Teleman – Short Life

Het eerste voorproefje van het alweer vierde album van Teleman gaat er in als koek. Van een koerswijziging is niet echt sprake, of het moest een lichte accentverschuiving richting rock zijn.

Tegen het einde van lekker voort denderende Short Life horen ze zelfs een korte gitaarsolo, een instrument dat op eerdere opnamen zelden boven de batterijen keyboards uitkwam. Nu we toch bezig zijn met de zeven verschillen. Frontman Thomas Sanders zingt ook iets anders, lager, meer met zijn spreekstem dan met zijn bekende falset. En er zijn nog maar 3 `Telemannen. De tekst kan optimistisch worden genoemd. Het thema is pluk de dag, want Life is Short.

Album heet Good Time/Hard Time en wordt in de lente verwacht.

The C.I.A – Impersonator

 The C.I.A is een schuilnaam van Ty en Denée Segall en Emmett Kelly. Ty is begenadigd gitarist en een van de toonaangevende figuren van de Californische garage/punk scene. Denée Segall is zijn levensgezellin annex artistieke rechterhand. Emmett Kely (The Cairo Gang) is een gerenommeerd muzikant uit de Amerikaanse experimentele folk hoek.

Sinds 2018 zijn ze gezamenlijk actief als The C.I.A. Het in dat jaar verscheen een debuutalbum krijgt binnenkort een vervolg. Het eerste album stond vol overstuurde, neurotische ultrakorte schreeuwpunksongs. Op Surgery Channel lijkt het er een stuk rustiger aan toe te gaan. Tenminste als eerste single, Impersonator de lading een beetje dekt.  

Met zijn dikke drie minuten is Impersonator bijna drie keer zo lang als de meeste nummer van het debuut. Het tempo ligt ook lager, de vervorming heeft artistiek nut en Denée zingt waar ze eerder schreeuwde. Impersonator The C.I.A is en blijft een S&M rockband met pneumatische drums en gitaren die klinken als een tandartsboor, maar dit keer zit er lijn in de song en zelfs de suggestie van een melodie. Daarnaast is de rol van fatale vrouw Denée op het ranke lijf geschreven. 

Westerman – Idol: RE-run

Voor Idol: RE-run, de eerste single in twee jaar van (William) Westerman kan je misschien het best even goed gaan zitten. Muzikaal gebeurt er het nodige, maar WW wil ook graag dat je naar de tekst luistert.

Die is overigens niet voor kinderoortjes bestemd. Airplay in de U.K. Of andere Engelstalige landen kan Westerman wel vergeten. Hij zingt het heel lief en rustig maar het refrein van, of beter een van de twee refreinen is een verzuchtend Mother Fucker. Het andere refrein is een hoog gezongen We Don’t Need No Hero.

Westerman‘s nieuwe single is een protestsong in balladvorm zoals ze al sinds de tweede helft van de jaren zestig worden gezongen. In geval van Idol: RE-run aangekleed met piano, zacht tromgeroffel en een stemmingmakende trombone. Westerman schreef de tekst na de aanval op het Capitol door Trump aanhangers. Die beschouwen de aartsleugenaar en ras narcissist als een verlosser. Als ware hij door god gezonden. In de bijbel heet zo’n valse profeet een idool.  Vandaar de songtitel Idol:RE-run.

Onze democratieën die onder druk staan, de corona pandemie, klimaatsverandering en andere shitzooi hebben Westerman dus aan het denken gezet. Zozeer zelfs dat het muziekmaken er bij inschoot. Nu is hij na twee jaar weer terug om zijn zielenroerselen met ons te delen. Hij verdient je aandacht.

Live Foto Review: London Calling najaar 2022

Live Foto Review: London Calling Festival @ Paradiso, Amsterdam
28 & 29 oktober 2022
Foto’s Peter van Heun

Meer dan 25 jaar London Calling Festival! Door de jaren heen stonden onder andere Blur, The Libertines, Florence + The Machine, Franz Ferdinand, Tame Impala, Mac DeMarco, Slowdive, Placebo, The Kooks, Kaiser Chiefs, White Lies en Two Door Cinema Club, Fontaines D.C., London Grammar, Royal Blood, Car Seat Headrest, etc, enz. vroeg in hun carrière op London Calling.

Het evenement wordt twee keer per jaar georganiseerd. In mei en in oktober.

Eli Smart
Eli Smart
Ethan P Flynn
Ethan P Flynn
Ethan P Flynn
Ethan P Flynn
Eli Smart
Eli Smart
Eli Smart
Eli Smart
Eli Smart
Eli Smart
Ethan P Flynn
Ethan P Flynn
Ethan P Flynn
Ethan P Flynn
Ghost Woman
Ghost Woman
Ghost Woman
Ghost Woman
Ghost Woman
Ghost Woman
Ghost Woman
Ghost Woman
Gretel Hänlyn
Gretel Hänlyn
Gretel Hänlyn
Gretel Hänlyn
Gretel Hänlyn
Gretel Hänlyn
Gretel Hänlyn
Gretel Hänlyn
Gretel Hänlyn
Gretel Hänlyn
Mush
Mush
Mush
Mush
Mush
Mush
Mush
Mush
Mush
Mush
Nixer
Nixer
Nixer
Nixer
Nixer
Nixer
Nixer
Nixer
Public Service Broadcasting
Public Service Broadcasting
Public Service Broadcasting
Public Service Broadcasting
Public Service Broadcasting
Public Service Broadcasting
Public Service Broadcasting
Public Service Broadcasting
Public Service Broadcasting
Public Service Broadcasting
Public Service Broadcasting
Public Service Broadcasting
Romero
Romero
Romero
Romero
Romero
Romero
Romero
Romero
Romero
Romero
Romero
Romero
Royel Otis
Royel Otis
Royel Otis
Royel Otis
Royel Otis
Royel Otis
Royel Otis
Royel Otis
Royel Otis
Royel Otis
TV Priest
TV Priest
TV Priest
TV Priest
TV Priest
TV Priest
TV Priest
TV Priest
TV Priest
TV Priest
Lynks
Lynks
Lynks
Lynks
Lynks
Lynks
Aime Simone
Aime Simone
Aime Simone
Aime Simone
Aime Simone
Aime Simone
Chappaqua Wrestling
Chappaqua Wrestling
Chappaqua Wrestling
Chappaqua Wrestling
Crack Cloud
Crack Cloud
Crack Cloud
Crack Cloud
Crack Cloud
Gurriers
Gurriers
Gurriers
Gurriers
Gurriers
LIFE
LIFE
LIFE
LIFE
LIFE
LIFE
LIFE
Miss Grit
Miss Grit
Miss Grit
Miss Grit
The Lounge Society
The Lounge Society
The Lounge Society
The Lounge Society
The Lounge Society
The Lounge Society
TRAAMS
TRAAMS
TRAAMS
TRAAMS
WH Lung
WH Lung
WH Lung
WH Lung
WH Lung
WH Lung

Caleb Landry Jones – Croc Killer 2

Als Caleb Landry Jones zou moeten kiezen tussen zijn werk als acteur en zijn roeping als muzikant zou hij er verstandig aan doen om voor Hollywood te gaan. Van zijn muziek zal hij niet snel rijk worden.

Ook zijn derde album belooft weer een heerlijk freaky werkstuk te gaan worden. Waarschijnlijk omdat Jones financieel niet afhankelijk is van zijn muziek hoeft hij met niks en niemand rekening te houden en kan hij volledig zijn eigen gang gaan. Die gang is niet altijd te volgen, tenminste niet zonder langdurige blootstelling.

Op Croc Killer 2 blijft Mister Jones redelijk binnen de perken van een popsong. Zijn nieuwe single is een sluipende, met piano en gitaar dichtgemetselde ballad die mede vanwege de licht androgyne zang wel aan Bowie doet denken. Dat klinkt misschien niet zo aantrekkelijk, maar is dat dus wel.

Amber Arcades – Just Like Me

Nu Amber Arcades weer terug is beseffen pas we hoe zeer we haar hebben gemist. Het eerste levensteken in vier jaar van A.A. a.k.a. Annelot De Graaf is een zwevende psychpopsong waarin een haperend draaiorgel-achtig keyboard fraai contrasteert met haar dromerige zangpartijen.  

Halverwege wordt je plots wakkere geschud door een stel stevige gitaren die een Spectoriaans slot inluiden. Met Just Like Me kondigt Amber Arcade de blijde geboorte aan van een gloednieuw album. Barefoot On Diamond Road moet ergens begin volgend jaar gaan uitkomen.

High Vis – Blending

High Vis – Blending (Dais)

Woede en hoop zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Zoveel wordt wel duidelijk wanneer je luistert naar het tweede album van de Liverpoolse band High Vis, die met Blending een van de lekkerste rockalbums van dit jaar heeft afgeleverd.

Rock die uitwaaiert naar diverse richtingen – zullen we het postpunk noemen? – en die evenzoveel referenties oproept aan allerhande bands. We horen flarden van Joy Division, Oasis, Fontaines D.C. en ook wel wat Idles en Eagulls (voor de kenners).
De mannen zijn boos. Zo horen we het graag in roerige tijden zoals die van vandaag de dag. De arbeidersklasse is zo goed als dood roept Graham Sayle en je gelooft ‘m terstond. Woeste gitaren en rammende drums zetten de toon. Een tekst over fabrieken en scheepsdokken. Sayle hunkert naar oude tijden. Kon hij die situatie maar herstellen. “Als je het niet geeft, nemen we het, verdomme!” Sayle windt er natuurlijk geen doekjes om. Het nummer heet 0151, wat het netnummer van Liverpool is.

Trauma Bonds gaat over de nasleep van de zelfmoord van een vriend. Er klinkt wanhoop in Sayles stem. En die is niet gespeeld. Zo is Blending überhaupt een fantastische, oprechte plaat, van een band met een hoge urgentie en gunfactor. Hebben we nog geluk dat we hier zijn, vraagt-ie zichzelf af. Terwijl er bovendien wat licht door de wolken schijnt op Blending, waarmee we terugkomen bij die eerdergenoemde hoop.

Blending is een tekstueel geregeld grauwe plaat, maar lang niet alles is somber te noemen op deze negen tracks tellende plaat en ook niet in dit bestaan. Wees eerlijk. Niettemin staat Blending bol van de boodschappen, meningen, waarschuwingen. Oppervlakkigheid drijft ons uit elkaar, waarschuwt Sayle. Het kapitalisme krijgt uiteraard een flinke veeg uit de pan. De band borduurt tekstueel voort op de razernij die de toon voert op het debuut No Sense No Feeling uit 2019. Een plaat met dezelfde diepgang en geldingsdrang. 15 februari staat High Vis in de heerlijke Rotterdamse Rotown. Iets om nu al naar uit te kijken. Pieter Visscher

The Arcs – Keep On Dreamin’

Alsof Dan Auerbach het nog niet druk genoeg heeft met Black Keys, en zijn studio in Nashville heeft hij ook zijn bijband weer nieuw leven ingeblazen, The Arcs dus.

Als je hun nieuwe single hoort begrijp je wel waarom. Black Keys is wat het is. Hun blues format biedt weinig, zeg maar geen ruimte om te experimenteren. Bij The Arcs staat niets vast en kan Dan zijn muze volledig de vrije loop laten.

Keep On Dreamin’, de eerste nieuwe opname van The Arcs is zes jaar is een springerig, spacy nummer dat een paar draaibeurten vergt voordat alles op zijn plek valt. We horen blazers, veel synths,  freaky gitaarsolo’s en een raadselachtige break. Alles wat Dan thuis niet kwijt kan, horen we hier. En meer!

Arctic Monkeys – Sculptures Of Anything Goes

De reacties op het nieuwe Arctic Monkeys album zijn overwegend positief. De consensus luidt dat Alex Turner met The Park is geslaagd waar hij met het vorige album, Favorite Worst Nightmare bleef steken in de goede bedoelingen.

We schrijven bewust Alex Turner en niet Arctic Monkeys, want The Car is in alles behalve in naam een solo-album van Turner. De band doet wel mee, maar in een secondaire rol. Naast de stem van Turner wordt het geluidsbeeld gedomineerd door een diep grommende synthesizer van het soort dat je ook wel hoort in thrillers en horrorfilms. 

De meeste songs, Sculptures Of Anything Goes niet op de laatste plaats doen vocaal aan David Bowie denken en qua sfeer aan James Bond. Het zal niet verbazen als Alex Turner wordt benaderd om de titelsong van een nieuwe Bond te componeren.

File under baroque pop

Zappa ’75: Zagreb/Ljubljana belangrijk stuk Zappa-geschiedenis

In de herfst van 1975, tegen het einde van een productief jaar waarin de productie van het One Size Fits All-album werd voltooid, een lentetour met Captain Beefheart (vereeuwigd op het livealbum Bongo Fury, uitgebracht in oktober van dat jaar) en een uitvoering van orkestwerken, speelden Frank Zappa en zijn band The Mothers hun eerste en enige shows in Joegoslavië, terwijl ze midden in hun herfsttournee zaten.

De Mothers of Invention Joegoslavische Extravaganza, zoals Zappa het noemde, vond plaats in Zagreb en Ljubljana (nu respectievelijk de hoofdsteden van Kroatië en Slovenië) op 21 en 22 november 1975 met de kortstondige en enigszins uitgeklede line-up van Andre Lewis (keyboards), Napoleon Murphy Brock (tenorsax en zang), Norma Bell (altsax, zang), Roy Estrada (bas) en Terry Bozzio (drums). Op typische Zappa-manier zorgde The Maestro ervoor dat deze historische shows achter het IJzeren Gordijn werden vastgelegd.

Zappa Records/UMe heeft Zappa ’75: Zagreb/Ljubljana nu uitgebracht, met de beste uitvoeringen van de Joegoslavische concerten in de exacte volgorde van de setlist van de show om voor het eerst de crème de la crème van elke avond te presenteren.  Geproduceerd door Ahmet Zappa en Zappa Vaultmeister Joe Travers. Het 27-track livealbum bevat bijna twee en een half uur volledig onuitgebrachte muziek en is digitaal beschikbaar (26 tracks zonder disc-breaks) of op 2cd, compleet met een 32 pagina’s tellend boekje vol met foto’s van het tijdperk en de line-up door Gail Zappa en John Rudiak met inzichtelijke liner notes van Travers, een interview tussen hem en opnametechnicus Davy Moire die de show opnam en van 1975-78 met Zappa werkte, plus een verslag en illustratie uit de eerste hand van drummer Terry Bozzio.

De details over de opnames van het concert zijn onbekend, maar op de een of andere manier was het zo georganiseerd dat de shows semi-professioneel werden opgenomen.

Een van de hoogtepunten van het album zijn de geïmproviseerde instrumentale jams van het concert, met name Chunga’s Revenge en Zoot Allures, die Zappa gebruikte als een palet om te experimenteren met solo’s en nieuwe riffs van de band in realtime te laten stuiteren.

Zappa ’75: Zagreb/Ljubljana is een belangrijk stuk Zappa-geschiedenis omdat het niet alleen Zappa’s enige optredens in Joegoslavië vastlegt, vroege versies van liedjes die fans zouden leren kennen en waarderen, maar ook deze unieke en zeldzame line-up die kort daarna zou verdwijnen.