Full Flower Moon Bandis een stroperige rockband uit het Australische Brisbane. Twee jaar geleden bracht de band een eerste album uit.
Dat debuut is dus volledig langs ons heen gegaan. Ter verdediging voeren we aan dat de band van Katherine Herington alias Babyshakes Dillon toen nog niet zo lekker klonk als op nieuwe single West Side. Daarop horen de frontvrouw zuchten, kreunen en jodelen. Althans een geluid produceert dat daar enigszins op lijkt. Het tempo ligt plagerige laag op het rijkelijk met gitaar gevulde nummer, dat we zouden willen rubriceren onder het kopje moerasrock.
De tweede single van mary in the junkyardvalt in eerste instantie een beetje tegen. Je lijkt een Britse tegenhanger van Big Thief te horen.
Maar na een paar draaibeurten openbaart zich toch een band die een eigen manier heeft om de luisteraar om de vinger te winden. Net als Adrianne Lenker zingt Clari Freeman-Taylor met een ogenschijnlijk onvaste en omfloerste stem. Dat is echter geen imitatie of gebrek aan techniek, maar een manier om contrast te scheppen met haar band die een zwaarmoedig, grungy gitaarlandschap neerzet. Dit spel met licht en donker geeft Ghost een eigen emotionele impact. Big Thief blijft het meest voor de hand liggende vergelijkingsmateriaal, maar de verschillen zijn dus net zo groot als de overeenkomsten.
The Maureens – Everyone Smiles (Meritorio Records/Mattan)
Ze geven volmondig toe dat ze flink beïnvloed zijn door The Beatles, maar we horen veel meer raakvlakken met bands uit de jaren 60, zo ook met die uit de jaren 70 van de vorige eeuw. Het levert een geslaagd ratjetoe aan stijlen op. Ook op de vierde worp van de Nederlandse formatie The Maureens, oorspronkelijk gestart in Utrecht.
De ongedwongen indiepop/rock van het kwartet wordt gekenmerkt door volle arrangementen, harmonieuze zangpartijen en een hoofdrol voor de gitaar. Er zijn raakvlakken met Johan en ook Daryll-Ann is geregeld in de buurt. Het album is geproduceerd door Frans Hagenaars, die we onder meer kennen van zijn werk voor de zojuist genoemde formaties.
Wat je met name heel sterk hoort is de liefde voor muziek van Hendrik-Jan de Wolff (vocalen), Wouter Zijlstra (bas), Stefan Broos (drums) en Ruud Oude Avenhuis (gitaar). Die ligt er heel dik bovenop en levert pure liedjes op. Muziek uit het hart.
Dertien songs maar liefst staan er op Everyone Smiles en door de zonnige sound, die escapistisch werkt, is de titel van het album relevanter dan ooit. Pieter Visscher
Give It Back To Me heeft een zelfde opbouw als Forever Young van Bob Dylan. Maar waar de oude bard zijn geliefde het beste toewenst, biedt Frances Of Deliriumtroost, steekt ze haar partner/zichzelf/ons een riem onder het hart.
Dat doet ze in prachtige poëtische bewoordingen en met oprechte emotie. Wie onbewogen blijft bij Give It Back ToMe heeft een hart van steen. Muzikaal is misschien de nieuwe single van Francis misschien niet de meest avontuurlijke onderneming, maar dat wordt ruimschoots gecompenseerd door een goudeerlijke uitvoering.
Francis Of Delirium is het alias van de in Luxemburg woonachtige Jana Bahrich. De nieuwe single komt op haar debuutalbum, Lighthouse dat is geproduceerd door Catherine Marks, die we kennen van haar werk met o.a. boygenius en Wolf Alice. Het album verschijnt op 22 maart. Op 25 april treedt Frances op in Rotown in Rotterdam.
De nieuwe single van English Teacheris een remake van hun debuutsingle uit 2021. Het aardige is dat ze de eerste versie gewoon online hebben laten staan zodat je goed kunt vergelijken.
De verschillen zijn echter te verwaarlozen. De reden om een nieuwe versie op te nemen is dat de band R&B ook op hun debuutalbum wil zetten en dat de oude versie wat dunner klinkt dan de nieuwe opname. Een remix of remaster had ook kunnen volstaan, maar er is dus gekozen voor een remake, en een rerelease op single. Dit laatste ook omdat R&B nog steeds het meest gestreamde nummer is van English Teacher. This Coul Be Texas komt 14 april uit op Lp en cd. Speciale edities zijn te bestellen op https://shop.englishteacherband.com/.
Nu Atlas zakkende is in de GM is het tijd voor een nieuw werkje van The Klittens, de hoofdstedelijke band die ook internationaal steeds harder aan de weg timmert.
The Klittens is zo’n zeldzaam gezelschap dat zowel authentiek als origineel is. Fraaie samenzang en vernuftig gitaarwerk hoor je ook bij geestverwanten als Warpaint en Loupe, maar de manier waarop The Klittens de losse delen van hun sound laten samensmelten zijn uniek voor de band. Daarnaast heeft elk nieuw nummer een eigen feature. Zonder direct aansluiting te zoeken bij de postpunktrend van de laatste paar jaar horen we de dames op Reading Material spelen met praatzang, moodswings en bonkige ritmes.
Op 1 maart houden The Klittens hun nieuwe EP ten doop in Cinetol in Amsterdam. Hopelijk laat een nationale tour niet lang op zich wachten.
Capricorn, nieuwe single van Vampire Weekend is een lekker lui lenteliedje dat je doet verlangen naar de dag dat je voor het eerst weer zonder jas naar buiten kunt.
Capricorn biedt niet heel veel nieuws op de solo na. Die lijkt niet gespeeld op een gitaar of keyboard, maar opgenomen in een dierentuin of safaripark. Alsof bandbaasje Ezra Koenig een olifant op zijn staart trapt.
Tegelijk met Capricorn verscheen Gen-X-Cops, een uptempo track die ook goed te doen is. De twee nieuwe nummers komen van het nieuwe album van Vampire Weekend. Op 5 april komt Only God Was Above Us uit. De albumtitel impliceert niet dat de band het licht heeft gezien. Het is een gevleugelde uitspraak van iemand die in 1988 een ongeluk overleefde met Aloha Airline Vlucht 243. Na een explosie vloog het dak van het toestel af zodat de passagiers direct zicht hadden op de hemel.
Punk tiert op zijn weligst ten tijde van sociaal-economische nood. Wie de Britse politiek ook maar zijdelings volgt weet dat het daar een zooitje is. Een komen en gaan van prime ministers, schandalen die onze toeslagenaffaire doen verbleken, een noodlijdend zorgstelsel en nog veel meer misstanden die voor een belangrijk deel het gevolg zijn van de Brexit. Dus schieten de (post)punkbands als paddenstoelen uit de grond.
Een van de betere maatschappelijk geëngageerde bands die zich roeren is Lambrini Girls. Het trio injecteert hun protestsongs met een gezonde dosis feminisme. En humor. Eerdere singles hebben titels als Lads Lads Lads, Boys In The Band en Help I’m Gay. Het nieuwste muzikale manifest van Lambrini Girls heet God’s Country en is een update van God Save The Queen van The Sex Pistols. De dames ageren tegen het rampzalige beleid van de Tories en de flirt van de conservatieven met populisme en fascisme. Waar blijven de Nederlandse Lambrini Girls?
Wat begon bij een erotische droom van gitarist en producer Jan Vanhamel over een romance aan een azuurblauwe zee, resulteerde al snel in ‘Salty Lips’, de vierde song op Dull Boy Johnny’s aanstaande EP ‘Tropical Swing Club’. Tussen de vlijende regels door hoor je wel eens golven breken en exotische vogels zingen, een lijn die werd doorgetrokken doorheen heel de plaat. Dull Boy Johnny brengt in 2024 de zon met zich mee, no doubt about it!
Dull Boy Johnny is een Antwerp-based band, bezield door Rik De Bal (zang), Jan Vanhamel (gitaar) en Nard Houdmeyers (bas). Voor de live vertaling van hun stomende songs wordt het trio vergezeld door Cas Kinnaer (ILA) op de drums en Dries Meeus (Jaguar Jaguar) op piano.
Door hun filmische benadering van muziek beland je telkens in een heel specifieke stemming. Een erotische 70’s scène, een beachparty in de Bahama’s, een achtervolging in het Wilde Westen… Dull Boy Johnny omvat het allemaal.
Ondanks die veelzijdigheid zijn er heel wat terugkerende elementen die Johnny’s frisse sound definiëren. De essentie? Catchy hoge vocals in contrast met een sensuele baritonstem, gedragen door een groovy bas – en ritmesectie.
Hun debuut bestaat uit een dubbele EP en lijkt wel een soundtrack voor je eigen verbeelding. Al wordt er regelmatig een aanzetje gegeven naar de lustige kant van je brein. Naast de bonus kant “Fictional Love Scene’s, Vol.1” die al te beluisteren valt en een perfect voorproefje is op wat deze ambitieuze band te vertellen heeft, staat “Tropical Swing Club” klaar in de startblokken.
Voor het schrijven van deze EP trok de band naar Ponza (Italië). Het zuiderse karakter van het eiland heeft de sound van deze songs duidelijk beïnvloed. Verwacht je aan een zwoele, exotische trip naar de zon.