subtitel Same Old Energy Part II heeft.

Fans – en dat zijn er al heel wat- zien in miss Rockwell een voorvechter van vrouwenrechten, of zo als een zich als Wicca (aanhanger van een neoheidense natuurreligie) identificerende fan het verwoordt ‘een vertolkster van zuivere, onversneden feministische woede’.  Betreden op eigen risico.

The Bones of J.R. Jones – Heaven Help Me

Heaven Help Me van The Bones Of J.R. Jones is bluesy, maar geen blues, folky maar geen folk. Wat dan wel is de vraag. Laten we het voorlopig maar even op rootsy houden.

Het refrein-loze Heaven Help Me is in feite een deurdenderende drone, verwant aan de endless boogie van de vermaarde John Lee Hooker, vandaar ook dat bluesy.

The Bones Of J.R.Jones is de artiestennaam van Jonathon Linaberry, een voormalige punkrocker die zo’n tien jaar geleden het muzikale roer rigoureus omgooide en muziek is gaan maken met wortels in het diepe zuiden van de V.S, gospel, blues, country, dat werk.

De teller staat nu op vijf redelijk succesvolle albums met een zesde in de grondverf. Slow Lightning Everywhere, dat in oktober moet gaan uitkomen is zijn eerste in vijf jaar en laat -afgaande op Heaven Help Me- een wat meer eigen en ook elektrischer geluid horen.

Op 8 november komt The Bones of J.R. Jones zich persoonlijk voorstellen middels een optreden in de bovenzaal van de Paradiso.

Veel nieuw werk Zappa op Funky Nothingness

In 1969, nadat The Mothers of Invention uit elkaar gingen, bracht Frank Zappa zijn baanbrekende solodebuut Hot Rats uit. Het innovatieve album, dat jazz en rock combineert, werd een van de bestverkochte releases van de artiest, dankzij klassieke nummers als Peaches En Regalia en Willie The Pimp. In het volgende jaar, tussen verschillende projecten door (waaronder het produceren van Captain Beefhearts debuut, Trout Mask Replica, en optreden als presentator van het Belgische Festival Actuel, waar Zappa de Britse drummer Aynsley Dunbar ontmoette), verzamelde hij een kerngroep om tracks op te nemen in het onlangs geopende Los Angeles Plant.

Tijdens de sessies, die voornamelijk in februari en maart 1970 in de nieuwe studio plaatsvonden, zat Zappa opnieuw in de producerstoel en werd-ie vergezeld door verschillende muzikanten die op Hot Rats speelden, waaronder Mothers-lid Ian Underwood (keyboard, saxofoon, slaggitaar), violist en zanger Don “Sugarcane” Harris, en Wrecking Crew-bassist Max Bennett. De vijfkoppige band werd gecompleteerd door Aynsley Dunbar, die net naar Los Angeles was verhuisd en bij Zappa was ingetrokken na zijn uitnodiging zich bij de band aan te sluiten. Samen nam de groep uren aan originele composities, geïnspireerde covers en uitgebreide improvisaties op die putten uit Zappa’s R&B en bluesroots, terwijl ze invloeden van de opkomende jazzfusionscene vermengden. Deze opnames waren grotendeels instrumentaal en toonden de virtuositeit van de gitarist, terwijl ze tegelijkertijd het vervolg op Hot Rats hadden kunnen zijn, als het ooit was uitgebracht.

Terwijl Zappa zijn favoriete opnames identificeerde en de nummers mixte voor de uiteindelijke release, trok de onverzadigbare muzikale nieuwsgierigheid van de enorm productieve muzikant hem in de loop van het jaar in andere richtingen. Het is niet precies bekend waarom dit materiaal nooit is uitgebracht, maar het is mogelijk dat Zappa na de ontmoeting met Flo & Eddie, het komische rockduo van Mark Volman en Howard Kaylan, kort na de sessies, werd geïnspireerd om met hen samen te werken en een grotere band samenstelde en verhuisde, weg van instrumentale composities en meer naar vocaal georiënteerd materiaal. Flo & Eddie zouden zich bij de Mothers voegen voor Zappa’s Chunga’s Revenge-album, grotendeels opgenomen die zomer en uitgebracht in oktober van dat jaar. Eind 1970 was Zappa goed bezig met het schrijven en ontwikkelen van zijn film 200 Motels en de bijbehorende soundtrack. Al die tijd werd dit ongelooflijke materiaal op een laag pitje gezet.

Terugluisterend naar de tapes van deze sessies, die meer dan vijf decennia later uit Zappa’s enorme Vault zijn opgegraven, wisten Zappa Vaultmeister Joe Travers en Ahmet Zappa dat ze iets speciaals hadden. Door te werken met de nummers die Zappa in de loop der jaren had geproduceerd, gemixt en waaraan hij had gewerkt, stelden ze een album met elf nummers samen, dat ze Funky Nothingness noemden, naar een bluesachtig, uitgekleed stuk dat de artiest in 1967 had opgenomen aan het einde van een van de sessies voor Uncle Meat. Oorspronkelijk bedoeld om een vroege versie van Chunga’s Revenge te openen, zet het korte, nog niet uitgebrachte nummer “de toon voor het album”, legt Travers uit. Hoewel de track een paar jaar voordat de meeste muziek die hier wordt gepresenteerd is opgenomen, heeft Zappa er uiteindelijk een build-haspel op aangesloten, waarmee hij aangaf dat hij een release aan het plannen was. Hoewel er in de loop der jaren een paar opnames van deze sessies zijn uitgebracht (fans herinneren zich misschien de 12 minuten durende versie van Sharleena uit de postume collectie Lost Episodes uit 1996), introduceert Funky Nothingness deze opnames voor het eerst als een samenhangende verzameling. “Funky Nothingness, als album, is speciaal omdat het ten minste drie geschreven composities bevat, twee coverversies en meerdere instrumentale jam-georiënteerde segmenten, allemaal niet eerder uitgebracht”, legt Travers uit. “Het is zeer zeldzaam om zoveel muziek uit één reeks sessies te vinden die zo lang niet is gehoord.”

Geproduceerd en samengesteld door Ahmet Zappa en Joe Travers, is Funky Nothingness uitgebracht via Zappa Records/UMe in verschillende formaten, waaronder een drie-disc uitgebreide deluxe editie die het 11-track album op disc 1 presenteert, samen met twee discs van outtakes, alternatieve bewerkingen, onbewerkte meesters van liedjes uit die tijd (waaronder Transylvania Boogie, The Clap en Chunga’s Revenge), plus verschillende epische improvisaties en andere bonussen. Een begeleidend boekje van 28 pagina’s bevat foto’s van de opnamesessies door fotograaf John Williams plus verhelderende liner notes en een individuele track-by-track van Travers. Disc 1 bevat Zappa’s vintage mixen naast verschillende moderne mixen van Craig Parker Adams die ook het bonusmateriaal mixte. Alle audio werd gemasterd door John Polito bij Audio Mechanics. In totaal bevat de collectie met 25 nummers 23 niet eerder uitgebrachte nummers met in totaal bijna drie en een half uur aan nooit eerder gehoorde muziek. De uitgebreide editie van Funky Nothingness zal ook digitaal beschikbaar zijn voor streaming en download en als dubbel-lp op zowel 180 gram zwart vinyl als limited edition helder violet 180 gram vinyl. Het vinyl zal bestaan uit Zappa’s vintagemixen van de tracks.